8 juli 2025 · artikel 35-vragen · gemeente Zandvoort

de verhouding tot externe partners en uitvoeringsorganisaties, uitvoering van ruimtelijke projecten en planvorming en budgetoverschrijdingen en uitvoeringsverantwoordelijkheid.

Een raadslid stelde op 8 juli 2025 schriftelijke vragen aan het college van burgemeester en wethouders van Zandvoort (4 vragen).

In het kort

4 vragen en wat het college antwoordt

  • De inzet van de Omgevingsdienst IJmond (ODIJ) roept structureel vragen op over kwaliteit, binding met Zandvoort en de verhouding tussen afgenomen en betaalde diensten. → ODIJ voert al vele jaren taken uit voor Zandvoort.
  • Is het college bereid om serieus werk te maken van het zelfstandig oppakken van het ruimtelijk domein binnen de gemeente Zandvoort, zodat de regie op grote projecten… → De regie op grote projecten is reeds in handen van de gemeente c.q. de gemeentelijke organisatie.
  • Nu ook de gemeente Haarlem – met wie wij ambtelijk samenwerken – in toenemende mate zelf externe partijen zoals zzp’ers en adviesbureaus inzet voor projecten in… → Het college is van mening dat de toegevoegde waarde van de ambtelijke samenwerking onverminderd groot is.
  • Wanneer zal het college het gesprek met ontwikkelaars en andere stakeholders gaan initiëren over de werking en effecten van de huidige compensatieregeling, zoals deze… → Kan het college aangeven hoeveel projecten er sinds de invoering van deze regeling daadwerkelijk zijn gerealiseerd onder deze beleidsregels, en daarbij concrete casussen en aantallen…

Overgenomen uit de brief van het college; hieronder staan de volledige vragen en antwoorden.

Aanleiding

Raadsinformatiebrief

Onderwerp Beantwoording vragen Jong Zandvoort over de verhouding tot externe partners en uitvoeringsorganisaties, de uitvoering van ruimtelijke projecten en planvorming en de budgetoverschrijdingen en uitvoeringsverantwoordelijkheid.

Nummer 2025/555258 Datum college 4 juli 2025 Portefeuillehouder Kloet, J. de / Bluijs G.J.

Programma/beleidsveld 6.3. Openbare orde en veiligheid / 7.2. Algemene dekkingsmiddelen Afdeling BC / CC Auteur W.H.C. Stigter / G.J. van der Poel Telefoonnummer 14 023 / 06 39074948 Email [email protected] / [email protected] Bestemd voor:

Het college stuurt deze raadsinformatiebrief ter kennisname naar de raad.

Bijlagen Geachte leden van de raad, De fractie van Jong Zandvoort heeft vragen gesteld over de verhouding tot externe partners en uitvoeringsorganisaties. Het college beantwoordt deze vragen als volgt.

Vragen en antwoorden

Vraag 1

De inzet van de Omgevingsdienst IJmond (ODIJ) roept structureel vragen op over kwaliteit, binding met Zandvoort en de verhouding tussen afgenomen en betaalde diensten. Hoe beoordeelt het college deze disbalans en waarom wordt deze samenwerking niet fundamenteel heroverwogen?

Antwoord van het college

ODIJ voert al vele jaren taken uit voor Zandvoort. Dat zijn niet alleen de taken die gemeenten wettelijk verplicht door de omgevingsdienst moeten laten uitvoeren, maar ook andere taken. Bijvoorbeeld taken op het gebied van verlenen van omgevingsvergunningen en op het gebied van handhaving bewoning en verhuur. In de loop der jaren is dit takenpakket uitgebreid, zonder dat dit altijd in voldoende mate heeft geleid tot aanpassing van financiering en/of organisatie. De Omgevingsdienst IJmond is, in het kader van de beoordeling op robuustheid door de rijksoverheid, bezig met het herijken van de dienst. Aspecten daarvan zijn onder andere de (verschillen in) dienstverlening aan de deelnemende gemeenten, de financieringsstructuur en de samenstelling van de organisatie. Ons college verwacht dat dit zal leiden tot aanpassing van de afspraken, gericht op een robuuste omgevingsdienst en het voldoen aan de door deelnemers gewenste dienstverlening. Voor het college staat daarbij voorop de kwalitatief en kwantitatief noodzakelijke dienstverlening, tegen reële kosten.

Vraag 2

Is het college bereid om serieus werk te maken van het zelfstandig oppakken van het ruimtelijk domein binnen de gemeente Zandvoort, zodat de regie op grote projecten niet langer grotendeels wordt uitbesteed aan derden die geen binding hebben met onze gemeente?

Antwoord van het college

De regie op grote projecten is reeds in handen van de gemeente c.q. de gemeentelijke organisatie. De gemeente treedt namelijk altijd op als opdrachtgever, zowel richting interne afdelingen als richting ingehuurde derden.

Kenmerk: 2025/555258

1/3

Vraag 3

Nu ook de gemeente Haarlem – met wie wij ambtelijk samenwerken – in toenemende mate zelf externe partijen zoals zzp’ers en adviesbureaus inzet voor projecten in Zandvoort, rijst de vraag wat de toegevoegde waarde van deze samenwerking nog is. Waarom zouden wij niet zelf deze taken en regie voeren, in plaats van via een extra schakel die nauwelijks lokale betrokkenheid of inhoudelijke meerwaarde biedt?

Antwoord van het college

Het college is van mening dat de toegevoegde waarde van de ambtelijke samenwerking onverminderd groot is. Zandvoort zou voor grote projecten als Curiedex, Badhuisplein en Entreegebied ook zonder de ambtelijke samenwerking externen hebben ingehuurd. Dergelijke expertise had en heeft Zandvoort (en elke andere gemeente van onze omvang) niet in huis. Door de samenwerking met Haarlem is deze expertise wel aanwezig, maar niet onbeperkt. De beschikbare capaciteit is voor zowel Haarlem als Zandvoort beperkt, waardoor keuzes gemaakt moeten worden wat zelf wordt gedaan en wat moet worden ingehuurd. Die inhuur is ook nodig wanneer er specifieke kennis en ervaring nodig is. Door de ambtelijke samenwerking kan via contracten met grote bureaus beter de juiste expertise worden ingehuurd dan dat we als kleine gemeente zouden kunnen. Een voordeel van inhuur is ook dat bij niet voldoen aan de afspraken of het bereiken van een andere fase van een project, waarvoor andere kennis en ervaring nodig is, er makkelijker van inhuur kan worden gewisseld. Onze ervaring met extern ingehuurde krachten is daarbij heel positief. Zij brengen veel kennis en ervaring mee en kijken met een deskundige blik naar projecten. Zij stellen zich snel op de hoogte van de lokale situatie en tonen lokale betrokkenheid in de zin dat zij streven naar het beste voor Zandvoort.

Ook zijn vragen gesteld over de uitvoering van ruimtelijke projecten en planvorming.

Het college beantwoordt deze vragen als volgt.

1. Waarom worden projecten als Curiedex, Heimanshof en Badhuisplein steeds als “planologisch klaar” gepresenteerd, terwijl de feitelijke uitvoering blijft stagneren? Wat doet het college om deze impasse te doorbreken?

Het college is gebonden aan landelijke regels omtrent stikstof. De raad wordt middels projectrapportages op de hoogte gehouden. We proberen zo goed mogelijk de planning aan te houden zoals in rapportages wordt gecommuniceerd.

2. In hoeverre is het college bereid om ruimtelijke projecten te prioriteren op uitvoerbaarheid, in plaats van ambitie, zeker nu de realisatiekracht aantoonbaar achterblijft?

In de raadscommissie is aangegeven dat bekeken wordt welke onderdelen binnen de grondexploitaties naar voren kunnen worden gehaald. Als dat mogelijk is wordt er geschoven in planning om de voortgang te bespoedigen.

3. Is overwogen om voor vertraagde projecten gebruik te maken van versnellingsopties zoals coördinatieregeling of bestuurlijke projectversnellers?

Een aantal maatregelen is inmiddels getroffen. Zo is een investeringscommissie opgericht om integraal de projecten te bekijken en er wordt rekening gehouden met overprogrammering, waarbinnen kan worden geprioriteerd

Vraag 4

Wanneer zal het college het gesprek met ontwikkelaars en andere stakeholders gaan initiëren over de werking en effecten van de huidige compensatieregeling, zoals deze sinds invoering is toegepast op Kenmerk: 2025/555258 2/3 woningbouwinitiatieven?

Antwoord van het college

Kan het college aangeven hoeveel projecten er sinds de invoering van deze regeling daadwerkelijk zijn gerealiseerd onder deze beleidsregels, en daarbij concrete casussen en aantallen benoemen?

Hierover is in de commissievergadering reeds gesproken.

Daarnaast zijn er vragen gesteld over budgetoverschrijdingen en uitvoeringsverantwoordelijkheid.

Het college beantwoordt deze vragen als volgt.

1. Hoe verklaart het college dat De Krocht inmiddels meer dan 100% boven het oorspronkelijke projectbudget is uitgestegen, terwijl er politiek brede druk was om “nu eindelijk door te pakken”?

In 2021 is het oorspronkelijke budget aangevraagd (26 oktober 2021, 2021/390773), maar is door diverse omstandigheden de uitvoering niet gestart (wetgeving, aangetroffen vleermuizen).

Bij de aanbesteding in januari 2024 werd duidelijk dat het budget uit 2021 niet toereikend was en is een aanvullend krediet aangevraagd. In de uitgebreide discussie in de commissievergadering is destijds een verklaring gegeven over de aanpak van dit project en is de raad akkoord gegaan (28 mei 2024,2024/684844).

De uitvoering vindt nu plaats binnen de beschikbaar gestelde financiële middelen.

2. Wat is de reden dat dit project – ondanks die financiële ruimte – alsnog forse vertraging heeft opgelopen?

Na goedkeuring van het extra uitvoeringskrediet door de gemeenteraad op 28 mei 2024 is eerst de inkoop en werkvoorbereiding gedaan. Er is gestart met de daadwerkelijke uitvoering na de F1 Grand Prix Zandvoort. De duur van de uitvoering is gelijk gebleven.

3. Is er bij het project Krocht een boetebeding opgenomen voor te late oplevering? Zo ja, wordt dit ook daadwerkelijk geëffectueerd.

Er is een boetebeding opgenomen. Echter hoeft hier vooralsnog geen gebruik van gemaakt te worden.

4. Welke lessen trekt het college uit dit dossier ten aanzien van toekomstige investeringsprojecten, vooral waar politieke urgentie wordt gebruikt als rechtvaardiging voor forse extra uitgaven?

Hierover is al gesproken tijdens de commissievergadering.

Er is een verbeteringsproces ingesteld, onder meer door het instellen van een investeringscommissie.

Door middel van overprogrammering van 30% in de begroting wordt geleidelijk toegewerkt naar een schaalvergroting van de uitvoeringskracht. Daarbij blijft de mogelijkheid bestaan om te versnellen binnen projecten, zolang daarvoor het krediet is vrijgegeven.

Het college van burgemeester en wethouders, de secretaris

de burgemeester

Kenmerk: 2025/555258

3/3

Bekijk de brief: Beantwoording vragen art.40 Jong Zandvoort over de verhouding tot externe partners en uitvoeringsorganisaties, uitvoering van ruimtelijke projecten en planvorming en budgetoverschrijdingen en uitvoeringsverantwoordelijkheid.

Bron: raadsinformatie van de gemeente Zandvoort (Open Raadsinformatie). De vragen en antwoorden zijn automatisch uit de brief gelezen; het origineel is leidend.

Meer vragen aan het college van Zandvoort

Alle artikel 35-vragen in Zandvoort