13 juni 2023 · artikel 35-vragen · gemeente Tilburg

04 Beantwoording vragen Loting Coffeeshops

Een raadslid stelde op 13 juni 2023 schriftelijke vragen aan het college van burgemeester en wethouders van Tilburg.

Brief van het college

Deze brief is niet in losse vragen en antwoorden uit te lezen. Hieronder staat de tekst; het origineel staat via de link.

Onderwerp Art. 41 vragen Loting coffeeshops

Aan de leden van de gemeenteraad

E-mail [email protected] Postadres Postbus 90155 5000 LH Tilburg

Beste raadsleden, Hierbij beantwoorden wij de raadsvragen die door het raadslid I. Couwenberg (CDA) zijn gesteld op grond van artikel 41 van het Reglement van Orde gemeenteraad Tilburg 2022. De vragen gaan over ‘Loting Coffeeshops’ en zijn ontvangen op 12 juni 2023.

Vraag 1 Welke gegevens zijn er over de toekomstige bezoekers van de coffeeshops op de toekomstige locaties?

Welk gedeelte zijn kopers vanuit de omgeving van de coffeeshops? Welke gedeelte is afkomstig uit de stad en welk gedeelte komt uit de verre omgeving of uit het buitenland?

Antwoord 1 Over toekomstige bezoekers van toekomstige coffeeshops zijn geen gegevens of prognoses beschikbaar.

Naar de bezoekers van bestaande Tilburgse coffeeshops is onderzoek gedaan. Volgens het rapport ‘Shops in zicht’ van januari 2019, uitgevoerd door Breuer & Intraval, woont het merendeel (80%) van de bezoekers van de Tilburgse coffeeshops in Nederland. Of zij in Tilburg wonen is niet onderzocht; wel geeft 37% van de bezoekers als reden voor het bezoek van een van de Tilburgse shops aan dat het dicht bij huis is.1 De bezoekers die niet in Nederland wonen, komen hoofdzakelijk uit België (16%) en voor het overige (4%) gaat het voornamelijk om arbeidsmigranten en studenten die nog ingeschreven staan in het land van herkomst, maar in Nederland verblijven.

Vraag 2 Is het college het met het CDA eens dat een coffeeshop niet past op een kindvriendelijke locatie, centraal in de dorpshart, op korte afstand van diverse plekken waar heel veel kinderen komen?

Antwoord 2 Een van de lokale gedoogcriteria is dat een coffeeshop niet wordt gevestigd binnen een afstand van 250 meter van scholen en jongerencentra.2 Vestiging van een coffeeshop in winkelstraten of een winkel- of dorpscentrum is wel mogelijk, net zoals daar een slijterij kan worden gevestigd.

1

NB: Van deze 37% staat dus vast dat ze vlakbij de coffeeshop wonen. Dit betekent niet dat de andere bezoekers ver van de coffeeshop/ver van Tilburg wonen. Zij hebben andere redenen genoemd waarom ze een bepaalde shop bezoeken, bijvoorbeeld de kwaliteit van de producten of de sfeer in de shop. Bij het onderzoek is ook aan de bezoekers gevraagd wat zij zouden doen als zij in de coffeeshop die zij bezochten geen softdrugs meer zouden kunnen kopen. 84% van de bezoekers gaf aan dat zij in dat geval naar een andere Tilburgse coffeeshop zouden gaan. Dat doet vermoeden dat de overgrote meerderheid van de bezoekers uit Tilburg en (nabije) omgeving komt. 2 Over de ontwikkelingen betreffende de locatie op het Verdiplein aangaande dit criterium, stuur ik u afzonderlijk een bericht.

Datum 20 juni 2023 Afdeling V&W Bezoekadres Stadhuisplein 130

Vraag 3 Is de regel dat er geen coffeeshop mag komen binnen 250 meter van een school bedoeld om een coffeeshop niet in de directe leefomgeving van kinderen te houden? En geldt dit dan niet breder voor plekken waar veel kinderen komen?

Antwoord 3 Op dit moment wordt verkoop van softdrugs gedoogd. Deze shops zijn dan ook normale verkooppunten, zoals we ook verkooppunten voor alcohol en tabak hebben. Het afstandscriterium is niet bedoeld om uit te sluiten dat kinderen/jeugd ooit in de buurt van een coffeeshop kunnen komen.

Vraag 4 Op basis van welke criteria zijn de locaties getoetst en wat zijn de afwegingen geweest?

Antwoord 4 De locaties zijn getoetst aan de criteria die zijn opgesteld in het Coffeeshopbeleid Tilburg 2020. Deze criteria zijn opgesteld om overlast te voorkomen en om te zorgen dat de coffeeshops beter verspreid zijn binnen de gemeente. De criteria zijn:

- De coffeeshop mag niet binnen een afstand van 250 meter liggen van scholen, jongerencentra, andere coffeeshops, en centra voor daklozen- en of verslaafdenopvang;

- De locatie moet een horecabestemming hebben of kunnen krijgen;

- De locatie mag niet in een woonstraat liggen. Een coffeeshop mag wel als de bebouwing op de begane grond voor meer dan 50% bestaat uit bedrijvigheid;

- De locatie mag niet binnen de ringbanen liggen;

- De locatie mag niet in het buitengebied liggen;

- De locatie mag niet op bedrijventerreinen liggen;

- Er moet sprake zijn van voldoende beschikbare parkeergelegenheid in de directe omgeving.

Vraag 5 Op welke wijze is potentiële overlast ingeschat? Is hierbij een ondergrens geformuleerd wat het college acceptabel vindt aan overlast in de omgeving?

Antwoord 5 Uit het onderzoek ‘Shops in zicht’ van januari 2019, uitgevoerd door Breuer & Intraval, blijkt dat de ervaren overlast bij de bestaande coffeeshops bestaat uit verkeer- en parkeersproblematiek (verkeersopstoppingen, foutparkeren en te hard rijden), waarvan overigens niet steeds kan worden vastgesteld dat deze verband houdt met de coffeeshops. Om overlast te voorkomen, moet de exploitant in ieder geval zorgen voor:

- niet foutief of dubbel parkeren in de nabije omgeving van de zaak;

- geen lawaai / overlast in de vorm van muziek of ander luidruchtig gedrag;

- het trottoir niet blokkeren met rijwiel of scooter;

- geen afval afkomstig van de coffeeshop (wietzakjes) op straat;

- geen andere vorm van hinderlijk gedrag.

Door deze regels is beperkt sprake van overlast rondom de bestaande coffeeshops. De locaties die in beeld zijn voor vestiging van een nieuwe coffeeshop, hebben bovendien al een horecabestemming waarbij bedrijvigheid en aanloop van klanten gebruikelijk is. Ook is bij deze locaties voorzien in parkeermogelijkheden.

Vraag 6 Heeft er een weging plaats gevonden tussen meer en minder geschikte locaties?

Antwoord 6 Voor het openstellen van de procedure zijn de criteria (zie vraag 4) opgesteld waaraan een coffeeshoplocatie moet voldoen. Alle locaties zijn aan die criteria getoetst. Zo is vastgesteld welke locaties geschikt zijn en welke niet. Niet geschikte locaties deden niet mee in de loting. Tussen de geschikte locaties is vervolgens geloot omdat dat de meest objectieve manier is van verdeling.

Vraag 7 Waarom is er in deze procedure gekozen voor loting?

Antwoord 7 Dit is een zo objectief mogelijke manier van selectie uit de geschikte locaties.

Vraag 8 Op welke voorwaarden wordt de vergunningsaanvraag getoetst?

Antwoord 8 We toetsen aan alle basisvereisten bij een vergunningsaanvraag, zoals de volledigheid van de aanvraag en of de activiteit (in dit geval horeca) passend is binnen de bestemming. Daarnaast wordt getoetst aan de vestigingscriteria in het coffeeshopbeleid. Ook worden de wijze van financiering en de zakelijke samenwerkingsverbanden onderworpen aan de bibob-toets om na te gaan of een vergunning niet wordt misbruikt voor criminele activiteiten.

Vraag 9 Is er een noodzaak voor een omgevingsdialoog in deze vergunningsprocedure?

Antwoord 9 Een omgevingsdialoog is niet vereist in de procedure voor een exploitatievergunning, maar in de ‘richtlijn omgevingsdialoog bij ruimtelijke plannen’ is wel opgenomen dat een omgevingsdialoog ‘noodzakelijk is als het gaat om maatschappelijke en/of gevoelige voorzieningen of bij ontwikkelingen met een groot effect op de omgeving, die passend zijn in het bestemmingsplan’. In lijn met deze richtlijn draagt de burgemeester de ondernemers op om een omgevingsdialoog te voeren. Daarnaast is de burgemeester in gesprek met de wijkpartners over de zorgen en signalen die we ontvangen. Tot slot wordt de ondernemer, als de vergunning wordt verleend, verplicht om een kennismakings- en informatiebijeenkomst te organiseren voor de omgeving.

Vraag 10 Is het mogelijk om vanuit de gemeente eisen te stellen aan de exploitant om te overleggen met de

omgeving?

Antwoord 10 Ja, zie ook het antwoord op vraag 9. Voor de vergunningaanvraag dient de ondernemer een omgevingsdialoog te voeren en in de vergunning wordt als voorwaarde opgenomen dat de ondernemer een kennismakings- en informatiebijeenkomst moet organiseren voor de omgeving.

Vraag 11 Is de gemeente bereid een rol te nemen in dit overleg met de omgeving?

Antwoord 11 Ja, daartoe zijn we bereid, zie ook het antwoord op de vragen 9 en 10. Als gemeente zijn wij daarnaast dagelijks in de wijken. Onze omgevingsmanagers en wijkadviseurs staan bijvoorbeeld continu in contact met bewoners en ondernemers.

Vraag 12 Heeft de raad hier nog zeggenschap over?

Antwoord 12 Het verlenen van een vergunning waarmee een coffeeshop kan worden geëxploiteerd, is een bevoegdheid van de burgemeester. De burgemeester heeft voor het vaststellen van het coffeeshopbeleid input en aandachtspunten opgevraagd aan de raad (bijeenkomst 22 juni 2020).

Vervolgens heeft de burgemeester de raad geïnformeerd over het nieuwe coffeeshopbeleid (Burgemeestersbesluit van 1 juli 2020 tot vaststellen van het Coffeeshopbeleid Tilburg 2020 en raadsinformatiebrief van 10 juli 2020) en over de (voortgang van de) procedure tot vestiging van nieuwe coffeeshops (raadsinformatiebrieven van 12 april en 12 oktober 2022 en 26 mei 2023).…

Bekijk de brief: 04 Beantwoording vragen Loting Coffeeshops

Bron: raadsinformatie van de gemeente Tilburg (Open Raadsinformatie). De vragen en antwoorden zijn automatisch uit de brief gelezen; het origineel is leidend.

Meer vragen aan het college van Tilburg

Alle artikel 35-vragen in Tilburg