5 november 2024 · artikel 35-vragen · gemeente Tilburg

02 Brief beantwoording vragen vroegsignalering radicalisering

Een raadslid stelde op 5 november 2024 schriftelijke vragen aan het college van burgemeester en wethouders van Tilburg.

Brief van het college

Deze brief is niet in losse vragen en antwoorden uit te lezen. Hieronder staat de tekst; het origineel staat via de link.

Onderwerp Schriftelijke vragen over Vroegsignalering radicalisering

Aan de leden van de gemeenteraad

Portefeuillehouder Schriftelijke vragen D66: Vroegsignalering van Theo Weterings Radicalisering in Tilburg Postadres Postbus 90155 5000 LH Tilburg

Geachte raadsleden, Hierbij beantwoorden wij de schriftelijke vragen die door het raadslid J. Molenaar (D66) zijn gesteld op grond van het Reglement van Orde gemeenteraad Tilburg. De vragen gaan over Vroegsignalering van Radicalisering in Tilburg en zijn ontvangen op 7 oktober 2024.

Vraag 1 Bent u het met D66 Tilburg eens dat het vroegsignalering van radicalisering onverminderd actueel en belangrijk blijft voor de preventie van terrorisme en de veiligheid van onze gemeente?

Antwoord 1 Ja.

Vraag 2 (Her)kent de gemeente zich in het rapport van de inspectie?

Antwoord 2 Wij herkennen het beeld dat de inspectie schetst, mede doordat wij geregeld contact hebben met andere gemeenten over deze thematiek. Wij herkennen ons beperkt in de genoemde knelpunten.

Vraag 3 Hoe geeft de gemeente Tilburg vorm aan het proces van vroegsignalering van radicalisering? Is het daarvoor gebruikte Actieplan Voorkomen Radicalisering en Polarisatie (uit 2015?) nog voldoende actueel?

Antwoord 3 De wijze waarop wij vormgeven aan het proces van vroegsignalering van radicalisering staat beschreven in het 01 Actieplan voorkomen radicalisering_cnt.pdf (2015). De lijnen uit het dit actieplan zijn nog actueel. Het actueel houden en verspreiden van kennis én het onderhouden van een netwerk in de gemeente is essentieel en in die zin ‘tijdloos’. We rapporteren hier ook elk jaar over via de reguliere planning en control cyclus. Laatstelijk in de programmabegroting 2025, opengenomen onder Openbare orde en veiligheid als onderdeel van het aandachtsgebied zorg en veiligheid.

Vraag 4 Lukt het in Tilburg om alle partijen die zijn betrokken bij het proces van vroegsignalering aan tafel te krijgen, en hoe verloopt de samenwerking tussen o.a. de gemeente, politie, het Openbaar Ministerie, en andere relevante partners zoals scholen of zorginstellingen op dit onderwerp?

Antwoord 4 Ja, dat lukt. De ‘Weegploeg CTER’ (Contra Terrorisme, Extremisme, Radicalisering) is een overleg voor duiding en weging van signalen over mogelijk radicaliserende personen. Deelname aan de weegploeg is beperkt tot gemeente, politie en Openbaar Ministerie. Onze weegploeg is een goede en duurzame samenwerking. Als uit de weging een persoonsgericht casusoverleg volgt, betrekken wij in dat overleg

Datum 5 november 2024 Afdeling VEW / M. Rol Bezoekadres Stadhuisplein 130

andere partners (bijvoorbeeld onderwijs, zorgverleners). Wij ervaren geen problemen bij het betrekken van partners.

Vraag 5 In hoeverre maakt de gemeente Tilburg gebruik van objectieve criteria voor de beoordeling van signalen van radicalisering, zoals beschreven in het modelconvenant? Worden deze criteria consistent toegepast in alle gevallen?

Antwoord 5 Het toepassen van objectieve criteria kan in de praktijk soms lastig zijn. In de eerste plaats is bij een eerste signaal niet alle benodigde informatie beschikbaar, vaak komt pas gaandeweg meer informatie beschikbaar. Dat is overigens niet uniek voor casussen met betrekking tot radicalisering. Daarnaast is de informatie die er is, vaak verschillend te interpreteren. Om zo objectief mogelijk te werken, gaan we in de Weegploeg CTER primair uit van de methodische duiding door de Politie. Deze duiding wordt gedurende de looptijd van een casus telkens heroverwogen en eventueel bijgesteld. Wij vinden ook dat een afwegingskader zoveel mogelijk eenduidig moet zijn, de aanstaande wetgeving (zie antwoord 11) gaat daarvoor mogelijk houvast bieden.

Vraag 6 In de Tussenrapportage 2024 staat dat ‘De gegevensuitwisseling voor de persoonsgerichte aanpak van radicalisering nu geborgd [is] via een landelijk modelconvenant dat lokaal is toegepast en ondertekend door alle Hart van Brabant gemeenten’, een positieve ontwikkeling. Welke uitdagingen ervaart de gemeente Tilburg desondanks bij het verzamelen en uitwisselen van informatie in het kader van vroegsignalering, en hoe wordt omgegaan met wettelijke beperkingen rondom privacy en gegevensdeling?

Antwoord 6 Het landelijke modelconvenant is in Hart van Brabant sinds 2019 van kracht. Wij ervaren geen noemenswaardige beperkingen of uitdagingen bij de informatieverzameling en -uitwisseling met partners. De informatieverzameling en -uitwisseling berust op wettelijke grondslagen zoals opgenomen in het convenant. Op basis daarvan kunnen en mogen de kernpartners in de weegploeg informatie uitwisselen om te beoordelen of het terecht is een signaal als radicaliseringscasus te bestempelen. In deze constructie blijft de informatie in kleine kring en is er nog geen gezamenlijke dossiervorming. Dat voorkomt dat personen onterecht bekend zouden staan onder het label ‘radicalisering’.

Een terugkerend punt van discussie is de vraag wanneer betrokkenen op de hoogte gesteld moeten worden van het feit dat zij worden besproken (notificeren). Meerdere gemeenten ervaren hierin onduidelijkheid. Ook wij gaan ervan uit dat de aanstaande wetgeving hierin eenduidigheid gaat verschaffen.

Vraag 7 In 2024 heeft gemeente Tilburg aanvullende middelen ontvangen als onderdeel van de Specifieke uitkering versterkingsgelden aanpak radicalisering. Hoe worden deze middelen ingezet? Heeft de gemeente Tilburg hiermee voldoende capaciteit en expertise om signalen van radicalisering effectief te detecteren en te beoordelen? Zo niet, hoe wordt dit probleem aangepakt?

Antwoord 7 Wij ontvangen deze middelen voor inzet in de hele regio Zeeland-West-Brabant. Wij hebben (ambtelijk) geregeld afstemming met de andere gemeenten in de regio over de aanpak van radicalisering. De middelen worden ingezet voor bijeenkomsten voor professionals om kennis te bevorderen en bewustzijn te versterken, en voor ondersteuning bij (boven)lokale netwerkvorming. Een deel van de middelen wordt verstrekt in natura in de vorm van een tegoed aan trainingen bij het

Rijksopleidingsinstituut tegengaan Radicalisering (ROR). Voor de gemeente Tilburg beschikken we daarmee over voldoende capaciteit en expertise.

Vraag 8 Worden de meldpunten voor radicalisering in Tilburg voldoende zichtbaar en adequaat ingezet? In de Begroting 2025 wordt voorgesteld dat ‘om meer bewustzijn te creëren bij collega’s en partners en zicht te krijgen op omvang en uitingsvormen, geven wij presentaties en gaan wij met hen in gesprek.’ Is deze aanpak adequaat om ervoor te zorgen dat professionals in verschillende sectoren, zoals onderwijs en zorg, in staat zijn om radicalisering te herkennen en te melden?

Antwoord 8 In Tilburg (en Hart van Brabant) werken we niet met een algemeen meldloket. De ervaring leert dat professionals (en via hen ook inwoners) signalen bij voorkeur kenbaar maken aan personen die zij al kennen en/of makkelijk kunnen aanspreken (zoals een wijkagent of een docent). Door ieder jaar trainingen aan te bieden en presentaties te geven, stimuleren wij het bewustzijn en de laagdrempeligheid om zorgen en signalen te bespreken. Collega’s en partners kunnen wel rechtstreeks contact opnemen met de specialisten veiligheid van de gemeente Tilburg, die verantwoordelijk zijn voor het thema radicalisering en extremisme. Dit kan via het algemene emailadres [email protected], welke altijd wordt uitgelezen. De afkorting SOMS staat voor Sociale Onrust, Maatschappelijke Stabiliteit.

Vraag 9 Hoe waarborgt de gemeente Tilburg dat de aanpak van radicalisering integraal wordt uitgevoerd, en dat signalen niet vanuit een tunnelvisie door één organisatie worden beoordeeld?

Antwoord 9 In de Weegploeg CTER delen wij alle signalen die wij krijgen. Het duiden en wegen daarvan gebeurt in gezamenlijkheid. Waar nodig en gepast, hebben wij ook contact met collega’s en partners (jongerenwerk, school, zorg) om informatie in te winnen om de signalen beter te kunnen beoordelen.

Indien een signaal leidt tot een casusoverleg kunnen andere partners bij ieder overleg delen hoe zij de casus op dat moment beoordelen. De Weegploeg CTER bepaalt in zo’n geval (op basis van het convenant) welke partners nodig zijn en aan dat overleg mogen deelnemen.

Vraag 10 De inspectie meldt dat er een te grote fixatie op islamitische radicalisering.…

Bekijk de brief: 02 Brief beantwoording vragen vroegsignalering radicalisering

Bron: raadsinformatie van de gemeente Tilburg (Open Raadsinformatie). De vragen en antwoorden zijn automatisch uit de brief gelezen; het origineel is leidend.

Meer vragen aan het college van Tilburg

Alle artikel 35-vragen in Tilburg