12 oktober 2023 · artikel 35-vragen · gemeente Brummen

D14 - B&W - Beantwoording schriftelijke vragen GroenLinks Tormentilpad

Een raadslid stelde op 12 oktober 2023 schriftelijke vragen aan het college van burgemeester en wethouders van Brummen (4 vragen).

In het kort

4 vragen en wat het college antwoordt

  • Is de motie Groenstroken van 16 december 2021 conform het verzoek van de gemeenteraad uitgevoerd? → Ja, er is uitvoering gegeven aan de motie.
  • Kunt u aangeven waarom het college bij de behandeling is uitgegaan van verkoop van de groenstrook? → Het initiatief voor dit proces is gekomen vanuit meerdere bewoners aan de Stekelbrem die hebben verzocht om de betreffende gronden aan te kopen en daarmee is dat (burger)initiatief het…
  • Zijn er alternatieve opties onderzocht? → a.
  • Particulieren het recht hebben om een verlengde tuin in te richten naar eigen inzicht? → Ja, mits passend binnen de planologische kaders (bestemmingsplan) zoals voor alle woonpercelen in de gemeente van toepassing.

Overgenomen uit de brief van het college; hieronder staan de volledige vragen en antwoorden.

Aanleiding

Fractie Groenlinks Mevrouw G. Sloetjes

Brummen Ons kenmerk Uw kenmerk Onderwerp

: 29 augustus 2023 : Z088979/D414667 : : 20230801 Schriftelijke vragen Tormentilpad

Verzonden d.d.: 4 september 2023

Beste mevrouw Sloetjes, Op 28 juli 2023 zijn raadsvragen gesteld over de voorgenomen verkoop van gronden aan het Tormentilpad. In deze brief treft u onze beantwoording aan.

Vragen en antwoorden

Vraag 1

Is de motie Groenstroken van 16 december 2021 conform het verzoek van de gemeenteraad uitgevoerd?

Antwoord van het college

Ja, er is uitvoering gegeven aan de motie. Na de eerdere discussie over deze verkoop heeft het college van B&W eerst een periode van rust gehanteerd. Zoals in de motie is beschreven zijn er bij een verkoop van gronden meerdere belanghebbenden en moeten deze (in lijn met de uitspraak van de Hoge Raad) ook door de gemeente worden geraadpleegd. In hoeverre de verkoop aan alleen de bewoners van de Stekelbrem de meest logische optie is, is om die reden ook in beeld gebracht. Ook de andere aangrenzende eigenaren zijn verzocht om hun belangstelling uit te spreken. Ter uitvoering van de motie is dan ook contact opgenomen met alle betrokkenen bij een eventuele verkoop: de aangrenzende bewoners aan de Stekelbrem, de aangrenzende bewoners aan de Bijenkorf en de woningcorporatie (als eigenaar van de percelen aan de Kraaiheide). Uit deze consultatie bleek dat Veluwonen geen interesse heeft om aan te kopen, de bewoners van de Stekelbrem willen graag tot aankoop overgaan en de bewoners van Bijenkorf hebben niet kenbaar gemaakt wel of geen belangstelling te hebben. Wel zijn alternatieve invulling meegegeven. Na deze consultatie heeft het college van B&W op basis van de ontvangen reacties op 18 juli 2023 besloten het proces om daadwerkelijk tot verkoop over te gaan op te starten. In lijn met de eerdere uitspraak van de Hoge Raad (het ‘Didam-arrest’) is het voornemen om tot verkoop over te gaan op 21 juli 2023 bekendgemaakt. Binnen de gestelde termijn is door geen van alle partijen bij de rechtbank Gelderland kenbaar gemaakt dat men het niet eens is met deze voorgenomen verkoop.

Vraag 2

Kunt u aangeven waarom het college bij de behandeling is uitgegaan van verkoop van de groenstrook?

Antwoord van het college

Het initiatief voor dit proces is gekomen vanuit meerdere bewoners aan de Stekelbrem die hebben verzocht om de betreffende gronden aan te kopen en daarmee is dat (burger)initiatief het vertrekpunt.

Vanuit de gemeente is er al eerder getoetst en zijn er geen bezwaren om tot vervreemding van de gronden over te gaan: de speeltuin aan het Tormentilpad is in het rapport ‘Speelvoorzieningen in de gemeente Brummen’ (vastgesteld door het college van B&W op 15 oktober 2019 aangeduid als een op te heffen speeltuin. Met de voorgenomen verkoop (en daarmee het opheffen van de speeltuin) wordt in lijn met dat eerdere collegebesluit en hetgeen in de programmabegroting 2020-2023

Z088979/D414667

Blz. 2

gehandeld. Er wordt door sommige aanwonenden enige overlast ervaren en met het onttrekken aan de openbaarheid kan dit voorkomen worden en er is geen noodzaak deze gronden in gemeentelijk eigendom te houden (voor bijvoorbeeld klimaatmatregelen zoals het opvangen van hemelwater).

Vanuit deze constateringen is het hierboven genoemde proces opgestart.

Vraag 3

Zijn er alternatieve opties onderzocht?

Antwoord van het college

a. Hierbij valt te denken aan een gemeenschappelijke tuin? Dit geeft de aangrenzende percelen van huurders ook de mogelijkheid om hierin te anticiperen

b. Het in bruikleen geven van het openbaar groen aan de buurt en het onderhoud over te dragen.

Nee, zoals hierboven aangegeven is het initiatief van meerdere aanwonenden het vertrekpunt geweest. De strekking van dat initiatief, de toetsing aan eerdere besluitvorming (opheffen speeltuin) en geen noodzaak deze gronden te in gemeentelijk eigendom te houden maakt dat alternatieven zoals genoemd (gemeenschappelijke tuin, buurtbeheer, etc.) niet zijn onderzocht.

Vraag 4

Particulieren het recht hebben om een verlengde tuin in te richten naar eigen inzicht?

Antwoord van het college

Ja, mits passend binnen de planologische kaders (bestemmingsplan) zoals voor alle woonpercelen in de gemeente van toepassing. Het is kopers bekend dat ten behoeve van de ingebruikname van deze gronden een planologische procedure doorlopen moet worden om het daadwerkelijk als tuin behorende bij een woning in gebruik te kunnen nemen.

5. Is het college bereid om met de gemeenteraad in gesprek te gaan over deze zaak en uitvoering van het besluit uit te stellen na een gesprek over de gang van zaken.

Het college van B&W heeft uitvoering gegeven aan de motie van 16 december 2021: alle betrokkenen bij een verkoop zijn geconsulteerd, maar ook is geconstateerd dat er onder de aanwonenden geen eensluidende mening is over deze gronden. Na afweging van de verschillende meningen is het college van B&W (op 18 juli 2023) tot het besluit gekomen om tot verkoop over te gaan. Ook heeft het college van B&W daarbij overwogen dat er geen sprake is van ‘ingrijpende gevolgen voor de gemeente’ (artikel 169, lid 4 Gemeentewet) en om die reden ook tot uitvoering / privaatrechtelijk handelen kon worden overgegaan (artikel 160, lid 4.f Gemeentewet). Ook worden, nu daar om verzocht is, inlichtingen verstrekt aan de gemeenteraad. Ingeval de gemeenteraad van oordeel is dat er wel sprake is van ‘ingrijpende gevolgen voor de gemeente’ en om die reden geen uitvoering aan de bevoegdheid mag worden gegeven, dan is het college van B&W vanzelfsprekend bereid de verdere besluitvorming uit te stellen.

Bekijk de brief: D14 - B&W - Beantwoording schriftelijke vragen GroenLinks Tormentilpad

Bron: raadsinformatie van de gemeente Brummen (Open Raadsinformatie). De vragen en antwoorden zijn automatisch uit de brief gelezen; het origineel is leidend.

Meer vragen aan het college van Brummen

Alle artikel 35-vragen in Brummen