maaibeleid gemeente Hilversum (1876326)
Een raadslid stelde op 30 september 2025 schriftelijke vragen aan het college van burgemeester en wethouders van Hilversum.
Brief van het college
Deze brief is niet in losse vragen en antwoorden uit te lezen. Hieronder staat de tekst; het origineel staat via de link.
GEMEENTE HILVERSUM POSTBUS 9900 1201 GM HILVERSUM BEZOEKADRES:
RAADHUIS
Aan de gemeenteraad cc commissieleden cc pers
DUDOKPARK 1 TELEFOONNUMMER: 14 035 WWW.HILVERSUM.NL
1 oktober 2025 ZAAKNUMM ER 1876326 BEHA NDELD DOOR Milan Teunissen van Manen TELEFOON +31356292477 DATUM
UW KENMERK BIJLAGEN BETREFT
Beantwoording schriftelijke vragen art. 42 van Hart voor Hilversum over maaibeleid gemeente Hilversum Geachte raadsleden,
Op 8 september 2025 heeft de fractie Hart voor Hilversum vragen (hieronder cursief) gesteld op basis van artikel 42 van het Reglement van Orde over het maaibeleid. In deze brief worden deze vragen beantwoord.
Vraag 1: Is het college bereid te erkennen dat het huidige maaibeleid in deze context zijn doel voorbijschiet?
Nee, het college is van mening dat het maaibeleid zijn doel niet voorbijschiet. Ten eerste omdat het eindbeeld van het ecologisch maaibeleid nog niet bereikt is. Het huidige straatbeeld gaat om een tussentijds stadium waar natuurlijke processen nog op gang moeten komen. Na verloop van tijd stabiliseert ook het beeld naar een bloeiende berm. Ten tweede, de meeste inwoners staan (nu al) positief tegenover natuurlijk ogend (minder beheerd) openbaar groen (Monitor Hilversum 2024, zie vraag 5 voor specifieke cijfers). Dit is een indicatie dat het huidige maaibeleid juist goed aansluit bij de belangen van bewoners en het ontwikkelende straatbeeld. Er kan daarom nu nog geen conclusie getrokken worden of het maaibeleid zijn doel voorbijschiet.
Vraag 2: Weegt het bevorderen van de biodiversiteit voor dit college zwaarder dan het bevorderen van het wooncomfort van bewoners?
Het bevorderen van biodiversiteit, een algemeen belang, komt ten goede van wooncomfort van bewoners. Eén van de doelen van het natuurlijk beheren van groen is het verminderen van plagen zoals de eikenprocessierups. Bovendien kan natuurlijk beheerd groen beter tegen uitdroging, hevige hitte en hoosbuien. Ecologisch beheerd groen trekt ook meer vlinders en vogels aan. Ook die dragen bij aan het wooncomfort van bewoners.
Vraag 3: Hoe waarborgt het college dat het ecologisch maaibeleid niet ten koste gaat van de leefbaarheid, veiligheid en het woongenot in woonwijken?
Allereerst zijn de locaties voor het ecologisch maaibeheer gekozen zodat deze niet botsen met veiligheid en gebruik. Ten tweede wordt de tevredenheid van bewoners gemonitord als onderdeel van het
monitoringsplan van het Programma groen (specifiek met de KPI ‘toename positieve houding tegenover natuurlijk ogend, dus minder intensief beheerd, openbaar groen'). Daarnaast is er ruimte voor maatwerk in het huidige maaibeleid. Wanneer bewoners zorgen over veiligheid of gebruik van het openbaar groen melden wordt er in overleg met de buurt naar maatwerkoplossingen gezocht. Het maaibeleid is flexibel en houdt rekening met leefbaarheid, veiligheid en woongenot, binnen de gestelde doelen van het Programma Groen.
Vraag 4: Is het college het met Hart voor Hilversum eens dat dit verschil in aantal keer maaien tussen verschillende plekken in Hilversum wel erg groot is? Is het college bereid om dit verschil kleiner te maken, door bijvoorbeeld minimaal vier keer per jaar te maaien i.p.v. minimaal twee keer per jaar?
Er is inderdaad een groot verschil tussen intensief en ecologisch beheerde plekken. We kijken met ecologisch maaibeheer waar het kan en waar het nut heeft. Dit zijn vooral plekken aan de randen van Hilversum, dichter bij natuurgebieden, en plekken die minder gebruikt worden. Het groenbeheer rondom het raadhuis kent overigens een apart regime, dat samenhangt met de status van Rijksmonument.
Ecologisch maaibeheer is afgestemd op de levenscyclus van planten en insecten. Wanneer er meer gemaaid zou worden zouden planten geen zaad voortbrengen en zouden insecteneitjes en larven worden vernietigd. Daarom kan het aantal maaibeurten bij ecologisch maaibeheer niet worden verhoogd.
Vraag 5: Welke evaluatie heeft het college uitgevoerd op de effecten van het ecologisch maaibeleid op bewoners en biodiversiteit sinds de invoering? Zijn daarin nieuwe inzichten opgedaan?
Het effect van het maaibeleid op de bewoners wordt jaarlijks gepeild met de Monitor Hilversum, als onderdeel van het evaluatie- en monitoringsplan van Programma Groen 2040. De meest recente cijfers (2024) geven aan dat 58% van Hilversummers positief staan tegenover het natuurlijker groen, 28% neutraal, en 9% negatief. Bovendien kijken we ook naar de reacties op het ecologisch maaibeleid via MOR meldingen, direct (mail)contact, via het groene netwerk en op sociale media. We ontvangen verschillende reacties, van klachten tot complimenten (ongeveer even veel), aanmoedigende geluiden en de vraag om het beleid juist verder uit te breiden.
Vraag 6: Is het college bereid om een meer flexibel maaibeleid te overwegen dat rekening houdt met bewonerservaringen in plaats van rigide vast te houden aan een vooraf opgestelde maaikalender?
Het maaibeleid is al flexibel en houdt rekening met opgedane bewonerservaringen. Binnen de gestelde doelen van het Programma Groen kijken we bij reacties van inwoners waar maatwerk nodig en mogelijk is. Bovendien kijken we ook hoe de uitvoering en communicatie rondom ecologisch maaien eventueel verbeterd kan worden, door praktijkervaringen op te halen bij andere gemeentes en inbreng van inwoners.
Hopende hiermee uw vragen beantwoord te hebben.
Hoogachtend, Burgemeester en wethouders van Hilversum, de gemeentesecretaris,
de burgemeester,
mr. C.P. Torres Barrera
dr. ir. G.M. van den Top
Bron: raadsinformatie van de gemeente Hilversum (Open Raadsinformatie). De vragen en antwoorden zijn automatisch uit de brief gelezen; het origineel is leidend.