Wetsvoorstel planmatige aanpak onderwijshuisvesting
Een raadslid stelde op 12 juni 2025 schriftelijke vragen aan het college van burgemeester en wethouders van Stein (5 vragen).
In het kort
5 vragen en wat het college antwoordt
- Is het college bekend met de aanstaande wetswijziging en wat is uw zienswijze hierop? → Het college is bekend met deze in voorbereiding zijnde wetswijziging.
- Is er al met Stichting Kindante en andere scholenkoepels gesproken over de bereidheid om in de toekomst wellicht mee te investeren? → Zo ja, hoe zijn deze gesprekken dan verlopen?
- Zou dit in de casus van De Maaskei al aan de orde kunnen zijn? → Zo ja, op welke wijze?
- Welk effect heeft de wetswijziging op de verdere projecten van het Integraal Huisvestingsplan voor scholen van de gemeente Stein? → Het door de raad op 14 oktober 2021 genomen besluit over het IHP vormt de basis voor de verdere uitwerking.
- Indien na de wetswijziging een school niet wil mee investeren, welke gevolgen zou dit dan voor de plannen kunnen hebben? → Verwezen wordt naar het antwoord op vraag 3, verwoord in de 2e alinea.
Overgenomen uit de brief van het college; hieronder staan de volledige vragen en antwoorden.
Aanleiding
Fractie DOS t.a.v. de heer M. Gransier
Stadhouderslaan 200 Postbus 15 6170 AA Stein T +31 (0)46 435 93 93 [email protected] www.gemeentestein.nl BTW NL 0017.31.105.B.02 KvK 5198 4997 0000 IBAN NL20 BNGH 0285 008 110 BIC BNGH NL2G
Datum: 10 juli 2025 Uw kenmerk:
Zaaknummer: 20250612157022 Behandeld door: Wil van Gansewinkel Betreft:
Wetsvoorstel planmatige aanpak onderwijshuisvesting
Geachte heer Gransier, Wij hebben kennisgenomen van uw brief van 11 juni 2025, met vragen over het wetsvoorstel planmatige aanpak onderwijshuisvesting. Specifiek wordt door u ingezoomd op het versoepelen van de investeringsmogelijkheden in het primair onderwijs. Onderstaand treft u onze reactie aan.
Vragen en antwoorden
Vraag 1
Is het college bekend met de aanstaande wetswijziging en wat is uw zienswijze hierop?
Antwoord van het college
Het college is bekend met deze in voorbereiding zijnde wetswijziging. Voor de volledigheid merken wij op dat dit wetsvoorstel niet alleen betrekking heeft op het mogelijk maken in het primair onderwijs om exploitatieoverschotten, net als in het voortgezet onderwijs, te investeren in huisvesting. Andere onderdelen van het wetsvoorstel zijn:
- verplichte vaststelling door de gemeenten van een Integraal Huisvestingsplan (IHP);
- de schoolbesturen moeten een meerjarenonderhoudsplan vaststellen;
- het begrip “renovatie” wordt toegevoegd aan de huisvestingsvoorzieningen waarvoor de gemeenten verantwoordelijk zijn.
Met dit wetsvoorstel wordt beoogd dat gemeenten en schoolbesturen tot een meer planmatige en doelmatige aanpak komen van bouw, beheer en onderhoud van schoolgebouwen. Ook is de insteek de besluitvorming te bevorderen op basis van totalcost-of-ownership. Beslissingen worden dan genomen met inachtneming van de totale kosten van bouw, onderhoud en exploitatie van het gebouw gedurende de gehele gebruiksperiode.
Als college onderschrijven wij de doelstellingen van dit wetsvoorstel omdat de verwachting is dat dit uiteindelijk zal leiden tot kwalitatief betere onderwijshuisvesting.
Vraag 2
Is er al met Stichting Kindante en andere scholenkoepels gesproken over de bereidheid om in de toekomst wellicht mee te investeren?
Antwoord van het college
Zo ja, hoe zijn deze gesprekken dan verlopen?
Met Stichting Kindante is hier nog niet over gesproken. Overleg met andere scholenkoepels is niet aan de orde. Immers Stichting Kindante is het bevoegd gezag van alle in de gemeente Stein gehuisveste scholen voor primair onderwijs.
Vraag 3
Zou dit in de casus van De Maaskei al aan de orde kunnen zijn?
Antwoord van het college
Zo ja, op welke wijze?
Het is nu eerst wachten totdat de wetswijziging in werking treedt. Dan is er een formele basis om hier het gesprek over te voeren. De beoogde datum van inwerkingtreding is 1 januari 2026.
Vooruitlopend hierop achten wij het wenselijk u te wijzen op een aantal uitgangspunten die benoemd staan in het wetsvoorstel. Het schoolbestuur mag investeren in het schoolgebouw als sprake is van een overschot op de besteding van de onderwijsmiddelen.
De gemeenten kunnen geen claim leggen op het budget van de school. Het is aan het schoolbestuur om te besluiten of men gebruik maakt van de mogelijkheid eventuele overschotten te investeren in huisvesting. De gemeente blijft primair verantwoordelijk voor de bekostiging van de onderwijshuisvesting.
Vraag 4
Welk effect heeft de wetswijziging op de verdere projecten van het Integraal Huisvestingsplan voor scholen van de gemeente Stein?
Antwoord van het college
Het door de raad op 14 oktober 2021 genomen besluit over het IHP vormt de basis voor de verdere uitwerking. Voor ieder scenario zal, met inachtneming van de in het IHP verwoorde uitgangspunten, een business case worden opgesteld die ter besluitvorming aan de raad wordt voorgelegd. Als deze wetswijziging in werking treedt is er een formeel kader om met Stichting Kindante het gesprek aan te gaan over de bereidheid tot investeren.
Vraag 5
Indien na de wetswijziging een school niet wil mee investeren, welke gevolgen zou dit dan voor de plannen kunnen hebben?
Antwoord van het college
Verwezen wordt naar het antwoord op vraag 3, verwoord in de 2e alinea.
Vragen Heeft u alsnog vragen, dan kunt u rechtstreeks contact opnemen met Wil van Gansewinkel, telefonisch: 046-4359255 of per e-mail: [email protected]. Om u beter van dienst te zijn, verzoeken wij u om altijd het zaaknummer te vermelden.
Bron: raadsinformatie van de gemeente Stein (Open Raadsinformatie). De vragen en antwoorden zijn automatisch uit de brief gelezen; het origineel is leidend.