11 april 2024 · artikel 35-vragen · gemeente Voorschoten

Aanvullende vragen Index GR'

Een raadslid stelde op 11 april 2024 schriftelijke vragen aan het college van burgemeester en wethouders van Voorschoten.

Brief van het college

Deze brief is niet in losse vragen en antwoorden uit te lezen. Hieronder staat de tekst; het origineel staat via de link.

Technische vragen over lopende agendapunten

Datum

24 januari 2024

Steller vragen

Arnold Posthuma

Over agendapunt

Commissie P&C d.d. 25 januari 2024 Motie Oegstgeest kaderstelling gemeenschappelijke regelingen

Met het oog op transparantie en verheldering van de financiële relatie tussen GR-en en gemeente(raad) stelt de PvdA het op prijs nog enkele aanvullende (technische) vragen te stellen in aansluiting op onze eerdere vragen van 22 januari 2024. Deze vragen zijn tot stand gekomen na lezing van diverse documenten van raadsvergaderingen van de afgelopen jaren over zienswijzen GR-en van recente rapporten van o.a. de Nederlandse Bank en Miljoenennota's. 1 Is het advies van de bestuurlijke werkgroep FKGR vanaf de begrotingen 2022 van de verschillende GR-en leidend geweest bij de totstandkoming en vaststelling van hun begrotingen voor de verschillende begrotingsjaren vanaf 2022 – 2024 daar waar het gaat om de gehanteerde samengestelde index gebaseerd op 75% loonontwikkeling en 25% materieel (imoc)?

Antwoord vraag 1.

De Werkroep WKGR geeft 2 indexen af: index voor prijzen en index voor lonen. Deze dienen de GR-en afzonderlijk toe te passen op de lonen en overige kosten. De samengestelde index is alleen om een beeld te geven wat het gemiddeld bij een GR betekent. Gemiddeld komt dit bij de gemeenschappelijke regelingen neer op 75%:25%. Het is niet zo dat de GR-en hun begroting dus zonder meer met 9,25% mogen laten toenemen. Per GR pakt dat anders uit/ heeft dat anders uitgepakt. 2 Is het juist dat de door deze werkgroep vastgestelde samengestelde index als volgt luidde:

Begrotingsjaar 2022: 1.325% Begrotingsjaar 2023: 3.46% Begrotingsjaar 2024: 6.92% Begrotingsjaar 2025: 9.25% Antwoord vraag 2.

Zie antwoord hierboven. Er worden twee indexen afgegeven. Die afzonderlijk moeten worden toegepast. Bij weging 75%:25% is bovenstaande correct. 3 Is het juist dat het via het gemeentefonds door Voorschoten ontvangen bedrag gebaseerd is op de volgende samengestelde index (zie uw antwoord op onze vraag 4).

Begrotingsjaar 2022: 4.625% Begrotingsjaar 2023: 3.805% Begrotingsjaar 2024: 5.9% (raming Miljoennota 2024; 75% loon, 25% imoc)) Begrotingsjaar 2025: 4.4% (idem) 1

Technische vragen over lopende agendapunten

Antwoord vraag 3.

Nee, het rijk hanteert andere verhoudingen. Het hanteert naast een loon en prijs-index ook een indexpercentage voor investeringen.

In de bepaling van de hoogte van de uitkering zijn de genoemde percentages wel de percentages waar het rijk mee heeft gerekend. Tenminste voor dat deel van de algemene uitkering dat betrekking heeft op de gemeentelijke uitgaven lonen en gemeentelijke uitgaven voor materiële kosten. Zo is dat aangegeven in de circulaires.

Feitelijk ontvangen zijn alleen de inkomsten algemene uitkering 2022 en 2023. In respectievelijk 2024 (algemene uitkering 2022) en 2025 (algemene uitkering 2023) vind de definitieve afrekening over die uitkeringsjaren plaats.

4 Indien dit de juiste cijfers en ramingen zijn, kunt u dan bevestigen dat uw tabel bij antwoord 4 van onze technische vragen van 22 januari er inclusief de jaren 2024 en 2025 onder de streep als volgt uitziet. Zo niet, kunnen dan de juiste cijfers worden gegeven inclusief toelichting. 2022 2023 2024 2025 Gecombineerde -3.3% -0.345% +1,02% +4.85% index Antwoord vraag 4.

Nee, zie vorige vraag. 5 Geeft deze cijferopstelling aanleiding tot bijstelling van uw antwoord op onze vraag 3 van 22 januari 2025?

Antwoord vraag 5 Nee. 6 Zijn de onderlinge regels tussen GR-en en gemeentes zodanig geformuleerd dat de raad de facto bij behandeling van de kaderbrief 2025 geen mogelijkheid heeft niet in te stemmen met het in het memo van Oegstgeest genoemde percentage van 9.25%?

Antwoord vraag 6 De kaderbrief wordt door de bestuurlijke werkgroep WKGR vastgesteld en namens de 18 gemeenten gezonden aan de gemeenschappelijke regelingen Hollands Midden. Op dit moment is daarin geen inbreng van de raden.

De Gemeenteraden kunnen hun kader stellende rol invullen middels een zienswijze op de begroting die door een GR wordt ingediend. (Alleen gemeenschappelijke regeling Hecht komt al eerder in de raden om een zienswijze op de kaderbrief). Pas daarna 2

Technische vragen over lopende agendapunten

nemen de AB’s een definitief besluit op de begroting. Tot die tijd is niets definitief en is de kaderbrief richtinggevend.

3

Bekijk de brief: Beantwoording vragen 646 PvdA over Aanvullende vragen Index GR'

Bron: raadsinformatie van de gemeente Voorschoten (Open Raadsinformatie). De vragen en antwoorden zijn automatisch uit de brief gelezen; het origineel is leidend.

Meer vragen aan het college van Voorschoten

Alle artikel 35-vragen in Voorschoten