S-705 Beantwoording schriftelijke vragen BOB gevaarlijke stoffen per spoor
Een raadslid stelde op 22 november 2024 schriftelijke vragen aan het college van burgemeester en wethouders van Overbetuwe (7 vragen).
In het kort
7 vragen en wat het college antwoordt
- Kan het college aangeven hoeveel treinen er met risicovolle stoffen per week het station in Elst passeren? → Nee, de cijfers over vervoer van gevaarlijke stoffen zijn op weekniveau niet beschikbaar maar wel per kwartaal en kalenderjaar.
- Kan het college een indicatie geven om welke stoffen het gaat en wat de risico’s bij calamiteiten zijn? → Per stofcategorie zijn de vervoersbewegingen bekend.
- Kan het college aangeven of de risico’s nog vergroot worden door bijvoorbeeld de opslag van waterstof bij de polikliniek van Rijnstate? → De opslag van waterstof bij Rijnstate is getoetst aan wet- en regelgeving op het gebied van externe veiligheid.
- Welke maatregelen zijn er genomen om calamiteiten te voorkomen? → In de loop der jaren zijn er wijzigingen gedaan aan de spoorlijn ter hoogte van Elst.
- Zijn de brandweer en andere hulpdiensten afdoende toegerust op mogelijke calamiteiten ter plekke? → Veiligheids- en Gezondheidsregio Gelderland-Midden (hierna VGGM) is voorbereid op mogelijke incident/calamiteiten op het spoor en adviseert hierover aan gemeenten in de voorbereiding op een…
- We weten, dat de zaak gemonitord wordt door ILT. → De Inspectie Leefomgeving en Transport is de toezichthouder van het Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat.
- Indien er van bovenmatig gebruik van het spoor voor gevaarlijke stoffen sprake is – de normen, die ProRail heeft zijn naar ons idee wat aan de ruime kant – wat zijn dan… → Wij hebben als college geen mogelijkheden om in te grijpen op gebruik van het spoor voor transport van goederen.
Overgenomen uit de brief van het college; hieronder staan de volledige vragen en antwoorden.
Aanleiding
Fractie van Burgerbelangen Overbetuwe en overige raadsleden
Uw brief van 21 november 2024
Uw kenmerk S-705
Ons kenmerk 2024-071302
Onderwerp:
Behandeld door
Beantwoording schriftelijke vragen (S-705) over het vervoer van gevaarlijke stoffen per spoor
F. Stouten
Datum 17/12/ 2024 Telefoo nnumm er 0481 362 116
Verzonden d.d.
Bijlage(n) geen
Geachte fractie van Burgerbelangen Overbetuwe en andere fracties, Op 21 november heeft u schriftelijke vragen gesteld over de vraag het vervoer van gevaarlijke stoffen per spoor. Met deze brief beantwoorden we uw vragen.
Uw vragen en de antwoorden erop
Vragen en antwoorden
Vraag 1
Kan het college aangeven hoeveel treinen er met risicovolle stoffen per week het station in Elst passeren?
Antwoord van het college
Nee, de cijfers over vervoer van gevaarlijke stoffen zijn op weekniveau niet beschikbaar maar wel per kwartaal en kalenderjaar. Hieronder de cijfers per kalenderjaar voor het traject ‘Ressen-Noord – Zutphen Twentekanaal aansluiting’. Het spoor ter hoogte van Elst maakt onderdeel uit van dit tracé.
Stofcategorie Ressen Noord - Zutphen Twentekanaal aansl.
A B2 B3 C3 D3 D4
A 683
B2 159
B3 0
C3 1397
D3 31
D4 7
Stofcategorie Brandbare gassen Stofcategorie Toxische gassen Stofcategorie Zeer toxische gassen (Chloor) Stofcategorie Brandbare vloeistoffen Stofcategorie Toxische vloeistoffen Stofcategorie Zeer toxische vloeistoffen
Dorpsstraat 67, Elst/Postbus 11, 6660 AA Elst T 14 0481 E [email protected] www.overbetuwe.nl NL03BNGH0285092030 KvK nummer 51178567 Btw nr NL809032375B01
1/3
Vraag 2
Kan het college een indicatie geven om welke stoffen het gaat en wat de risico’s bij calamiteiten zijn?
Antwoord van het college
Per stofcategorie zijn de vervoersbewegingen bekend. Afhankelijk van de stof die het betreft, kunnen diverse scenario’s optreden. De scenario’s zijn (plas)brand, explosie, gifwolk.
Vraag 3
Kan het college aangeven of de risico’s nog vergroot worden door bijvoorbeeld de opslag van waterstof bij de polikliniek van Rijnstate?
Antwoord van het college
De opslag van waterstof bij Rijnstate is getoetst aan wet- en regelgeving op het gebied van externe veiligheid. Geconcludeerd is dat de spoorlijn geen significante aanvullende risico’s met zich meebrengt.
Vraag 4
Welke maatregelen zijn er genomen om calamiteiten te voorkomen?
Antwoord van het college
In de loop der jaren zijn er wijzigingen gedaan aan de spoorlijn ter hoogte van Elst. Zo zijn bijvoorbeeld gelijkvloerse kruisingen vervangen door ongelijkvloerse kruisingen. Dergelijke ontwikkelingen verkleinen de kans op een calamiteit.
Nederland zet samen met andere lidstaten continu in op de ontwikkeling en verbetering van internationale veiligheidsvoorschriften in deze verdragen. Daarnaast zijn een aantal generieke maatregelen voor al het spoorvervoer van kracht: -
Landelijke uniformiteit om het spoor veilig en effectief te onderhouden en het vervoer veilig te laten plaatsvinden;
ProRail en alle vervoerders moeten beschikken over een veiligheidsmanagement systeem;
Fail Safe Principe waardoor bij een storing de infra in de meest veilige stand komt (denk aan seinen op rood, slagbomen naar beneden).
Voor het spoorgoederenvervoer van gevaarlijke stoffen zijn aanvullende maatregelen genomen: -
-
Er zijn diverse convenanten gesloten met vervoerders en/of bedrijven. Deze convenanten hebben als om de veiligheid op en rond het spoor verder te vergroten. Dit gaat verder dan de wettelijke verplichtingen van verladers en producenten in wet- en regelgeving;
Een systeem om wagenlijsten in geval van een calamiteit onmiddellijk te delen met de desbetreffende veiligheidsregio’s. Hierdoor weet de veiligheidsregio al voordat de brandweer aankomt op de incidentlocatie, welke stof mogelijk is vrijgekomen en hoe ze daarbij moeten optreden. ProRail Incidentenbestrijding ondersteunt de veiligheidsregio bij de bestrijding van een incident met spoor-specifieke inzet en informatie.
Vraag 5
Zijn de brandweer en andere hulpdiensten afdoende toegerust op mogelijke calamiteiten ter plekke?
Antwoord van het college
Veiligheids- en Gezondheidsregio Gelderland-Midden (hierna VGGM) is voorbereid op mogelijke incident/calamiteiten op het spoor en adviseert hierover aan gemeenten in de voorbereiding op een eventuele ramp- en crisissituatie. VGGM heeft het afgelopen jaar samen met de overige hulpdiensten actief geoefend op met een incident op het spoor.
2/3
Vraag 6
We weten, dat de zaak gemonitord wordt door ILT. Is het bij het college bekend of dit ook op het spoor bij Elst gebeurt?
Antwoord van het college
De Inspectie Leefomgeving en Transport is de toezichthouder van het Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat. De minister stelt elk jaar een verslag ‘Basisnet’ op dat is gebaseerd op monitoringsrapportages voor de modaliteiten spoor, weg en water. Het spoor in Elst maakt hier onderdeel vanuit.
Vraag 7
Indien er van bovenmatig gebruik van het spoor voor gevaarlijke stoffen sprake is – de normen, die ProRail heeft zijn naar ons idee wat aan de ruime kant – wat zijn dan de mogelijkheden om in te grijpen door het college?
Antwoord van het college
Wij hebben als college geen mogelijkheden om in te grijpen op gebruik van het spoor voor transport van goederen.
Bekijk de brief: S-705 Beantwoording schriftelijke vragen BOB gevaarlijke stoffen per spoor
Bron: raadsinformatie van de gemeente Overbetuwe (Open Raadsinformatie). De vragen en antwoorden zijn automatisch uit de brief gelezen; het origineel is leidend.