1 februari 2024 · artikel 35-vragen · gemeente Waterland

zienswijze GR GGD Z-W

Een raadslid stelde op 1 februari 2024 schriftelijke vragen aan het college van burgemeester en wethouders van Waterland.

Brief van het college

Deze brief is niet in losse vragen en antwoorden uit te lezen. Hieronder staat de tekst; het origineel staat via de link.

BEANTWOORDING RAADSVRAGEN

Nummer Onderwerp Portefeuillehouder Datum

: 111-486 : RID 111-471 Zienswijze Gemeenschappelijke regeling GGD ZW : Astrid van de Weijenberg : 19 januari 2024

Vragen van het raadslid Schomakers aan het college van burgemeester en wethouders (ingezonden op 19 januari 2024) en beantwoording daarvan door het college van burgemeester en wethouders in cursief.

Aanleiding/toelichting:

In het begeleidend schrijven van de GGD Zaanstreek Waterland van 2 november 2023 stelt het DB bij nieuwe wijze van vaststellen van takenpakket en financiering, het zogenaamde basis- en pluspakket met de daarbij behorende verdeelsleutel waarbij Gemeenten in staat worden gesteld om, samen met de GGD het periodieke basis en pluspakket vast te stellen en te evalueren daar waar nodig.

Dit zou kunnen leiden tot een actualisering van de taken van de GGD, daarbij zouden het diensten aanbod via deze pakketten per periode kunnen wijzigen betekent dat ook dat taken kunnen worden opgeheven en nieuwe taken kunnen worden toegevoegd.

Vraag 1 Dat is bij een relatief kleine organisatie implementeerbaar maar is het uitvoerbaar?

Antwoord 1 Deze werkwijze is niet heel anders dan de huidige werkwijze. Daarbij kan een gemeente maatwerk afnemen en een overeenkomst afsluiten voor contracttaken. Deze afspraken worden soms jaarlijks aangepast. Het werkt natuurlijk prettiger als afspraken voor een langere termijn kunnen worden vastgelegd. Dat maakt de implementatie en de uitvoering makkelijker.

Vraag 2 Op welke wijze en wij hopen positieve wijze gaat deze zienswijze bijdrage tot een betere financiering van de pakketten?

Antwoord 2 Zie ook de toelichting in bijlage 4. In plaats van een vooraf vastgesteld pakket, kunnen de pakketten nu periodiek worden aangepast. Het AB GGD ZW kan taken toevoegen en wijzigen zonder dat de GR ook steeds gewijzigd hoeft te worden. Wijzigingen worden opgenomen in de ontwerpbegroting. Hierdoor kunnen de gemeenteraden ook nog een zienswijze uitbrengen op een voorgestelde pakketwijziging. Met een makkelijker procedure rondom de pakketwijzigingen verwachten wij meer grip te hebben op de zorg en de financiering.

Toelichting bij vraag 3 We lezen in de toevoeging dat van nieuwe taken aan het basispakket door AB wordt vastgesteld. Indien het kostenneutraal kan gaat het niet langs de raad, kost het geld, dan wordt het ter zienswijze voorgelegd met de ontwerpbegroting.

Vraag 3 Kunnen deelnemende Gemeente aan de hand van het pluspakket de keuze maken deel te nemen aan die dienstverlening en zo ja kan de bijdrage per Gemeente daarop vastgesteld worden?

Antwoord 3 We spreken met elkaar af welke taken onder het basispakket vallen en hoe wij de kosten verdelen over de verschillende gemeenten. Voor het basistakenpakket is nu een verdeelsleutel op basis van het aantal inwoners/aantal jeugdigen afgesproken (artikel 26 2e en 4e lid GR GGD ZW).

Daarnaast kan een gemeente extra taken afnemen via het pluspakket. Voor het pluspakket maakt iedere gemeente zelf afspraken met de GGD over de inzet en de bijdrage. Dit is vergelijkbaar met de huidige situatie waarin wij als gemeente een contracttaak afnemen en hiervoor contractgesprekken voeren met de GGD.

Vraag 4 Hoe sluit dit aan bij de stelling dat Gemeenten in staat worden gesteld om samen met de GGD de verdeelsleutel vast te stellen?

Antwoord 4 Een verdeelsleutel is iets anders dan de bijdrage zelf. Met de verdeelsleutel regel je hoe je de kosten transparant kunt verdelen. Zoals hierboven genoemd bijvoorbeeld op basis van inwoners, of op basis van historische inzet. De verdeelsleutel kan jaarlijks bij de begroting worden aangepast door het Algemeen Bestuur. Het AB kan bijvoorbeeld ook op onderdelen van het basispakket een verdeelsleutel op basis van het aantal meldingen hanteren (zie artikel 26, 3e lid GR GGD ZW).

Dat is iets anders dan het inzetten van plustaken die specifiek in een gemeente of kern worden ingezet.

Daar worden aparte afspraken voor gemaakt.

Toelichting bij vraag 5 In de begrotingen en feitelijke jaarstukken wordt steeds een bedrag van € 63.000,00 opgenomen als toevoeging aan de reserves, ook staat er vermeld dat de reserves nog niet op het niveau zijn als dat het bestuur zou willen.

Vraag 5 Welke niveau/hoogte algemeen reserve is de te bereiken doelstelling?

Antwoord 5 Deze vraag kan pas beantwoord worden na afronding van de jaarrekening. Dan is bekend hoe hoog het vermogen is en welk percentage algemene reserve aangehouden moet worden.

Vraag 6 Wat is de onderbouwing van dit doel algemeen reserve.

Antwoord 6 Er is geen doel voor de algemene reserve, de algemene reserve is vrij opneembaar.

Toelichting bij vraag 7 Wanneer het AB van de GGD goed kan motiveren welke doelvermogen de Algemene reserves zouden moeten hebben dan kunnen we daarmee akkoord gaan en een plan van opbouw goedkeuren. Maar we zien dat juist die doelstelling van € 63.000,00 toevoeging regelmatig niet word gehaald.

Mijn fractie ziet de afgelopen jaren een stijgende bijdrage van de deelnemende gemeenten en de wens om steeds meer te willen oppotten, gaat in tegen het financiële belang van de deelnemende gemeenten.

Vraag 7 Zou het niet beter zijn die toevoeging in basis te beperken tot € 25.000,00 per jaar indien er een positief resultaat is gerealiseerd en indien er meer resultaat is er een bestemmingsvoorstel vanuit het bestuur GGD wordt gedaan?

Antwoord 7 Bij de GGD bestaat geen groeiende algemene reserve, de algemene reserve wordt ingezet in afstemming met het algemeen bestuur.

Vraag 8 Wat is er op tegen om te stellen dat van het bestemmingsresultaat altijd de € 25.000,00 naar het Algemene reserve gaat tot het goedgekeurde algemene reserve is bereikt en dat het bestuur bij een winst hoger dan € 25.000,00 een voorstel doet voor reservering van die gelden of verlaging van de bijdrage of bijvoorbeeld een éénmalige teruggave.

Antwoord 8 De winstbestemming wordt vastgesteld door het algemeen bestuur. Deze mogelijkheid is er daarom altijd.

Toelichting bij vraag 9 Tot slot artikel 31 in het tweede artikel wil de GGD het standpunt van de raden kunnen negeren als zij van mening zijn dat er sprake is van een groter belang. Mijn fractie kan nergens vinden wat zij zouden kunnen bedoelen met een groter belang, de omschrijving die er nu is geeft het bestuur wel veel ruimte.

Vraag 9 Kan de GGD aangeven hoe het grotere belang geformuleerd kan worden hetgeen de deelnemende Gemeenten dan ook duidelijk maakt wanneer zij wel en met welke grondslag de raden kunnen negeren?

Antwoord 9 Het Algemeen Bestuur van de GGD ZW wordt gevormd door de wethouders van de verschillende gemeenten. Zoals verwoord in de voorgestelde zienswijze willen wij het AB de bevoegdheid geven om meer aan de gemeenteraden voor te leggen ter zienswijze dan alleen de visie regionale gezondheidsopgave en het basispakket. De wethouders in het AB besluiten zelf welke onderwerpen zij van groot maatschappelijk belang of groot financieel belang vinden. In onze zienswijze stellen wij dus voor dat niet de werkorganisatie GGD ZW besluit over wat voorgelegd moet worden aan de gemeenteraden, maar de gemeenten zelf via het Algemeen Bestuur.

Toelichting bij vraag 10 Verder stelt de GGD voor de evaluatie periode van 2 jaar op verzoek willen verschuiven naar 4 jaar verplicht. Mijn fractie zou daar niet akkoord mee kunnen gaan juist omdat het samenstellen van de basis en pluspakketten en de daarbij behorende financiering actueel is als het speelt, ook het bespreken van de jaarstukken invloed kan hebben op de uitvoering van bestaande en nieuwe taken alsmede de bijdrage van Gemeenten.

Vraag 10 Wat is er op tegen om die evaluatie op 2 jaar te houden waarmee de GGD er juist voor zorgt dat de deelnemende Gemeenten meer betrokken blijven bij de GGD?

Antwoord 10 In de voorliggende GR wordt niet voorgesteld om iedere twee jaar te evalueren. Elke twee jaar evalueren levert een te grote werklast op voor de GGD en de gemeenten. Er wordt voorgesteld om het AB iedere twee jaar een besluit te laten nemen of ze willen gaan evalueren of niet. Met dit voorstel is het AB aan zet en kan het AB ook het besluit nemen om langere tijd niet te evalueren. De werkgroep Verbonden Partijen vind de evaluatie dusdanig belangrijk dat wordt voorgesteld om vaste termijnen op te nemen. Er moet dan geëvalueerd worden, het is geen keuze meer.

Bekijk de brief: 111-486 Beantwoording schriftelijke vragen Andre Schomakers inzake zienswijze GR GGD Z-W

Bron: raadsinformatie van de gemeente Waterland (Open Raadsinformatie). De vragen en antwoorden zijn automatisch uit de brief gelezen; het origineel is leidend.

Meer vragen aan het college van Waterland

Alle artikel 35-vragen in Waterland