02 Brief beantwoording schriftelijke vragen Brandveiligheid Zwijsengarage.pdf
Een raadslid stelde op 10 januari 2024 schriftelijke vragen aan het college van burgemeester en wethouders van Tilburg.
Brief van het college
Deze brief is niet in losse vragen en antwoorden uit te lezen. Hieronder staat de tekst; het origineel staat via de link.
Aan de leden van de gemeenteraad
Onderwerp Schriftelijke vragen Vervolgvragen brandveiligheid Zwijsengarage Portefeuillehouder
Datum 9 januari 2024 AFD / ambtenaar
Theo Weterings
RUI-PPI / B. van Dorp
Postadres Postbus 90155
Bezoekadres Stadhuisplein 130
5000 LH Tilburg
5038 TC Tilburg
Geachte raadsleden, Hierbij beantwoorden wij de schriftelijke vragen die door het raadslid F. van Aarle (LT) zijn gesteld op grond van het Reglement van Orde gemeenteraad Tilburg 2023-1. De vragen gaan over de brandveiligheid van de Zwijsengarage en zijn ontvangen op 25 oktober 2023. De beantwoording ervan is met een bericht aan de raad verdaagd tot uiterlijk 12 januari 2024.
De vragen volgen op de beantwoording van eerdere raadsvragen over dit onderwerp van het raadslid, die zijn binnengekomen op 6 september 2023. Deze vragen en de beantwoording daarvan zijn via de volgende link te raadplegen: Bestuurs Informatie Systeem gemeente Tilburg.
Vraag 1 U schrijft in het antwoord bij vraag 1: “De oplaadpunten zijn dus niet allemaal op de begane grond geplaatst (er zijn er veel meer nodig dan er parkeerplekken zijn op de begane grond), maar het geheel voldoet wel aan alle brandweereisen.” Bedoelt u met “brandweer” de “Brandweer Midden- en WestBrabant”?
Antwoord 1 Met brandweer onder antwoord 1 wordt verstaan “Brandweer Midden- en West-Brabant”. Dit dient door de gehele beantwoording als zodanig gelezen te worden.
Vraag 2 Zijn deze “brandweereisen” conform het rapport IVF; “Brandveiligheid van parkeergarages met elektrisch aangedreven voertuigen” van juli 2021?
Antwoord 2 Deze rapportage, die opgesteld is door het Nederlands Instituut Publieke Veiligheid/NIPV (voorheen Instituut Fysieke Veiligheid), betreft een publicatie/handreiking waarin onderzoek is gedaan naar deze problematiek en bevat richtlijnen die bijdragen aan de brandveiligheid. Deze rapportage wordt betrokken in de advisering van de brandweer richting gemeente bij de vergunningaanvraag.
Vraag 3 Bent u bereid een (informatie-)bijeenkomst voor de Raad te organiseren waarin de “brandweer” een toelichting geeft over de gemaakte keuzes m.b.t. het veilig blussen van elektrische auto’s in onze parkeergarages.
Antwoord 3 Vanzelfsprekend zijn wij bereid om een informatiebijeenkomst te laten verzorgen als daar vanuit de raad om verzocht wordt.
Vraag 4 Wij lezen in de handreikingen ook dat er 10.000 liter water nodig is om één brandende elektrische auto te blussen, ofwel: het water van 5 brandweerauto’s, maar bij voorkeur een dompelbad. U geeft bij
antwoord 4 aan dat er geen dompelbad is. Waarom heeft u geen dompelbad laten aanbrengen, terwijl dat wél wordt geadviseerd? – Heeft dat te maken met de kosten?
Antwoord 4 In het antwoord op vraag 4 waar u naar verwijst wordt aangegeven dat andere voorzieningen voor brandbestrijding in de parkeergarage zijn getroffen. Deze zijn in overleg met de brandweer gerealiseerd.
U heeft het in uw vraagstelling over een ‘dompelbad’ in de garage terwijl in de handreiking een ‘dompelbak’ wordt bedoeld; een open container die achterop een bergingsvoertuig wordt geplaatst.
Met bergingsbedrijven en verzekeringsmaatschappijen zijn afspraken gemaakt dat deze ter plaatse komen met een dompelbak als dat noodzakelijk is in geval van een dergelijk incident. Zie foto ter illustratie:
Vraag 5 Het IVF geeft de volgende aanbevelingen (https://nipv.nl/wp-content/uploads/2022/03/20210715-IFVBrandveiligheid-parkeergarages-met-elektrisch-aangedreven-voertuigen-v2021.pdf): Er is langdurig veel water nodig om effectief te kunnen koelen; daarop zouden de bluswatervoorziening en waterwinning ingericht moeten zijn. Vraag: Is dit voorzien en is hiermee rekening gehouden. Zo ja: hoe? Zo nee: waarom niet?
Antwoord 5 Hier is rekening mee gehouden. Ten aanzien van bluswater heeft de brandweer een leidraad opgesteld.
Deze parkeergarage voldoet ruimschoots aan de uitgangspunten zoals omschreven in deze leidraad.
Vraag 6 Vervuild koel/bluswater vraagt aandacht met het oog op het milieu.
Vraag: op welke wijze wordt het vervuilde koelwater opgevangen en afgevoerd? We hebben het over 10.000 of meer liter!
Antwoord 6 Er zijn protocollen waarin beschreven staat door wie en op welke wijze verontreinigd blus/koelwater afgevoerd moet worden. Dit betreft maatregelen tegen verontreiniging via riool, grond en oppervlakte water.
Vraag 7 Positionering van elektrisch aangedreven voertuigen dicht bij de in- en uitritten en op straatniveau, maar niet bij de vluchtwegen en nooduitgangen.
Vraag: is dit advies wel voldoende opgevolgd? Welke afstandscriteria zijn hierbij van toepassing?
Antwoord 7 In deze parkeergarage geldt een maximale loopafstand van 60 meter (voortkomend uit Bouwbesluit 2012 artikel 2.102 lid 7). Hieraan wordt in het plan voldaan met 2 afzonderlijke trappenhuizen.
Daarnaast zijn de 2 spiraalvormige in- en uitritten ook te gebruiken als vluchtroute. Dit resulteert erin dat er nooit langs een brandend voertuig gevlucht hoeft te worden.
Vraag 8 Tenslotte moet er in de planvorming aandacht besteed zijn aan de wijze waarop een elektrisch aangedreven voertuig na blussing naar buiten kan worden verplaatst, om vervolgens bijvoorbeeld in een dompelbak met water langdurig (ca. 24 uur) te kunnen worden gekoeld. Vraag: op welke wijze wordt een in brand staan elektrische auto, uit de garage verwijderd, mede gezien de noodzakelijke langdurige koeling van de lithiumaccu’s en het beperken verder vrijkomen gevaarlijke rook/gassen?
Antwoord 8 Het is meestal niet mogelijk om een brandende auto te verplaatsen. De aanwezige watermistinstallatie zal ervoor zorgen dat de brand niet verder uitbreidt. Indien mogelijk doet de brandweer een poging tot blussen. Als blijkt dat een accupakket betrokken is bij de brand zal vervolgens worden bekeken of het voertuig verplaatst kan worden om deze verder te koelen in een dompelbak. Opgemerkt wordt dat de ervaring met dergelijke branden nog zeer beperkt is binnen brandweer Nederland dus scenario’s worden ook tijdens de blushandeling verder verkend op dat moment.
Vraag 9 Indeling in brandcompartimenten: Een parkeergarage kan worden ingedeeld in kleinere compartimenten. Dit kan bijvoorbeeld worden gedaan door muren of brandschermen te plaatsen.
Hierdoor kan een brand zich minder snel uitbreiden.
Vraag: Is dit toegepast?
Antwoord 9 Nee, als gelijkwaardigheid is hiervoor de watermistinstallatie toegepast. Deze biedt meer veiligheid dan de geldende eisen in het bouwbesluit (brandcompartimenten) Vraag 10 Bescherming van bouwconstructies: De bouwconstructie van een parkeergarage kan worden beschermd tegen de thermische belasting van een brand. Dit kan bijvoorbeeld worden gedaan door de constructie brandwerend te bekleden of zwaarder uit te voeren.
Vraag: Is dit toegepast?
Antwoord 10 Nee dit is niet toegepast, de watermistinstallatie zal er namelijk voor zorgen dat de temperatuur van brand laag blijft en dat de constructie door temperatuur niet aangetast wordt.
Vraag 11 Aanrijbeveiliging voor laadpalen: Laadpalen kunnen worden beschermd tegen aanrijdingen door een aanrijbeveiliging te plaatsen. Dit kan bijvoorbeeld een paaltje of een beschermbeugel zijn.
Vraag: Is dit toegepast?
Antwoord 11 Deze bescherming is niet toegepast. De verwachting is dat dergelijk risico tot schade aan de laadpalen minimaal is vanwege de gekozen positie van deze laadpalen. Een afweging van extra investering is in het kader van veiligheid versus de betaalbaarheid van de parkeergarage daarom vooralsnog op deze manier zo genomen.
Vraag 12 U schrijft bij antwoord 3: “De brandweer is tevreden met het opvolgen van het advies tot aanbrengen van een blusinstallatie en andere aanvullende installaties en voorzieningen zoals omschreven. ” Vraag: gezien onze controlerende taak als raadslid; waaruit blijkt dit?
Antwoord 12 De brandweer is om advies gevraagd in het kader van de vergunningaanvraag. Dit is een vast onderdeel in de beoordeling van dit soort aanvragen. De brandweer heeft zowel mondeling als schriftelijk aangegeven tevreden te zijn over de wijze waarop zij betrokken zijn in het proces. Hetzelfde geldt voor de manier waarop de gemeente omgaat met het advies brandveiligheid.
Wij nemen aan u hiermee voldoende te hebben geïnformeerd.
Het college,
mr. A. van Berckel, MBA gemeentesecretaris
drs. Th.L.N. Weterings burgemeester
Bekijk de brief: 02 Brief beantwoording schriftelijke vragen Brandveiligheid Zwijsengarage.pdf
Bron: raadsinformatie van de gemeente Tilburg (Open Raadsinformatie). De vragen en antwoorden zijn automatisch uit de brief gelezen; het origineel is leidend.