vragen ONS Brielle windproject Haringvlietdam V3
Een raadslid stelde op 6 april 2023 schriftelijke vragen aan het college van burgemeester en wethouders van Voorne aan Zee.
Brief van het college
Deze brief is niet in losse vragen en antwoorden uit te lezen. Hieronder staat de tekst; het origineel staat via de link.
INTERN BERICHT Datum Van Voor Onderwer p
: : : :
6 april 2023 Herbert Faber Leden Commissie Ruimte Vragen fractie ONS Brielle over de windprojecten in Brielle en Hellevoetsluis
Vragen ONS Brielle n.a.v. agendapunt 5 Commissie Ruimte d.d. 6 april 2023 Brief Klankbordgroep Windturbines Haringvlietdam, Vervolgadvies Ontwerpbestemmingsplan Windturbines Haringvlietdam Vraag 1) Is het college op de hoogte van de recente uitspraak van de rechtbank in Roermond (zie bijlage), waarbij de rechter de vergunning voor Windpark Holtum Noord heeft vernietigd op grond van de uitspraken van het Europees Hof (Nevele arrest) en de Raad van State (Delfzijluitspraak)?
Bij de aanleg van een windpark moet sinds de Delfzijluitspraak van 30 juni 2021 duidelijk worden onderbouwd waarom de gehanteerde normen voor dat specifieke windpark gelden.
Sindsdien mogen geen algemene regels meer worden gebruikt. Het rijk werkt aan nieuwe regels.
Vraag 2): Welke gevolgen heeft deze uitspraak voor de mogelijke vergunningen voor het windpark Haringvliet en het windpark N57 nabij Brielle?
Op 12 februari heeft de heer De Jong ingesproken over de plaatsing van de twee windturbines in de Ondernemerspolder te Brielle. De heer De Jong heeft in zijn betoog een aantal vragen gesteld. De fractie van ONS Brielle is benieuwd naar de antwoorden op deze vragen. Onderstaand de – voor de vragen - relevante onderdelen van het betoog én de betreffende vragen. Gaarne ontvangt ONS Brielle de antwoorden op deze vragen. ‘…. hoor ik nu dat u de vergunning wel moet verlenen omdat anders de provincie de regie opnieuw oppakt’.
Vraag 3): Wat gaat het college anders doen dan de provincie? ‘Het zou u sieren als u zou knokken voor uw inwoners, alle mogelijke manieren zou gebruiken deze plannen tegen te houden tot er nieuwe, betere normen zijn. Deze normen kan de gemeente zelf opstellen en als eis opnemen’.
Vraag 4): Waarom kiest u niet voor het vormen van goede normen maar kopieert u de oude?
Beantwoording:
Vraag 1) Is het college op de hoogte van de recente uitspraak van de rechtbank in Roermond (zie bijlage), waarbij de rechter de vergunning voor Windpark Holtum Noord 1
heeft vernietigd op grond van de uitspraken van het Europees Hof (Nevele arrest) en de Raad van State (Delfzijluitspraak)?
Antwoord: Ja Vraag 2) Welke gevolgen heeft deze uitspraak voor de mogelijke vergunningen voor het windpark Haringvliet en het windpark N57 nabij Brielle?
Antwoord: Geen.
De genoemde uitspraak van de rechtbank in Roermond gaat over het windproject Holtum Noord in de gemeente Sittard – Geleen. Kortgezegd komt het er in die casus op neer dat de gemeente heeft betoogd dat het windpark (het gaat hier om 3 windturbines) onder de overbruggingsregeling valt. Daarom zijn er geen zelfstandige normen opgesteld voor dit project. Wel heeft de gemeente maatwerkvoorschriften gesteld voor geluid onder het Activiteitenbesluit. De Rechtbank stelt echter dat dit niet afdoende is. Het windturbinepark valt, ondanks dat sprake is van een verleende vergunning, naar het oordeel van de rechtbank niet onder de overbruggingsregeling in het Activiteitenbesluit. Er zou een eigen normstelling voor geluid, slagschaduw, veiligheid en lichtschittering (de onderwerpen uit het Activiteitenbesluit) moeten worden opgenomen. Een situatie die niet vergelijkbaar is met de situatie in Hellevoetsluis en Brielle.
Voor het windproject op de Haringvlietdam zijn lokale normen opgesteld. Bovendien komen daar 2 windturbines, dus ook vanuit dat perspectief (er is geen sprake van een windpark) is de casus niet vergelijkbaar en is er geen vereiste om lokale normen te stellen.
In het windproject Brielle is eveneens sprake van 2 windturbines, waardoor het Activiteitenbesluit en -regeling nog steeds van toepassing is en er geen noodzaak is tot het stellen van specifieke lokale normen voor het windproject. Dus ook vanuit dat perspectief is de casus niet vergelijkbaar en is er geen vereiste om lokale normen te stellen.
Vraag 3) Wat gaat het college anders doen dan de provincie?
Antwoord: De provincie is bevoegd gezag voor de omgevingsvergunningen van windprojecten van 5 t/m 100 MW. De provincie kan per project deze bevoegdheid delegeren aan gemeenten en dat is voor de windprojecten in Brielle en Hellevoetsluis ook gedaan. Maar de provincie kan deze bevoegdheid terugnemen wanneer gemeenten niet aan hun inspanningsverplichting voldoen. Als de provincie het bevoegd gezag terug neemt zal er mogelijk minder aandacht zijn voor participatie en lokale belangen. De provincie maakt immers een belangen afweging over haar hele grondgebied. Het college staat dichter bij het belang van haar inwoners en zal daar meer aandacht voor hebben.
Vraag 4) Waarom kiest u niet voor het vormen van goede normen maar kopieert u de oude?
Antwoord: De algemene regels voor winturbines in het Activiteitenbesluit milieubeheer en de Activiteitenregeling milieubeheer zijn rijksregels die gebaseerd zijn op wetenschappelijk onderzoek naar milieugevolgen. De Raad van State heeft op 30 juni 2021 in een zaak over 2
een windproject in Delfzijl geoordeeld dat deze regels buiten toepassing gelaten moeten worden voor windparken (windprojecten van 3 of meer turbines), omdat bij het vaststellen van deze regels niet de juiste procedure was gevolgd. Volgens een EU-richtlijn had een milieueffectrapport (MER) moeten worden gemaakt. De Raad van State komt hiermee terug op een uitspraak uit 2019. Toen oordeelde zij dat voor dezelfde rijksregels geen milieueffectrapport hoefde te worden gemaakt. Door een nieuw arrest van het Europese Hof van Justitie (Nevele arrest) is de uitspraak van 30 juni 2021 over het project Delfzijl tot stand gekomen.
Voor het project in Hellevoetsluis worden de bestaande normen niet gekopieerd. De ‘oude’ normen gingen uit van een geluidsnorm van 47 dB Lden. In het ontwerpbestemmingsplan windturbines Haringvlietdam wordt een geluidsnorm van 45 dB Lden gesteld met onder meer aanvullende toetspunten en eis ten aanzien van laagfrequent geluid., In de analyse voor normen is specifiek gekeken of er een noodzaak was voor een aparte slagschaduwnorm voor bijvoorbeeld recreatiewoningen, waarvoor in de ‘oude’ normen geen norm is gesteld. Daarnaast is er voor de strandpaviljoens Boelies en Shamrock Inn een aanvullende norm slagschaduw in het bestemmingsplan vastgelegd van maximaal 30 minuten per jaar in het hoogseizoen vanaf 1 mei tot en met 15 september. En is er een automatische stilstandsvoorziening voor overschrijding van de normen voor slagschaduw verplicht gesteld. Kortom, door naar de omgeving te luisteren en in overleg te treden met de ontwikkelaar worden strengere normen gehanteerd, dan de oude.
De nieuwe landelijke normen worden eind 2023 vastgesteld. Naar verwachting zijn de vergunningen voor de windprojecten in Hellevoetsluis en Brielle dan nog niet onherroepelijk. Mocht er aanleiding toe zijn dan kunnen de vergunningen (en in Hellevoetsluis het bestemmingsplan) daarop worden aangepast.
3
Bekijk de brief: Beantwoording vragen ONS Brielle windproject Haringvlietdam V3
Bron: raadsinformatie van de gemeente Voorne aan Zee (Open Raadsinformatie). De vragen en antwoorden zijn automatisch uit de brief gelezen; het origineel is leidend.