25 juni 2026 · artikel 35-vragen · gemeente Barneveld

Schriftelijke vragen en antwoorden - Jaarrekening 2025

Een raadslid stelde op 25 juni 2026 schriftelijke vragen aan het college van burgemeester en wethouders van Barneveld (1 vragen).

In het kort

1 vragen en wat het college antwoordt

  • Wat is het vervolgproces m.b.t. deze pilot? → Met de "pilot regenwaterhergebruik" wordt het plan voor hergebruik van regenwater in het Woonwerklandschap Voorthuizen bedoeld (hoofdstuk 3.2 Aantrekkelijke leefomgeving, speerpunt klimaat…

Overgenomen uit de brief van het college; hieronder staan de volledige vragen en antwoorden.

Aanleiding

Jaarrekening 2025 Technische schriftelijke vragen en antwoorden

1

Nr. Politieke Onderdeel partij

Pagina- Vraag nummer

5

VVD

Financiële positie

6

6

VVD

Welke kleinschalige verkeersmaatregelen zijn niet uitgevoerd?

7

VVD

Toelichting op de 9 belangrijkste verschillen - 5 Bereikbaarheid en parkeren Toelichting op de 9 belangrijkste verschillen

8

VVD

Subsidie

In de jaarstukken wordt vermeld dat bij de subsidieverstrekking Bij de verstrekking van de subsidies zijn de voorwaarden zoals opgenomen in de algemene subsidieverordening een onrechtmatigheid van € 283.738 is geconstateerd, omdat bij doorlopen; dit wil zeggen dat er een schriftelijk aanvraag is geweest, dat er een dekkingsplan/begroting een begrotingssubsidie de verantwoording niet de volledige /activiteitenplan is aangeleverd en dat er een inhoudelijke behandeling van de aanvraag heeft plaatsgevonden. subsidieomvang dekt. Tegelijkertijd wordt aangegeven dat de De onrechtmatigheid van deze subsidies komt voort uit de vaststelling van de subsidies, waarbij is subsidie terecht is verstrekt en dat geen sprake is van misbruik of geconstateerd dat er aan 1 vaststellingsvoorwaarde niet volledig is voldaan. Dit wil niet zeggen dat de subsidies oneigenlijk gebruik. Op basis van welke informatie en controles onterecht zijn verstrekt of dat de gelden aan verkeerde doeleinden zijn besteed. kan worden vastgesteld dat geen sprake is van misbruik of oneigenlijk gebruik, terwijl voor een deel van de subsidie geen Deze onrechtmatigheid is vorig jaar ook gerapporteerd voor een bedrag van €268.946. In de toereikende verantwoording aanwezig is? Om welke subsidie(s) rechtmatigheidsverantwoording in de jaarrekening 2025 leggen we verantwoording af over de gaat deze onrechtmatigheid precies? En is een vergelijkbare subsidievaststelling van 2024. onrechtmatigheid ook in voorgaande jaren geconstateerd, en zo ja, Door de timing van de subsidievaststelling en onze jaarrekeningcontrole, is het praktisch gezien niet mogelijk voor welk bedrag? geweest om deze onrechtmatigheid voor dit jaar reeds te voorkomen. Desalniettemin zijn er wel acties ondernomen, deze zullen naar verwachting in de jaarrekening 2026 zichtbaar zijn.

70

Antwoord

Op pagina 9 wordt aangegeven dat de gerealiseerde netto Voor de beantwoording van de eerste vraag maken we gebruik van de balansprognose 2025 in paragraaf 2 van schuldquote is gedaald van 107% naar 105% (en de gecorrigeerde de Programmabegroting 2026.…

Vragen en antwoorden

Vraag 1

Wat is het vervolgproces m.b.t. deze pilot?

Antwoord van het college

Met de "pilot regenwaterhergebruik" wordt het plan voor hergebruik van regenwater in het Woonwerklandschap Voorthuizen bedoeld (hoofdstuk 3.2 Aantrekkelijke leefomgeving, speerpunt klimaat en energietransitie). Het is een plan van de ontwikkelaar en de gemeente om regenwater op te vangen in een waterzak in de kruipruimte en dit vervolgens te gebruiken voor toiletdoorspoeling, wasmachine en buitenkraan (conform regelgeving en normering). Hiermee wordt drinkwater bespaard en tegelijk waterberging op eigen terrein gemaakt. Bij goed functioneren kan dit systeem breder worden ingezet.

24 SGP

Vaststelling

7

1,148 milj wordt gestort in de algemene reserve. Is dit specifiek geoormerkt voor jeugdzorg?

Het Rijk heeft in de Meicirculaire 2025 een aanvullende bijdrage verstrekt aan gemeenten ter compensatie van het structurele tekort in de jeugdzorg. Voor de gemeente Barneveld betreft dit in 2025 een bedrag van € 1,148 miljoen. Omdat het via het Gemeentefonds wordt uitgekeerd zijn dit vrij besteedbare middelen en hoeven deze niet specifiek aangewend te worden voor dit doel. Bij de jaarverslaggeving wordt de raad gevraagd de middelen te storten in de algemene reserve. Dit biedt de mogelijkheid om, indien noodzakelijk, u op een later moment een voorstel te doen om eventueel te maken kosten voor de jeugdzorg uit (een deel van) dit budget te dekken.

25 SGP

Resultaat programma's

9

Besparing op Jeugd – Hervormingsagenda is niet behaald. Wat zijn De oorspronkelijke taakstelling voor 2025 bedroeg € 1.000.000. Een deel hiervan (€ 313.000) is daadwerkelijk de consequenties daarvan? Wordt er in komende jaren een verwerkt in de begroting 2025, omdat van dit deel de verwachting was dat de besparing haalbaar zou moeten inhaalslag gedaan? zijn. Van het resterende deel van € 687.000 is al eerder besloten (maart 2025) dat het hiervan te onzeker is of de besparing behaald zou kunnen worden en daarom is dit niet gekoppeld aan de actielijnen. Dit deel is verrekend met het incidentele resultaat over 2025. Voor 2026 en verder gaat de Hervormingsagenda verder, inclusief een jaarlijkse taakstelling op de begroting. Gezien de (landelijke) ontwikkelingen en uitdagingen binnen dit beleidsterrein vindt hierop een uitvoerige monitoring plaats, inclusief 2x per jaar een tussentijdse evaluatie (zoals eerder afgesproken met de raad).

26 SGP

Resultaat programma's

9

Wmo materiële en immateriële voorzieningen: was dit niet te voorzien geweest?

Dit was slechts gedeeltelijk te voorzien. Het grootste deel hangt samen met een toename in volume en complexiteit van de ondersteuning, die sterker is uitgevallen dan vooraf ingeschat. Een beperkt deel van het nadeel komt voort uit kosten van aanbestedingen en cao‑effecten die bij het opstellen van de begroting nog niet volledig bekend waren.

4

27 SGP

Programma 1 wat hebben we bereikt

28 SGP

11

Tijdelijke subsidieregeling in het kader van het Nationaal Programma Onderwijs (NPO): wordt aan de gestarte activiteiten een vervolg gegeven nu de subsidie wegvalt?

Er zijn in het kader van het NPO uiteenlopende subsides verstrekt voor verschillende activiteiten. In de aanvragen is vooraf nadrukkelijk aandacht besteed aan borging, met als doel een zo duurzaam mogelijke inzet van middelen. Nu de subsidie is afgelopen, zien we dat een deel van de scholen ervoor heeft gekozen om activiteiten (geheel of gedeeltelijk) zelf voort te zetten. Andere activiteiten hebben geen structureel vervolg gekregen, maar hebben wel een blijvende impact gehad, bijvoorbeeld door opgedane kennis, versterkte expertise, of aangeschafte materialen zoals boeken of speelmateriaal. Daarmee is in veel gevallen sprake van een blijvend effect, ook als de specifieke activiteit zelf niet altijd is voorgezet.

1.1 zelfredzame 12 inwoners

Werkcentrum FoodValley: hoe wordt dit verder uitgebouwd?

Het Werkcentrum Foodvalley is operationeel ingericht, zowel digitaal als fysiek in Ede. In de arbeidsmarktregio wordt gewerkt aan een meerjarenplan voor doorontwikkeling op de langere termijn. In aansluiting op de regionale kaders ontwikkelt Barneveld samen met onderwijs, werkgevers en andere stakeholders een lokale vestiging. Hiermee wordt Werkcentrum Foodvalley verbonden aan de ambitie en energie in het lokale netwerk.

Hiervoor wordt een raadsvoorstel voorbereid voor een driejarige pilot (2027–2029), met monitoring en evaluatie als basis voor besluitvorming over voortzetting.

29 SGP

Speerpunt Veilig 14 en gezond opgroeien en samenleven

Regionale samenwerking Jeugd: wat zijn de resultaten van het gezamenlijk optrekken bij beleidsvorming mbt jeugdbeleid?

De Regionale samenwerking op het gebied van jeugd heeft in 2025 geleid tot een verdere versterking van de gezamenlijke beleidsvorming. Een belangrijk resultaat is de formele bekrachtiging van de Intergemeentelijke Samenwerking (IGS) in september 2025 en de vaststelling van de Gemeenschappelijke Regeling (GR) in november 2025. Hierdoor zijn bestuurlijke afspraken, besluitvorming en samenwerking tussen gemeenten van Jeugd FV verder geformaliseerd en geborgd. Daarnaast wordt er gezamenlijk gewerkt aan de ontwikkeling van een regiovisie, waarin de gezamenlijke koers en beleidsdoelen voor de jeugdhulp worden uitgewerkt. De samenwerking heeft tevens geleid tot een sterkere afstemming tussen gemeenten en aanbieders, waardoor verbeterprojecten voor de jeugdhulp regionaal worden opgepakt en kennis, expertise en uitvoeringskracht beter worden gedeeld. Hierdoor worden lokale opgaven effectiever ondersteund vanuit de regio en ontstaat meer samenhang in jeugdbeleid.

30 SGP

Samen oud worden

Aanbesteding WMO: in hoeverre was rekening gehouden met de stijging van de kosten in de nieuwe aanbesteding?

Bij de opzet van de nieuwe aanbesteding is rekening gehouden met de op dat moment voorziene kostenontwikkelingen. Daarbij is een inschatting gemaakt van de verwachte prijsstijgingen.

In de uitvoering is echter gebleken dat de werkelijke kostenstijging hoger uitviel dan destijds kon worden voorzien, onder meer als gevolg van cao-ontwikkelingen, die op dat moment nog niet bekend waren.

15

5

31 SGP

4 42 Cyberaanvallen op de digitale omgeving

Op basis waarvan is de risicoscore voor cyberaanvallen als ‘enigszins onwaarschijnlijk’ vastgesteld, gezien de landelijke toename van cyberaanvallen en het feit dat NIS2 nog niet is geïmplementeerd? Kunt u toelichten waarom dit risico niet is geclassificeerd als ‘niet waarschijnlijk en niet onwaarschijnlijk’, of zelfs als ‘enigszins waarschijnlijk’?

Een risicoscore van enigszins onwaarschijnlijk betekent dat dat de kans bestaat dat het risico zich 1 x per 5 á 10 jaar voordoet. Wij zijn tot deze risicoscore gekomen door het aantal significante incidenten dat zich de afgelopen jaren heeft voorgedaan te combineren met de maatregelen die de gemeente heeft genomen ten aanzien van informatiebeveiliging. Deze maatregelen zijn breed en samenhangend ingericht. Denk aan sterk wachtwoord- en authenticatiebeleid, netwerkbeveiliging, tijdig patchen en updaten, betrouwbare back-ups en gerichte bewustwording bij medewerkers. De werking van deze maatregelen wordt actief bewaakt en getoetst.

De belangrijkste systemen worden continu gemonitord door een extern Security Operations Center, incidenten worden direct opgevolgd en maandelijks geanalyseerd.

Tegelijkertijd erkennen wij dat het landelijke dreigingsbeeld serieus is. Het NCSC schetst een steeds complexer en onvoorspelbaarder dreigingslandschap, waarin cyberaanvallen geavanceerder worden. Dat is ook de reden waarom de impact van dit risico in onze analyse als zeer groot is beoordeeld. De kansscore moet daarom niet worden gelezen als een onderschatting van cyberdreigingen, maar als een weging van de kans na getroffen maatregelen, naast een expliciet hoge impactinschatting.

Wij sluiten niet uit dat, gezien de recente ontwikkelingen op het gebied van informatiebeveiliging, dit risico in de toekomst anders wordt ingeschat.

32 SGP

Onrechtmatige inkopen

70

Welke concrete organisatorische risico’s vloeien voort uit de onrechtmatige inkopen? In hoeverre beïnvloeden deze onrechtmatigheden de bedrijfsvoering? Welke maatregelen worden in het genoemde plan van aanpak opgenomen om de onrechtmatigheden op te lossen?

Onrechtmatige inkopen brengen juridische en beheersrisico’s met zich mee. Omdat de onrechtmatigheden voortkomen uit bestaande contracten, is het risico op juridische claims klein. De aanbestedingen die wel worden gedaan, zijn van goede kwaliteit. De beheersrisico’s zitten op effectieve contractsturing en kostenbeheersing. De directe impact op de continuïteit van de bedrijfsvoering is beperkt doordat bestaande contracten doorlopen. De grootste impact zit in de benodigde capaciteit om de onrechtmatigheden te herstellen, inclusief intensieve aanbestedingstrajecten en mogelijke leverancierswisselingen.

In het plan van aanpak wordt onder meer ingezet op structureler invulling geven aan contractbeheer- en management. De datakwaliteit van het contractendashboard wordt verbeterd en we gaan het gesprek aan met alle contracteigenaren om tot prioritering en een inkoopkalender te komen. Hiervoor is vanaf juli capaciteit ingeregeld.

33 SGP

WOO verzoeken 72

Wat is de analyse vanuit het gemeentehuis m.b.t. de groei van het aantal WOO verzoeken?

Uit het integraal jaarverslag van JZ: Het aantal verzoeken dat op basis van de Wet open overheid is ingediend is aanzienlijk gestegen van 48 in 2024 naar 62 in 2025. Ook zet de eerder al geconstateerde trend door dat er meer van deze verzoeken complex van aard zijn. De stijging tot 62 Woo-verzoeken weerspiegelen de populariteit van de Woo in de samenleving.

34 SGP

311 91 Volkshuisvesting

Had het budget voor een onderzoek naar verkeerslawaai kunnen worden overgeheveld naar 2026, en zo ja, waarom is dat niet gebeurd?

Dit budget had overgeheveld kunnen worden, dit is per abuis niet gebeurd. Het voornemen is nu om bij de 2e tussenrapportage een bedrag gelijk aan het resterende budget van destijds opnieuw aan te vragen.

6

35 SGP

JV/Turap: WMO

In het jaarverslag 2025 zien we een structureel tekort van 485.000 Een deel van het tekort wordt veroorzaakt door ontwikkelingen die zich gedurende het jaar hebben voorgedaan in de Turap opnieuw een structureel nadeel van 305.000. en die slechts beperkt vooraf te voorzien waren.

Overkomt ons dit of begroten we te positief?

Daarbij gaat het onder meer om kostbare woningaanpassingen, een sterkere stijging van het gebruik van duurdere voorzieningen, zoals intensieve trajecten voor wooncoaching, en de verschuiving van ondersteuning vanuit het medisch domein naar het sociaal domein.

Ook de vraag naar huishoudelijke ondersteuning blijft toenemen.

Daarnaast spelen de effecten van nieuwe aanbestedingen een rol, waarbij indexaties pas later volledig duidelijk zijn geworden en de uiteindelijke kosten hoger zijn uitgevallen dan eerder geraamd.

47 SGP

Grondexploitatie 8 en 47 s: Inleiding/NBI

Wat is de reden om binnenplanse investeringen te verplaatsen naar de gemeentelijke grondexploitaties? En welke financiële gevolgen heeft dit en welk (raads?)besluit ligt hieraan te grondslag?

De reden om ze te verplaatsen is dat deze investeringen geheel binnen het plangebied van de grondexploitatie liggen en ook alleen daarvoor toegevoegde waarde hebben. De financiele gevolgen staan ook beschreven bij het antwoord op vraag 9, maar is als volgt: Het foutherstel ziet op de administratie verwerkingswijze van de bovenwijkse en binnenplanse voorzieningen. In het verleden werd de volledige investering geboekt onder de materiële vaste activa. Het deel van de kosten dat toe te rekenen was aan de grondexploitaties, werd daarnaast óók opgenomen in de grondexploitatie (de voorraad). Dit gebeurde via een kostenbijdrage, die vervolgens werd toegevoegd aan de bestemmingsreserve bovenwijks. Het gevolg van deze werkwijze was dat dezelfde investering eigenlijk twee keer op de balans terechtkwam: één keer als vaste activa en één keer via de grondexploitatie en reserve.

In de nieuwe werkwijze wordt dit anders aangepakt. Het deel van de investering dat bij de grondexploitatie hoort, wordt nu direct als kosten daarin verwerkt. Alleen het deel van de investering dat ten goede komt aan bestaande gebieden wordt nog opgenomen onder de materiële vaste activa.

Doordat deze splitsing nu direct wordt gemaakt, is het niet meer nodig om via de bestemmingsreserve bovenwijks een bijdrage te verwerken. Daarnaast is gebleken dat in de oude situatie de kostenbijdrage in de grondexploitatie eigenlijk te vroeg werd opgenomen. Dit verschil heeft echter alleen te maken met de timing: het gaat om wanneer de kosten worden toegerekend, niet om de hoogte van de kosten zelf.

In de jaarrekening betekent dit dat een deel van de investeringen die onder de materiële vaste activa zijn opgenomen worden overgeboekt naar de grondexploitaties. Daarnaast worden de bijdragen die in de reserve bovenwijks zijn opgenomen teruggedraaid. Dit betekent dat de reserve bovenwijks afneemt en dit in mindering wordt gebracht op de grondexploitatie. Dit is bijgevoegde balans inzichtelijk gemaakt.

In de exploitatierekening is het effect van de gewijzigde verwerkingswijze beperkt. De bijdrage van de grondexploitaties aan de bovenwijkse voorzieningen werd als bate in het resultaat geboekt, om dit saldo vervolgens aan de reserve bovenwijks toe te voegen, waardoor deze boeking resultaatneutraal is. In de nieuwe verwerkingswijze zal deze mutatie niet meer worden opgenomen. Op het jaarresultaat heeft dit echter geen invloed omdat zowel de bate als de reservemutatie vervallen.

7

48 SGP

Grondexploitatie 45 s: Facilitaire ontwikkeling

Dit is een nieuw toegevoegd hoofdstuk. Hierin wordt diverse project types omschreven. Heeft deze toevoeging financiële consequenties? En wat betekent de laatste zin: De gemeente Barneveld past met deze werkwijze kostenverhaal toe binnen de mogelijkheden die de Omgevingswet ons biedt.

Dat klopt. Dit is een nieuw hoofdstuk dat ziet op faciliterende ontwikkelingen, die eerder niet werden benoemd in het MPG. We willen meer inzicht bieden in ook de financiele resultaten bij de grotere en complexere faciliterende projecten. Bij faciliterende projecten gaat het om gemeentelijk kostenverhaal als wettelijke plicht vanuit de Omgevingswet. Het heeft geen (nieuwe) financiele consequenties omdat deze projecten al onderdeel uitmaakte van de totale financien van de gemeente Barneveld. De ambitie is om in het MPG 2026 willen we het financiele resultaat apart zichtbaar maken van deze wat grotere faciliterende projecten. Met de laatste zin bedoelen we dat we binnen de mogelijkheden die de Omgevingswet gemeenten biedt we de maximale kosten op intiatiefnemers, die projecten ontwikkelen binnen de gemeente, verhalen van de gemeentelijke inzet. Dus een vergoeding van voornamelijk de personele inzet in uren.

49 SGP

Grondexploitatie 31 s: Bloemendal

In 2024 315 woningen goedkoop/sociaal. In 2025 719 woningen sociaal. Betekent dit dat goedkope koopwoningen zijn geschrapt en volledig sociale huur voor in de plaats is gekomen?

Nee, we hebben de categorieën anders samengevat/genoemd in het MPG en ook terug te vinden in de Notitie Grondprijzen 2026, vastgesteld door het college van B&W en ter informatie aan de gemeenteraad verstrekt. De categorie "sociaal" is zowel sociale huur als sociale koop laag en hoog. De 719 wonigenworden als volgt verdeeld: 353 sociale huur en 366 woningen sociale koop. De sociale koop wordt gesplitst in 93 sociale koop laag woningen < 290.000 von env273 sociale koop hoog woningen < 352.500 von.

50 SGP

Grondexploitatie 11 s: Inleiding

De NCW is is t.o.v. 2024 met 10milj teruggelopen. Is er een prognose te geven over de komende jaren? Is de verwachting dat dit nog verder zal verslechteren?

Het resultaat op NCW van de 13 grondexploitaties per 1-1-2026 (op blz. 11 van het actuele MPG) is ten opzichte van 1-1-2025 (toen nog 11 grondexploitaties) inderdaad vele miljoenen lager. Dit komt dit keer vooral door de verwerking van de betaalbaarheidseisen die landelijk zijn opgelegd, en vooral impact hadden op Bloemendal. Het ligt niet in lijn der verwachting dat zo'n grote impact op het totaal van alle projectresultaten de komende jaren ook aan de orde zal zijn, maar er kunnen zich altijd ontwikkelingen voordoen die we nu niet kunnen overzien. Maar op de middellange termijn verwachten we niet weer zo'n forse daling van het resultaat op NCW. We kunnen geen prognose verstrekken voor de komende jaren, omdat in deze berekende NCW al de prognoses zijn verwerkt van alle verwachte kosten en opbrengsten van de projecten t/m afsluiting en dit eindbedrag is teruggerekend tot 1-1-2026.

51 SGP

Grondexploitatie 47 s: NBI

6.3 Kwaliteitsverbetering fysieke leefomgeving. Gaat het Nee, het heroverwegen zal niet voor meer lasten zorgen, maar juist voor meer baten. Door een nadere heroverwegen voor extra lasten zorgen in de MPG? Wat is de reden uitwerking van de vastgestelde Omgevingsvisie en het Landschapsplan naar concrete (uitvoerings)projecten om dit te heroverwegen? kan de gemeente opleggen dat bijdragen worden verhaald voor een ontwikkeling om de kwaliteit van de fysieke leefomgeving te verbeteren. Gemeenten kunnen dan een financiële bijdrage verhalen op initiatiefnemers van bouwactiviteiten. Dit heet de publiekrechtelijke afdwingbare financiële bijdrage.

8

58 CDA

Tarieven en inkomsten

38

Bij lokale heffingen nr 11. Naheffing parkeerkosten is € 134.000 Deze naheffinggen met een totaal van € 134.000 zijn reeds ontvangen in 2025. In de volksmond wordt een opgenomen in 2025. In de toelichting staat dat deze post met naheffing parkeren ook wel een parkeerbon/boete genoemd. name is veroorzaakt door een nieuwe methode van parkeercontrole bij het Gowthorpeplein.Recent lazen wij dat vanwege niet functioneren van dit systeem voor nieuw systeem gekozen wordt.Met name niet goed registreren van parkeerders, dubbel registreren etc is de reden.

Hoe reeël is het in dit licht om de verwachting te hebben dat wij dit bedrag ook zullen ontvangen?

59 CDA

Kosten dekkendheid grafrechten

39

In deze tabel zien wij dat overhead niet in begroting is In de begroting is de component Overhead wel meegenomen maar in de tabel per abuis verdisconteerd in de meegenomen en wel in de jaarrekening.Wat is daar de reden van? component Kosten product.

60 CDA

Voorziening 48 groot onderhoud wegen

De voorziening groot onderhoud wegen is in 2025 fors geslonken wegens forse onttrekking. Er staat nog slechts een beperkt saldo van € 110.000,Is er een onderbouwing dat deze € 110.000 toereikend is?

Als blijkt dat dit bedrag door onderbouwing ontoereikend is waarom is er dan niet voor gekozen om een deel van de kosten in 2025 niet uit de voorziening te betalen maar als incidentele kostenpost toe te voegen in 2025.

De uitnuttingen in 2024 en 2025 waren conform planning. Voor 2026 en de jaren erna ligt er een plan onder, waaruit blijkt dat de dotatie aan de voorziening voldoende is voor dekking in betreffend jaar.

61 CDA

Toelichting 115 overschrijding lopen investeringskredi eten

Krediet 725363:wat is de reden waarom dit project is stopgezet nadat al zoveel kosten gemaakt zijn en daarmee niet meer subsidiabel blijkt te zijn

De bibliotheek is inmiddels verduurzaamd. Hiervoor zijn diverse energiebesparende maatregelen uitgevoerd.

De werkzaamheden zijn echter in een beperktere omvang uitgevoerd dan oorspronkelijk was voorzien. Er is ervoor gekozen een aantal maatregelen niet uit te voeren, omdat de kosten hiervan niet in verhouding stonden tot de verwachte energiebesparing.

Hierdoor is niet de volledige verleende subsidie benut en moet een deel van de ontvangen subsidie worden terugbetaald. Het betreft een bedrag van € 138.000.

62 CDA

6 en 9

Hoe wordt voorkomen dat structurele kostenstijgingen, zoals bij WMO en veilig thuis, incidenteel worden opgevangen en daarmee een vertekend beeld ontstaat?

In het geval van structurele kostenstijgingen, worden deze ook structureel opgenomen in de Turap-1 en Kaderbrief als autonome ontwikkeling en dit wordt structureel opgenomen in de begroting. Dat is bij Wmo en Veilig Thuis ook gebeurd.

82 Lokaal Belang

Punt 5

9

Minder uitgaven door gebrek aan capaciteit, zijn deze projecten doorgeschoven en daarmee de financiën ook?

De projecten zijn inderdaad doorgeschoven naar het GVVP maatregelenpakket 2026. De financiën voor het uitvoeren van studies zijn niet doorgeschoven. De capaciteit die we hebben is gericht op het uitvoeren van een GVVP maatregelenpakket met een budget van 265.000 euro.

83 Lokaal Belang

Punt 11

9

Uitstel van werk door gebrek aan capaciteit, zie ook punt 5, ook hier werk doorgeschoven naar komende jaren en financiën ook?

Projecten die niet zijn afgerond in 2025, bijvoorbeeld door onvoldoende capaciteit, worden doorgeschoven naar 2026 en verder. De kredieten worden dan in principe ook verplaatst naar de jaarschijf waarin het werk wordt uitgevoerd.

9

89 Lokaal Belang

5

243 woningen toegevoegd. Welke financiële gevolgen heeft deze achterblijvende realisatie voor grondexploitaties en investeringsplanning?

Een achterblijvende realisatie van woningen (en dus verkoop van gronden) kan suggereren dat dit negatief is voor de grondexploitaties. Echter hebben we in de huidige markt nog steeds te maken met stijgende grondprijzen door stijgende vrij op naam-prijzen. Dit zorgt ervoor dat als grondverkopen/woning realisaties vertragen en pas later worden verkocht/gerealiseerd het juist voor hogere opbrengsten in de grondexploitaties zorgt. Wel kunnen vertraagde grondopbrengsten ervoor zorgen dat de gemeente meer leningen moet aantrekken omdat grondopbrengsten zijn vertraagd en de tijdelijk (hogere) kosten van grondexploitaties met geleend geld gedekt moeten worden als hier niet deeigen reserves voor aangewend (kunnen) worden.

9

2,2,07 nadelig pensioenvoorziening.

Heeft dit effect op de meerjarenbegroting?

Ja, de wijziging heeft ook invloed op het meerjarenbeeld (positief). In de 1e Tussenrapportage 2026 is een structureel voordeel genoemd van € 257.000. Dit heeft ermee te maken dat de totale eerder meerjarig geraamde kosten in 1 keer gereserveerd moesten worden met een eenmalige storting in de reserve, vanwege een wetswijziging. Hierdoor valt dit bedrag meerjarig vrij, en is er een incidenteel extra last in 2025.

90 Lokaal Belang

Raad & BW

91 SGP

technische vragen op 16 juni 2026

Zie de toelichting in bijgevoegde memo d.d 19 juni 2027. Op 2 juli wordt de uitbreiding Boemendal ook De volgende verdiepende vragen zijn gesteld:1. Kunt u zicht bieden behandeld in de commissie GG. In bijgevoegde memo wordt nader ingegaan op het effect van deze uitbreiding zoals nu opgenomen in het MPG 2025. waar de extra 400 woningen (van 1.600 naar 2.000 woningen)

technische vragen op 16 juni 2026

gepland zijn ? En hoe verhoudt zich dit tot de verhoging van het aandeel betaalbaar ? Een betaalbare woning vraagt immers een kleinere kavel dus dan zouden er in het bestaande plangebied meer woningen moeten komen. Betekent betaalbaarder bouwen altijd verdichting? 2. De investering van de hoofdstructuur in Bloemendal is volledig opgenomen in de grondexploitatie en was vorig jaar nog verdeeld over twee plekken (NBI 2025 en grondexploitatie). Kunt u dit zichtbaar maken ? 3. Hoe ziet het financiële resultaat eruit zonder de uitbreiding van het plangebied Bloemendal ? 4.Kunt u toelichten uit welke onderdelen (welke factoren) de financiële resultaatvermindering is opgebouwd (van + € 13 miljoen naar + € 3,9 miljoen op eindwaarde) ?

De volgende verdiepende vraag is gesteld: 5. Wat is de invloed van Zie de toelichting op tabblad Nr.9 Fundamentele fout. de correctie van de fundamentele fout op de solvabiliteit per 1-12025.

92 Lokaal Belang

10

Bijlage 1: fundamentele fout

11

Activa Vaste activa Immateriële vaste activa Materiële vaste activa Financiële vaste activa

Totaal vaste activa

31-12-2024 mutatie correctie 1-1-2025 31-12-2025

2.780

-

307.584

- 9.823

15.137

-

325.501

- 9.823 -

53.196 12.343 372 20.983

9.823 -

86.894

9.823

Totaal activa

412.395

-

Voorraden Totale baten Kengetal grondexploitatie

Vlottende activa Voorraden Vorderingen Liquide middelen Overlopende activa Totaal vlottende activa

-

Passiva Vaste passiva Eigen vermogen

31-12-2024 correctie 1-1-2025 31-12-2025

2.780

2.787

Algemene reserve

40.495

404

40.899

55.644

- 297.761

307.701

Reserve bovenwijks

19.546

- 17.245

2.301

2.540

-

14.765

Overige bestemmingsreserves

69.633

-

69.633

69.346

Onverdeeld resultaat

15.957

-

15.957

10.518

Vreemd vermogen Voorzieningen Langlopende schulden Totaal vaste passiva

12.555 191.022 349.209

- 12.555

- 191.022

- 16.841 332.369

14.294 192.038 344.379

Vlottende passiva Kortlopende schulden Liquide middelen Overlopende passiva

20.650 42.536

-

20.650 42.536

30.787 43.937

15.137

315.678

325.253

- 16.841 -

46.178 12.343 372 20.983

50.575 14.334 349 28.593

- 16.841

79.876

93.850

Totaal vlottende passiva

63.186 -

63.186

74.724

- 16.841 395.554

419.103

Totaal passiva

412.395

- 16.841 395.555

419.103

53.196 206.391

46.178 206.391

50.575 212.149

Eigen vermogen Totaal passiva

145.632 412.395

128.791 395.555

138.048 419.103

25,8%

22,4%

23,8%

35,3%

32,6%

32,9%

12

Solvabiliteit

Tekstuele toelichting:

Het foutherstel ziet op de administratie verwerkingswijze van de bovenwijkse en binnenplanse voorzieningen. In het verleden werd de volledige investering geboekt onder de materiële vaste activa. Het deel van de kosten dat toe te rekenen was aan de grondexploitaties, werd daarnaast óók opgenomen in de grondexploitatie (de voorraad). Dit gebeurde via een kostenbijdrage, die vervolgens werd toegevoegd aan de bestemmingsreserve bovenwijks. Het gevolg van deze werkwijze was dat dezelfde investering eigenlijk twee keer op de balans terechtkwam: één keer als vaste activa en één keer via de grondexploitatie en reserve.

In de nieuwe werkwijze wordt dit anders aangepakt. Het deel van de investering dat bij de grondexploitatie hoort, wordt nu direct als kosten daarin verwerkt. Alleen het deel van de investering dat ten goede komt aan bestaande gebieden wordt nog opgenomen onder de materiële vaste activa.

Doordat deze splitsing nu direct wordt gemaakt, is het niet meer nodig om via de bestemmingsreserve bovenwijks een bijdrage te verwerken. Daarnaast is gebleken dat in de oude situatie de kostenbijdrage in de grondexploitatie eigenlijk te vroeg werd opgenomen. Dit verschil heeft echter alleen te maken met de timing: het gaat om wanneer de kosten worden toegerekend, niet om de hoogte van de kosten zelf.

In de jaarrekening betekent dit dat een deel van de investeringen die onder de materiële vaste activa zijn opgenomen worden overgeboekt naar de grondexploitaties.

Daarnaast worden de bijdragen die in de reserve bovenwijks zijn opgenomen teruggedraaid. Dit betekent dat de reserve bovenwijks afneemt en dit in mindering wordt gebracht op de grondexploitatie. Dit is bijgevoegde balans inzichtelijk gemaakt.

In de exploitatierekening is het effect van de gewijzigde verwerkingswijze beperkt. De bijdrage van de grondexploitaties aan de bovenwijkse voorzieningen werd als bate in het resultaat geboekt, om dit saldo vervolgens aan de reserve bovenwijks toe te voegen, waardoor deze boeking resultaatneutraal is. In de nieuwe verwerkingswijze zal deze mutatie niet meer worden opgenomen. Op het jaarresultaat heeft dit echter geen invloed omdat zowel de bate als de reservemutatie vervallen.

Voor de financiële positie betekent dit dat de reservepositie van de gemeente afneemt, hierdoor neemt de solvabiliteit van de gemeente af. In de jaarrekening 2024 bedroeg de solvabiliteit 35,3%, na verwerking van de aanpassingen bedraagt de solvabiliteit begin 2025 32,6%.

De aanpassingen hebben geen effect op het weerstandsvermogen omdat deze wordt berekend op basis van alleen de algemene reserve.

Naast de solvabiliteit heeft dit ook effect op het kengetal grondexploitaties, omdat door het foutherstel de voorraden op de balans is afgenomen. Voor het berekenen van dit kengetal wordt de voorraad grondexploitaties gedeeld door de totale baten van de gemeente. In de jaarrekening 2024 bedroeg dit kengetal 25,8%, na verwerking van de aanpassingen bedraagt het kengetal grondexploitatie begin 2025 22,4%. De overige kengetallen veranderen niet.

Beide genoemde kengetallen nemen dus af als gevolg van de toepassing van het foutherstel. Het is echter niet het geval dat de financiële positie van de gemeente verslechterd, maar de solvabiliteit was te hoog weergegeven als gevolg van de dubbele verwerking van de investeringen.

13

Bekijk de brief: Schriftelijke vragen en antwoorden - Jaarrekening 2025

Bron: raadsinformatie van de gemeente Barneveld (Open Raadsinformatie). De vragen en antwoorden zijn automatisch uit de brief gelezen; het origineel is leidend.

Meer vragen aan het college van Barneveld

Alle artikel 35-vragen in Barneveld