veiligheid stations Voorschoten
Een raadslid stelde op 26 september 2024 schriftelijke vragen aan het college van burgemeester en wethouders van Voorschoten (6 vragen).
In het kort
6 vragen en wat het college antwoordt
- Heeft het college zicht op de oorzaken van deze toenemende incidenten? → 1.
- Is het college in gesprek met Prorail om deze incidenten te bespreken en met Prorail te verkennen welke maatregelen mogelijk zijn? → Zo nee, zou het college dit gesprek willen aangaan?
- Wanneer wordt het onderzoek naar het instellen van cameratoezicht afgerond? → Kunnen de resultaten daarvan met de raad worden gedeeld?
- Is het college op basis van het onderzoek van mening dat cameratoezicht op dit moment noodzakelijk geacht wordt ter bescherming van de openbare orde bij de stations en… → 4.
- Zou cameratoezicht zowel bij Station De Vink als bij Station Voorschoten ingezet kunnen worden? → Zie beantwoording vraag 3 en 4 Vraag
- Welke andere maatregelen neemt het college om de veiligheid op stations te waarborgen? → 6.
Overgenomen uit de brief van het college; hieronder staan de volledige vragen en antwoorden.
Vragen en antwoorden
Vraag 1
Heeft het college zicht op de oorzaken van deze toenemende incidenten?
Antwoord van het college
1. Dankzij de fysieke omgeving en de gunstige ligging ten opzichte van uitvalswegen naar snelwegen etc. zijn stations in potentie een gelegenheid voor het plegen van delicten. Dit is op alle stations in het land zichtbaar en merkbaar. Daar is Voorschoten geen uitzondering op. Vraag
Vraag 2
Is het college in gesprek met Prorail om deze incidenten te bespreken en met Prorail te verkennen welke maatregelen mogelijk zijn?
Antwoord van het college
Zo nee, zou het college dit gesprek willen aangaan? Antwoord 2. Er worden geen gesprekken gevoerd met ProRail omdat de gebieden rondom het station in eigendom zijn van de Nederlandse Spoorwegen. Het station, het spoor en het spoorbeheer ligt bij ProRail. Vanwege de autobranden bij Station De Vink is om die reden contact geweest met de Nederlandse Spoorwegen om de situatie te bespreken en te verkennen wat er nodig en mogelijk is. Vraag
Vraag 3
Wanneer wordt het onderzoek naar het instellen van cameratoezicht afgerond?
Antwoord van het college
Kunnen de resultaten daarvan met de raad worden gedeeld? Antwoord 3. De autobranden bij Station De Vink betreft mogelijk een incident. Gelet hierop, en het algehele veiligheidsbeeld, is er geen enkele grond om over te gaan tot cameratoezicht. Er heeft geen onderzoek naar plaatsing van camera’s plaatsgevonden, derhalve kunnen de resultaten ook niet met de raad worden gedeeld. De Gemeentewet schrijft voor wat de voorwaarden zijn voor dergelijk cameratoezicht. Uit de Gemeentewet volgt dat camera’s opgehangen mogen worden als dit noodzakelijk is in het kader van de bescherming van de openbare orde binnen een specifiek gebied in een situatie waarbij verstoring van de openbare orde plaatsvindt. Dit betekent dat er een concrete aanleiding moet bestaan waarom cameratoezicht noodzakelijk is. De burgemeester zal deze bevoegdheid inzetten mocht hier in de toekomst aanleiding toe bestaan. We mogen ons gelukkig prijzen dat dergelijke ingrijpende maatregelen, als cameratoezicht, op dit moment niet nodig is. Vraag
Vraag 4
Is het college op basis van het onderzoek van mening dat cameratoezicht op dit moment noodzakelijk geacht wordt ter bescherming van de openbare orde bij de stations en kan de burgemeester daarom op korte termijn van haar bevoegdheid gebruik maken?
Antwoord van het college
4. Zoals aangegeven bij vraag 3 is de veiligheidssituatie gelukkig van dien aard dat cameratoezicht niet noodzakelijk is. Voor de invoering (of continuering) van cameratoezicht moet een noodzaak zijn. Dit houdt in dat er sprake moet zijn van een openbaar gebied waarin zich regelmatig onveilige situaties voordoen en waar eerdere maatregelen niet het gewenst effect hebben gehad. Dit vanwege het feit dat cameratoezicht een inbreuk kan betekenen op het recht op privacy van een relatief grote groep gebruikers van de openbare ruimte. Vraag
Vraag 5
Zou cameratoezicht zowel bij Station De Vink als bij Station Voorschoten ingezet kunnen worden?
Antwoord van het college
Zie beantwoording vraag 3 en 4 Vraag
Vraag 6
Welke andere maatregelen neemt het college om de veiligheid op stations te waarborgen?
Antwoord van het college
6. De veiligheid op de stations is in de eerste plaats een verantwoordelijkheid en bevoegdheid van ProRail als eigenaar van het station. Het gebied rondom het station is in eigendom van de Nederlandse Spoorwegen. Dat neemt uiteraard niet weg dat daar waar nodig gemeente, Nederlandse Spoorwegen en ProRail intensief met elkaar optrekken en samenwerken. Het treinongeval van 4 april 2023 is daar een voorbeeld van. In algemene zin zijn er op dit moment geen veiligheidsvraagstukken op de stations in Voorschoten. Voor wat betreft de veiligheid rondom de stations wordt er samengewerkt met de Nederlandse Spoorwegen als eigenaar van de grond, politie, handhavers en gemeente Leiden; daar waar het gaat over station De Vink. De handhavers en wijkagenten zorgen ervoor regelmatig duidelijk zichtbaar (en onzichtbaar) aanwezig te zijn. In de afgelopen periode kunnen we constateren dat er grote capaciteit is ingezet bij de aanhouding van verdachten bij woninginbraken, fietsdiefstallen en recentelijk de aanhouding van een verdachte voor het stelen van de autodeuren bij station Voorschoten. De politie stuurt voor een groot deel op basis van informatie. Hier wordt ten aanzien van heel Voorschoten continu op gemonitord. Daarnaast wordt op basis van (sociale)media berichtgeving inwoners gevraagd tot het melden van verdachte situaties en beeldmateriaal ter beschikking te stellen ten aanzien van bewijs.
Bekijk de brief: Beantwoording schriftelijke vragen 369 VVD over veiligheid stations Voorschoten
Bron: raadsinformatie van de gemeente Voorschoten (Open Raadsinformatie). De vragen en antwoorden zijn automatisch uit de brief gelezen; het origineel is leidend.