14 december 2023 · artikel 35-vragen · gemeente Waterland

de legesverordening

Een raadslid stelde op 14 december 2023 schriftelijke vragen aan het college van burgemeester en wethouders van Waterland (1 vragen).

In het kort

1 vragen en wat het college antwoordt

  • 3 Rij bewijzen € 79.671 € 71.962 90,32% paragraaf 1.5 Verstrekkingen in het kader van de basisregistratie persoonsgegevens € 22.162 € 12.618 56,94% paragraaf 1.7 Overige… → Antwoord vraag 1: Neen, deze redenatie klopt niet.

Overgenomen uit de brief van het college; hieronder staan de volledige vragen en antwoorden.

Aanleiding

RAADSVRAGEN ZONDER ANTWOORD

Nummer Onderwerp Portefeuillehouder Datum

: 152-102 : legesverordening 2024 : Roland Wolters : 1 december 2023

Vragen van de fractie van WaterlandNatuurlijk aan het college van burgemeester en wethouders.

Aanleiding/toelichting:

Naar aanleiding van de beoordeling van het raadsvoorstel 152-98, Verordening op de heffing en invordering van leges 2024 heeft de Fractie WaterlandNatuurlijk een aantal vragen. Voor de duidelijkheid de verbeterde begroting 2024 is opgesteld op 19 oktober 2023 en 9 november 2023 heeft de raad zijn goedkeuring gegeven en dan krijgen we de verordening gedateerd op 21 december 2023 waarin de wethouder aangeeft dat de cijfers van de verordening afwijken van de begroting, omdat er nog gewerkt werd aan de nieuwe indeling en cijfers van de Omgevingswet en de overige tarieven. En die toevoeging is terug te leiden naar de begroting pagina 44 waar bij de Titel Fysieke leefomgeving/omgevingsvergunning geen specificatie is gegeven van de kosten en inkomsten.

Maar dat vermeld hebbende zou je mogen verwachten dat de gegevens van hoofdstuk 1: Algemene Dienstverlening wel juist zijn en wat schets onze verbazing, in de begroting, pagina 43 staat deze specificatie:

Titel 1 Algemene dienstverlening

Kosten Opbrengsten Kostendekking

paragraaf

1

Burgerlijke stand

€ 59.506

€ 38.243

64,27%

paragraaf

2

Reisdocumenten en Nederlandse identiteitskaart

€ 61.147

€ 45.096

73,75%

paragraaf

3

Rijbewijzen

€ 77.505

€ 73.812

95,24%

paragraaf

4

Verstrekkingen in het kader van de basisregistratie persoonsgegevens

€ 11.042

€ 6.830

61,85%

paragraaf

7

Overige publiekszaken

€ 7.964

€ 5.529

69,42%

paragraaf

9

Bijzondere wetten

€ 13.522

€ 11.053

81,74%

paragraaf

10 Diversen

€ 8.749

€ 8.726

99,74%

€ 239.435

€ 189.289

79,06%

Kostendekking Titel 1

Dan zou je verwachten dat deze specificatie ongewijzigd blijft, maar wanneer we dan kijken naar de verordening zoals beschikbaar gesteld dan zien we de volgende gegevens:

Hoofdstuk 1 Algemene dienstverlening

Kosten Opbrengsten Kostendekking

paragraaf

1.1

Burgerlijke stand

€ 40.400

€ 17.770

43,99%

paragraaf

1.2

Reisdocumenten en Nederlandse identiteitskaart

€ 257.903

€ 224.753

87,15%

paragraaf

Vragen en antwoorden

Vraag 1

3 Rij bewijzen € 79.671 € 71.962 90,32% paragraaf 1.5 Verstrekkingen in het kader van de basisregistratie persoonsgegevens € 22.162 € 12.618 56,94% paragraaf 1.7 Overige publiekszaken € 71.570 € 37.995 53,09% paragraaf 1.9 Bijzondere wetten € 164.435 € 65.666 39,93% paragraaf 1.10 Di vers en € 14.244 € 29.667 208,29% Kostendekking Hoofdstuk 1 € 650.384 € 460.431 70,79% Vraag 1 Wat we uit de specificatie opmaken is dat Leges in 2024 niet uitgaat van €1.210.000,00 (blz 32 Lokale heffingen Leges) aan inkomsten maar uitgaat van €1.302.000,00. Dat betekent een lastenverhoging voor onze inwoner van 8,7%. Klopt deze berekening?

Antwoord van het college

Antwoord vraag 1:

Neen, deze redenatie klopt niet. De totale opbrengst van de leges is inderdaad hoger. Deze hogere opbrengst wordt niet veroorzaakt door hogere tarieven maar door hogere aantallen. Bij opleveren va de begroting werd nog hard gewerkt aan de nieuwe legesverordening. Daarbij wordt ook gekeken naar verwachte aantallen. Gezien de geldigheid van in het verleden verstrekte documenten verwachten wij in 2024 een bovengemiddeld aantal aanvragen. De nieuwe inzichten zijn verwerkt ik het voorstel voor de legesverordening.

Vraag 2 Ook de kosten stijgen van € 239.435,00 (alleen titel 1 en 3 Puza en Diversen pag. 41) naar € 650.384,00 dat betekent een stijging met € 411.000,00 betekent dat dat de algemene dienstverlening er 6 tot 7 fte’s bij krijgt?.

Antwoord vraag 2:

Neen, er is in dit stadium geen sprake van een uitbreiding van de formatie. De verstrekte cijfers zijn voorlopig gebaseerd op een toerekening (aantal maar per document benodigde tijd). Wel zullen wij gedurende 2024 monitoren of de bezetting in staat is om zonder vertraging de aangevraagde documenten te verstrekken. Indien hier problemen ontstaan zal naar oplossingen gezocht worden.

Vraag 3 Moeten we hieruit constateren dat het aanvragen van reisdocumenten en Nederlandse identiteitskaart 5 keer zo duur gaat worden?

Hoofdstuk 2 Dienstverlening en besluiten in het kader van de Omgevingswet

Kosten Opbrengsten Kostendekking

paragraaf 2.2 Voorfase

€ 290.969

€ 73.460

25,25%

paragraaf 2.3 Activiteiten met betrekking tot bouwwerken

€ 806.061

€ 652.420

80,94%

paragraaf 2.4 Activiteiten met betrekking tot cultureel erfgoed en werelderfgoed

€ 20.563

€ 4.819

23,44%

paragraaf 2.7 Aan legactiviteiten

€ 31.873

€ 7.598

23,84%

paragraaf 2.8 Overige activiteiten

€ 12.338

€ 3.081

24,97%

paragraaf 2.11 Overige tarieven

€ 1.028

€ 258

25,06%

paragraaf 2.12 ModaIiteiten

€ 53.565

€ 52.566

98,13%

paragraaf 2.13 Vermindering

€0

€ -55.095

Kostendekking Hoofdstuk 2

€ 1.216.398

€ 739.106

Antwoord vraag 3:

Neen, voor het verstrekken van reisdocumenten en de Nederlandse identiteitskaart gelden vanuit het Rijk vastgestelde maximale tarieven. In onze legesverordening is het maximaal toegestane tarief opgenomen.

Dat was in voorgaande jaren ook het geval. De verschillen bij de totale opbrengst hebben te maken met verwachte aantallen aanvragen voor deze documenten. Wel zien wij dat onze kostprijs voor het verstrekken boven de maximale tarieven ligt, we maken dus op ieder document ‘verlies’.

In de begroting 2024 waarin de hoofdstuk 2 niet wordt benoemd kan je op basis van de bedragen van hoofdstuk 1 en 3 constateren dat de inkomstenbron vanuit hoofdstuk 2 de Omgevingswet wordt geschat op € 1.002.155,00 voor 2024. Kijken we dan naar de tabel in de verordening dan zien we een inkomstenverwachting die € 262.000,00 lager ligt dan begroot.

Vraag 4 Klopt het dat de verhoging van de inkomsten van €271.142,00 in hoofdstuk 1 is te verklaren met de mindere opbrengsten van €262.000,00 in de hoofdstuk 2?

Antwoord vraag 4:

Nee, dit staat los van elkaar.

Vraag 5 Wat ons verbaast is dat we in de jaarrekening 2022 voor hoofdstuk 1 een kostendekking hadden van 91.97% en dat we in 2022 € 263.000,00 aan kosten hadden. In de verordening komen we tot een kostendekking van 70,79%, terwijl we ten opzichte van 2022 € 213.000,00 meer inkomsten zouden hebben. Klopt dit?

Antwoord vraag 5:

Niet alleen de inkomsten zijn hoger, maar ook de kosten. De kosten in 2022 waren € 269.000, de kosten in de verordening zijn geschat op € 650.384. Dat is een stijging van ruim € 381.000. Dit moet ook worden meegenomen in de vergelijking die u maakt.

81,27%

Vraag 6 Voor wat betreft hoofdstuk 2 ‘Omgevingswet’ snappen wij de berekening van de kostendekking niet volgens onze berekening zou die 60,76% moeten zijn. Bij de jaarrekening van 2022 is de kostendekking 175,41%, zijn de inkomsten €932.000,00 en de kosten € 531.000,00, terwijl voor 2024 de inkomsten worden begroot op € 739.106,00 maar de kosten op € 1.216.938,00. Kunt u dit verklaren?

Antwoord vraag 6:

De inkomsten bij paragraaf 2.3 zijn niet het juiste bedrag. Daar had moeten staan € 901.920 in plaats van € 652.420 (plus € 250.000 verwachte inkomst groot project minus € 500 afronding) Daarmee klopt het percentage kostendekkendheid van 81,27%.

De bouwvergunningen laten zich moeilijk vangen in kengetallen en begrotingen. In 2022 is voor 2 grote bouwprojecten een vergunning afgegeven. Dit soort incidenten zijn niet goed in de schattingen op te nemen.

Vraag 7 Bij de argumentatie 1.1 van de verordening geeft de wethouder aan dat er is besloten om op de belastingen legesopbrengsten een inflatiecorrectie te doen van 2,7%. Die verhoging kan betrekking hebben op de totale inkomsten. Echter, de specificatie toont aan dat diverse dienstverleningen meer zullen stijgen dan de genoemde inflatiecorrectie. Kunt u dit nader toelichten?

Antwoord vraag 7:

De leges zijn lastig te vergelijken met de leges in 2023 omdat door de omgevingswet meer is gewijzigd dan alleen de hoogte van de tarieven. Ook de indeling van de verordening moest door de omgevingswet ingrijpend worden aangepast. Zoals in het raadsvoorstel is aangegeven, zijn herkenbare belastbare feiten uit de verordening 2023 met 2,7% verhoogd. Voor nieuwe belastbare feiten is een inschatting gemaakt op basis van de verwachte tijdsinzet. Voor de tarieven die in rekening gebracht worden door de omgevingsdienst zijn die tarieven overgenomen.

Vraag 8 Bij de argumentatie 1.2 van de verordening geeft de wethouder aan dat diverse tarieven een wettelijk maximum kennen. Kan de wethouder inzichtelijk maken en tevens aangeven welke tarieven de gemeente in rekening brengt?

Antwoord vraag 8:

Het gaat hier om rijbewijzen en reisdocumenten. Zie onderstaand overzicht.

Reisdocumenten Wettelijk tarief Tarief Waterland Paspoort persoon 18 jaar of ouder € 83,87 € 83,85 Paspoort persoon t/m 17 jaar € 63,42 € 63,40 Reisdocument voor vluchtelingen en vreemdelingen € 63,42 € 63,40 Nederlandse identiteitskaart persoon 18 jaar of ouder € 75,80 € 75,80 Nederlandse identiteitskaart persoon t/m 17 jaar € 40,92 € 40,90 Vervangende identiteitskaart voor personen met uitreisverbod € 36,93 € 36,90 Toeslag spoedaanvraag per document € 57,09 € 57,05 Toeslag bezorging per document € 18,01 € 18,00 Rijbewijzen Aanvraag rijbewijs Spoedaanvraag Gezondheidsverklaring

Wettelijk tarief Tarief Waterland € 51,11 € 48,15 € 90,76 € 82,25 € 41,00 € 41,00

Bekijk de brief: 152-102 Beantwoording schriftelijke vragen WaterlandNatuurlijk over de legesverordening

Bron: raadsinformatie van de gemeente Waterland (Open Raadsinformatie). De vragen en antwoorden zijn automatisch uit de brief gelezen; het origineel is leidend.

Meer vragen aan het college van Waterland

Alle artikel 35-vragen in Waterland