260114 Schriftelijke vragen SPO MIRT-brief
Een raadslid stelde op 14 januari 2026 schriftelijke vragen aan het college van burgemeester en wethouders van Oirschot (3 vragen).
In het kort
3 vragen en wat het college antwoordt
- Op welke wijze zijn de belangen van Oirschot ingebracht bij het BO MIRT? → Wie heeft dat gedaan en met welke boodschap is hij of zij op pad gestuurd?
- Hoe kijkt het college naar het resultaat van dit BO MIRT ten aanzien van de verkenning A2/N2, de Noordwestelijke ontsluiting en de verbreding A58? → Is het college tevreden met het behaalde resultaat, zoals opgenomen in de Kamerbrief en de Afsprakenlijst MIRT?
- Wat is voor het college een volgende stap in dit dossier? → Wat heeft het college van de raad nodig?
Overgenomen uit de brief van het college; hieronder staan de volledige vragen en antwoorden.
Aanleiding
Schriftelijke vragen (artikel 40 Reglement van Orde) Titel: MIRT-brief minister Tieman Naam vragensteller: Pieter van Loon Fractie: Sociaal Progressief Oirschot Datum van indienen: 14 januari 2026 Korte intro:
Oirschot heeft al langere tijd een duidelijke wens uitgesproken om bij de verbreding van de A58, ter hoogte van het Wilhelminakanaal, een andere inpassing te zien dan de huidige brug. Zowel raad als college hebben de wens uitgesproken om de kruising van de A58 – Wilhelminakanaal anders te laten geschieden, bij voorkeur door een nieuw aan te leggen aquaduct.
Wethouder Van den Biggelaar heeft (tijdens de raadsbijeenkomst op 21 oktober) aangegeven hiervoor mogelijkheden te zien als kan worden bewerkstelligd dat het tracé BatadorpWilhelminakanaal wordt toegevoegd aan de bestaande MIRT-verkenning A2/N2 en/of noordwestelijke ontsluiting. Ook kan worden ingezet op herziening van de startbeslissing over de verbreding A58 Eindhoven-Tilburg. Voor beiden zou het bestuurlijk overleg MIRT (BO MIRT) de aangewezen plek zijn.
Inmiddels is het BO-MIRT achter de rug en heeft minister Tieman op 13 januari een brief aan de tweede kamer gestuurd. Bij de brief wordt ook de Afsprakenlijst MIRT – Bestuurlijke Overleggen MIRT 5, 7 en 8 januari 2026 gedeeld.
In zowel de Kamerbrief als de Afsprakenlijst is aandacht voor de Verkenning A2/N2 en de Noordwestelijke ontsluiting van Brainport en voor de verbreding van A58 (zie de fragmenten in de bijlage). Hierover hebben wij de volgende vragen aan het college.
De vragen:
Vragen en antwoorden
Vraag 1
Op welke wijze zijn de belangen van Oirschot ingebracht bij het BO MIRT?
Antwoord van het college
Wie heeft dat gedaan en met welke boodschap is hij of zij op pad gestuurd?
Vraag 2
Hoe kijkt het college naar het resultaat van dit BO MIRT ten aanzien van de verkenning A2/N2, de Noordwestelijke ontsluiting en de verbreding A58?
Antwoord van het college
Is het college tevreden met het behaalde resultaat, zoals opgenomen in de Kamerbrief en de Afsprakenlijst MIRT?
Vraag 3
Wat is voor het college een volgende stap in dit dossier?
Antwoord van het college
Wat heeft het college van de raad nodig?
Bijlage Fragment uit Kamerbrief ‘MIRT-brief januari 2026’: 1.5.1. Brainport In 2024 is het Beethovenconvenant gesloten. Daarmee benadrukt het kabinet het belang van de Brainportregio voor heel Nederland. Dit jaar is verder vervolg gegeven aan de afspraken uit het Beethovenconvenant tijdens het BO MIRT. In mei 2025 is de startbeslissing genomen voor de integrale MIRT-verkenning A2/N2, Brainportlijn en Noordwestelijke ontsluiting, waarbij het eerste besluit onder verantwoordelijkheid valt van het Rijk en de andere twee onder verantwoordelijkheid van de regio. De verkenning naar de Noordwestelijke ontsluiting wordt versneld uitgevoerd. Dit is nodig vanwege de voorziene opening van de eerste fase van de uitbreiding van ASML op de Brainport Industries Campus Noord (BIC-Noord). Het Bus op Vluchtstrook-traject A67 is gerealiseerd en vanaf januari 2026 kunnen er ook bussen op de vluchtstrook bij de A2 tussen knooppunt Leenderheide en Leende rijden. Het Bus op Vluchtstrooktraject op de A50 wordt in 2026 gerealiseerd. Voor het traject A58 Eindhoven Tilburg zijn afspraken gemaakt over een doorstart en zijn voorbereidende werkzaamheden opgestart om de doorstart in 2027 mogelijk te maken. De regio heeft aandacht gevraagd voor de samenhang tussen de MIRT-verkenning A2/N2 Brainportlijn en Noordwestelijke ontsluiting en de A58 Eindhoven – Tilburg. In de bestuurlijke kerngroep over de MIRT-verkenning A2/N2 Brainportlijn en Noordwestelijke ontsluiting zullen rijk en regio nadrukkelijk aandacht aan de samenhang besteden. Gezien de snelle ontwikkeling van de Noordwestelijke ontsluiting en de fysieke verbinding met de verbreding A58, maken Rijk en regio nadere (financiële) afspraken in BKG hierover. (…) Fragment uit Afsprakenlijst MIRT-Bestuurlijke Overleggen 5, 7 en 8 januari 2026 Brainport: A58 Eindhoven – Tilburg ❖ Het gezamenlijk doel van Rijk en regio blijft het vlot tot realisatie komen van de verbreding van de A58 Eindhoven – Tilburg. De doorstart van de planuitwerking met een projectteam is gepland voor 2027; ❖ Onduidelijk is of het eerder vastgestelde ontwerp daadwerkelijk nog gerealiseerd kan worden. De beslisinformatie die daaraan ten grondslag lag is mogelijk gedateerd.
Daarom wordt in 2026 een juridisch planologische toets uitgevoerd. Deze toets brengt in beeld of, en zo ja op welke manier, de planuitwerking A58 Eindhoven – Tilburg versneld uitgevoerd kan worden. Daarbij wordt ook de mogelijkheid voor een gefaseerde aanpak onderzocht. Deze toets wordt gevolgd door: o Een inhoudelijke toets/gevoeligheidsanalyse van de verkeerscijfers op (deel)tracés. o Inzicht in de stikstofopgaven en het commitment van partijen (m.n. provincie en Rijk) om hier stappen in te zetten is van belang. ❖ De brug bij Oirschot (onderdeel van de verbreding van de A58 Eindhoven – Tilburg) wordt in twee stappen door Rijkswaterstaat verbreed. De huidige brug wordt uiterlijk vóór 2030 vervangen, omdat deze einde levensduur is. Een tweede brug wordt vervolgens bij de realisatie van de verbreding ernaast gelegd. Dit zorgt ervoor dat de veiligheid gegarandeerd is en dat een toekomstige verbreding naar drie of vier rijstroken mogelijk is.
Fragment uit Afsprakenlijst MIRT-Bestuurlijke Overleggen 5, 7 en 8 januari 2026
5. MIRT-verkenning A2/N2, Brainportlijn en Noordwestelijke ontsluiting ❖ In mei 2025 is de startbeslissing voor de integrale MIRT-verkenning A2/N2, Brainportlijn en Noordwestelijke ontsluiting genomen. Voor alle drie de verkenningen zijn middelen beschikbaar gesteld, waarvoor in het BO MIRT 2024 een onderverdeling is gemaakt.
De verkenningen zijn gestart en de eerste participatiebijeenkomsten hebben plaatsgevonden. Voor de A2/N2 wordt gewerkt aan het uitwerken van kansrijke oplossingsrichtingen. Belangrijk daarbij is de vraag of een tracé voor de Brainportlijn over de A2/N2 loopt. De bestuurlijke kerngroep voert daar begin 2026 het gesprek over. ❖ De Noordwestelijke ontsluiting wordt vanwege de voorziene opening van een kantoor en fabriek op BIC-Noord (fase 1 van de totale ontwikkeling van BIC-Noord) op begin 2028 versneld uitgevoerd. ❖ De middelen die voor de Noordwestelijke ontsluiting zijn gereserveerd worden aangewend voor de ontwikkeling van de wegenstructuur om BIC-Noord te ontsluiten: o € 55 miljoen plus € 4 miljoen voor de uitbreiding van de onderdoorgang Erica en de ontsluiting van de Spottersweg. o € 6 miljoen voor maatregelen aan het onderliggend wegennet in Best en Oirschot. ❖ De vervolgafspraken over de financiën worden vastgelegd in een bestuursovereenkomst.
======================================================================================================= Artikel 40 Reglement van Orde - Schriftelijke vragen 1.
Schriftelijke vragen worden kort en duidelijk geformuleerd. Ze hebben een politiek karakter. De vragen kunnen van een toelichting worden voorzien. Vragen die niet voldoen aan het hiervoor gestelde worden per omgaande door de voorzitter aan de indiener teruggestuurd.
2.
De vragen worden schriftelijk beantwoord, tenzij de indiener nadrukkelijk verzoekt om mondelinge beantwoording.
3.
De vragen worden bij de griffier ingediend. Deze draagt er zorg voor dat de vragen zo spoedig mogelijk ter kennis van de overige raadsleden en het college of de burgemeester worden gebracht.
4.
Schriftelijke beantwoording vindt zo spoedig mogelijk plaats, in ieder geval binnen drie weken nadat de vragen zijn ingediend.
Mondelinge beantwoording vindt plaats in de eerstvolgende raadsvergadering. Indien beantwoording niet binnen de gestelde termijnen kan plaatsvinden, stelt het college of de burgemeester de vragensteller hiervan gemotiveerd in kennis, waarbij de termijn aangegeven wordt waarbinnen beantwoording zal plaatsvinden. Dit bericht wordt behandeld als een antwoord.
5.
De antwoorden van het college of de burgemeester worden door tussenkomst van de griffier aan de leden van de raad beschikbaar gesteld.
6.
De vragensteller kan, bij schriftelijke beantwoording in de eerstvolgende raadsvergadering en bij mondelinge beantwoording in dezelfde raadsvergadering, nadere inlichtingen vragen over het door het college of de burgemeester gegeven antwoord, tenzij de raad anders beslist.
Bekijk de brief: 260114 Schriftelijke vragen SPO MIRT-brief
Bron: raadsinformatie van de gemeente Oirschot (Open Raadsinformatie). De vragen en antwoorden zijn automatisch uit de brief gelezen; het origineel is leidend.