20260106 schriftelijke vragen betreffende het arkenbeleid in Aalsmeer
Een raadslid stelde op 6 januari 2026 schriftelijke vragen aan het college van burgemeester en wethouders van Aalsmeer (9 vragen).
In het kort
9 vragen en wat het college antwoordt
- Huidige situatie 1. →
- Is inzichtelijk hoe deze verdeling zich in de afgelopen tien jaar heeft ontwikkeld? → Zo ja, kan het college deze ontwikkeling schetsen; zo nee, waarom niet? 2.
- Beschikt het college over informatie waaruit blijkt of arkenbewoning bijdraagt aan doorstroming op de woningmarkt, bijvoorbeeld doordat bewoners een reguliere woning… → 3.
- In hoeverre acht het college het huidige arkenbeleid toegankelijk voor starters en senioren met een lokale binding, en op welke objectieve gegevens baseert het college… → 4.
- Kan het college aangeven of het huidige arkenbeleid er in de praktijk toe leidt dat het aantal arken met een woonfunctie op termijn afneemt, bijvoorbeeld door het… → - Zo ja, acht het college dit een wenselijke ontwikkeling? - Zo nee, waarop baseert het college dat oordeel?
- Hoe verhoudt een mogelijke afname van arken met woonfunctie zich tot de erkenning van wonen op water als immaterieel erfgoed, waarbij behoud en doorontwikkeling van de… → 5.
- Hoeveel handhavingszaken met betrekking tot arkengebruik hebben zich in de afgelopen vijf jaar voorgedaan en wat was de aard en uitkomst daarvan? → 6.
- Verwacht het college dat deze trajecten op termijn gevolgen kunnen hebben voor de beleidsruimte van de gemeente Aalsmeer? → Zo ja, op welke onderdelen en in welk tijdspad? 7.
Overgenomen uit de brief van het college; hieronder staan de volledige vragen en antwoorden.
Aanleiding
Schriftelijke vragen (art. 39 RvO) m.b.t. het arkenbeleid in Aalsmeer Inleiding Wonen op het water kent in Nederland een lange geschiedenis en vormt een herkenbaar onderdeel van onze wooncultuur. Deze woonvorm – waaronder woonboten en woonschepen – is in Nederland erkend als immaterieel erfgoed in het kader van de UNESCO-conventie. Daarmee gaat het niet alleen om een fysieke woonvorm, maar ook om een cultuurhistorische praktijk die vraagt om zorgvuldige omgang en beleidsmatige aandacht.
In de gemeente Aalsmeer is wonen op water nauw verbonden met het landschap, de identiteit en de geschiedenis van de Westeinderplassen. Tegelijkertijd staat de gemeente voor een aanhoudende woningdruk, met beperkte doorstroming en schaarste aan betaalbare woonruimte.
Voor FlorAalsmeer is op dit moment onvoldoende inzichtelijk hoe het huidige arkenbeleid zich verhoudt tot deze ontwikkelingen, en in hoeverre dit beleid bijdraagt aan:
•
passende huisvesting voor verschillende doelgroepen,
•
doorstroming op de lokale woningmarkt,
•
behoud van leefbaarheid en cultuurhistorische waarden.
Daarnaast lopen er op provinciaal en regionaal niveau ruimtelijke trajecten, waaronder de NOVEX Schipholregio, de actualisatie van de Omgevingsvisie Noord-Holland en de plannen rond de Westeinderscheg. Deze trajecten kunnen gevolgen hebben voor de beleidsruimte van gemeenten, waaronder Aalsmeer.
De fractie van FlorAalsmeer heeft hierover de volgende vragen;
Vragen en antwoorden
Vraag 1
Huidige situatie 1. Kan het college aangeven hoeveel arken zich momenteel binnen de gemeente Aalsmeer bevinden en welk gebruik daarbij is geregistreerd, uitgesplitst naar: o permanente bewoning; o recreatief gebruik; o overige of gemengde vormen?
Antwoord van het college
Vraag 2
Is inzichtelijk hoe deze verdeling zich in de afgelopen tien jaar heeft ontwikkeld?
Antwoord van het college
Zo ja, kan het college deze ontwikkeling schetsen; zo nee, waarom niet?
2. Woningmarkt en doorstroming
Vraag 3
Beschikt het college over informatie waaruit blijkt of arkenbewoning bijdraagt aan doorstroming op de woningmarkt, bijvoorbeeld doordat bewoners een reguliere woning achterlaten?
Antwoord van het college
3. Betaalbaarheid en toegankelijkheid
Vraag 4
In hoeverre acht het college het huidige arkenbeleid toegankelijk voor starters en senioren met een lokale binding, en op welke objectieve gegevens baseert het college dit?
Antwoord van het college
4. Juridisch en beleidsmatig kader
Vraag 5
Kan het college aangeven of het huidige arkenbeleid er in de praktijk toe leidt dat het aantal arken met een woonfunctie op termijn afneemt, bijvoorbeeld door het ontbreken van mogelijkheden voor vervanging, uitbreiding of nieuwe ligplaatsen?
Antwoord van het college
- Zo ja, acht het college dit een wenselijke ontwikkeling?
- Zo nee, waarop baseert het college dat oordeel?
Vraag 6
Hoe verhoudt een mogelijke afname van arken met woonfunctie zich tot de erkenning van wonen op water als immaterieel erfgoed, waarbij behoud en doorontwikkeling van de praktijk centraal staan?
Antwoord van het college
5. Handhaving en gebruik
Vraag 7
Hoeveel handhavingszaken met betrekking tot arkengebruik hebben zich in de afgelopen vijf jaar voorgedaan en wat was de aard en uitkomst daarvan?
Antwoord van het college
6. Regionale ontwikkelingen
Vraag 8
Verwacht het college dat deze trajecten op termijn gevolgen kunnen hebben voor de beleidsruimte van de gemeente Aalsmeer?
Antwoord van het college
Zo ja, op welke onderdelen en in welk tijdspad?
7. Vooruitblik
Vraag 9
Is het college bereid om de raad in de komende raadsperiode te informeren over mogelijke beleidsrichtingen voor het arkenbeleid, inclusief de daarbij behorende juridische en ruimtelijke aandachtspunten?
Antwoord van het college
In afwachting van uw reactie,
Judith Keessen FlorAalsmeer
Bekijk de brief: 20260106 schriftelijke vragen betreffende het arkenbeleid in Aalsmeer
Bron: raadsinformatie van de gemeente Aalsmeer (Open Raadsinformatie). De vragen en antwoorden zijn automatisch uit de brief gelezen; het origineel is leidend.