handhaving Zesstedenvaart Monnickendam
Een raadslid stelde op 8 oktober 2025 schriftelijke vragen aan het college van burgemeester en wethouders van Waterland.
Brief van het college
Deze brief is niet in losse vragen en antwoorden uit te lezen. Hieronder staat de tekst; het origineel staat via de link.
BEANTWOORDING RAADSVRAGEN
Nummer Onderwerp Portefeuillehouder Datum
: 114-76 : Handhaving Zesstedenvaart Monnickendam : Astrid van de Weijenberg : 7 november 2025
Vragen van de fractie van CDA Waterland aan het college van burgemeester en wethouders (ingezonden op 8 oktober 2025) en beantwoording daarvan door het college van burgemeester en wethouders in cursief.
Aanleiding/toelichting:
De situatie op de Vesting in Monnickendam verslechtert. Het aantal boten in de Zesstedenvaart waarop permanent wordt gewoond neemt toe. Dat geldt ook voor de overlast. Ons bereiken meldingen van drank- en drugsgebruik. Meldingen spreken van intimidatie en zelfs bedreiging van omwonenden. Het aantal permanent bewoonde schepen is gegroeid naar minstens 4, waarvan er ook wordt gewoond op enkele schepen vlakbij de kinderspeelplaats op het Ronde Kadiel. Op de Vesting vinden activiteiten plaats die het daglicht niet kunnen verdragen.
Zoals hierboven is aangegeven wordt er op verschillende schepen/scheepjes permanent gewoond. Het bestemmingsplan Monnickendam binnen de Vesting 2013 geeft in Artikel 19.3 hierover het volgende aan: ‘Tot een gebruik, strijdig met deze bestemming (N.B. bestemming Water), wordt in ieder geval gerekend: het gebruik als ligplaats voor woonschepen dan wel andere vaartuigen die als zodanig gebruikt worden, tenzij de gronden ter plaatse zijn voorzien van de aanduiding “woonschepenligplaats”.’ De ligplaatsen van de boten waarop wordt gewoond zijn niet voorzien van deze aanduiding. Daarom is er sprake van strijdigheid met het bestemmingsplan.
Op de app Slim Melden Waterland zijn tot nu toe 29 meldingen gedaan. De belangrijkste meldingen zijn als volgt:
1. ‘Er liggen bootjes die bewoond worden door onbevoegden er wordt drank en drugs gebruikt. Er komen steeds meer bij ze verkopen andermans boot of stelen ze. Ik voel me niet meer veilig op de Vesting zeker in de avond niet’. Deze melding is tot nu toe 10x gedaan. (zie bij Vesting 4)
2. Verder is de volgende melding tot nu toe 9x gedaan. (zie bij Tuinstraat 6) ‘Er waaien meer scheepjes met bewoners aan; Inmiddels is de Vesting bezaaid met bootjes en permanente bezoekers. Graag handhaven in verband met meerdere incidenten, onveiligheid, drugsgebruik en een ongelofelijk slecht aanzien van de historische stad. Pal naast een kinderspeeltuin laat de gemeente mensen zonder vaste woon- of verblijfsplaats bivakkeren. Het is niet als, maar wanneer dit escaleert. Graag actie en niet de meldingen verdwijnen zodat de wethouder z’n straatje schoon houdt….’
3. Oosteuropese bewoners die aan de drank zijn en deze bootjes als woning gebruiken trekken ook andere duistere figuren aan en maken er een troep van’. (zie bij Burgemeester Versteegstraat 33).
Voor de CDA-fractie is de grens bereikt. De situatie brengt onze fractie tot de volgende raadsvragen:
Vraag 1 Is uw college bekend met de situatie op de Vesting, waar in toenemende mate permanent in strijd met het bestemmingsplan op schepen wordt gewoond?
Antwoord 1 Het college is op de hoogte van de situatie op de Zesstedenvaart. Meldingen van een omwonende die overlast van personen op aangemeerde boten ervaart komen bij ons binnen. Het bewonen van de bootjes is echter niet door de toezichthouders geconstateerd. Een juridisch steekhoudend bewijs van bewoning leveren is ingewikkeld en tijdrovend. De rechter stelt zeer hoge eisen aan de bewijslast om bewoning te onderkennen. Aangetoond moet worden dat iemand het middelpunt van zijn/haar leven op die bepaalde plek heeft. Dit vraagt gedurende een aantal weken intensieve controles, zowel dag als nacht. Zie voor handhaving van vaartuigen in de Zesstedenvaart ook memo 114-69 van 3 april 2024 en memo voortgang Zesstedenvaart 27 mei 2024.
Vraag 2 Is uw college bekend met de hierboven aangegeven meldingen?
Antwoord 2 De meldingen zijn bij ons bekend.
Vraag 3 Zo ja, sinds wanneer is uw college deze situatie bekend?
Antwoord 3 De eerste meldingen van omwonenden over het bewonen van boten langs de Vesting zijn al enkele jaren oud. Die dateren uit 2020.
Vraag 4 Heeft uw college actie genomen om aan de ongewenste en onaanvaardbare situaties bij de Vesting een einde te maken?
Antwoord 4 Zoals u bekend is hebben wij een last onder bestuursdwang opgelegd aan de eigenaar van “de boot met het witte zeil”. Actuele overlast door de gebruikers van de bootjes is niet waargenomen, wel hebben de Politie en de BOA’s meermaals een bezoek gebracht aan de omgeving om te controleren of er sprake was van strafbare feiten. Deze zijn niet waargenomen. Wel onderzoeken wij of andere maatregelen kunnen treffen om ongewenste schepen waar wellicht bewoning op plaatsvindt te kunnen aanpakken. Zoals eerder ook gesteld in genoemde memo’s vergt dit intensief overleg met partners in de handhaving en openbare orde. Dit wordt momenteel uitgezet.
Vraag 5 Zo ja, welke acties en wanneer?
Antwoord 5 Zie antwoord 4.
Vraag 6 Zo niet, bent u van plan dit alsnog te doen?
Antwoord 6 Het is op deze locatie niet verboden om een boot aan te meren. In het verleden was een bepaling van kracht waarmee het toegestaan was om maximaal 3x24 uur aan te meren. Deze bepaling is door de gemeenteraad in 2017 afgeschaft. Het gevolg is dat boten permanent aangemeerd mogen liggen. Er is wel een ligplaatsvergunning nodig van Provincie Noord-Holland. Wij hebben de provincie gevraagd om op te treden tegen de illegaal aangemeerde boten. De provincie heeft aangegeven dat zij deze taak gebiedsgewijs uitvoert. Bij de provincie wordt er wegens beperkte inzet en middelen met prioriteiten gewerkt, waarbij de Zesstedentrekvaart niet in het gebied met de hoogste prioriteit ligt. Overigens is het desbetreffende gebied in het ligplaatsenbeleid van de provincie aangewezen als ligplaatszone. Wanneer de provincie zal gaan handhaven, zal dat betekenen dat zij de eigenaren van de vaartuigen in de gelegenheid stelt om een ligplaatsvergunning/ontheffing aan te vragen. De boten zullen hierdoor dus niet verdwijnen, daarmee wordt het gebied niet vrij van boten.
Los van het al dan niet bewonen, klagen omwonenden over overlast door de gebruikers van de boten.
Hierbij worden drugsgebruik, afval en ontlasting achter gelaten in de bosjes, schreeuwen en intimideren als voorbeelden genoemd. Naar aanleiding van de meldingen zijn toezichthouders van de gemeente en de politie meermaals op de locatie geweest en toen zijn de overlast, drugsgebruik, (drugs)afval en ontlasting niet waargenomen.
Vraag 7 Zo ja, op welke termijn onderneemt u actie?
Antwoord 7 De boa’s gaan geregeld langs om toch te kijken of er overlast wordt waargenomen en door wie dit wordt veroorzaakt.
Verder speelt er nog een probleem. Bij de entree van Monnickendam, grenzend aan het Bolwerk, is sinds 2024 een groot (woon)schip in de Zesstedenvaart afgemeerd. Daarnaast meerde recent bij het Bolwerk nog een groot schip af om als woonschip te gaan dienen. Vanuit dit schip ligt een onbeschermde stroomdraad dwars over het wegdek naar de dichtstbijzijnde woning aan de Vesting. Beide schepen ontsieren het uiterlijk aanzien van de monumentale Vesting en de beschermde binnenstad van Monnickendam.
In een bericht aan de raad van 3 april 2024 heeft het college van B&W aangegeven de bevoegdheid te hebben om op grond van Artikel 3.22 van de Verordening Fysieke Leefomgeving (VFL) op te kunnen treden tegen schepen die het uiterlijk aanzien van de gemeente aantasten. De toepassing van dit artikel heeft in een eerdere vergelijkbare situatie resultaat gehad. Op grond van dit artikel is het in de zomer van 2024 gelukt om het ontsierende ‘schip met de witte overkapping’ bij het Ronde Kadiel te doen vertrekken.
Onze verdere vragen richten zich primair op de twee schepen bij het Bolwerk.
Vraag 8 Is uw college bekend wie de eigenaar/eigenaren van deze schepen zijn?
Antwoord 8 Uit informatie van Handhaving is bekend wie de eigenaar is van het groot (woon)schip. Het is bekend dat er bij die boot werkzaamheden worden uitgevoerd, waarvan de eigenaar woonachtig is op de Vesting.
Wie de eigenaar is van de tweede boot is niet bekend.
Vraag 9 Bent u het met onze CDA-fractie eens dat deze beide schepen het uiterlijk aanzien van de binnenstad van Monnickendam aantasten?
Antwoord 9 Artikel 3.22, lid 4, van de Verordening fysieke leefomgeving biedt de mogelijkheid om aan de rechthebbende van een vaartuig aanwijzingen te geven met betrekking tot het innemen, wijzigen of gebruiken van een ligplaats, indien dit in het belang is van het uiterlijk aanzien van de gemeente.
In dit geval gaat het om twee vaartuigen die ter hoogte van Vesting 1 in Monnickendam zijn aangemeerd, binnen het rijksbeschermde stadsgezicht. Het betreffende deel van de Vesting valt echter niet onder dit beschermingsregime. Beide vaartuigen verkeren in normale staat van onderhoud.…
Bron: raadsinformatie van de gemeente Waterland (Open Raadsinformatie). De vragen en antwoorden zijn automatisch uit de brief gelezen; het origineel is leidend.