de Raadsbrief ‘Eerste aanzet financiële strategie vernieuwing onderwijshuisvesting’, d.d. 11 februari 2026
Een raadslid stelde op 29 juni 2026 schriftelijke vragen aan het college van burgemeester en wethouders van Zwolle.
Brief van het college
Deze brief is niet in losse vragen en antwoorden uit te lezen. Hieronder staat de tekst; het origineel staat via de link.
voorstel
Raadsbrief schriftelijk overleg Datum
1 mei 2026
Onderwerp
Versienummer
Beantwoording vragen van de VVD in het kader van het schriftelijk overleg over de Raadsbrief ‘Eerste aanzet financiële strategie vernieuwing onderwijshuisvesting’, d.d. 11 februari 2026 1
Portefeuillehouder
Michiel van Willigen
Bijlagen Geen
Openbaarheid Openbaar Geheim Wij stellen u voor kennis te nemen van:
De beantwoording van de vragen van De VVD in het kader van het schriftelijk overleg over de Raadsbrief ‘Eerste aanzet financiële strategie vernieuwing onderwijshuisvesting’.
1/4
voorstel
1 mei 2026 Datum Inleiding De fractie van de VVD heeft op 2 april 2026 in het kader van het schriftelijk overleg over de Raadsbrief ‘Eerste aanzet financiële strategie vernieuwing onderwijshuisvesting’ (d.d. 11 februari) vragen gesteld over:
In februari jl. heeft het college een raadsbrief naar de raad gestuurd waarin ze een eerste aanzet geeft voor de financiële strategie voor de vernieuwing van het onderwijsvastgoed in de periode 2030-2041.
De strategie bestaat uit twee onderdelen: een besparingsstrategie en een financieringsstrategie. De besparingsstrategie bestaat uit (mogelijke) maatregelen om de uitgaven voor de vernieuwingsopgave te beheersen. De financieringsstrategie ziet op de financiële instrumenten die de gemeente kan inzetten om extra financiële middelen voor onderwijshuisvesting te genereren. In het kader van de financieringsstrategie wordt in de raadsbrief het idee gepresenteerd om voor onderwijshuisvesting met een gesloten financieel systeem te gaan werken. De VVD wil weten wat de reden is om voor zo’n systeem te kiezen. Ook wil ze weten wat de risico’s hiervan zijn. Verder vraagt de VVD ernaar hoe het college denkt over het inzetten voor onderwijshuisvesting van de opbrengsten van de herontwikkeling van kavels waarop schoolgebouwen hebben gestaan. Ten slotte stelt de VVD de vraag of het college de garantie kan geven dat zij geen duurzaamheidseisen aan nieuwe of gerenoveerde schoolgebouwen stelt die verder gaan dan de wet- en regelgeving voorschrijft.
Kernboodschap Vraag 1:
Er wordt voorgesteld om te gaan werken met een gesloten begrotingssysteem. Voor- en nadelen worden dan binnen één beschikbaar budget verrekend en dus niet met de algemene middelen. Eventuele tegenvallers moeten dan ook uit dat budget komen. Daarnaast moet er elk jaar een vast bedrag uit de algemene middelen komen om de kapitaallasten te dekken. Wat is de reden van het college om bij het IHP voor een gesloten systeem te kiezen. En wat zijn de daarbij behorende risico’s?
Antwoord:
Het is goed om allereerst op te merken dat de raadsbrief ideeën bevat hoe de gemeente Zwolle haar financiële strategie voor de vernieuwing van haar oude schoolgebouwen kan vormgeven. In de brief staan geen voorstellen van het college. Een gedachte die leeft is om te gaan werken met een gesloten systeem. De vernieuwingsopgave voor onderwijshuisvesting heeft behoefte aan langjarige zekerheid.
Het jaarlijks integraal afwegen of er in de begroting ruimte is voor investeringen in deze opgave schiet tekort. Een gesloten systeem biedt genoemde zekerheid. Hierdoor ontstaat er ook rust bij de schoolbesturen en rust in de verhouding tussen hen en de gemeente. Daarnaast heeft een gesloten systeem nog een aantal andere voordelen. Het is een prikkel om financiële middelen doelmatiger te besteden. Ook zorgt het ervoor dat incidentele meevallers met betrekking tot onderwijshuisvesting voor dit taakveld beschikbaar blijven. Tenslotte biedt het de mogelijkheid om over de jaarschijven heen tot afwegingen te komen. Het is aan het komende college en de nieuwe raad om een keuze te maken voor het al dan niet invoeren van een gesloten systeem voor onderwijshuisvesting. Wat de risico’s van dit systeem betreft het volgende: omdat tegenvallers bij een gesloten systeem hierbinnen opgevangen moeten worden, bestaat er het risico dat bij forse tegenvallers de gereserveerde gelden tekort gaan schieten om de vernieuwing conform planning uit te voeren.
2/4
voorstel
1 mei 2026 Datum Vraag 2:
Het samenvoegen van scholen in één gebouw levert een besparing van 2% op. Op een bedrag van 571 miljoen is dat natuurlijk een enorm bedrag, maar er wordt niet gesproken over de ruimte die vrij komt als scholen verhuizen en samengaan met een andere school. Eerder werd tijdens een presentatie over het IHP gezegd dat op deze gronden woningbouw ontwikkeld zou kunnen worden, wat weer geld oplevert voor de gemeente wat in het IHP gestoken kan worden. Waarom wordt daar in deze nota niets over gezegd? Immers wordt het grootste beslag aan kapitaallasten over ongeveer 5 tot 7 jaar verwacht. De fractie van de VVD wil dit soort keuzes nu maken. Zeker als we dat beslag tegen die tijd willen opvangen. Hoe denkt het college daarover?
Antwoord:
Op pagina 7 van de raadsbrief hebben wij het idee geschetst om bij herontwikkeling van locaties waar voorheen schoolgebouwen op stonden, de opbrengsten van de grondverkoop ten goede te laten komen aan de vernieuwing van onderwijshuisvesing. In de huidige financiële systematiek gebeurt dat nog niet. Het is aan het komende college en de nieuwe raad om hierin een keuze te maken.
Vraag 3:
Er wordt vastgehouden aan ENG bouwen en bijdragen aan de energietransitie en ruimte voor biodiversiteit. Waarom is niet onderzocht wat het zou besparen om dit soort eisen (deels) los te laten?
Kan het college garanderen dat er geen strengere eisen worden gesteld dan wettelijk vereist?
Antwoord:
Sinds 1 januari 2021 is het verplicht om schoolgebouwen bijna energieneutraal te bouwen (BENG).
Met ingang van 1 januari 2028 wordt het verplicht om overheidsgebouwen, waartoe ook scholen behoren, zo te bouwen dat ze geen CO2 meer uitstoten (ZEB: zero emission buildings). Dit ligt in lijn van energieneutraal bouwen (ENG), dat als uitgangspunt in het IHP voor de berekening van de investeringen voor de vernieuwing van de schoolgebouwen is gehanteerd. Het is daarom raadzaam en verstandig om nu al voor te sorteren op het bouwen op ENG-niveau.
Bouwen op ENG-niveau leidt tot een gunstiger exploitatie en daarmee tot financiële voordelen voor de schoolbesturen. In de raadsbrief van februari jl. hebben wij daarom aangegeven het redelijk te vinden om van hen een eigen bijdrage in de initiële investering te vragen. Wij willen de komende tijd met de schoolbesturen hierover in gesprek en komen tot afspraken.
In het IHP is ook een vertaling gemaakt van de klimaats- en duurzaamheidsambities uit het Ruimtelijk Toekomstperspectief ‘Ons Zwolle van overmorgen’. Dit leidt tot de volgende ambities:
•
•
•
•
Schoolgebouwen dragen bij aan een toekomstbestendige deltaspons Schoolgebouwen dragen bij aan een circulaire stad Schoolgebouwen zijn een schakel in de energietransitie Groene schoolgebouwen dragen bij aan een natuurinclusieve stad
Door de schoolgebouwen op ENG-niveau te bouwen, kan een deel van de ambities uit het Ruimtelijk Toekomstperspectief worden gerealiseerd. Voor het deel dat niet gerealiseerd wordt, is aanvullend budget nodig. In het IHP is aangegeven dat de aanvullende ambities uit het Ruimtelijk Toekomstperspectief niet in de berekende investeringsbedragen zijn opgenomen. Het is opnieuw aan het komende college en de nieuwe raad om een keuze te maken in het al dan niet vrij maken van extra 3/4
voorstel
1 mei 2026 Datum financiële middelen voor nieuwe schoolgebouwen om daarin volledig de klimaat- en duurzaamheidsambities uit het Ruimtelijk Toekomstperspectief te realiseren.
Openbaarheid Deze raadsbrief is openbaar.
Burgemeester en wethouders van Zwolle,
burgemeester, Peter Snijders secretaris, Dick Emmer
4/4
Bron: raadsinformatie van de gemeente Zwolle (Open Raadsinformatie). De vragen en antwoorden zijn automatisch uit de brief gelezen; het origineel is leidend.