2026-05-26 Antwoord op schriftelijke vragen - E. Veldhuis R. Ruesink T Nederhoff (SvB) - Collegebesluit 31 maart 2026
Een raadslid stelde op 19 mei 2026 schriftelijke vragen aan het college van burgemeester en wethouders van Berkelland (1 vragen).
In het kort
1 vragen en wat het college antwoordt
- Voor de overzichtelijkheid uw vragen in de daarvoor bestemde vakken plaatsen. → De gemeenteraad is in een technische informatiesessie op 19 mei geïnformeerd over netcongestie, de gevolgen en het maatschappelijk prioriteringskader van het Rijk (Autoriteit Consument en…
Overgenomen uit de brief van het college; hieronder staan de volledige vragen en antwoorden.
Aanleiding
Schriftelijke vragen art. 33
Indiener: E. Veldhuis, R, Ruesink, T, Nederhoff – SvB (Samen Voor Berkelland) Datum indiening vraag: 19-5-2026 Datum verzending antwoord: Klik of tik om tekst in te voeren.
Onderwerp: Collegebesluit 31 Maart 2026. 7. Voortzetting Regionaal plan huisvesting vluchtelingen Achterhoek (1450707) Wij, SVB, hebben het collegebesluit van 31 maart 2026 goed doorgelezen, er komen een aantal vragen in ons naar boven.
Het doel van het te nemen besluit: voortzetten bestaande plannen omtrent opvang & huisvesting, betere gesprekken met externe partners uitvoeren en inzetten op de toekomstige (grote) instroom van nareizigers.
Ook is het plan dat er “duurzame en versnelde huisvesting” zal plaatsvinden.
Maar er staan een aantal zaken tussen de regels door genoemd waar wij een aantal vraagtekens bij krijgen.
Bij enkele vragen is een stuk tekst gekopieerd doormiddel van een printscreen, hierdoor is het aantal pagina's van dit bestand langer maar is het hierdoor duidelijker waarover wij vragen hebben.
“Het grote aantal nareizigers dat komt, vraagt om proactief handelen en intensieve samenwerking tussen de gemeenten, omdat daardoor de taakstelling alleen al met de huisvesting van nareizigers in een vroeg stadium van 2026 mogelijk zal worden gehaald.” Opmerking vooraf van het college:
Nederland heeft al geruime tijd te maken met een opvangcrisis voor asielzoekers. De Rijksoverheid lijkt hier tot op heden nog geen adequaat antwoord op te hebben. Een van de maatregelen die moet helpen om de problematiek te verminderen is de Wet gemeentelijke taak mogelijk maken asielopvangvoorzieningen (Spreidingswet). Deze wet moet ervoor zorgen dat alle gemeenten solidair met elkaar zijn en iedereen een deel van de opgave op zich neemt. Om op deze manier ook plekken die nu overlopen, denk aan Ter Apel, te ontlasten. In de landelijke politiek zien we momenteel veel polarisatie. Polarisatie helpt niet bij het oplossen van het probleem. Medemenselijkheid en met elkaar in contact blijven, juist ook bij het uitspreken van zorgen en die serieus nemen, wel.
Het college wil graag verbinden. In dat licht schrikken wij van de stijl van de vragen, het wantrouwen dat we in de vragen lezen en het, in onze ogen, polariserende taalgebruik in de gestelde vragen, zowel in deze vragen als in ‘Herhaaldelijke opheldering vragen opvanghuisvesting’.…
Vragen en antwoorden
Vraag 1
Voor de overzichtelijkheid uw vragen in de daarvoor bestemde vakken plaatsen. Schriftelijke vragen art. 33 Vraag 5: In welke mate wordt er bij het vaststellen van de locaties ook rekening gehouden met het bedrijfsleven en toekomstige woningbouwplannen in de gemeente? Hoe worden deze keuzes afgewogen aan elkander?
Antwoord van het college
De gemeenteraad is in een technische informatiesessie op 19 mei geïnformeerd over netcongestie, de gevolgen en het maatschappelijk prioriteringskader van het Rijk (Autoriteit Consument en Markt (ACM)). De gemeente heeft geen invloed op dit kader.
Vraag 6: In hoeverre krijgt de opvang voor asielzoekers (inclusief AMV) voorrang op het bedrijfsleven of de woningbouw die gepland staat?
Antwoord:
Dit schrijft de ACM hierover: “Vanwege het grote tekort aan woningen krijgen alle verschillende woonvormen voorrang. Van grootschalige woningbouwprojecten en gedeelde huisvesting (AZC’s, zorg, opvang, arbeidsmigranten) tot individuele verzwaringen voor woonhuizen. Ook heeft de ACM het mogelijk gemaakt dat gemeenten vroeg in de planfase van een woningbouwproject prioriteit voor woningbouw kunnen aanvragen.” Opvang voor asielzoekers en woningbouw zijn dus voor zover ons bekend beiden onderdeel van prioriteit 3: basisbehoeften.
Vraag 7:
A. Hoe worden deze “kleine administratieve veranderingen” verantwoord aan de inheemse Berkellanders?
B. Kan er uitgelegd worden wat deze “kleine administratieve veranderingen” inhouden en hoe dit wettelijk verantwoord kan worden toegepast?
C. Waarom kan er voor opvang & huisvesting wel veranderingen worden aangebracht maar niet voor de inheemse bevolking?
Antwoord:
Het is voor ons niet duidelijk wie u bedoelt met inheemse Berkellanders. Het komt op ons over een bewuste tweedeling in onze samenleving te suggereren, daarom hebben we bezwaar tegen de term.
A. Wij behandelen iedereen gelijk.
B. Bijvoorbeeld een iets zwaardere stroomaansluiting of omzetting van kantoor naar opvanglocatie.
C. Wij behandelen iedereen gelijk. De door u gesuggereerde tegenstelling is er niet en wij betreuren het dat u de indruk wekt dat die tegenstelling er wel is.
Vraag 8:
A. Wat wordt er hier bedoelt met “vereenvoudiging van de regels”?
Toelichting:
1. Agenda vragen (art. 34) zijn alleen bedoeld voor vragen over punten die op de agenda staan.
2. Schriftelijke vragen (art. 33) zijn vragen die niet bedoeld zijn voor punten die op de agenda staan.
3. Voor de overzichtelijkheid uw vragen in de daarvoor bestemde vakken plaatsen.
Schriftelijke vragen art. 33
B. Kan deze vereenvoudiging ook worden toegepast op de reguliere woningbouw en op bouw van commerciële panden? Zo niet, waarom wordt er onderscheid gemaakt qua soort bouw en qua doelgroep?
Antwoord:
Hiermee wordt bedoeld de algehele wens die er is voor het vereenvoudigen van bouwregels. Bijvoorbeeld een in plaats van twee inspraakrondes. Wij hebben deze wens voor alle (woning)bouwactiviteiten, ook hier maken wij geen onderscheid in doelgroepen.
Capaciteit COA “We zien dat doorlooptijden bij het COA lang zijn en dat de ontwikkelcapaciteit van het COA mogelijk niet groot genoeg is om locaties voor 1 juli 2025 te openen. We gaan als gemeente inzetten op een goede samenwerkingsrelatie met het COA zodat zij tijdig kunnen anticiperen op ontwikkelingen” Op 05-02-2026 heeft SvB schriftelijke vragen gesteld over de opvang van asielzoekers en huisvesting statushouders en ontheemden uit Oekraïne.
Opvang asielzoekers en huisvesting statushouders en ontheemden uit Oekraïne Berkelland
- iBabs Publieksportaal Onze vraag was: “Daarom onze vraag: Wil het college in gesprek gaan met het COA en de IND over de mogelijkheden van het opvangen/huisvesten van gezinnen, meiden, (jonge)vouwen met kinderen en geen jongens (AMV) of alleenstaande jongemannen?” Uw antwoord was als volgt: "de gemeente beslist niet wie zij opvangt. Dat is de taak van het COA en de IND. Het COA spant zich in voor een evenwichtige verdeling van asielzoekers. De instroom is dus bepalend. Zie ook beantwoording vragen d.d. 20-06-2025" Vraag 9: Is de “goede samenwerkingsrelatie” een eenzijdige relatie van ons richting het COA?
Antwoord:
Nee. Ter illustratie: De 50 volwassenen die in Eibergen worden opgevangen, worden gehuisvest in een woonconcept dat bestaat uit 9 eengezinswoningen. Daarmee heeft het COA de ruimte om gezinnen te huisvesten als daar vanuit het COA vraag naar is.
Vraag 10: Zo nee, waarom wil het college deze samenwerking niet gebruiken om de wensen van de burgers en omwonenden van de geplande opvanglocatie te honoreren en in gesprek te gaan met het COA om de wensen van onze burgers (alleen gezinnen of vrouwen met kinderen) kenbaar te maken?
Antwoord:
Zie beantwoording vraag 9. Het is uiteindelijk de landelijke instroom die invloed heeft op wie er daadwerkelijk wordt opgevangen.
Vraag 11: Wat wordt er in dit stuk tekst bedoelt met “tijdig anticiperen”? In welke mate kan er tijdig geanticipeerd worden en welke werking heeft dit op de gemeente vanuit het COA
Toelichting:
1. Agenda vragen (art. 34) zijn alleen bedoeld voor vragen over punten die op de agenda staan.
2. Schriftelijke vragen (art. 33) zijn vragen die niet bedoeld zijn voor punten die op de agenda staan.
3. Voor de overzichtelijkheid uw vragen in de daarvoor bestemde vakken plaatsen.
Schriftelijke vragen art. 33
A. Wordt hiermee ook het versneld bouwen bedoelt? (Zie: wet- en regelgeving; “vereenvoudiging van de regels”) Antwoord:
Tijdig anticiperen slaat op de ontwikkelcapaciteit van het COA.
Draagvlak samenleving “Het draagvlak in de samenleving voor de opvang van vluchtelingen staat onder druk. Het is van het grootste belang dat het Rijk, het COA en de gemeenten intensief samenwerken om het draagvlak te vergroten. Een landelijke campagne waarin de juiste feiten en cijfers gepresenteerd wordt en waar vluchtelingen ‘een gezicht’ krijgen, zou ons hierin helpen.” Vraag 12: Heeft de gemeente onderzoek gedaan naar het draagvlak in Berkelland? Zo ja, hoe en in welke mate? Wat is het percentage aan inwoners wat mee heeft gedaan aan een dergelijk onderzoek? Is deze verhouding een goede beeldvorming van de kijk op dit onderwerp onder de Berkellandse inwoners?
Antwoord:
Nee, zoals in onze inleiding genoemd, is de asielopgave er een die wij vanuit het Rijk uit te voeren hebben, daar heeft de gemeente geen keuze in. Uiteraard kijkt het COA, met nauwe betrokkenheid van de gemeente, met direct omwonenden en andere betrokkenen naar de inpassing en impact van locaties. Net zoals wij dat van alle initiatiefnemers van ruimtelijke ontwikkelingen verwachten.
Vraag 13: Heeft de gemeente een beeld van de oorzaken van het afnemende draagvlak? Is hier een infographic of dergelijke van welke gedeeld kan worden?
Antwoord:
Zoals genoemd in onze inleiding werkt de groeiende polarisatie, gevoed door politici, niet mee aan het creëren van draagvlak.
Vraag 14: Waar baseert het college de uitspraak “een landelijke campagne waarin de juiste feiten en cijfers gepresenteerd wordt en waar vluchtelingen ‘een gezicht’ krijgen, zou ons hierin helpen” op?
Antwoord:
Als voorbeeld wordt er herhaaldelijk door de vragenstellende fractie gesuggereerd dat er 100 alleenstaanden mannen gehuisvest gaan worden in Eibergen. Daar zijn we vanaf het begin daar veel genuanceerder over geweest. Datzelfde is overigens ook van toepassing op Rekken. Dit soort stellingnames zien we ook landelijk.
Vraag 15: Waarom denkt men het college dat een campagne met “de juiste cijfers en feiten” de zorgen die men in het dagelijks leven zelf ervaart weg te kunnen nemen?
Antwoord:
Zoals de vragenstellers (ook eerder in vragen) stellen, leven er bij een deel van de inwoners zorgen over welke mensen (jonge mannen) er worden opgevangen en of cultuurverschillen problemen met zich meebrengen, al dan niet gebaseerd op aannames. Wanneer er geen sprake is van de huisvesting van
Toelichting:
1. Agenda vragen (art. 34) zijn alleen bedoeld voor vragen over punten die op de agenda staan.
2. Schriftelijke vragen (art. 33) zijn vragen die niet bedoeld zijn voor punten die op de agenda staan.
3. Voor de overzichtelijkheid uw vragen in de daarvoor bestemde vakken plaatsen.
Schriftelijke vragen art. 33
jonge mannen, of we dat simpelweg nog niet weten, kunnen we veel gerichter over de zorgen, en eventuele beheersmaatregelen, praten.
Vraag 16: “Vragen het Rijk om met spoed maatregelen te treffen om de capaciteit van het net te vergroten en de realisatietermijn te verkorten zodat nieuwe woningen en opvanglocaties gerealiseerd kunnen worden” Het gehele document gaat over de opvang en huisvesting van vluchtelingen, dus de wil om versneld te bouwen in deze zin gaat over de uitheemse bevolking versneld te kunnen huisvesten.
A. Wat was de argumentatie bij het vaststellen van deze wens?
B. Hoe verhoudt zich deze wens, moreel gezien, tot de inheemse bevolking?
C. Hoe kan het wettelijk gezien dat er voorrang wordt gevraagd voor het bouwen, opvangen en huisvesten van een specifieke doelgroep?
D. Deze wens is uitgesproken in het document wat in 2024 is opgesteld, het is inmiddels 2026. Is deze wens al uitgesproken richting het Rijk? Zo ja, zijn hier documenten van terug te vinden?
Antwoord:
Wij gaan er vanuit dat u met ‘uitheemse bevolking’, vluchtelingen bedoelt. Het komt op ons over om met deze term een bewuste tweedeling in onze samenleving te suggereren, daarom hebben we bezwaar tegen de term.
A. Hierin maken we als regio een correlatie met de krapte op de woningmarkt, waarbij netcongestie een extra probleem is in het realiseren van onze opgaven. Zowel de opgave voor de opvang van vluchtelingen invulling aan de Wet gemeentelijke taak mogelijk maken asielopvangvoorzieningen en de opgave die we hebben in woningbouw en de inzet die we daarop plegen.
B. Zie beantwoording vraag 16a.
C. Zie beantwoording vraag 16a.
D. Zie beantwoording vraag 16a.
Vraag 17: De andere uit te spreken wens gaat over het vermogen vergroten van bestaande aansluitingen.
Het is algemeen bekend dat netcongestie een landelijk probleem is, in grote steden is er al een bouwstop wegens dit exacte probleem.
Toelichting:
1. Agenda vragen (art. 34) zijn alleen bedoeld voor vragen over punten die op de agenda staan.
2. Schriftelijke vragen (art. 33) zijn vragen die niet bedoeld zijn voor punten die op de agenda staan.
3. Voor de overzichtelijkheid uw vragen in de daarvoor bestemde vakken plaatsen.
Schriftelijke vragen art. 33
A. Hoe verhoudt deze wens zich tot de inheemse bevolking wie ook graag wil bouwen? Zij kunnen geen voorrang, of hierin “vermogen vergroten voor de realisatie van opvangplekken”, vragen aan het Rijk?
B. Dit zou dus betekenen dat de bouw van AZC's/opvanglocaties voorrang krijgen op de normale woningbouw. Hoe zit dit wettelijk gezien? Want dan wordt er onderscheid gemaakt qua doelgroepbestemming.
Antwoord:
Zie beantwoording vraag 1- 6.
Vraag 18:
A. Klopt het dus dat op dit moment particuliere opvang niet wordt meegenomen in de cijfers van de opvang van ontheemden uit Oekraïne? Zo nee, graag uitleggen wat de huidige situatie is.
B. Wat doet een dergelijke wijziging met de al bestaande cijfers? Is door het ‘opnemen van de opvang door particulieren’ meer plek in de totale opgave – kunnen er door deze wijziging meer ontheemden uit Oekraïne worden opgevangen? Zo ja, is het dan een ‘kleine administratieve verandering’?
Antwoord:
A. We registreren zowel het aantal Oekraïense ontheemden dat een opvangplek heeft binnen de gemeentelijke opvanglocaties voor Oekraïense ontheemden (GOO) als het aantal dat op een particulier adres (POO) staat ingeschreven. De inspanningsverplichting voor het aantal plekken binnen de GOO staat los van het aantal ontheemden dat op particuliere adressen staat ingeschreven. We kunnen dus niet dit aantal aftrekken van het aantal plekken wat we binnen gemeentelijke opvanglocaties voor ontheemden moeten realiseren.
B. We hebben als gemeente een inspanningsverplichting voor de realisatie van beschikbare plekken binnen de gemeentelijke opvanglocaties (GOO). We hebben daarnaast zicht op hoeveel Oekraïense ontheemden die ook vallen onder de Regeling Tijdelijke Bescherming op een particulier adres zijn geregistreerd (BRP) binnen de gemeente Berkelland; Dit aantal staat op dit moment los van de inspanningsverplichting voor het aantal opvangplekken binnen de GOO. Bij een wijziging zou je naar het totaal kijken voor de verplichting.
Vraag 19:
A. Hoeveel shopgedrag is al geregistreerd sinds de eerste instroom van de Oekraïense ontheemden?
Binnen Berkelland en binnen de Achterhoek?
Toelichting:
1. Agenda vragen (art. 34) zijn alleen bedoeld voor vragen over punten die op de agenda staan.
2. Schriftelijke vragen (art. 33) zijn vragen die niet bedoeld zijn voor punten die op de agenda staan.
3. Voor de overzichtelijkheid uw vragen in de daarvoor bestemde vakken plaatsen.
Schriftelijke vragen art. 33
B. Hoeveel overlastgevers zijn al geregistreerd sinds de eerste instroom van de Oekraïense ontheemden? Binnen Berkelland en binnen de Achterhoek?
Antwoord:
A. Hier zijn geen cijfers over bekend.
B. We beschikken niet over gedetailleerde data op dat vlak. Vanuit de opvanglocaties binnen Berkelland hebben we in beeld:
• Aantal gevallen van gedrag dat tot ontzeggen van toegang GOO heeft geleid: 4
• Aantal gevallen van ernstige psychosociale problematiek (wat onrust veroorzaakte) en waar professionele hulpverlening op is ingezet: 6
Vraag 20:
A. Hoe kan het zijn dat mensen niet volledig gescreend worden voordat zij ergens geplaatst worden?
Door nalatig te screenen loopt een gemeente, en dus de al bestaande samenleving, gevaar voor onvoorziene problematiek.
B. Gebeurt het wel eens dat asielzoekers/statushouders geplaatst worden zonder BSN of Bankrekeningnummer? Hoe werkt dit wettelijk gezien? Want als een inheemse Berkellander een woning toegewezen krijgt dan mag je dat huis niet in zonder dat je die gegevens kan laten zien.
Antwoord:
A. Opgemerkt is dat we niet alle informatie krijgen, hiermee doelen we niet op de screening. Dit gebeurt door de IND. Het gaat om delen van informatie die nodig is om de juiste passende huisvesting te kunnen bieden, zodat mensen goed kunnen participeren en integreren.
B. Statushouders worden net als alle inwoners gehuisvest met de daarvoor benodigde gegevens, zoals ook in de tekst weergegeven staat. Door het ontbreken hiervan kan de nieuwe inwoner niet ingeschreven worden. Dit maakt nu juist het proces rondom huisvesting lastig.
Een asielzoeker met vergunning verblijft op het AZC totdat er passende huisvesting is. Daarvoor moet hij/zij de procedure in voor het verkrijgen van een BSN en bankrekeningnummer. Zodra dit gereed is, kunnen wij de nieuwe inwoners inschrijven en een woning toewijzen.
Toelichting:
1. Agenda vragen (art. 34) zijn alleen bedoeld voor vragen over punten die op de agenda staan.
2. Schriftelijke vragen (art. 33) zijn vragen die niet bedoeld zijn voor punten die op de agenda staan.
3. Voor de overzichtelijkheid uw vragen in de daarvoor bestemde vakken plaatsen.
Schriftelijke vragen art. 33
Vraag 21:
A. Is er wel voldoende onderzoek gedaan naar het uitvoeringstraject en de financiële duurzaamheid van de gewenste flexwoningen?
B. Zijn er financiële risico's voor de gemeenten bij het plaatsen van deze flexwoningen?
Antwoord:
A. Ja B. Zie het Raadsvoorstel ‘Realisatie van drie locaties in de gemeente Berkelland voor de bouw van 95 woningen en aankoop 15 modulaire woningen’, deze wordt op 26 mei beeldvormend behandeld in de gemeenteraad.
Vraag 22:
A. Hoe vaak gebeurt het in Berkelland dat een enkele statushouder gehuisvest wordt in een eengezinswoning?
B. "vragen om goede screening” Gebeurt dit nu niet?
Antwoord:
A. Nee, in deze tekst wordt verwezen naar een doorstroomlocatie (DSL), deze hebben wij niet in Berkelland.
B. Het plaatsen in een DSL vraagt een andere manier van screening. Dit gebeurde voorheen niet, het opstellen van het plan is van 2024 Vraag 23: Pagina 15 =
Toelichting:
1. Agenda vragen (art. 34) zijn alleen bedoeld voor vragen over punten die op de agenda staan.
2. Schriftelijke vragen (art. 33) zijn vragen die niet bedoeld zijn voor punten die op de agenda staan.
3. Voor de overzichtelijkheid uw vragen in de daarvoor bestemde vakken plaatsen.
Schriftelijke vragen art. 33
A. Eerste pijltje: hoeveel is die Rijksvoorziening? En wat wordt hier bedoelt met sluitende begroting?
B. Pijltje 2: het is dus nu zo dat het verplicht wordt om mensen uit te stromen binnen 6-12 maanden, wat natuurlijk een enorme druk legt op de al bestaande woningbouw en het belangrijkste op de maatschappij. Wat zijn hier de beweegredenen achter?
C. Pijltje 3: SvB is benieuwd naar wat er bedoeld wordt met “alternatieve opties”. Hoeveel geld gaat hiermee gepaard en hoe zit dit qua wet- en regelgeving?
D. Pijltje 4: In een ander stuk van dit document stond al dat er gevraagd werd om betere screening, dat er vaak wat verkeerd gaat met gegevens en het plaatsen van mensen, er vindt netcongestie plaats en het bouwen van opvanglocaties stagneert. Hoe verhoudt zich dit tot het versneld laten plaatsvinden van gezinshereniging? Als fatsoenlijke screening al niet van toepassing is op de reguliere asielprocedures?
Antwoord:
A. De Rijksvoorziening is per doelgroep anders
• Asielopvang en uitvoering van de spreidingswet, gaat via een decentralisatie-uitkering. Het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties stelt jaarlijks de normbedragen vast en publiceert ze in de circulaires van het gemeentefonds.
• Statushouders, voor de huisvesting hiervan ontvangen wij geen middelen.
Toelichting:
1. Agenda vragen (art. 34) zijn alleen bedoeld voor vragen over punten die op de agenda staan.
2. Schriftelijke vragen (art. 33) zijn vragen die niet bedoeld zijn voor punten die op de agenda staan.
3. Voor de overzichtelijkheid uw vragen in de daarvoor bestemde vakken plaatsen.
Schriftelijke vragen art. 33
Voor tijdelijke huisvesting zoals kamergewijze verhuur ontvangen wij incidentele middelen. De zogeheten HAR + regeling. Zie hiervoor handreiking regeling stimuleren uitstroom vergunninghouders uit de asielopvang 2026 via Handreiking Regeling stimuleren uitstroom vergunninghouders uit de asielopvang 2026 | Publicatie | Rijksoverheid.nl Deze regeling loopt tot 1 juli. Deze tijdelijke regelingen worden per 1 juli waarschijnlijk omgezet naar 1 gezamenlijke regeling.
B. Het hangt af van je afspraken bij de doorstroomlocatie hoe snel mensen moeten uitstromen. De financiering houdt alleen op. Wat hiervan de beweegredenen zijn, zijn afwegingen van het ministerie geweest.
C. U vraagt om andere manieren om statushouders te huisvesten. In gezamenlijkheid kijken we wat er wel kan, binnen de mogelijkheden die we hebben. Om zo de druk op de opvangcentra te verminderen en te voldoen aan onze taakstelling huisvesting statushouders. Binnen de huidige weten regelgeving. Hiermee zijn soms tijdelijke, incidentele gelden gemoeid, waaraan ook weer voorwaarden zijn verbonden. Zie hiervoor de HAR + regeling bij antwoord 23a.
D. Het gaat niet om fatsoenlijke screening, zoals u het noemt in de vraagstelling. Het gaat om informatie die nodig is om mensen te huisvesten op een passende plek. Of dit nu tijdelijk is of permanent. Daarin zijn wij afhankelijk van de procedures bij derden, zoals de IND en het COA. Juist bij het volledig hebben van zoveel mogelijk informatie kan er mogelijk sneller (tijdelijk) passend gehuisvest worden.
Vraag 24: Op pagina 16 wordt gesproken over de wens dat de nieuwkomers met werk gekoppeld worden aan het bestaan hier in de Achterhoek. Er wordt gesproken over extra loopbaanbegeleiding die plaats dient te vinden, in ieder geval voor een periode van zes maanden. Zes maanden per asielzoeker.
A. Door wie worden deze “extra loopbaanbegeleiders” betaald?
B. Begeleiding naar betaald werk binnen 6 maand is een mooi streven, maar hoe wil de gemeente dit realiseren?
Antwoord:
Wij missen het stuk waar u naar verwijst. Op pagina 16 van het regionaal plan vinden wij dit deel niet terug.
Vraag 25: Onder het kopje zorg wordt er gesproken over het inzetten op leertrajecten voor vluchtelingen die in de zorg willen werken, waardoor er een verwachting is dat veel vluchtelingen in de zorg zullen gaan werken.
A. Wie betaald deze leertrajecten?
B. Hoe verhoudt zich dit betaalde leertraject zich ten opzichte van de inheemse bevolking? Want een zorgopleiding is niet goedkoop.
Antwoord:
A. In het regionaal plan wordt aangegeven dat we inzetten op leertrajecten voor de vluchtelingen die in de zorg willen werken. Wij verwachten daarmee dat een deel van deze vluchtelingen gaan werken
Toelichting:
1. Agenda vragen (art. 34) zijn alleen bedoeld voor vragen over punten die op de agenda staan.
2. Schriftelijke vragen (art. 33) zijn vragen die niet bedoeld zijn voor punten die op de agenda staan.
3. Voor de overzichtelijkheid uw vragen in de daarvoor bestemde vakken plaatsen.
Schriftelijke vragen art. 33
in de zorg. Het leertraject wordt gefaciliteerd door het Graafschap College. En geldt voor statushouders die al ingeburgerd zijn. Het gaat om het behalen van het MBO 1 certificaat. Dit wordt vergoed vanuit gemeentelijke gelden.
B. Het gaat om gelden die regulier gelden om mensen aan het werk te helpen.
MBO zorgopleidingen varieren tussen de 4000 en 8000 voor 3 tot 4 jaar. Waarbij het binnen een HBO opleiding al gepraat wordt over een totaal bedrag van 20.000 euro voor dezelfde periode, waarbij als je uitwonend bent ook nog eens rekening moet houden met je eigen levensonderhoud waardoor de kosten makkelijk kunnen stijgen richting de 68.000 duizend. En een WO bachelor stijgt al snel naar de 48.000 duizend euro.
Toelichting:
1. Agenda vragen (art. 34) zijn alleen bedoeld voor vragen over punten die op de agenda staan.
2. Schriftelijke vragen (art. 33) zijn vragen die niet bedoeld zijn voor punten die op de agenda staan.
3. Voor de overzichtelijkheid uw vragen in de daarvoor bestemde vakken plaatsen.
Bron: raadsinformatie van de gemeente Berkelland (Open Raadsinformatie). De vragen en antwoorden zijn automatisch uit de brief gelezen; het origineel is leidend.