Schriftelijke vragen OZB Verenigingen (CDA)
Een raadslid (CDA) stelde op 23 februari 2026 schriftelijke vragen aan het college van burgemeester en wethouders van Oirschot (1 vragen).
In het kort
1 vragen en wat het college antwoordt
- Graag ontvangen wij een toelichting rondom de stand van zaken over het aangekondigde raadsvoorstel: a. → b.
Overgenomen uit de brief van het college; hieronder staan de volledige vragen en antwoorden.
Aanleiding
Schriftelijke vragen (artikel 40 Reglement van Orde) OZB Verenigingen: “Als het niet uit de lengte komt, komt het uit de breedte” Fons Peeters, CDA Oirschot – de Beerzen 23 februari 2026 Korte intro:
Reeds vele jaren worden onze verenigingen en instellingen met een maatschappelijke doelstelling belast tegen het lagere OZB tarief. Dit werd tot op heden jaarlijks geregeld met een apart raadsbesluit. Tijdens de begrotingsbehandeling van 11 november 2025 heeft de wethouder aangegeven met een raadsvoorstel te komen om deze verlaging van de OZB voor deze instellingen structureel te verankeren, mogelijk middels een subsidie of aanpassing in de subsidieverordening. De letterlijke woorden van de wethouder waren: “Dat gaan we zeker regelen.
Als het niet uit de lengte komt, komt het uit de breedte”. Deze week hebben de verenigingen hun OZB aanslag ontvangen (tegen het hogere tarief) en is er nog geen duidelijkheid over het aangekondigde raadsvoorstel. Daarmee is er onduidelijkheid ontstaan bij de betrokken verenigingen.
De vragen:
Vragen en antwoorden
Vraag 1
Graag ontvangen wij een toelichting rondom de stand van zaken over het aangekondigde raadsvoorstel: a. Wanneer kunnen we dit verwachten?
Antwoord van het college
b. Kan er al een vooruitblik gegeven worden op de inhoud van dit raadsvoorstel?
c. Is er gecommuniceerd met de betreffende verenigingen dat hier een nieuw besluit over genomen gaat worden?
======================================================================================================= Artikel 40 Reglement van Orde - Schriftelijke vragen 1.
Schriftelijke vragen worden kort en duidelijk geformuleerd. Ze hebben een politiek karakter. De vragen kunnen van een toelichting worden voorzien. Vragen die niet voldoen aan het hiervoor gestelde worden per omgaande door de voorzitter aan de indiener teruggestuurd.
2.
De vragen worden schriftelijk beantwoord, tenzij de indiener nadrukkelijk verzoekt om mondelinge beantwoording.
3.
De vragen worden bij de griffier ingediend. Deze draagt er zorg voor dat de vragen zo spoedig mogelijk ter kennis van de overige raadsleden en het college of de burgemeester worden gebracht.
4.
Schriftelijke beantwoording vindt zo spoedig mogelijk plaats, in ieder geval binnen drie weken nadat de vragen zijn ingediend.
Mondelinge beantwoording vindt plaats in de eerstvolgende raadsvergadering. Indien beantwoording niet binnen de gestelde
termijnen kan plaatsvinden, stelt het college of de burgemeester de vragensteller hiervan gemotiveerd in kennis, waarbij de termijn aangegeven wordt waarbinnen beantwoording zal plaatsvinden. Dit bericht wordt behandeld als een antwoord. 5.
De antwoorden van het college of de burgemeester worden door tussenkomst van de griffier aan de leden van de raad beschikbaar gesteld.
6.
De vragensteller kan, bij schriftelijke beantwoording in de eerstvolgende raadsvergadering en bij mondelinge beantwoording in dezelfde raadsvergadering, nadere inlichtingen vragen over het door het college of de burgemeester gegeven antwoord, tenzij de raad anders beslist.
Bekijk de brief: Schriftelijke vragen OZB Verenigingen (CDA)
Bron: raadsinformatie van de gemeente Oirschot (Open Raadsinformatie). De vragen en antwoorden zijn automatisch uit de brief gelezen; het origineel is leidend.