behouden basisscholen kleine kernen
Een raadslid stelde op 25 januari 2024 schriftelijke vragen aan het college van burgemeester en wethouders van Opmeer.
Brief van het college
Deze brief is niet in losse vragen en antwoorden uit te lezen. Hieronder staat de tekst; het origineel staat via de link.
Raadsinformatiebrief Tabel registratiegegevens
Documentnummer
24.0003762
Zaaknummer
Z24000578
Datum
27 februari 2024
Onderwerp
Beantwoording raadvragen CDA - behoud basisscholen kleine kernen
Geachte mevrouw Leek, Op 25 januari 2024 heeft u (namens de fractie van CDA) schriftelijke vragen over het behoud van de basisscholen in de kleine kernen gesteld aan het college van burgemeester en wethouders van Opmeer.
In deze brief geven wij u antwoord op de gestelde vragen.
Vraag 1A Hoe kijkt het college aan tegen de leerlingenprognoses voor 2038 van de basisscholen in De Weere (86 leerlingen) en Aartswoud (40 leerlingen)?
Antwoord:
Uit de leerlingaantallen peildatum 1 oktober 2023 blijkt dat De Dubbele Punt in Aartswoud een huidig leerlingaantal heeft van 31 leerlingen. Petrus Caniusschool in De Weere heeft een huidig aantal van 65 leerlingen.
Als we kijken naar de door u genoemde aantallen (bron: allecijfers.nl) voor 2038 dan zien we een lichte stijging vergeleken de huidige cijfers. Echter doet dit niets af aan de zorgen die het college heeft over de bestaanszekerheid van beide scholen. De kleine kernen hebben dan ook de aandacht van het college. Het gehele college want de ontwikkelingen rond om de kleine kernen gaat verder dan alleen onderwijs en het sociaal domein.
In de onderstaande vragen onze verdere toelichting hierop.
Raadsinformatiebrief | pagina 1
Raadsinformatiebrief Vraag 1B Welke problemen voorziet het college voor de toekomst van deze scholen als deze leerlingenprognoses gelijk blijven of zelfs verminderen en wat zou dit betekenen voor de leefbaarheid van de kleine kernen?
Antwoord:
Als de leerlingenprognoses voor kleine scholen verminderen, kunnen er verschillende problemen ontstaan die van invloed zijn op de toekomst van deze scholen en de leefbaarheid van de kleine kernen. Goed om te benoemen dat het problemen zijn die mogelijk kunnen ontstaan. Belangrijk is om te kijken hoe we omgaan met deze mogelijke problemen en of we hier ook anders naar kunnen kijken, in een bredere visie op het behoud van de voorzieningen in de kleine kernen.
Mogelijke problemen die kunnen ontstaan zijn:
Financiële druk:
Minder leerlingen betekent vaak minder financiering vanuit het onderwijssysteem. Dit kan leiden tot financiële druk op de school, waardoor het moeilijker wordt om kwalitatief hoogstaand onderwijs te bieden en de benodigde faciliteiten te onderhouden.
Tekort aan docenten en ondersteunend personeel:
Kleinere scholen hebben vaak beperktere middelen om gekwalificeerde docenten aan te trekken en te behouden. Een afname van het aantal leerlingen kan leiden tot een tekort aan docenten en ander ondersteunend personeel.
Minder aantrekkelijk voor gezinnen:
Een beperkt onderwijsaanbod en faciliteiten kunnen kleine kernen minder aantrekkelijk maken voor gezinnen met kinderen. Dit kan op zijn beurt de bevolkingssamenstelling beïnvloeden en de leefbaarheid verminderen.
Verlies van lokale identiteit:
Scholen zijn vaak een belangrijk onderdeel van de lokale identiteit. Het verlies van scholen kan leiden tot een gevoel van verlies van identiteit en gemeenschapsgevoel in kleine kernen.
Minder sociale voorzieningen:
Scholen trekken meer gezinnen met kleine kinderen aan. Minder kinderen in de kleine kernen kunnen leiden tot minder sociale voorzieningen in de kleine kernen.
Mogelijke sluiting van scholen:
In sommige gevallen kan een aanzienlijke afname van het aantal leerlingen leiden tot overwegingen om scholen te sluiten.
Raadsinformatiebrief | pagina 2
Raadsinformatiebrief Vraag 2A Vindt het college het – net als het CDA Opmeer – belangrijk dat aandacht wordt besteed aan het bestaansrecht van kleine basisscholen in Aartswoud en de Weere mede in relatie tot de leefbaarheid in deze kernen?
Antwoord:
Het bestaansrecht van kleine basisscholen in Aartswoud en De Weere is voor het college van groot belang. Door aandacht te besteden aan het bestaansrecht van kleine basisscholen in Aartswoud en De Weere wordt bijdragen aan het behoud en de versterking van de leefbaarheid in deze kernen. Het gaat niet alleen om onderwijs, maar ook om het koesteren van de sociale en culturele fundamenten die deze gemeenschappen vormgeven. Het verdient aandacht om verschillende redenen die direct verband houden met de leefbaarheid van deze kernen:
Sociale cohesie:
Onze kleine basisscholen fungeren als sociale knooppunten binnen de gemeenschappen. Ze brengen niet alleen kinderen samen, maar ook ouders en andere gemeenschapsleden. Het behoud van deze scholen draagt bij aan het behoud van sociale cohesie binnen de kleine kernen.
Behoud van lokale identiteit:
De scholen binnen onze dorpen zijn belangrijke onderdelen van de lokale identiteit.
Aantrekkelijkheid voor gezinnen:
Gezinnen met kinderen overwegen vaak de beschikbaarheid en kwaliteit van scholen bij het kiezen van een woonplaats. Het behouden van basisscholen maakt kleine kernen aantrekkelijker voor gezinnen, wat een positieve invloed kan hebben op de bevolkingssamenstelling en leefbaarheid.
Stimulering van lokale voorzieningen:
De scholen vormen het hart van een gemeenschap en kunnen de aanzet geven tot lokale voorzieningen en activiteiten. Door onze scholen te behouden, blijft de gemeenschap levendig met verschillende sociale, culturele en sportieve initiatieven.
Betrokkenheid van ouders:
Bij de scholen in onze kleine kernen zie je een grote betrokkenheid van ouders aan bij het schoolleven. Dit draagt bij aan een sterke ouderbetrokkenheid en kan ook leiden tot bredere participatie in gemeenschapsactiviteiten.
Preventie van bevolkingsafname:
Het behoud van onze basisscholen kan bijdragen aan het voorkomen van bevolkingsafname in kleine kernen. Gezinnen blijven eerder in de buurt wonen als er goede onderwijsmogelijkheden zijn, waardoor de leefbaarheid behouden blijft.
Raadsinformatiebrief | pagina 3
Raadsinformatiebrief Vraag 2B Wat heeft het college tot nu toe ondernomen of is het college van plan te gaan ondernemen in verband met het behoud van de kleine basisscholen in Aartswoud en de Weere?
Antwoord:
Het behouden van kleine scholen in de kleine kernen is vaak een uitdaging omdat er een gedeelte is waar de gemeente geen tot weinig invloed op heeft en dat is de uiteindelijke beslissing van een schoolbestuur. Echter zijn er verschillende maatregelen en strategieën die wij als gemeente toepassen om de levensvatbaarheid van kleine scholen te ondersteunen en ze open te houden.
Betrokkenheid gemeenschap Het behoud van kleine scholen vereist vaak creatieve benaderingen en betrokkenheid van de hele gemeenschap. Die betrokkenheid zien wij in grote mate terug bij de inwoners van Aartswoud en De Weere. De ouderbetrokkenheid op de scholen is dan ook groot en leidt tot bredere participatie op school en in de gemeenschapsactiviteiten. De inwoners zijn ook voor behoud van de scholen binnen de kleine kernen.
Samenwerking scholen We stimuleren de samenwerking tussen de scholen in Opmeer. De scholen hebben een goede samenwerking met elkaar. Samenwerking tussen de scholen die onder dezelfde stichting vallen. Maar ook zetten we in op samenwerking met alle scholen binnen de gemeente Opmeer. Het zogeheten knooppuntoverleg tussen de scholen heeft na de corona periode een nieuw en energiek karakter gekregen. De gemeente sluit tweemaal per jaar (van de viermaal) aan om de verbinding te behouden tussen scholen en gemeente.
Financiële ondersteuning Landelijke en lokale ontwikkelingen voor mogelijke financiële ondersteuning van kleine scholen wordt nauwlettend in de gaten gehouden en opgepakt waar mogelijk. Dit kan subsidies, fondsenwerving of andere financieringsbronnen omvatten om de financiële druk te verminderen. Zo wordt er ondersteuning geboden bij het gymonderwijs door Sportservice, zijn er culturele subsidies beschikbaar, wordt er bijgedragen aan de onderwijsbegeleiding en zijn de NPO-middelen ingezet voor diverse materialen op school en ondersteuning in de pauzes door de activiteit ‘Pauze Sport’ Korte lijnen schoolbestuur/directie Door een goede en nauwe samenwerking met het schoolbestuur en de directie voorkomen we dat we voor onaangename verassingen komen te staan. Het schoolbestuur heeft de primaire verantwoordelijkheid voor het bestuur en beheer van de school. Het neemt beslissingen over de toekomst van de school, waaronder sluitingsbesluiten.
Het sluiten van een school is een zorgvuldig proces dat transparantie, inspraak en juridische procedures omvat. Voordat een school definitief wordt gesloten, moet het schoolbestuur diverse stappen doorlopen en voldoen aan wettelijke vereisten, zoals het raadplegen van belanghebbenden en het informeren van de Inspectie van het Onderwijs. Het doel is om ervoor te zorgen dat de belangen van alle betrokkenen worden afgewogen bij het nemen van een dergelijke ingrijpende beslissing.
Raadsinformatiebrief | pagina 4
Raadsinformatiebrief Beleidsplannen De leefbaarheid en vitaliteit van de dorpen is een belangrijk onderwerp in de toekomstvisie Opmeer 2030.…
Bekijk de brief: Beantwoording schriftelijke vragen CDA over behouden basisscholen kleine kernen
Bron: raadsinformatie van de gemeente Opmeer (Open Raadsinformatie). De vragen en antwoorden zijn automatisch uit de brief gelezen; het origineel is leidend.