het thema voldoende woningen
Een raadslid stelde op 18 december 2025 schriftelijke vragen aan het college van burgemeester en wethouders van Overbetuwe (11 vragen).
In het kort
11 vragen en wat het college antwoordt
- Welke gevolgen zou het hebben (gehad) als deze afspraken niet op 15 december 2025 waren vastgelegd, maar op een later moment en dan wel op alle volkshuisvestelijke… → In Artikel 42 tot met 44 van de Woningwet is vastgelegd hoe de (jaarlijkse) samenwerking om te komen tot prestatieafspraken tussen corporaties, huurdersorganisaties en gemeente…
- Welke interventies heeft de portefeuillehouder gepleegd om wel te komen tot prestatieafspraken op alle verplichte thema’s? → De portefeuillehouder heeft in het overleg met de drie partijen vanaf juni 2025 zijn zorg geuit over de vertraagde start van het proces op verzoek van de corporaties.
- Welke specifieke ‘andere partijen’ worden bedoeld in de zin ‘Hoewel het wettelijk mogelijk is om ook na 15 december 2025 afspraken te ondertekenen (met toelichting)… → De woningcorporaties Vivare, Woningstichting Heteren en Woonstichting Valburg en hun huurdersorganisaties HVOB, DHR en ’t Klokhuis.
- Wanneer en op grond van welke overwegingen heeft de portefeuillehouder besloten om genoegen te nemen met prestatieafspraken alleen voor het thema ‘Voldoende woningen’? → Het College van B&W stemde op 9 december 2025 in met de prestatieafspraken over het thema Voldoende Woningen.
- Wanneer heeft de portefeuillehouder de overige leden van het college geïnformeerd over het blijkbaar onder grote tijdsdruk staande proces rondom het tot stand komen van… → En welke interventies heeft het college vervolgens ingezet om deze situatie te voorkomen?
- Wie was verantwoordelijk voor de planning om tot de Prestatieafspraken 2026 te komen? → Wettelijk gezien (Woningwet artikel 44) dient de toegelaten instelling jaarlijks op uiterlijk 1 april een verzoek in tot een overleg met de gemeente en de huurdersorganisatie.
- Begin 2026 organiseert de gemeente een bestuurlijk overleg met de drie corporaties en de huurdersorganisaties om te komen tot een voorstel voor een nieuwe vorm en aanpak… → En wie bewaakt de nakoming van deze planning?
- Hoe is de raad in positie gebracht op de voortgang rondom de prestatieafspraken? → De gemeenteraad wordt jaarlijks via een TIC geïnformeerd over nieuwe (jaar)prestatieafspraken.
Overgenomen uit de brief van het college; hieronder staan de volledige vragen en antwoorden.
Aanleiding
Fracties van GroenLinks Overbetuwe en PvdA Overbetuwe en overige leden van de gemeenteraad
Uw brief van Uw kenmerk 18 december 2025 S-742 Onderwerp: beantwoording schriftelijke vragen over Prestatieafspraken 2026
Ons kenmerk 185500 Behandeld door Eefke Goossen
Datum 27 januari 2026 Telefoonnummer
Verzonden d.d.
Bijlage(n)
Geachte fracties van GroenLinks Overbetuwe en PvdA Overbetuwe en overige leden van de gemeenteraad, Uw fracties stelden op 18 december 2025 een aantal vragen over de Prestatieafspraken 2026 over het thema Voldoende Woningen. U wilt als fracties duidelijkheid over de wijze waarop we als gemeente het proces met de woningcorporaties en huurdersorganisaties hebben doorlopen.
Middels deze brief geven we u antwoord op deze vragen.
Vragen en antwoorden
Vraag 1
Welke gevolgen zou het hebben (gehad) als deze afspraken niet op 15 december 2025 waren vastgelegd, maar op een later moment en dan wel op alle volkshuisvestelijke prioriteiten?
Antwoord van het college
In Artikel 42 tot met 44 van de Woningwet is vastgelegd hoe de (jaarlijkse) samenwerking om te komen tot prestatieafspraken tussen corporaties, huurdersorganisaties en gemeente georganiseerd is. Alle drie partijen zitten gelijkwaardig aan tafel. Bij de beschrijving van procedures in de Woningwet is in de Memorie van toelichting bij de wet opgenomen dat het de lokale partners vrij staat om dit proces op een eigen alternatieve manier in te richten, bijvoorbeeld door meerjarenafspraken te maken of in andere processtappen met een andere planning. De wettelijke procedure biedt daarbij als basis houvast. Alleen als er sprake is van een geschil tussen partijen, kan dit in het uiterste geval voor een bindend advies aan de minister worden voorgelegd. De corporaties gaven aan alleen verder te willen met de uitwerking van de overige thema’s op voorwaarde dat de afspraken over Voldoende Woningen wél voor 15 december 2025 werden vastgelegd. Hoewel de ruimte er dus wettelijk is, hadden de corporaties dan niet verder gewild met de uitwerking van de overige thema’s.
Vraag 2
Welke interventies heeft de portefeuillehouder gepleegd om wel te komen tot prestatieafspraken op alle verplichte thema’s?
Antwoord van het college
De portefeuillehouder heeft in het overleg met de drie partijen vanaf juni 2025 zijn zorg geuit over de vertraagde start van het proces op verzoek van de corporaties. Dit als gevolg van het wetsvoorstel voor huurbevriezing dat toen voorlag. Na het intrekken van dit wetsvoorstel zijn de gesprekken hervat. In de periode juli - oktober 2025 kwamen partijen niet tot gezamenlijke overeenstemming over de doelstellingen op alle thema’s. De portefeuillehouder gaf toen bij de andere partijen ook aan dat hij zorgvuldige bestuurlijke afweging en besluitvorming in het gedrang Dorpsstraat 67, Elst/Postbus 11, 6660 AA Elst T 14 0481 E [email protected] www.overbetuwe.nl NL03BNGH0285092030 KvK nummer 51178567 Btw nr NL809032375B01
1/3
zag komen. De portefeuillehouder organiseerde eind november een extra bestuurlijk overleg om naar een oplossing te zoeken. Pas begin december 2025 lag er een eerste concept voor, zij het alleen met uitgewerkte afspraken over het thema Voldoende Woningen. De portefeuillehouder heeft toen twee keer afstemming gezocht met de overige collegeleden, eerst over het proces en daarna inhoudelijk. Hier is toen gesproken over verschillende mogelijke scenario’s en de nadrukkelijke bestuurlijke wens om wel op alle thema’s toe te werken naar prestatieafspraken.
Vraag 3
Welke specifieke ‘andere partijen’ worden bedoeld in de zin ‘Hoewel het wettelijk mogelijk is om ook na 15 december 2025 afspraken te ondertekenen (met toelichting), houden de andere partijen strikt vast aan deze datum’?
Antwoord van het college
De woningcorporaties Vivare, Woningstichting Heteren en Woonstichting Valburg en hun huurdersorganisaties HVOB, DHR en ’t Klokhuis.
Vraag 4
Wanneer en op grond van welke overwegingen heeft de portefeuillehouder besloten om genoegen te nemen met prestatieafspraken alleen voor het thema ‘Voldoende woningen’?
Antwoord van het college
Het College van B&W stemde op 9 december 2025 in met de prestatieafspraken over het thema Voldoende Woningen. Dit alleen op voorwaarde dat begin 2026 alsnog de prestatieafspraken op de overige thema’s worden uitgewerkt. In de overwegingen speelde de samenwerkingsrelatie met partijen mee, alsmede de wens van deze partijen om prioriteit te leggen op realisatie van voldoende sociale huurwoningen.
Vraag 5
Wanneer heeft de portefeuillehouder de overige leden van het college geïnformeerd over het blijkbaar onder grote tijdsdruk staande proces rondom het tot stand komen van deze prestatieafspraken?
Antwoord van het college
En welke interventies heeft het college vervolgens ingezet om deze situatie te voorkomen?
Zie de beantwoording van vraag 2.
Vraag 6
Wie was verantwoordelijk voor de planning om tot de Prestatieafspraken 2026 te komen?
Antwoord van het college
Wettelijk gezien (Woningwet artikel 44) dient de toegelaten instelling jaarlijks op uiterlijk 1 april een verzoek in tot een overleg met de gemeente en de huurdersorganisatie. Daaropvolgend stelt de toegelaten instelling jaarlijks uiterlijk 1 juli een activiteitenoverzicht beschikbaar aan de gemeente en de huurdersorganisatie. Vanaf dat moment treden partijen gezamenlijk in overleg over de inhoudelijke afspraken. In januari 2025 hebben partijen echter al een gezamenlijke planning opgesteld om in de loop van 2025 te komen tot nieuwe prestatieafspraken voor 2026 en verder.
We zien deze planning dan ook als een gezamenlijke verantwoordelijkheid. Voor het begeleiden van het proces, het monitoren van de planning en het penvoerderschap lieten we ons de afgelopen jaren begeleiden door een externe procesbegeleider, zo ook in 2025. Aan deze onafhankelijke persoon werd door de partijen gezamenlijk opdracht verstrekt.
Vraag 7
Begin 2026 organiseert de gemeente een bestuurlijk overleg met de drie corporaties en de huurdersorganisaties om te komen tot een voorstel voor een nieuwe vorm en aanpak voor prestatieafspraken vanaf 2027. Bij wie rust de verantwoordelijkheid om voor de beoogde activiteiten een planning te maken?
Antwoord van het college
En wie bewaakt de nakoming van deze planning?
Zie ook de beantwoording van vraag 6. We zien dit als een gezamenlijke verantwoordelijkheid. Met de ervaring van het afgelopen jaar en het bestuurlijke belang om op alle thema’s tot goede afspraken te komen, nemen we als College van B&W echter het initiatief om met de bestuurders van de woningcorporaties en huurdersorganisaties in gesprek te gaan. We zullen hiertoe de komende weken een concreet voorstel uitwerken.
bezoekadres, plaatsBA/postadres, postcodePAplaatsPA T telnr E email website bank
KvK nummer KvKnummer Btw nr NL809032375B01
2/3 *refnr*
Vraag 8
Hoe is de raad in positie gebracht op de voortgang rondom de prestatieafspraken?
Antwoord van het college
De gemeenteraad wordt jaarlijks via een TIC geïnformeerd over nieuwe (jaar)prestatieafspraken.
Na afloop van de periode van meerjarenafspraken – gekoppeld aan de Woonagenda/ Programma Wonen – informeren we u over behaalde resultaten. In december 2025 ontving u hiertoe de Evaluatie Woonagenda 2025 (zie ook link).
Vraag 9
Waarom zijn de in bijlage 1 opgenomen punten geen integraal onderdeel van de prestatieafspraken en worden deze niet gemonitord?
Antwoord van het college
Omdat deze afspraken nog onvolledig zijn of onvoldoende zijn uitgewerkt. Indien we de punten uit de bijlagen onderdeel zouden laten uitmaken van de prestatieafspraken 2026 kan dit suggereren dat we op deze thema’s naar tevredenheid afspraken hebben kunnen maken. Dat is nog niet het geval. We streven er naar deze afspraken begin 2026 alsnog gezamenlijk nader uit te werken en dan als integraal onderdeel van de totale afsprakenset op te laten nemen.
Vraag 10
Uit de besluitenlijst B&W van 9 december 2025 blijkt bij punt 3.c.1 dat dit stuk op die datum besproken is. Ook blijkt daaruit dat twee wethouders ‘tegen’ dit stuk stemmen ‘omdat naar hun mening de volkshuisvestelijke prioriteiten ‘betaalbaarheid’, ‘kwaliteit’ en ‘leefbaarheid’ niet of onvoldoende terugkomen in deze prestatieafspraken’. Welk advies is ingewonnen over het voorliggende besluit met betrekking tot de Prestatieafspraken Overbetuwe 2026?
Antwoord van het college
En indien geen advies is ingewonnen, waarom niet?
Zie ook beantwoording van vraag 2. De portefeuillehouder heeft op voorhand het dilemma met betrekking tot de planning en de totstandkoming van het eerste concept met de overige collegeleden besproken. Hierop nam de portefeuillehouder het initiatief tot een ingelast bestuurlijk overleg op 26 november 2025 met de woningcorporaties. De woningcorporaties (gesteund door hun huurdersorganisaties) gaven in dit overleg aan niet meer tijd te willen nemen voor het uitwerken van de overige thema’s voor 2026. Zij hielden vast aan de eerder opgestelde planning met instemming voor 15 december 2025.
Vraag 11
Waarom heeft het college in meerderheid besloten om akkoord te gaan met deze Prestatieafspraken Overbetuwe 2026, ook al wordt niet voldaan aan de eisen vanuit het Ministerie?
Antwoord van het college
De Nationale Prestatieafspraken bevatten geen wettelijke eisen, maar wel kaderstellende doelstellingen en opgaven die lokaal kunnen worden uitgewerkt. Het is dus onjuist om te stellen dat niet wordt voldaan de eisen vanuit het Ministerie (zie ook beantwoording vraag 1). We hebben besloten om in te stemmen met deze prestatieafspraken onder de strikte voorwaarde dat begin 2026 alsnog uitwerking van de overige thema’s in afspraken plaatsvindt. De Woningwet biedt partijen de vrijheid om het proces lokaal passend in te richten. In dit geval hadden wij graag gebruik gemaakt van de ruimte door de planning wat te verruimen. Voor de woningcorporaties en huurdersorganisaties was dit niet bespreekbaar. Vandaar dat we, ook met het oog op een goede samenwerking, met deze tussenoplossing akkoord zijn gegaan. Met daaraan gekoppeld de aanvullende eis dat we in het eerste kwartaal van 2026 het proces gezamenlijk onder de loep nemen en anders inrichten om in de toekomst beter op dit soort situaties in te kunnen spelen.
Bron: raadsinformatie van de gemeente Overbetuwe (Open Raadsinformatie). De vragen en antwoorden zijn automatisch uit de brief gelezen; het origineel is leidend.