vragen VVGB Zonneveld De Oude Venen.pdf
Een raadslid stelde op 20 januari 2026 schriftelijke vragen aan het college van burgemeester en wethouders van Tubbergen.
Brief van het college
Deze brief is niet in losse vragen en antwoorden uit te lezen. Hieronder staat de tekst; het origineel staat via de link.
Beantwoording vragen commissie R&E 13 januari 2026 Onderwerp: VVGB Zonneveld De Oude Venen Tijdens de commissievergadering zijn een aantal vragen nog niet (volledig) beantwoord.
Deze vragen worden hierbij schriftelijk van een reactie voorzien.
Vragen:
•
•
•
•
•
•
•
•
•
•
Is duidelijk wat het toekomstig energieverbruik van het park is?
Is duidelijk wat er aan elektriciteit opgewekt wordt?
Hoe wordt geborgd dat het in hoofdmoot voor eigen gebruik zal worden gebruikt?
Hoe is duidelijkheid verkregen dat de huidige aansluiting niet verzwaard kan worden?
Hoe wordt het opgewekte overschot aan elektriciteit in de zomer verwerkt/afgezet?
Hoe voorkomt het college precedentwerking voor andere zonneparken?
Klopt het dat de raad wettelijk bevoegd is om de ontwerp en definitieve VVGB af te geven?
Welke consequenties ziet het college als de raad besluit het definitieve besluit zelf te nemen?
Is het college genegen om de definitieve besluitvorming over deze aanvraag aan de raad voor te leggen?
Wat is de stand van zaken van het fietspad van De Pollen naar Bruinehaar?
Reactie:
Met de vergunningaanvraag wordt een tijdelijk zonneveld aangevraagd om te voorzien in de eigen energiebehoefte van het recreatiepark. De huidige netaansluiting is onvoldoende om het recreatiepark van elektriciteit te voorzien. Omdat het zonneveld binnen de agrarische bestemming ligt, is het aangevraagde project qua gebruik in strijd met het omgevingsplan en wordt een tijdelijke afwijking van dit gebruik gevraagd (binnen het recreatiepark kunnen zonnepanelen vergunningsvrij geplaatst worden). Deze afwijking hebben wij te beoordelen op alle relevante aspecten die betrekking hebben op de ruimtelijke ordening. Dit is gemotiveerd in de ruimtelijke onderbouwing. Hieruit volgt dat het project ruimtelijk aanvaardbaar is. De belangen van omwonenden zijn daarbij meegenomen.
De technische werking van het zonneveld is voor de vergunning geen toetsingsgrond. De initiatiefnemer heeft berekeningen (zie bijlagen) laten uitvoeren voor het toekomstige energieverbruik en de hoeveelheid opgewekte elektriciteit, maar deze maken geen onderdeel uit van de aanvraag. Dit geldt ook voor de opslag van de energie. Deze worden daarom niet meegenomen in de beoordeling van de aspecten die gaan over “een goede ruimtelijke ordening”. Wij hebben geen redenen te twijfelen aan de technische uitvoering van het project. Dit is geheel voor rekening en risico van de initiatiefnemer.
We vergunnen alleen wat wordt aangevraagd. Het zonneveld mag dus alleen voor de energiebehoefte van het recreatiepark gebruikt worden. Door de netbeheerder is ook aangegeven dat het niet mogelijk is om de opgewekte elektriciteit terug te leveren aan het stroomnet. Na afloop van de termijn van de tijdelijke vergunning wordt teruggevallen op de huidige agrarische bestemming en moet het zonneveld verwijderd worden en de locatie in de oorspronkelijke staat hersteld. Wel kan altijd een nieuwe aanvraag gedaan worden welke op dat moment opnieuw getoetst moet worden.
Ten aanzien van een mogelijke precedentwerking wordt opgemerkt dat wanneer er vergelijkbare aanvragen gedaan worden welke passen binnen het beleid en ruimtelijk aanvaardbaar zijn, medewerking in principe mogelijk is. Dit zal per geval getoetst moeten worden.
Voor het verlenen van de tijdelijke omgevingsvergunning is het college het bevoegd gezag. Aangezien er bij voorliggende ontwikkeling sprake is van “niet-agrarische bedrijfsactiviteiten” is er op grond van het Delegatiebesluit 2017 wel een Verklaring van geen bedenkingen van de raad nodig voordat de tijdelijke omgevingsvergunning kan worden verstrekt. De raad kan de benodigde Verklaring van geen bedenkingen alleen weigeren ten aanzien van aspecten die gaan over een “goede ruimtelijke ordening”. De technische werking van het zonneveld valt hier niet onder.
Om de proceduretermijn zoveel mogelijk te bekorten binnen de wettelijke kaders is de raad voorgesteld de ontwerp Verklaring van geen bedenkingen tevens aan te merken als de definitieve Verklaring van geen bedenkingen, indien er geen zienswijzen worden ingediend. Indien er wel zienswijzen worden ingediend, zal de Verklaring van geen bedenkingen opnieuw aan de raad worden voorgelegd. De raad kan zelfstandig besluiten om het definitieve besluit op de Verklaring van geen bedenkingen sowieso zelf te willen nemen. De consequentie hiervan is wel dat de doorlooptijd van de aanvraag aanzienlijk verlengt wordt (ca. 1,5 – 2 maanden) ten opzichte van besluitvorming in het college.
Er is op dit moment geen initiatief gaande voor het fietspad van De Pollen naar Bruinehaar. Dit is reeds eerder gecommuniceerd naar aanleiding van vragen hierover.
Bekijk de brief: Beantwoording vragen VVGB Zonneveld De Oude Venen.pdf
Bron: raadsinformatie van de gemeente Tubbergen (Open Raadsinformatie). De vragen en antwoorden zijn automatisch uit de brief gelezen; het origineel is leidend.