Raadsvragen naar reactie op brief Karremans dd 23-3-2026 (dhr. van Krieken)
Een raadslid stelde op 14 mei 2026 schriftelijke vragen aan het college van burgemeester en wethouders van Oirschot (1 vragen).
In het kort
1 vragen en wat het college antwoordt
- Zo nee (nog geen reactie verstuurd), waarom nog niet en wanneer zal wel een reactie verstuurd gaan worden? → ====================================================================== ================================= Artikel 40 Reglement van Orde - Schriftelijke vragen 1.
Overgenomen uit de brief van het college; hieronder staan de volledige vragen en antwoorden.
Aanleiding
Schriftelijke vragen (artikel 40 Reglement van Orde) Titel: Reactie college op brief minister Karremans over A58 dd 23 maart 2026
Naam vragensteller+ fractie: Frans van Krieken, Dorpsvisie
Datum van indienen: 14 mei 2026
Korte intro:
Op 23 maart ontving de raad een afschrift van een brief van minister Karremans (Infrastructuur en Waterstaat) aan het college. In het kort schrijft de minister dat hij de roep om een aquaduct, zoals verwoord in de door de raad onderschreven petitie 'Kies voor een aquaduct bij Oirschot, monument in het groen', niet kan honoreren.
Op 14 april heeft een Raadsbijeenkomst plaatsgevonden waarin aan de portefeuillehouder onder andere is meegegeven om in zijn reactie naar de minister het volgende op te nemen: “Tegelijkertijd wordt in de reactie expliciet de koppeling gelegd met een mogelijke nieuwe MIRT-verkenning, zodat de kans op realisatie van een aquaduct in de toekomst zo groot mogelijk blijft.”
De vragen:
Vragen en antwoorden
Vraag 1
Zo nee (nog geen reactie verstuurd), waarom nog niet en wanneer zal wel een reactie verstuurd gaan worden?
Antwoord van het college
====================================================================== ================================= Artikel 40 Reglement van Orde - Schriftelijke vragen
1. Schriftelijke vragen worden kort en duidelijk geformuleerd. Ze hebben een politiek karakter. De vragen kunnen van een toelichting worden voorzien. Vragen die niet voldoen aan het hiervoor gestelde worden per omgaande door de voorzitter aan de indiener teruggestuurd.
2. De vragen worden schriftelijk beantwoord, tenzij de indiener nadrukkelijk verzoekt om mondelinge beantwoording.
3. De vragen worden bij de griffier ingediend. Deze draagt er zorg voor dat de vragen zo spoedig mogelijk ter kennis van de overige raadsleden en het college of de burgemeester worden gebracht.
4. Schriftelijke beantwoording vindt zo spoedig mogelijk plaats, in ieder geval binnen drie weken nadat de vragen zijn ingediend. Mondelinge beantwoording vindt plaats in de eerstvolgende raadsvergadering. Indien beantwoording niet binnen de gestelde termijnen kan plaatsvinden, stelt het college of de burgemeester de vragensteller hiervan gemotiveerd in kennis, waarbij de termijn aangegeven wordt waarbinnen beantwoording zal plaatsvinden. Dit bericht wordt behandeld als een antwoord.
5. De antwoorden van het college of de burgemeester worden door tussenkomst van de griffier aan de leden van de raad beschikbaar gesteld.
6. De vragensteller kan, bij schriftelijke beantwoording in de eerstvolgende raadsvergadering en bij mondelinge beantwoording in dezelfde raadsvergadering, nadere inlichtingen vragen over het door het college of de burgemeester gegeven antwoord, tenzij de raad anders beslist.
Bekijk de brief: Raadsvragen naar reactie op brief Karremans dd 23-3-2026 (dhr. van Krieken)
Bron: raadsinformatie van de gemeente Oirschot (Open Raadsinformatie). De vragen en antwoorden zijn automatisch uit de brief gelezen; het origineel is leidend.