vragen HCL commissie BEZA d.d. 12-3-2025
Een raadslid stelde op 20 maart 2025 schriftelijke vragen aan het college van burgemeester en wethouders van Beek.
Brief van het college
Deze brief is niet in losse vragen en antwoorden uit te lezen. Hieronder staat de tekst; het origineel staat via de link.
Beantwoording vragen HCL commissie BEZA d.d. 12-3-2025 Vraag 1: Kunnen we inzage krijgen in de begroting 2025 - 2028 met inzage in de financiële reserves inclusief de risicoparagraaf zoals die daarin beschreven is.
Antwoord: Het ondernemingsplan 2025, met daarin opgenomen de begroting 2025-2028, is terug te vinden op de website van het HCL. Zie hiertoe: Beleid Vraag 2: M.b.t. de rechtmatigheid van de jaarrekening; Artikel 31, lid 1 van de regeling luidt; Het dagelijks bestuur zendt voor 30 april van het jaar na het jaar waarvoor de jaarrekening dient, een voorlopige jaarrekening en het jaarverslag aan de raden van de gemeenten en het algemeen bestuur van het waterschap. De voorlopige jaarrekening gaat vergezeld van een verklaring omtrent de getrouwheid en rechtmatigheid, afgegeven door een accountant als bedoeld in artikel 393 van Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek." Het dagelijks bestuur is sinds 2023 verantwoordelijk voor het afgeven van een rechtmatigheidsverklaring.
De accountant (zoals benoemd in art 31 van de nieuwe tekst) is alleen verantwoordelijk voor de getrouwheid van de jaarrekening. De vraag is dus, klopt artikel 32, lid 1 wel aangezien daar staat dat deze verklaring van rechtmatigheid door een accountant wordt afgegeven.
Antwoord: Dit betreft een kwestie van interpretatie en kan inderdaad gelezen worden als een afwijking van hetgeen bepaald is art 213 Gemeentewet en artikel 109 Waterschapswet. Om verwarring te voorkomen stelt het college voor dat uw raad een zienswijze indient om artikel 31 lid 1 te wijzigen naar: “Het dagelijks bestuur zendt voor 30 april van het jaar na het jaar waarvoor de jaarrekening dient, een voorlopige jaarrekening en het jaarverslag aan de raden van de gemeenten en het algemeen bestuur van het waterschap. De voorlopige jaarrekening gaat vergezeld van een accountantsverklaring als bedoeld in artikel 213 Gemeentewet en artikel 109 Waterschapswet.” Vraag 3: Wat is de huidige omvang van de reserve en wat is de maximale omvang van die reserve (na toetreding en uittreding Minister)?
Antwoord: Uit jaarrekening 2023 blijkt dat omvang overige/algemene reserve per ultimo 2023 € 604.000 bedroeg. Na toetreding alle huidige DVO partners die toetreding voorstaan en uittreding Rijk zou o.b.v. de financiële bijdragen per ultimo 2023 deze overige/algemene reserve maximaal € 350.000. Overigens lopen er gesprekken met het Rijk inzake formuleringen om ook de toekomstige Rijksbijdrage in SPUK-vorm als onderdeel van de maximale overige/algemene reserve te kunnen blijven beschouwen.
Vraag 4: Zijn er in het kader van de door HCL uitgebrachte kadernota door de gemeenteraden vragen gesteld in het kader van het naderende ravijnjaar?
Antwoord: In de zienswijze op de begroting 2026 e.v. is door Heerlen – en in navolging Maastricht – aangegeven dat er door HCL dient te worden uitgegaan van een structurele korting van 5% op de lumpsumbijdrage en het bevriezen van indexering. Dit moet nog in de nieuwe begroting 2026 e.v. worden verwerkt.
Bekijk de brief: Beantwoording vragen HCL commissie BEZA d.d. 12-3-2025
Bron: raadsinformatie van de gemeente Beek (Open Raadsinformatie). De vragen en antwoorden zijn automatisch uit de brief gelezen; het origineel is leidend.