22 september 2026 · artikel 35-vragen · gemeente Hilversum

zelfredzaamheid wordt afgestraft

Een raadslid stelde op 22 september 2026 schriftelijke vragen aan het college van burgemeester en wethouders van Hilversum (5 vragen).

In het kort

5 vragen en wat het college antwoordt

  • Kan het voorkomen dat professionele hulpverlening constateert dat een instabiele woonsituatie schadelijk is voor de ontwikkeling of het welzijn van minderjarige… → Zo ja, hoe beoordeelt het college deze mogelijke tegenstelling?
  • Acht het college een situatie waarin een werkende ouder met minderjarige kinderen langdurig geen structurele woonruimte heeft, aantoonbaar zeer actief naar een woning… → Zo nee, waarom niet?
  • Heeft het college zicht op het aantal Hilversumse gezinnen met minderjarige kinderen dat momenteel geen zelfstandige structurele woonruimte heeft en bijvoorbeeld… → Zo ja, om hoeveel huishoudens en minderjarige kinderen gaat het?
  • Is het college van mening dat deze vorm van “verborgen dakloosheid” voldoende in beeld is? → Zo nee, welke maatregelen gaat het college nemen om deze groep beter in beeld te krijgen?
  • Kan het college aangeven welke onderdelen van de besluitvorming over woonurgentie door het college zelf worden uitgevoerd en welke bevoegdheden zijn gemandateerd aan de… → Namens Hart voor Hilversum Ron Lancé (06-55382385) Michiel Eerenberg

Overgenomen uit de brief van het college; hieronder staan de volledige vragen en antwoorden.

Aanleiding

Artikel 42-vragen – Wanneer zelfredzaamheid leidt tot dakloosheid Aanleiding Op 29 augustus 2026 publiceerde De Gooi- en Eemlander het artikel “Nienke (41) heeft twee kinderen, een baan en spaargeld, maar toch is ze al ruim een jaar dakloos: ‘108 keer gereageerd op sociale huur’” In het artikel wordt de situatie beschreven van een 41-jarige moeder met twee minderjarige kinderen van 16 en 14 jaar die na haar scheiding inmiddels vijftien maanden geen structurele woonruimte heeft. Zij werkt, beschikt over eigen middelen en heeft geprobeerd haar woonprobleem zelf op te lossen. In twaalf maanden tijd heeft zij naar eigen zeggen 108 keer gereageerd op een sociale huurwoning. Toch is geen structurele oplossing gevonden.

Deze casus roept bij Hart voor Hilversum een principiële vraag op:

Beloont ons systeem inwoners die verantwoordelijkheid nemen en alles proberen om hun woonprobleem zelf op te lossen, of kan die zelfredzaamheid er juist toe leiden dat zij uiteindelijk tussen wal en schip vallen?

De Huisvestingsverordening Gooi en Vechtstreek bepaalt immers dat bij een urgentieaanvraag niet alleen naar de noodsituatie wordt gekeken, maar ook naar de mate waarin een woningzoekende zelf heeft geprobeerd het woonprobleem op te lossen. Daarnaast biedt de verordening het college de mogelijkheid om van de urgentieregels af te wijken wanneer strikte toepassing leidt tot niet-gerechtvaardigde hardheid.

Hart voor Hilversum stelt daarom de volgende vragen aan het college:

Vragen en antwoorden

Vraag 1

Kan het voorkomen dat professionele hulpverlening constateert dat een instabiele woonsituatie schadelijk is voor de ontwikkeling of het welzijn van minderjarige kinderen, terwijl dezelfde situatie volgens de woonurgentieregels onvoldoende grond vormt voor urgentie?

Antwoord van het college

Zo ja, hoe beoordeelt het college deze mogelijke tegenstelling?

Vraag 2

Acht het college een situatie waarin een werkende ouder met minderjarige kinderen langdurig geen structurele woonruimte heeft, aantoonbaar zeer actief naar een woning zoekt, eigen financiële middelen inzet en waarbij professionele hulpverlening zorgen uit over de kinderen, bij uitstek een situatie waarin toepassing van de hardheidsclausule nadrukkelijk moet worden onderzocht?

Antwoord van het college

Zo nee, waarom niet?

Vraag 3

Heeft het college zicht op het aantal Hilversumse gezinnen met minderjarige kinderen dat momenteel geen zelfstandige structurele woonruimte heeft en bijvoorbeeld noodgedwongen bij familie, vrienden, in vakantieverblijven of op verschillende tijdelijke adressen verblijft?

Antwoord van het college

Zo ja, om hoeveel huishoudens en minderjarige kinderen gaat het?

Vraag 4

Is het college van mening dat deze vorm van “verborgen dakloosheid” voldoende in beeld is?

Antwoord van het college

Zo nee, welke maatregelen gaat het college nemen om deze groep beter in beeld te krijgen?

Vraag 5

Kan het college aangeven welke onderdelen van de besluitvorming over woonurgentie door het college zelf worden uitgevoerd en welke bevoegdheden zijn gemandateerd aan de Regio Gooi en Vechtstreek, en op welke wijze het college bestuurlijk verantwoordelijkheid neemt wanneer de toepassing van de regionale urgentieregels in individuele Hilversumse situaties tot maatschappelijk ongewenste uitkomsten leidt?

Antwoord van het college

Namens Hart voor Hilversum Ron Lancé (06-55382385) Michiel Eerenberg

Bekijk de brief: Schriftelijke vragen van Hart voor Hilversum over zelfredzaamheid wordt afgestraft

Bron: raadsinformatie van de gemeente Hilversum (Open Raadsinformatie). De vragen en antwoorden zijn automatisch uit de brief gelezen; het origineel is leidend.

Meer vragen aan het college van Hilversum

Alle artikel 35-vragen in Hilversum