26 september 2023 · artikel 35-vragen · gemeente Oldenzaal

03 Samenwerking Noordoost-Twente - Beantwoording vragen uit opdracht raad Dinkelland en Tubbergen

Een raadslid stelde op 26 september 2023 schriftelijke vragen aan het college van burgemeester en wethouders van Oldenzaal.

Brief van het college

Deze brief is niet in losse vragen en antwoorden uit te lezen. Hieronder staat de tekst; het origineel staat via de link.

Hoort bij raadsbesluit nr. 1320 van 26 september 2023

H.B.

Bijlage 4: Beantwoording vragen uit opdracht raad Dinkelland en Tubbergen inzake Verkenning samenwerkingsmogelijkheden Oldenzaal Noaberkracht In dit onderdeel worden de opdrachten vanuit de gemeenteraden van de gemeenten Dinkelland en Tubbergen van 21 december 2021. In de beantwoording is rekening gehouden met de input vanuit de Bestuurlijke Conferentie van 10 februari 2023 en de Radenbijeenkomst op 23 maart 2023.

Geef bij elk onderdeel van de verkenning duidelijk de voor- en nadelen, risico’s en de impact voor de inwoners aan bijvoorbeeld in de vorm van een SWOT-analyse.

In het ‘Verslag van de verkenning’ worden vijf samenwerkingsvormen genoemd:

1. organisch samenwerken: informatie uitwisselen, sparren, incidenteel taken van elkaar overnemen;

2. opgavegericht samenwerken: rond inhoudelijke opgaven, informeel of formeel;

3. gezamenlijke taakuitvoering: een van de gemeenten werkt op onderdelen ook voor de andere twee;

4. ambtelijke fusie: samengaan in één organisatie die drie besturen bedient;

5. combinatiemodel, een mix van 1 /m 4, zelf te bouwen: een vorm die maatwerk biedt en mogelijk als groeimodel kan dienen.

Voor ieder model zijn middels een SWOT-analyse de sterktes, zwaktes, kansen en bedreigingen in kaart gebracht. Een nadere context is opgenomen in het onderliggende rapport. Op hoofdlijnen zie de SWOT er per samenwerkingsvorm als volgt uit:

Organisch samenwerken

Opgavegericht samenwerken

Gezamenlijke taakuitvoering

Ambtelijke fusie

Combinatiemodel

Gebruik de drie leidende principes als leidraad.

De drie leidende principes zijn het samenlevingsgericht besturen en werken (dienstverlening), de kwaliteit (effectiviteit) van het bestuur en de ambtelijke organisatie en een gezonde financiële positie:

1. Het principe van samenlevingsgericht besturen is binnen alle gepresenteerde samenwerkingsvormen uitgewerkt en is een begrip dat in alle drie de gemeenten weerklank vindt. Soms in andere termen als participatie, ruimte laten voor initiatief en ‘de overheid nabij’, maar in de kern hetzelfde. Samenlevingsgericht besturen wordt daarnaast als uitgangspunt benoemd in het kader van het respecteren van de ‘couleur locale’ en het zoeken naar de balans tussen harmonisatie en autonomie. Er moet oog zijn en blijven voor de individuele lokale kenmerken en de mogelijkheden om hier als gemeente autonoom mee om te gaan.

2. Gedurende het proces van de verkenning is constant en consequent rekening gehouden met de gevolgen voor de kwaliteit en effectiviteit van het bestuur en de ambtelijke organisatie. Het effectiever en efficiënter organiseren van werk wordt als meerwaarde van de samenwerking gezien. Wel met de kanttekening dat rekening moet worden gehouden met een aanloopperiode. Bij een aantal samenwerkingsvormen wordt gesproken over het verhogen van de (regionale) bestuurskracht, een verhoging van de bestuurlijke kwaliteit en een verhoging van de ambtelijke kwaliteit, zowel qua interne als externe dienstverlening.

3. Alle drie de gemeenten kennen een gezonde financiële positie. Het behouden van de gezonde financiële posities van de individuele gemeenten is een fundamentele voorwaarde geweest voor het inventariseren en uitwerken van mogelijke samenwerkingsvormen.

Betrek het verschil tussen stad en plattelandsgemeente in de verkenning.

In Noordoost Twente is sprake van een gedeelde identiteit en de aanwezige verschillen worden als overbrugbaar gezien. Voorbeeld hiervan is het verschil in opgaven tussen stedelijk (Oldenzaal) en landelijk gebied (Dinkelland en Tubbergen). In de kern kunnen de organisaties elkaar binnen deze opgaven aanvullen, waarbij ook de noodzakelijke verschillen kunnen blijven bestaan.

Voor zowel Oldenzaal als stad en Dinkelland/Tubbergen als plattelandsgemeenten zijn vele maatschappelijke opgaven als gemeenschappelijk te classificeren. Voorbeelden hiervan zijn de klimaatopgave, de woningbouw, stijgende zorgbehoefte, migratie, veiligheid, sociale zaken en de toename van IT mogelijkheden. Op onderdelen hebben de gemeenten ook andere opgaven. Zo is in Oldenzaal de vitaliteit van de binnenstad of de veiligheid op het spoor een belangrijk thema, terwijl voor Dinkelland en Tubbergen geldt dat de transitie landelijk gebied en het versterken van het toeristisch-recreatief profiel nadrukkelijk aandacht krijgen.

Op ordegrootte en op inwonertal zijn de drie gemeenten vergelijkbaar. In dit kader is geen onevenwichtigheid te constateren. Er is dus geen sprake van een “grote” stad versus “kleine” plattelandsgemeenten. Feitelijk zijn de plattelandsgemeenten Dinkelland en Tubbergen samen met zo’n 47.000 inwoners grofweg 1,5 x zo groot als stad Oldenzaal met 32.000 inwoners.

Op de zogenoemde “zachte” factoren zijn er veel overeenkomsten te benoemen. De volksaard en mentaliteit van de inwoners van de drie gemeenten zijn vergelijkbaar. Van oudsher is de geloofsachtergrond van de inwoners van alle drie gemeenten Rooms Katholiek. Carnaval wordt dus ook in de drie gemeenten flink gevierd. Inwoners van de drie gemeenten zijn over het algemeen trots op streek en betroken bij samenleving. De manier van doen is praktisch, pragmatisch, nuchter en soms bourgondisch.

Er zijn tal van maatschappelijke verbindingen tussen de inwoners van de drie gemeenten. Die hebben o.a. betrekking op de organisatie van ondernemingen, belangenverenigingen (bijv. LTO) en projecten (bijv. Leader). Noordoost Twente wordt daarmee –inclusief Losser- vaak als 1 geheel gezien. Ook is er veel overlap op allerlei functies, onder andere jongeren die naar de middelbare school gaan.

De samenhang tussen de drie gemeenten komt ook tot uitdrukking in de overlap op regionale samenwerkingsverbanden. Er zijn verschillen, maar de drie gemeenten scoren bijvoorbeeld in de regioatlas van het ministerie van BZK boven het landelijk gemiddelde qua congruentie in samenwerkingen (samenvallen van gebieden waarin wordt samengewerkt De samenwerking tussen de drie gemeenten en ook vanuit perspectief van Noordoost Twente en dus met vier gemeenten (inclusief Losser) is dat er een natuurlijke oriëntatie van gemeenten op elkaar is.

Noordoost Twente is geen van buiten opgelegd, geforceerd of bedacht bestuurlijk construct, maar een door inwoners ervaren gemeenschappelijk gebied. Daarmee is ook -ondanks de mogelijk schijnbare tegenstelling tussen stad en platteland- nadrukkelijk een voedingsbodem voor een samenwerking (svorm) aanwezig.

Breng de ervaringen van de huidige samenwerking in beeld Én Breng in beeld hoe we binnen de samenwerking omgaan met samenwerking en positionering in de regio.

Tussen de drie gemeenten, maar ook met Losser, bestaan verschillende samenwerkingen. Bestuurlijk wordt in regioverband veelal succesvol samen opgetrokken. Samenwerking en gezamenlijk naar buiten treden zowel ambtelijk als bestuurlijk versterkt de positie van Noordoost Twente Vanuit het klimaatakkoord werken de gemeenten aan energietransitie binnen twee hoofdopgaven, namelijk de gebouwde omgeving en elektriciteit. De samenwerking wordt opgepakt in het verband van ‘’Energie van Noord Oost Twente (EvNOT)’’. Doelstellingen zijn gezamenlijk geformuleerd en de uitvoering wordt op diverse onderdelen samen opgepakt. Hier wordt strategische kennis gezamenlijk ingezet en de uitvoeringskracht versterkt. Vanuit een breder gebiedsperspectief bezien leidt dit tevens tot versterking van de bestuurskracht. Dit heeft zich geuit in een sterke positie binnen de RES met een gezamenlijk bod. Zo worden opgaven verdeeld en een gezamenlijke richting wordt bestuurlijk afgestemd. Op dit moment wordt onderzocht of verdere formalisering van de samenwerking meerwaarde heeft en of de samenwerking vanuit het klimaatakkoord verder kan worden uitgebouwd.

Ten aanzien van de migratieketen geldt dat de beschikbare opvanglocatie schaars zijn en de benodigde capaciteit en middelen om deze opvanglocaties te ondersteunen en te faciliteren beperkt.

Door de krachten te bundelen zijn slimme oplossingen gevonden en is er geschikte en een betere opvang mogelijk om aan de toenemende vraag voor opvang van asielzoekers en statushouders te kunnen voldoen.

Op het gebied van veiligheid wordt vooral samengewerkt als het gaat over bewustwording, preventie en handhaving. Ook loopt er een onderzoek om te verkennen of een krachtenbundeling voor binnensportaccommodaties en zwembaden in de regio NOT zinvol is en of dit de gemeenten en de regio kan versterken. Voor recreatie geldt dat er een plan uitgewerkt om de regio Noord Oost Twente nog beter op de kaart te zetten.

Tot slot wordt er op diverse terreinen op het vlak van bedrijfsvoering kennis gedeeld.…

Bekijk de brief: 03 Samenwerking Noordoost-Twente - Beantwoording vragen uit opdracht raad Dinkelland en Tubbergen

Bron: raadsinformatie van de gemeente Oldenzaal (Open Raadsinformatie). De vragen en antwoorden zijn automatisch uit de brief gelezen; het origineel is leidend.

Meer vragen aan het college van Oldenzaal

Alle artikel 35-vragen in Oldenzaal