11 juni 2024 · artikel 35-vragen · gemeente Heerlen

schriftelijke vragen JPH 1 van 2

Een raadslid stelde op 11 juni 2024 schriftelijke vragen aan het college van burgemeester en wethouders van Heerlen (5 vragen).

In het kort

5 vragen en wat het college antwoordt

  • De middelen compensatie energiekosten hevelt u naar het programma duurzaamheid over. → Daarnaast geeft men aan dat de middelen bedoeld zijn om het woon en leef klimaat van “de doelgroep” te verbeteren.
  • De accountant adviseert dringend om een beleid op fraude te gaan opnemen waarbij het zwaartepunt van mogelijke fraude bij rechtmatigheid van subsidies en uitkeringen… → En welke adviezen van de accountant worden opgevolgd en wanneer kan de raad hierover geïnformeerd worden?
  • De niet gebonden heffingen zijn nauwelijks gestegen de afgelopen 4 jaar terwijl de uitgaven en de gebonden heffingen wel zijn meegestegen met de ontwikkelingen de… → Gebonden heffingen (riool en afval) zijn baten die alleen bestemd zijn voor het doel waarvoor zij geheven worden.
  • Er is een fors verschil tussen de totale uitgaven in 2023 van 542M en de totale inkomsten die beduidend lager waren. → En klopt het dat wanneer het bestedingspatroon van 2023 gehandhaafd wordt er een structureel groter tekort ontstaat op de begroting.
  • Kunt u aangeven waarom de kerncijfers uitkeringsdossiers participatiewet afwijken van de data die we ontvangen op pagina 19 over dossiers. → De binnengehaalde subsidie zijn niet in alle gevallen toe te wijzen aan een specifiek programma.

Overgenomen uit de brief van het college; hieronder staan de volledige vragen en antwoorden.

Aanleiding

Geachte leden van de JPH-fractie, Hierbij de antwoorden op de door u gestelde vragen ter voorbereiding op de behandeling van de Jaarrekening 2023 en de Zomernota 2024 in de commissie EBF op 11 juni 2024

Vragen Jongeren partij Heerlen vergadering EBF 11-06-2024 Agendapunt 9 Jaarrekening 2023 Vraag

Vragen en antwoorden

Vraag 1

De middelen compensatie energiekosten hevelt u naar het programma duurzaamheid over. Hoe worden de middelen over de diverse genoemde prioriteiten verdeeld?

Antwoord van het college

Daarnaast geeft men aan dat de middelen bedoeld zijn om het woon en leef klimaat van “de doelgroep” te verbeteren. Wat bedoelt men met “de doelgroep” zijn dat bijvoorbeeld alleen de mensen met een laag inkomen? En zo nee wie dan wel? En mogen we hiermee concluderen dat de projecten die gericht zijn op “pleisters plakken” aflopend zijn en dat dit toekomstig gezien de beperkte middelen niet de focus meer heeft.

Antwoord De middelen voor energiekosten worden verdeeld over prioriteiten binnen het programma duurzaamheid, zoals energiebesparende maatregelen en duurzame projecten. Met "de doelgroep" worden niet alleen mensen met een laag inkomen bedoeld, maar ook huishoudens die moeite hebben met energiekosten.

Vraag

Vraag 2

De accountant adviseert dringend om een beleid op fraude te gaan opnemen waarbij het zwaartepunt van mogelijke fraude bij rechtmatigheid van subsidies en uitkeringen ligt. Er is in de afgelopen periode capaciteit door de raad beschikbaar gesteld om bijstandsfraude te controleren. In de afgelopen 3 jaar heeft u ongeveer 75 maatregelen per jaar opgelegd op een totaal van meer dan 3500 bijstand dossiers. Dat geeft niet de indruk alsof de controle geïntensiveerd is. Via welk beleid worden de medewerkers nu aangestuurd?

Antwoord van het college

En welke adviezen van de accountant worden opgevolgd en wanneer kan de raad hierover geïnformeerd worden? En is het college voornemens om hier ook eindelijk concrete stappen in te maken.

Antwoord Momenteel wordt het beleid gestuurd op basis van rechtmatigheid van subsidies en uitkeringen. Het college is voornemens om de adviezen van de accountant, zoals intensievere controle, op te volgen. Dit wordt geborgd in het IB plan deze zal in 2024 worden uitgebreid.

Vraag:

Vraag 3

De niet gebonden heffingen zijn nauwelijks gestegen de afgelopen 4 jaar terwijl de uitgaven en de gebonden heffingen wel zijn meegestegen met de ontwikkelingen de afgelopen jaren. Klopt deze conclusie? En verstaan wij onder andere onder de niet gebonden heffingen de toeristenbelasting, de parkeerbelasting en de hondenbelasting?

Antwoord van het college

Gebonden heffingen (riool en afval) zijn baten die alleen bestemd zijn voor het doel waarvoor zij geheven worden. Als de uitgaven voor dit doel stijgen dan stijgen de heffingen mee.

Niet gebonden heffingen (OZB, hondenbelasting, toeristenbelasting en parkeerbelasting) behoren tot de algemene middelen van de gemeente.

Hieronder een korte toelichting op het verloop van deze heffingen. -OZB: Deze stijgt jaarlijks mee met de inflatie. -Hondenbelasting: In de begroting 2023 zijn we begonnen met het stapsgewijs afschaffen van de hondenbelasting. Deze is zowel in de begroting 2023 als 2024 met € 100.000 verlaagd. -Toeristenbelasting: In de begroting 2023 hebben we het tarief voor de toeristenbelasting verhoogd van € 1,85 naar € 2,00 per overnachting voor de periode 2023-2026.

-Parkeerbelasting: De parkeerbelasting bestaat uit 3 onderdelen. Het tarief voor straatparkeren, voor vergunningparkeren en de parkeerboetes. Het tarief voor het vergunningparkeren en de parkeerboetes stijgen jaarlijks mee met de inflatie. Het tarief voor het straatparkeren is in de coronaperiode gehalveerd, van € 2 naar € 1 euro per uur en niet meer gewijzigd.

Vraag

Vraag 4

Er is een fors verschil tussen de totale uitgaven in 2023 van 542M en de totale inkomsten die beduidend lager waren. Als we deze tegen elkaar wegstrepen wat was dan het werkelijke verschil tussen uitgaven in inkomsten?

Antwoord van het college

En klopt het dat wanneer het bestedingspatroon van 2023 gehandhaafd wordt er een structureel groter tekort ontstaat op de begroting.

Antwoord De kosten zijn gespecificeerd in de jaarrekening. Echter zijn er een aantal zaken waardoor het geschetste beeld niet klopt. De reserves dotaties en onttrekkingen gaat door de exploitatie heen, ook de SPUK hebben een effect op de exploitatie. Daarnaast is er sprake van hogere kosten door inflatie, energie en rente.

Vraag 5

Kunt u aangeven waarom de kerncijfers uitkeringsdossiers participatiewet afwijken van de data die we ontvangen op pagina 19 over dossiers. Bedoelt u daar individuen of adressen mee? De afgelopen 3 jaar schijnen er 1517 uitkeringen beëindigd te zijn als gevolg van aanvaarding van werk. Hoeveel uitkeringen zijn beëindigd als gevolg van pensioen/AOW en komen die nog bovenop de eerder genoemde aantallen? En wat zijn de oorzaken dat de afgelopen 3 jaar het totaal aantal participatiedossiers slechts met 226 is teruggelopen. De cijfers wijken af omdat in de tabel op bladzijde 17 wordt gesproken over het aantal bijstandsdossiers, terwijl de tabel op bladzijde 94 spreekt van het aantal bijstandsgerechtigden. Beëindigingen vanwege AOW- en pensioenuitkeringen komen nog bovenop de genoemde 1517 beëindigingen. De daling van 226 dossiers komt mede door aanhoudende instroom en veranderende criteria voor uitkeringsbeëindiging. Agendapunt 10 – Zomernota: Vraag • Klopt het dat u tientallen miljoenen aan subsidies heeft binnengehaald en dat daarvoor (deels) co-financiering vereist is en kun u een overzicht verschaffen welke subsidies dit allemaal zijn en om welke bedragen dit gaat, waar ze voor bedoeld zijn en in welke jaren deze gepland in de begroting van toepassing zullen zijn en of u de bedragen die gerelateerd zijn aan de benodigde co-financiering reeds heeft afgestemd in een raadsvoorstel of (nog) niet. En wanneer u voornemens bent om deze aan de raad voor te leggen, mits dit nog niet gedaan is? Antwoord Het klopt dat er veel subsidie is binnen gehaald, dit is een speerpunt van het Heerlens beleid om zo veel mogelijk impact te maken met investeringen door derden. De projecten waar cofinanciering voor nodig is worden gedeeld in de gebruikelijke P&C producten of tussentijds via een RIB. Vraag • Klopt het dat u tot op heden geen structurele middelen voor bijvoorbeeld de (complete) noodzakelijke investeringen in onder andere Hoensbroek Centrum, de skatebaan in het Nassaupark, Willemskwartier, de inschrijving voor Heerlen als culturele hoofdstad en bijvoorbeeld de herstructurering Versiliënbosch heeft voorgelegd aan de raad en kunt u aangeven welke raadsvoorstellen wij in 2024 en 2025 nog mogen verwachten, aangezien de wethouder financiën aangaf dat “de kraan dicht gaat” voor alle niet reeds door de raad vastgestelde investeringen. En voor welke plannen bent u voornemens deze helemaal niet meer voor te leggen aan de raad? Antwoord Bij het opstellen van de begroting zullen deze overwegingen worden meegenomen en bij de algemene beschouwingen worden besproken met de Raad. Vraag • Klopt het dat u vrij besteedbare middelen ook uitgeeft zonder gebruik te maken van koppelkansen in de vorm van subsidies en om welke bedrag gaat dit in totaliteit in 2023 en 2024 waaraan heeft u dit besteed, denk hierbij aan o.a. de witgoedregeling als onderdeel van de energiematrix en de fit en fun regeling Antwoord Bij bestedingen door de gemeente Heerlen wordt zoveel mogelijk koppelkansen onderzocht, echter is dit niet in alle gevallen mogelijk. Vraag: • Kunt u overzichtelijk maken op programma niveau hoeveel subsidie van andere overheden deze binnenhalen? En zijn er nog aanknopingspunten die uitzicht geven op het opplussen van middelen door middel van een actieve(re) lobby op deze middelen? En kan hier in sommige gevallen ook een deel van de formatie door bekostigd worden?

Antwoord van het college

De binnengehaalde subsidie zijn niet in alle gevallen toe te wijzen aan een specifiek programma. In sommige gevallen is er ook ruimte voor formatie. In de jaarrekening worden alle inkomende subsidies gemeld en bij de SPUKS zijn alle Sisa verantwoordingen toegevoegd.

Vraag:

•

Heeft u op ieder beleidsterrein een strategie en een verantwoordelijke medewerker als het gaat om binnenhalen van subsidies en kunt u hierin

inzicht verschaffen? En heeft u daarnaast ook de uitvoeringskracht op vlieghoogte om de subsidies ook weg te zetten binnen de programma’s?

Antwoord:

Deze activiteiten worden zowel centraal als decentraal uitgevoerd en waar relevant in samenwerking met partners zoals de stadsregio Parkstad Limburg. Uitgangspunt is het MBP waarbij we uiteraard ook oog hebben regionale en landelijke ontwikkelingen. Uitvoeringskracht is een van de pijlers die altijd in ogenschouw genomen wordt bij het aanvragen van subsidies.

Vraag:

•

Kunt u aangeven welke projecten (nog) geen substantiële subsidie binnengehaald hebben die nu wel nog op de agenda staan? (bijvoorbeeld in relatie tot de transitievisie warmte?)

Antwoord:

In de jaarrekening kunt u de subsidies en SPUK terug vinden. Aangezien deze in sommige gevallen een programma overstijgend karakter hebben is één op één aansluiting niet altijd te maken, daarom ook niet een zogenaamde één op nul aansluiting.

Vraag:

• De begroting 2023 liep op inkomsten, vergunningen en leges niet in de pas met de jaarrekening. Welk deel van die beoogde inkomsten kunnen wij in 2024 en de hierop volgende jaren verwachten? En heeft dit deels ook te maken met het vertraagde proces van vergunningverlening? En mogen wij concluderen dat bij een versnelling van woningbouw de inkomsten op zowel de leges als de inkomsten op de ozb fors zullen stijgen?

Antwoord:

De vraag heeft geen technisch karakter dat betrekking heeft op de jaarverantwoording, kaderbrief of zomernota. De JPH kan de daarvoor bedoelde termijnen gebruiken voor de vraag aan het college te stellen.

Agendapunt 11 Kaderbrief 2024

• Zijn alle voorgenomen investeringen opgenomen in de meerjarenbegroting? En is het voorspelde tekort dan ook compleet representatief? Of moet de impact van de vertrouwelijke raadsstukken nog als mogelijk additioneel tekort meegerekend worden? En zo ja kunt u dan aangeven (vertrouwelijk) hoe deze investeringen mogelijk de begroting nog raken?

Antwoord volgt later vandaag

• Is het in de Parkstad regio beschikbare zwemwater waaronder het recent fors verbouwde zwembad in Hoensbroek volledig volgeboekt en is er op dit moment al sprake van een aantoonbare krapte in beschikbaarheid van een doelgroepen bad?

Antwoord volgt later vandaag

• Voor de realisatie van het centrumbad als klein doelgroepen bad ontbreekt het aan de benodigde elektriciteitsaansluiting. De opwaardering van het stroomnet als gevolg van netcongestie duurt waarschijnlijk nog tenminste tot 2030. Welke initiatieven kampen met problemen als gevolg van netcongestie en lopen hierdoor vertraging op en zou dit ook logischerwijs kunnen nopen tot het verleggen van de prioriteiten? Wat zijn de geprognotiseerde exploitatielasten van het centrum bad en zijn er op dit moment ambtenaren gemoeid met de voorbereidingen en onderzoek.

Antwoord volgt later vandaag

• Zijn andere invullingen van de kerk aan de Laanderstraat zoals in andere gemeenten reeds uitgevoerde transformaties naar woningen ook onderzocht? En kan dit een alternatief zijn voor het voorgenomen centrumbad? En is een alternatieve locatie op een plek die ook tegemoet

komt aan het vigerende beleid van clustering van sportvoorzieningen een optie voor de toekomst?

Antwoord volgt later vandaag

- In de beantwoording van de door de JPH gestelde vragen documentnummer 102832 gaf men een aantal antwoorden ten aanzien van ondersteunende maatregelen en de participatiewet, in relatie hiertoe nog een aantal vragen:

De onderstaande vragen hebben geen technisch karakter dat betrekking heeft op de jaarverantwoording, kaderbrief of zomernota. De JPH kan de daarvoor bedoelde termijnen gebruiken voor de vragen aan het college te stellen.

Vraag:

• Vraag 13. Graag dit overzicht volledig maken met bedragen in € bij onder andere de individuele inkomenstoeslag. De ontbrekende Fit en Fun regeling en graag een overzicht verschaffen in tabel hoeveel de kwijtschelding lokale lasten bedragen in vergelijk met de genoemde overige gemeenten.

• Van 2021 tot en met 2023 zijn er bijna 1300 mensen naar Heerlen verhuisd die direct een aanspraak hebben gemaakt op een bijstandsuitkering, hoeveel reeds in Heerlen woonachtige mensen zijn in de bijstand terechtgekomen gedurende deze periode. En welke maatregelen onderneemt het college om de instroom van bijstandsgerechtigden van buiten de regio te beperken en hiermee de druk op de ondersteunende voorzieningen structureel te verlichten?

• Zijn er nog mogelijkheden om gemeentelijk vastgoed af te stoten teneinde een structurele bezuiniging te realiseren op onderhoudskosten?

• Ten aanzien van de heffingen die nauwelijks zijn gestegen de afgelopen jaren?

Wat kost de kwijtschelding van lokale lasten zoals de afvalstoffenheffing en de rioolheffing voor minima in zijn totaal. En heeft u gezien de forse inkomensstijging die de minima de laatste jaren hebben gehad voorzien

om deze kwijtschelding op zijn minst aan te laten sluiten met de gestegen inkomsten van de minima? En klopt het dat werkenden en middeninkomens geen recht hebben op deze vorm van ondersteuning?

Klopt de conclusie dat het beleid zich de afgelopen vooral gericht heeft op het ontzien van de laagste inkomens en in die zin u nu voornemens bent om hieraan vast te houden op grond van de ladder van Lodewijks.

En hoe verhoudt zich dit tot de forse inkomensontwikkeling van de laagste inkomens daar waar met name de middeninkomens het naar rato extra zwaar hebben gehad. En kan dit niet een reden zijn voor het college om naar een meer evenwichtiger beleid te voeren die ook tegemoet komt aan een grote groep van Heerlense inwoners die nu structureel buiten de boot vallen bij allerlei regelingen en u nu op basis van u plannen voornemens bent om die zwaarder te belasten? En hoe helpt het voorgenomen beleid in het terugdringen van de aanzuigende werking op mensen die het al zwaar hebben? En op welke wijze denkt u een bijdrage te leveren aan de aantrekkingskracht op werkenden in uw beleid?

• De kosten van het sociaal domein en meer expliciet de WMO lopen continu uit de pas met de begroting en er worden structureel dezelfde argumenten gebruikt waarom deze overschrijdingen plaats vinden (o.a. abonnementstarief en openeinderegeling in combinatie met de vergrijzing). Daarnaast valt er in de meicirculaire te lezen dat het rijk voornemens is de openeinderegeling binnenkort te stoppen en de kosten beheersbaar te maken. Welke beleid voert u in het licht van het naderende ravijnjaar om de kosten in de hand te houden? En hoe wordt de urgentie van de noodzaak om in financiële zin pas op de plaats te maken ingebed in de wijze waarop men met WMO aanvragen omgaat?

En noopt de financiële situatie niet tot een fundamenteel andere aanpak?

• De problematiek in relatie tot het ravijnjaar is voor Heerlen onevenredig groot. In de pers verwijst het college naar de afhankelijkheid van de stad van een verhoogde bijdrage van het VNG en van het rijk. Ligt een belangrijk deel van dit naar rato grote tekort ook niet in de stapeling van ambities die zoals gebleken te ambitieus en niet betaalbaar blijken?

• De gemeente Weert heeft een raadsvoorstel deze maand klaarliggen om ook in de uitvoering de kracht te hebben om de woningbouwambitie waar te kunnen maken en waar mogelijk te versnellen, in totaal vraagt

•

•

•

•

men daar om 3 miljoen extra in 3 jaar. Is de huidige personele bezetting en de bezetting van de Heerlense afdelingen die raken aan volkshuisvesting, nieuwbouw, vergunningen en herstructurering “klaar” en voldoende bemenst om ook de Heerlense ambities op dit gebied waar te maken? En heeft men in de meerjarenbegroting rekening gehouden met een versterkte focus op deze prioriteit die tevens de drijver is voor de brede schaalsprong en de groeiambitie van de stad? En is er voorzien dat op deze specifieke afdelingen geen personele reducties zijn voorzien teneinde de voortgang van de woningbouw en herstructurering niet in gevaar te brengen?

Heerlen is een van de steden die relatief het meeste geld uitgeeft aan culturele subsidies per inwoner. Terwijl de draagkracht van de stad in het licht van het ravijnjaar relatief laag is. Bent u voornemens om dit beleid te continueren of dwingt de financiële situatie tot een heroverweging?

U bent volgens u schrijven in de kaderbrief voornemens om een forse ingreep in de gemeentelijke organisatie te doen. Via welke methodiek bent u van plan dit te doen? En hoe borgt u dat jong talent dat u de afgelopen jaren geworven heeft zoveel behouden kan worden voor de organisatie? En kunt u uitsluiten dat tot mogelijke maatregelen ook gedwongen ontslagen behoren?

Kunt u de prognose van de beleidsindicatoren op pagina 28 van de jaarstukken 2023 zodanig inrichten dat wij een inzicht krijgen in de situatie van deze beleidsindicatoren per jaar op basis van de door u voorgelegde kaderbrief? En kunt u daarbij verdiepend aangeven hoeveel autonome uitstroom van personeel u verwacht de komende jaren (als gevolg van bijvoorbeeld pensioen) en welke financiële impact deze heeft op de begroting?

Op pagina 7 van de kaderbrief geeft het college aan dat een generieke besparing te willen doen van 5% op alle verbonden partijen, omschreven als volgt: Daarnaast kiezen we, wanneer dat mogelijk en gewenst is, voor generieke maatregelen ten aanzien van onze verbonden partijen. Dat zijn partijen waarmee we of een contract hebben of een subsidierelatie of een gemeenschappelijke regeling. We kunnen niet anders. Zolang Den Haag ons kort kunnen wij niet anders dan die korting doorgeven. Wij denken hierbij aan een generieke maatregel van 5%. Immers, daar waar de gemeente zelf keuzes moet maken ten aanzien van de eigen organisatie en de eigen plannen en projecten, mag dat ook verwacht worden van de aan de gemeente gelieerde organisaties.

•

•

•

•

•

•

Heeft dit statement ook betrekking op partners zoals Inclusio & Jens. En geldt dit bijvoorbeeld ook voor Schunk, Het zwembad in Hoensbroek en anderen. En is er behoudens de generieke benadering ook een plan van aanpak om met de grotere partners die een groot deel van de kosten uitmaken ook als eerste de gesprekken aan te gaan om tot een besparing te komen? En is 5% besparen voldoende? Wetende dat het tekort 5% op de totaalbegroting is en er op een zeer groot gedeelte van de begroting geen regie te voeren valt?

Op pagina 30 van de jaarstukken 2023 geeft u aan dat u langjarig partnerschap aangaat met Heerlen Noord en de alliantie. Op welke wijze heeft u dit ook gematerialiseerd en is het programmabureau voor de lange termijn verzekerd van de investeringen die daarbij nodig zijn? En op welke wijze is er geborgd dat middelen bedoeld voor de structurele inhaalrace niet terechtkomen bij andere programma’s of het afdichten van tekorten in de interne organisatie?

Op welke wijze wordt er in het licht van het ravijnjaar nog invulling gegeven aan de oproep van de Jongerenpartij Heerlen aan te sluiten op de ambitie van de regio om hier de Einsteintelescoop te huisvesten en de daarmee gepaarde werkgelegenheid in te bedden in onze regio?

Welke impact zou het opnieuw prioriteren van de buurtvergroeningsplannen hebben? Is het mogelijk om voor de jaren 2026 en 2027 deze plannen “te pauzeren” in afwachting van de dan beschikbare middelen?

Het centrum Hoensbroek is niet als compleet programma opgenomen in de begroting, terwijl de opgaven en de urgentie zoals ook het college aangeeft ontzettend groot is en men kennelijk nu ook bereid is om hierin te investeren. Waarom is dit geen zelfstandig programma in de begroting en is het niet mogelijk om te overwegen dit toch te doen en daar ook de benodigde middelen en mensen aan toe te wijzen teneinde ook grip en overzicht te houden op de prioriteiten?

Wat betekent het ravijnjaar voor de recent gecommuniceerde noodzaak om kunstgrasvelden op het terrein van EHC/Passart te vervangen? En is het college van zin om het gehele terrein aan de nieuwe vereniging ter beschikking te stellen of kan een deel van het terrein ook beschikbaar worden gemaakt voor kwalitatieve woningbouw en hiermee een positieve impuls aan de Dem geven?

Wat betekent het ravijnjaar voor de voorgenomen verhuizing van Avon en de clustering van sportvoorzieningen bij de Varenbeuk?

Bekijk de brief: Beantwoording schriftelijke vragen JPH 1 van 2

Bron: raadsinformatie van de gemeente Heerlen (Open Raadsinformatie). De vragen en antwoorden zijn automatisch uit de brief gelezen; het origineel is leidend.

Meer vragen aan het college van Heerlen

Alle artikel 35-vragen in Heerlen