29 juni 2026 · artikel 35-vragen · gemeente Zwolle

Raadsbrief Beantwoorden vragen raadsbrief- Voorgestelde wijze van afhandeling van toezegging Bestuursovereenkomst COA raadsbreed dele

Een raadslid stelde op 29 juni 2026 schriftelijke vragen aan het college van burgemeester en wethouders van Zwolle (10 vragen).

In het kort

10 vragen en wat het college antwoordt

  • Het ontwerp van het gebouw is zo ingericht dat het eenvoudig te verbouwen is tot appartementen voor andere doelgroepen. → De fractie van Swollwacht denkt dat dit zou kunnen bijdragen aan draagvlak in de Zwolse samenleving.
  • De Klankbordgroep is geïnformeerd over hoe hun input is mee genomen. → De Klankbordgroep gaf aan dat de toelichting helder was.
  • Door het maken van afspraken probeert het College de risico’s vanuit het landelijk beleid te verkleinen. → Wij beperken de risico’s van wijzigingen in landelijk beleid door afspraken duidelijk vast te leggen en deze door beide partijen te laten ondertekenen.
  • In de Bestuursovereenkomst is een passage opgenomen over de aansprakelijkheid. → Welke overwegingen zouden dat kunnen zijn?
  • Zijn er punten die de Klankbordgroep heeft ingebracht, maar die niet gehonoreerd zijn? → Zo ja, welke punten betreft dit?
  • Artikel 5 en bijlagen van de bestuursovereenkomst. → En hoe wordt dat ingeschat voor de beoogde opvanglocatie De Tippe?
  • Bent u bereid om de eventuele ondertekening van een bestuursovereenkomst met het COA t.a.v. de beoogde locatie in Stadshagen over te laten aan het nieuwe College van B… → Zo nee, wat zijn dan de overwegingen om dat niet te doen?
  • Artikel 1.2.1, lid 2 (blz. 5): Daar staat dat vanaf de ingebruikname de informatieverstrekking aan inwoners een taak is van het COA. → Wij voeren hierover regelmatig overleg met het COA en worden door het COA betrokken bij de informatievoorziening richting inwoners.

Overgenomen uit de brief van het college; hieronder staan de volledige vragen en antwoorden.

Aanleiding

voorstel

Raadsbrief Datum

25 mei 2026

Onderwerp Versienummer

Beantwoorden vragen raadsbrief: Voorgestelde wijze van afhandeling van toezegging Bestuursovereenkomst COA raadsbreed delen (ID 1031) 3

Portefeuillehouder

Anja Roelfs

Samenvatting Deze raadsbrief bevat de beantwoording van vragen van de fracties van Swollwacht, Stadspartij Zwolle, Forum voor democratie en fractie Bijleveld die gesteld zijn over de raadsbrief: Voorgestelde wijze van afhandeling van toezegging Bestuursovereenkomst COA raadsbreed delen (ID 1031).

Bijlagen Bijlage 1 Vragen van Swollwacht Bijlage 2 Vragen van Stadspartij Zwolle Bijlage 3 Vragen van Fractie Bijleveld en Forum voor Democratie

Openbaarheid Openbaar Geheim

Wij stellen u voor kennis te nemen van: 1 – Beantwoording vragen Swollwacht 2 – Beantwoording Forum voor democratie en fractie Bijleveld 3 – Beantwoording Stadspartij Zwolle

1/9

voorstel

15 mei 2026 Datum Inleiding Op 23 april is de raadsbrief Voorgestelde wijze van afhandeling van toezegging Bestuursovereenkomst COA raadsbreed delen (ID 1031) overgedragen aan de raad. Er zijn vragen gesteld over deze raadsbrief door de fracties van Swollwacht, Stadspartij Zwolle, Forum voor democratie en fractie Bijleveld. Onderstaand worden deze vragen beantwoord.

Kader

- Raadsvoorstel Vluchtelingenopvang in De Tippe (Raadsbesluit 07-07-2025) Raadsbrief Voorgestelde wijze van afhandeling van toezegging Bestuursovereenkomst Vragen van Swollwacht

Vragen en antwoorden

Vraag 1

Het ontwerp van het gebouw is zo ingericht dat het eenvoudig te verbouwen is tot appartementen voor andere doelgroepen. Heeft het College overwogen nu al ruimte te bieden aan andere doelgroepen?

Antwoord van het college

De fractie van Swollwacht denkt dat dit zou kunnen bijdragen aan draagvlak in de Zwolse samenleving. Hoe ziet het College dit?

Zwolle voldoet nog niet volledig aan de opvangopgave die voortvloeit uit de Spreidingswet. Met de invulling van deze locatie leveren wij een belangrijke bijdrage aan die opgave. Wij hebben daarom op dit moment niet overwogen om op deze locatie nu al ruimte te bieden aan andere doelgroepen.

Daarnaast is het COA eigenaar van het gebouw.

Vraag 2

De Klankbordgroep is geïnformeerd over hoe hun input is mee genomen. Hoe heeft de Klankbordgroep hierop gereageerd?

Antwoord van het college

De Klankbordgroep gaf aan dat de toelichting helder was. Ook werd aangegeven dat men het waardeert dat is teruggekoppeld welke inbreng is overgenomen en welke niet, inclusief de overwegingen daarbij.

Vraag 3

Door het maken van afspraken probeert het College de risico’s vanuit het landelijk beleid te verkleinen. Het is de fractie van Swollwacht niet duidelijk hoe het College dit precies aanvliegt. Kan het College dit verduidelijken?

Antwoord van het college

Wij beperken de risico’s van wijzigingen in landelijk beleid door afspraken duidelijk vast te leggen en deze door beide partijen te laten ondertekenen. Daarmee borgen wij de gemaakte afspraken zo zorgvuldig mogelijk.

Vraag 4

In de Bestuursovereenkomst is een passage opgenomen over de aansprakelijkheid. De overeenkomst kan worden opgezegd als een gerechtelijke uitspraak daartoe dwingt. Zijn er ook andere overwegingen voor het College de overeenkomst op te zeggen, dus buiten een gerechtelijke uitspraak om?

Antwoord van het college

Welke overwegingen zouden dat kunnen zijn?

In artikel 4, lid 4, van de bestuursovereenkomst is opgenomen dat de gemeente de overeenkomst alleen kan opzeggen als het COA zich herhaaldelijk, en na een verzoek tot herstel, niet houdt aan de afspraken uit de overeenkomst. Gezien de investering die het COA op deze locatie doet, achten wij het niet proportioneel om naast deze opzegmogelijkheden nog andere opzeggingsgronden op te nemen. In onderling overleg met het COA is het altijd mogelijk om de overeenkomsten te beëindigen, maar eenzijdig opzeggen is aan regels gebonden.

Vragen van Stadspartij Zwolle

1. Artikel 4, over de duur van de overeenkomst. Bent u bereid – indien het realiseren van het AZC op de beoogde locatie in De Tippe doorgaat – de looptijd van de bestuursovereenkomst met COA voor deze locatie te beperken tot maximaal 10 jaar? 2/9

voorstel

15 mei 2026 Dat wil zeggen, dat deze overeenkomst na 10 jaar van rechtswege eindigt. Dat geeft de gemeente de harde mogelijkheid om het gebouw na 10 jaar volledig te gebruiken voor reguliere huisvesting.

De financiële investering in het gebouw houdt dan gewoon haar waarde en kan verrekend worden in de situatie van reguliere huisvesting, en is dus geen argument voor een 30-jarige overeenkomst met het COA.

Nee, daartoe zijn wij niet bereid. Het COA is alleen bereid deze investering te doen bij een langjarige overeenkomst van minimaal 30 jaar. Daarnaast heeft de gemeente in de lange termijnaanpak opgenomen structureel te willen bijdragen aan de opvangopgave voor vluchtelingen en willen wij voldoen aan de Spreidingswet.

Datum

Aantal asielzoekers

2. In de wijk en in de stad is in verband met zorgen over de leefbaarheid, openbare orde en veiligheid weerstand tegen grootschalige opvang van asielzoekers.

Daarom hebben wij in verband met het maatschappelijk draagvlak de volgende vraag:

Bent u bereid om een bestuursovereenkomst met het COA op te stellen voor maximaal 200 asielzoekers op de mogelijke opvanglocatie De Tippe?

Zo nee, waarom niet?

Wij zijn niet bereid het aantal aan te passen. Het aantal van 400 is een bewuste keuze, omdat dit nodig is om goede kwaliteit en een zorgvuldige inpassing in de wijk te realiseren. Het wijzigen van het aantal is niet in overeenstemming met de intentie van het raadsbesluit van 7 juli 2025. Sindsdien hebben wij steeds aangegeven dat het verlagen van het aantal niet tot onze intenties behoort vanwege onze wens om te voldoen aan de aantallen vanuit de Spreidingswet en om te kunnen voldoen aan onze kwaliteitseisen.

3. Artikel 3, lid 3 van de concept-bestuursovereenkomst: Welke groepen worden bedoeld met mogelijke huisvesting van “andere groepen van het COA” (“indien de instroom van asielzoekers afneemt”)?

Het artikel luidt volledig: “Indien de instroom van asielzoekers afneemt zullen in overleg met de gemeente op de locatie andere groepen van het COA of gemeente opgevangen of gehuisvest worden tegen nader overeen te komen voorwaarden.” Op dit moment is het COA verantwoordelijk voor de opvang van asielzoekers. Er is bewust gekozen voor een brede formulering, zodat gemeente en COA in de toekomst gezamenlijk kunnen bepalen of ook andere groepen op deze locatie worden opgevangen of gehuisvest als de instroom van asielzoekers afneemt. Wij denken aan bijvoorbeeld studenten, starters of spoedzoekers. Op het moment dat dit aan de orde is wordt gekeken welke doelgroep op dat moment het best in aanmerking komt.

4. In de toelichting op de concept-bestuursovereenkomst in Bijlage B wordt gesproken over “meer capaciteitsplaatsen dan het maximumaantal”, met als argument dat mogelijk niet altijd alle plaatsen bezet zullen zijn. Wat zal het werkelijk aantal plaatsen dan in de praktijk zijn? Worden in geval van het genoemde aantal van 400, in de praktijk bijvoorbeeld 425 of 450 plaatsen gerealiseerd?

Het maximaal aantal asielzoekers dat op deze locatie mag verblijven is 400. In de praktijk kijkt het COA bij plaatsing naar wie bij elkaar op een kamer kan wonen. Daarbij spelen bijvoorbeeld gezinssamenstelling, leeftijd, geslacht en persoonlijke omstandigheden een rol. Daardoor kan het voorkomen dat er tijdelijk een bed leeg blijft op een kamer, terwijl de locatie als geheel nog niet vol is.

Er worden dus geen extra bewoners boven het afgesproken maximum geplaatst. De afspraak blijft dat

3/9

voorstel

15 mei 2026 Datum er maximaal 400 vluchtelingen op deze locatie worden opgevangen. Het COA moet hierover ook rapporteren.

Klankbordgroep

Vraag 5

Zijn er punten die de Klankbordgroep heeft ingebracht, maar die niet gehonoreerd zijn?

Antwoord van het college

Zo ja, welke punten betreft dit?

Enkele tekstvoorstellen zijn niet overgenomen, bijvoorbeeld omdat de inhoud al op een andere plek was verwerkt. Ook is een lastig leesbare passage niet aangepast, omdat dit juridisch niet haalbaar was. Daarnaast zijn enkele suggesties niet opgenomen in deze overeenkomsten, omdat deze meer passend zijn voor het beheer- en/of het veiligheidsplan, deze suggesties worden bij het opstellen van deze stukken meegenomen.

Financiën

Vraag 6

Artikel 5 en bijlagen van de bestuursovereenkomst. In hoeverre worden de gemeentelijke kosten van opvang van asielzoekers en statushouders tot nu toe daadwerkelijk gedekt uit rijksbijdragen (decentralisatie-uitkeringen en aanvullende uitkeringen)?

Antwoord van het college

En hoe wordt dat ingeschat voor de beoogde opvanglocatie De Tippe?

Dan gaat het om middelen voor zaken als: huisvesting (capaciteitsplaatsen, wooneenheden), communicatie en voorlichting, veiligheid, onderwijsvoorzieningen (gebouwen, lesmaterialen, gymnastiekzalen), (leerlingen)vervoer, zorgkosten, uitkeringen, verzekeringen, inburgering en integratie.

De kosten voor de opvang van vluchtelingen op een COA-locatie komen voor rekening van het COA.

Dat geldt ook voor statushouders zolang zij in het azc verblijven. Vanaf de start van hun inburgering zijn de kosten voor de gemeente, ook als zij dan nog in het azc wonen. Daarvoor ontvangt de gemeente middelen uit de SPUK (specifieke uitkering). Zodra statushouders een woning in Zwolle aangeboden krijgen, moeten zij zelf een zorgverzekering afsluiten. Daarvoor ontvangt de gemeente geen aanvullende vergoeding, de statushouder ontvang mogelijk een zorgtoeslag. Als een statushouder onvoldoende inkomsten uit arbeid heeft, kan diegene in aanmerking komen voor een uitkering op grond van de Participatiewet.

De gemeente heeft wettelijk de taak om te zorgen dat er voldoende onderwijs voor nieuwkomers is, terwijl de schoolbesturen verantwoordelijk zijn voor de manier waarop dat onderwijs wordt ingericht en uitgevoerd, dit geldt dus ook voor leerplichtige kinderen van asielzoekers. COA en gemeenten maken afspraken over leerlingenvervoer, of het gebruik van (les)locaties op het azc-terrein. Voor het basisonderwijs kunnen gemeenten bij het COA een aanvraag indienen voor onderwijshuisvestingsbudget.

Ondertekening

Vraag 7

Bent u bereid om de eventuele ondertekening van een bestuursovereenkomst met het COA t.a.v. de beoogde locatie in Stadshagen over te laten aan het nieuwe College van B en W?

Antwoord van het college

Zo nee, wat zijn dan de overwegingen om dat niet te doen?

Tijdens de raadsvergadering van 26 mei jl. is bij de waardering van de ingediende moties aangegeven dat wij hier niet toe bereid zijn. De overeenkomsten zijn inmiddels ondertekend zodat het COA de vergunningsaanvraag kan indienen. Wij wilden de overeenkomsten tekenen, voordat de aanvraag zou worden ingediend. Omdat nog niet bekend is wanneer een nieuw college wordt geïnstalleerd, zou wachten tot verdere vertraging hebben geleid.

4/9

voorstel

15 mei 2026 Datum Werkafspraken Wat de werkafspraken betreft willen wij niet in detail treden, maar wel een paar punten aankaarten die van direct belang zijn voor omwonenden, medewerkers en vrijwilligers:

Vraag 8

Artikel 1.2.1, lid 2 (blz. 5): Daar staat dat vanaf de ingebruikname de informatieverstrekking aan inwoners een taak is van het COA. Vraag: Hoe borgt de gemeente vanaf dat moment heldere, regelmatige, tijdige en transparante informatievoorziening richting inwoners?

Antwoord van het college

Wij voeren hierover regelmatig overleg met het COA en worden door het COA betrokken bij de informatievoorziening richting inwoners. Na ingebruikname ligt de verantwoordelijkheid hiervoor bij het COA, maar in de praktijk trekken wij hierin gezamenlijk op.

Vraag 9

Artikel 1.2.2, lid 10 (blz. 6): Bent u bereid om de huisregels, en de maatregelen bij het overtreden van de huisregels, onderdeel te laten zijn van de werkafspraken, zodat de gemeente daar ook invloed op heeft?

Antwoord van het college

Bent u bereid erop toe te zien, dat in de huisregels duidelijk sprake is van het voldoen aan de in Nederland algemeen aanvaarde normen en waarden (die overigens ook gelden buiten het AZC-terrein)?

Vraag 10

Artikel 2.1.2, lid 8 (blz. 8): Bent u bereid dit artikel aan te scherpen, in die zin dat het COA bij “buitensporige en/of ernstige incidenten op het gebied van openbare orde en veiligheid” direct aangesproken kan worden (en niet pas wanneer er sprake is van een “structureel karakter”)?

Antwoord van het college

En kunt verduidelijken dat dit ook geldt voor incidenten buiten het AZC-terrein?

Antwoord op vraag 9 tot en met 12: de werkafspraken zijn inmiddels door beide partijen ondertekend en bevatten op hoofdlijnen goede afspraken. Wij zien daarom nu geen aanleiding om deze opnieuw open te breken voor aanvullende uitwerkingen of verfijningen. Het COA betrekt ons bij het omwonendenoverleg en wij overleggen regelmatig over de voortgang. Zo houden wij goed zicht op de situatie en kunnen wij waar nodig samen met het COA bijsturen.

Vragen Forum voor Democratie en Fractie Bijleveld

1. Artikel 3 lid 3 – Alternatieve doelgroep bij afnemende instroom In artikel 3 lid 3 wordt bepaald dat bij afnemende instroom van asielzoekers “in overleg met de gemeente” andere doelgroepen kunnen worden gehuisvest, “tegen nader overeen te komen voorwaarden”.

5/9

voorstel

Datum

•

15 mei 2026 Op grond waarvan is ervoor gekozen deze voorwaarden niet al voorafgaand aan het sluiten van de overeenkomst concreet en beperkend vast te leggen?

Er is bewust gekozen voor een formulering die ruimte laat voor toekomstige omstandigheden. Op dit moment is nog niet te voorzien of, wanneer en voor welke doelgroep inzet van de locatie aan de orde kan zijn als de instroom van asielzoekers afneemt. Denkbaar is bijvoorbeeld huisvesting voor studenten, starters of spoedzoekers. Als deze situatie zich voordoet, beoordelen gemeente en COA gezamenlijk welke doelgroep passend is en onder welke voorwaarden dat kan plaatsvinden.

•

Acht het gemeentebestuur het vanuit het oogpunt van rechtszekerheid en democratische controle wenselijk dat essentiële voorwaarden pas op een later moment worden bepaald?

Wij vinden het belangrijk dat hierover niet eenzijdig kan worden beslist. Het COA kan alleen andere doelgroepen huisvesten na overleg met en instemming van de gemeente. Daarmee blijft de gemeentelijke afweging geborgd. Juist omdat toekomstige omstandigheden kunnen veranderen, vinden wij het niet wenselijk om nu al voorwaarden vast te leggen die later onvoldoende passend of onbedoeld beperkend kunnen zijn.

•

Kan het college toelichten waarom niet is gekozen voor een vooraf vastgesteld toetsingskader?

Niet is gekozen voor een vooraf vastgesteld toetsingskader omdat daarmee op dit moment onvoldoende recht kan worden gedaan aan toekomstige ontwikkelingen. De behoefte aan andere vormen van huisvesting, de maatschappelijke context en de randvoorwaarden kunnen in de tijd veranderen. Wij willen daarom op het moment dat dit aan de orde is een actuele en zorgvuldige afweging kunnen maken.

2. Artikel 4 – Looptijd overeenkomst (tot 2057) De overeenkomst heeft een looptijd tot en met 31 december 2057, met de mogelijkheid tot verlenging.

•

Kan het college motiveren waarom is gekozen voor een uitzonderlijk lange initiële looptijd, in plaats van een gefaseerde looptijd (bijvoorbeeld 10 jaar) met expliciete evaluatiemomenten en herijking?

•

Hoe verhoudt deze lange looptijd zich tot veranderende maatschappelijke, ruimtelijke en veiligheidscontexten?

•

Waarom is niet gekozen voor een constructie waarbij verlenging afhankelijk wordt gesteld van vooraf vastgelegde prestatie-indicatoren (bijv. veiligheid, leefbaarheid, draagvlak)?

De looptijd hangt samen met de keuze voor een permanente opvanglocatie en de investeringen die het COA daarvoor moet doen. Voor een dergelijke investering vraagt het COA om een minimale looptijd van 30 jaar. Wij hebben hiermee ingestemd omdat daarmee een structurele oplossing voor opvang wordt gerealiseerd. Tegelijkertijd zijn in de overeenkomst waarborgen opgenomen om in te kunnen spelen op gewijzigde omstandigheden, waaronder de mogelijkheid om het gebouw op termijn ook voor andere passende doelgroepen in te zetten. Afspraken over veiligheid leefbaarheid en draagvlak zijn ook gemaakt, maar zijn niet aan de looptijd gekoppeld

3. Artikel 4 lid 4 sub c – Opzegging i.v.m. gerechtelijke uitspraak In artikel 4 lid 4 sub c wordt bepaald dat opzegging mogelijk is bij een gerechtelijke uitspraak, “zolang er nog niet is gestart met de bouw”. 6/9

voorstel

Datum

•

15 mei 2026 Kan het college toelichten waarom deze opzeggingsgrond vervalt zodra de bouw is gestart?

•

Waarom is niet gekozen voor een bepaling waarbij de feitelijke uitvoering (zoals bouw) wordt opgeschort totdat alle relevante rechtsmiddelen zijn uitgeput?

•

Acht het college het wenselijk dat na aanvang van de bouw de juridische positie van de gemeente feitelijk wordt verzwakt?

Deze bepaling is opgenomen om te kunnen handelen als een gerechtelijke uitspraak daartoe aanleiding geeft voordat met de bouw is gestart. De behandeling van het hoger beroep van Stichting Leefbaar Stadshagen staat gepland op 17 juni 2026. Een uitspraak wordt naar verwachting niet lang daarna gedaan. Wij achten hiermee voldoende waarborgen aanwezig. Na start van de bouw is sprake van een andere feitelijke en juridische situatie, mede vanwege de investeringen en verplichtingen die dan zijn aangegaan. Wij achten de juridische positie van de gemeente hierdoor niet verzwakt.

4. Werkafspraken punt 10 – Maatregelen bij overtreding huisregels Er wordt gesteld dat het COA-maatregelen treft bij overtreding van huisregels.

•

Kan het college specificeren welke concrete maatregelen het COA kan opleggen (bijv. waarschuwing, overplaatsing, inhouding voorzieningen, time-out locaties)?

•

Zijn deze maatregelen juridisch bindend vastgelegd of slechts beleidsmatig?

•

Welke instrumenten heeft de gemeente als het COA onvoldoende handhaaft of maatregelen uitblijven?

•

Is overwogen om escalatiebepalingen op te nemen waarbij de gemeente zelfstandig aanvullende maatregelen kan afdwingen? Zo nee, waarom niet?

Het COA is verantwoordelijk voor de dagelijkse gang van zaken op de locatie en voor het handhaven van de huisregels. Daarbij kan het COA, afhankelijk van de situatie, maatregelen treffen die passen binnen zijn wettelijke taak en interne werkwijze. De afspraken met de gemeente richten zich vooral op monitoring, overleg, incidentbespreking en het opstellen van een plan van aanpak bij buitensporige of ernstige incidenten met een structureel karakter. Als de openbare orde of veiligheid in het geding is, kan daarnaast de burgemeester gebruikmaken van zijn bevoegdheden op grond van de openbare orde en veiligheid. Daarmee zijn er voldoende waarborgen en is ook voorzien in escalatie als maatregelen van het COA onvoldoende effect hebben.

5. Openbare orde en veiligheid – beëindiging overeenkomst (artikel 1.2 lid 8b) Er wordt bepaald dat de gemeente de overeenkomst tussentijds kan beëindigen als structurele ongeregeldheden niet worden opgelost.

•

Kan het college expliciteren wat onder “beëindiging van de overeenkomst” wordt verstaan in materiële zin?

•

Betekent dit dat de opvanglocatie geheel wordt gesloten, of zijn er ook tussenvormen mogelijk (zoals capaciteitsreductie of functiewijziging)?

•

Waarom zijn dergelijke tussentijdse interventiemogelijkheden niet expliciet in de overeenkomst opgenomen?

7/9

voorstel

15 mei 2026 Datum In andere gemeenten zijn vaak “interventieladders” opgenomen, bijvoorbeeld:

1. tijdelijke instroomstop

2. afschalen van capaciteit

3. verscherpt toezicht

4. (gedeeltelijke) sluiting bij ernstige verstoringen Beëindiging van de overeenkomst is bedoeld als uiterste maatregel als structurele ongeregeldheden niet worden opgelost. Voordat zo’n stap aan de orde is, worden eerst gesprekken gevoerd, verbeterafspraken gemaakt en zo nodig aanvullende maatregelen getroffen. Daarbij kunnen ook tussenvormen aan de orde komen, zoals extra toezicht, nadere werkafspraken of andere interventies die passen bij de ernst en aard van de situatie. Deze tussenstappen zijn niet limitatief in de overeenkomst uitgewerkt, omdat wij per situatie willen kunnen beoordelen welke maatregel effectief en proportioneel is.

6. Bevoegdheden burgemeester (artikel 1.2 lid 9) Er wordt verwezen naar de bevoegdheden van de burgemeester op het gebied van openbare orde en veiligheid.

•

Kan het college concreet aangeven op welke wettelijke bevoegdheden hier wordt gedoeld (bijv. op grond van de Gemeentewet, zoals artikelen 172, 174 en 175)?

•

In hoeverre kunnen deze bevoegdheden worden ingezet specifiek ten aanzien van de opvanglocatie (bijv. noodbevel, noodverordening, sluiting van gebouwen)?

•

Is overwogen deze bevoegdheden explicieter te koppelen aan de overeenkomst, zodat vooraf duidelijk is in welke situaties en op welke wijze wordt ingegrepen?

Met deze bepaling wordt in algemene zin verwezen naar de wettelijke bevoegdheden van de burgemeester op het terrein van openbare orde en veiligheid, zoals die onder meer volgen uit de Gemeentewet. Het gaat daarbij om bevoegdheden die afhankelijk van de concrete situatie kunnen worden ingezet, bijvoorbeeld bij verstoring van de openbare orde of bij dreigende ernstige wanordelijkheden. Omdat de overeenkomst een lange looptijd heeft, is ervoor gekozen niet uitputtend naar specifieke wetsartikelen te verwijzen. Wetgeving kan gedurende de looptijd wijzigen. De inzet van deze bevoegdheden blijft steeds afhankelijk van de wettelijke grondslag, de feitelijke situatie en de vereisten van proportionaliteit en subsidiariteit.

7. Algemene aanvullende vragen:

•

Is het college bereid de overeenkomst aan te vullen met een expliciet handhavings- en interventiekader, waarin stapsgewijs wordt vastgelegd welke maatregelen volgen bij incidenten (variërend van waarschuwing tot capaciteitsreductie of sluiting)?

•

Kan het college hierbij voorbeelden betrekken van andere gemeenten waar dergelijke bepalingen concreter en afdwingbaar der zijn vormgegeven? Zoals in Budel en Ter Apel wordt gewerkt met strengere handhavingsarrangementen, inclusief versnelde overplaatsing bij overlastgevers en intensieve toezichtstructuren. Zo nee, waarom niet?

8/9

voorstel

15 mei 2026 Datum Wij zien op dit moment geen aanleiding om de overeenkomst aan te vullen met een afzonderlijk handhavings- en interventiekader. De gemaakte afspraken bieden voldoende handvatten om op te treden bij incidenten en om, waar nodig, aanvullende afspraken te maken. Daarbij is van belang dat de locaties in Budel en Ter Apel vanwege hun omvang, functie en landelijke betekenis niet één-op-één vergelijkbaar zijn met de opvanglocatie in De Tippe. Wij blijven de uitvoering volgen en kunnen op basis van ervaringen in de praktijk beoordelen of nadere werkafspraken nodig zijn.

8. We vragen ons af of er een impactanalyse heeft plaatsgevonden op de volgende onderwerpen:

1. Veiligheid: hoeveel impact wordt er verwacht en welke maatregelen zijn dan nodig vanuit de gemeente en welke kosten zijn hieraan verbonden?

Voordat het locatiebesluit is genomen is de verwachte impact op hoofdlijnen in kaart gebracht. Het onderwerp veiligheid wordt de komende periode verder uitgewerkt in overleg met het COA, de klankbordgroep en de betrokken veiligheidspartners. Daarbij wordt gekeken naar de verwachte impact, de benodigde maatregelen en de eventuele kosten voor de gemeente. Op dit moment is dit nog niet volledig inzichtelijk te maken.

2. Zorg: Wordt er gebruik gemaakt van bestaande zorg (Regeling Medische Zorg,RMA) of gaat dit volledig via het COA? Mocht dit wel via de RMA gaan, hoe is dan gegarandeerd dat dit niet ten koste gaat van de zorg voor de Zwollenaar?

Asielzoekers vallen voor medische zorg onder de Regeling Medische Zorg Asielzoekers (RMA).

Het COA is verantwoordelijk voor het organiseren en faciliteren van deze zorg op de opvanglocatie en koopt deze zorg zelf in. Daarmee wordt niet uitgegaan van inzet van de reguliere huisartsenzorg in Zwolle voor de bewoners van de opvanglocatie. Het uitgangspunt is dat dit niet ten koste gaat van de zorg voor inwoners van Zwolle.

Openbaarheid Deze raadsbrief en alle bijlagen zijn openbaar.

Burgemeester en wethouders van Zwolle,

burgemeester, Peter Snijders

secretaris, Dick Emmer

9/9

Bekijk de brief: Raadsbrief Beantwoorden vragen raadsbrief- Voorgestelde wijze van afhandeling van toezegging Bestuursovereenkomst COA raadsbreed dele

Bron: raadsinformatie van de gemeente Zwolle (Open Raadsinformatie). De vragen en antwoorden zijn automatisch uit de brief gelezen; het origineel is leidend.

Meer vragen aan het college van Zwolle

Alle artikel 35-vragen in Zwolle