2.40 Gemeenschappelijke regeling Jeugd en Wmo M-H, Beantwoording raadsvragen regiovisie
Een raadslid stelde op 18 november 2025 schriftelijke vragen aan het college van burgemeester en wethouders van Krimpenerwaard (6 vragen).
In het kort
6 vragen en wat het college antwoordt
- Beantwoording raadsvragen CDA Gouda Gemeenschappelijke Regeling Jeugd en Wmo Midden-Holland Postbus 1086 2800 BB Gouda www.grjwh.nl [email protected] IBAN NL80 BNGH 0285… → Het antwoord hierop is niet eenduidig.
- Wanneer komt de heldere, werkbare afbakening tussen onderwijs, jeugdhulp en Wmo die voorkomt dat jongeren tussen wal en schip vallen, inclusief afspraken over… → Dit ligt bij het Rijk.
- Kunt u laten zien hoeveel jongeren met JOS en andere preventielijnen daadwerkelijk zijn geholpen in 2022-2024, en wat het meetbare effect is op instroom in zwaardere… → Wij zijn bezig de data die de GR JW ter beschikking heeft ten aanzien van preventielijnen via de GR JW inzichtelijk te maken.
- Waarom staat de structurele betrokkenheid nog in de kinderschoenen, en welke minimale spelregels komen er voor co-creatie met ouders en jongeren bij beleidswijzigingen… → Wij vermoeden dat u doelt op clientparticipatie.
- Kunt u expliciet maken welke jeugdambities niet behaald zijn, wat de oorzaken zijn, en welke acties u neemt in 2026, met een publieke voortgangsrapportage per kwartaal? → Het betreft hier één regionale ambitie uit de regiovisie jeugd en Wmo.
- Hoe voorkomt u dat “normaliseren” en strenger afbakenen resulteert in wegduwen van zorgvragen richting onderwijs of gezin, en hoe monitort u negatieve bijeffecten zoals… → Dit ligt niet binnen de regionale invloed, maar bij de lokale toegang en het opbouwen van de lokale sociale basis. 3 Bijlage 2 Beantwoording raadsvragen PvdA Gouda 1. “We nemen het…
Overgenomen uit de brief van het college; hieronder staan de volledige vragen en antwoorden.
Aanleiding
Aan: Gemeenteraden van Gouda, Zuidplas, Krimpenerwaard, Bodegraven-Reeuwijk en Waddinxveen
Gouda, 31 oktober 2025 Onderwerp: Beantwoording raadsvragen startnotitie regiovisie jeugd en Wmo 2028
Geachte raadsleden,
Eind september jl. heeft u de evaluatie van de regiovisie jeugd en Wmo Midden-Holland ontvangen samen met een startnotitie voor het proces om te komen tot een nieuwe regiovisie. Op deze startnotitie is een zienswijze van de gemeenteraden mogelijk. Voorafgaand heeft u de mogelijkheid gekregen technische vragen te stellen aan het dagelijks bestuur van de Gemeenschappelijke Regeling Jeugd en Wmo Midden-Holland (GR JW).
De fracties van Leefbaar Gouda, PvdA Gouda en CDA Gouda hebben hier gebruik van gemaakt.
Bijgevoegd vindt u de beantwoording van de vragen.
De startnotitie wordt binnenkort voor zienswijze in uw gemeenteraad geagendeerd volgens het reguliere lokale raadsproces.
Hoogachtend, ValidSigned door Irma Bultman op 03-11-2025
ValidSigned door Bart van der Schelde op 03-11-2025
H.C. Bultman Voorzitter dagelijks bestuur GR JW
B. van der Schelde Secretaris-directeur GR JW
Bijlagen
Vragen en antwoorden
Vraag 1
Beantwoording raadsvragen CDA Gouda Gemeenschappelijke Regeling Jeugd en Wmo Midden-Holland Postbus 1086 2800 BB Gouda www.grjwh.nl [email protected] IBAN NL80 BNGH 0285 1899 72 KvK 96002190 Bijlage 1 Beantwoording raadsvragen Leefbaar Gouda 1. Wat is het plan voor juist díe jongeren, waarvan de evaluatie aangeeft dat alternatieven niet de volledige doelgroep kunnen huisvesten, dus dat deel dat niet op de juiste plek zit voor een passende behandeling?
Antwoord van het college
Het antwoord hierop is niet eenduidig. Om die reden zijn wij nu op deze doelgroep een groot data-onderzoek gestart op werkzame interventies.
2. Waarom is er na vier jaar nog geen structurele borging van een soepele overgang naar de Wmo, en hoe wordt geborgd dat het perspectiefplan voortaan leidend is, met concrete termijnen en verantwoordelijken?
Antwoord: Het wettelijk kader is hierin beperkend, aangezien er veel verschillende wetten betrokken zijn met ieder verschillende regels en financiële kaders. Wij zien de samenwerking rondom het integraal zorgakkoord als een opmaat naar het gesprek over de complicaties die dat oplevert voor onder andere deze jongeren en de opmaak naar oplossingen.
3. Welke maatregelen en deadlines legt het bestuur zichzelf op om binnen het komende jaar het inzicht in wachtlijsten en het benodigde aanbod aantoonbaar op orde te brengen?
Antwoord: Zorgaanbieders maken hun wachttijden zichtbaar via de door ons ingebrachte tool startpunt. Na de inkoop van afgelopen jaar investeren wij opnieuw in het actueel houden van de lijsten op startpunt. Circa 80 % van de gecontracteerde aanbieders heeft zich hier inmiddels geregistreerd.
Vraag 2
Wanneer komt de heldere, werkbare afbakening tussen onderwijs, jeugdhulp en Wmo die voorkomt dat jongeren tussen wal en schip vallen, inclusief afspraken over financiering, verantwoordelijkheden en escalatie?
Antwoord van het college
Dit ligt bij het Rijk. Binnen de mogelijkheden die de wet ons geeft werken wij voortdurend aan verbetering van de samenwerking en samenhang tussen jeugdhulp, Wmo en passend onderwijs.
Vraag 3
Kunt u laten zien hoeveel jongeren met JOS en andere preventielijnen daadwerkelijk zijn geholpen in 2022-2024, en wat het meetbare effect is op instroom in zwaardere jeugdhulp, per gemeente en per schooltype?
Antwoord van het college
Wij zijn bezig de data die de GR JW ter beschikking heeft ten aanzien van preventielijnen via de GR JW inzichtelijk te maken. Het betreft hier directe effecten. Voor oorzaak-gevolg relaties verwijzen wij u naar de laatste evaluatiecijfers van betreffende preventielijnen, zoals JOS. De cijfers van JOS voor 2024 zijn zoals beschreven in de evaluatie van de regiovisie te vinden op de website van de GR JW. De cijfers over andere jaren zijn indien nodig beschikbaar via het eigen college.
Vraag 4
Waarom staat de structurele betrokkenheid nog in de kinderschoenen, en welke minimale spelregels komen er voor co-creatie met ouders en jongeren bij beleidswijzigingen en inkoop? 2
Antwoord van het college
Wij vermoeden dat u doelt op clientparticipatie. Ten aanzien hiervan heeft de GR JW een aantal interventies structureel ingericht in de nieuwe inkoop. Bij het integraal zorgakkoord ligt een stevige lijn van inwoner participatie, inwonerorganisaties zoals Kernkracht en dochterorganisatie Expex zijn structureel betrokken bij nieuwe contracten, de doorontwikkeling van contracten, en onderzoek naar lopende interventies.
Vraag 5
Kunt u expliciet maken welke jeugdambities niet behaald zijn, wat de oorzaken zijn, en welke acties u neemt in 2026, met een publieke voortgangsrapportage per kwartaal?
Antwoord van het college
Het betreft hier één regionale ambitie uit de regiovisie jeugd en Wmo. Op deze ambitie, namelijk “Door eerdere en efficiëntere samenwerking worden situaties van onveiligheid vroegtijdig gesignaleerd en aangepakt, zo worden jeugdbeschermingsmaatregelen voorkomen” hebben we als regio sterke belemmerende factoren ervaren, namelijk landelijk terugtrekkend beleid op het Toekomstscenario door de andere daarbij betrokken partijen, en de raad voor de Kinderbescherming die haar wettelijke taak zeer autonoom invult. Wij hebben hier geen formele invloed op. Voortgangsrapportage is onderdeel van de P&C cyclus van de GR JW.
Op alle andere geformuleerde jeugdambities is forse inzet gepleegd en zien wij ook dat resultaat is behaald. Een aantal voorbeelden: er zijn meerdere alternatieven gerealiseerd om de afbouw van Jeugdzorgplus mogelijk te maken, is er inzet op de versterking van lokale wijkteams en de verschuiving van het accent op zware hulp naar preventieve hulp, en het beleid gericht is op de inzet van hulp zo nabij mogelijk thuis, ook in gezinshuizen.
Vraag 6
Hoe voorkomt u dat “normaliseren” en strenger afbakenen resulteert in wegduwen van zorgvragen richting onderwijs of gezin, en hoe monitort u negatieve bijeffecten zoals stijgend schoolverzuim of escalaties?
Antwoord van het college
Dit ligt niet binnen de regionale invloed, maar bij de lokale toegang en het opbouwen van de lokale sociale basis.
3
Bijlage 2
Beantwoording raadsvragen PvdA Gouda
1. “We nemen het uitgangspunt dat de inwoner centraal staat en de juiste hulp krijgt serieus. Bij de inkoop 2025 hebben wij verscherpte kwaliteitseisen geïntroduceerd die vereist zijn voor de toelating van zorgaanbieders in onze regio. De lokale adviesraden gaven terug dit belangrijk te vinden, omdat er op maat is gekeken naar mogelijkheden om de kwaliteit in de zorg te borgen, ook wanneer het kleinere zorgaanbieders betreft.” Welke adviezen heeft de gemeente overgenomen van de lokale adviesraden en welke niet, en waarom? (pagina 12 evaluatie) Antwoord: De verwerking van de adviezen is met de gemeenteraden gedeeld bij de besluitvorming over de kaders van inkoop 2025.
De adviesraden hebben aangegeven maatwerk en kwaliteit van zorg voor inwoners belangrijk te vinden. De aanwezigheid en beschikbaarheid van (kleinere) zorgaanbieders zien zij als essentieel onderdeel van dit maatwerk. Bij de inkoop voor 2025 heeft de GR JW de inschrijving hierop ingericht, door van aanbieders te eisen dat zij bij een vakorganisatie zijn aangesloten. Deze vakorganisaties bewaken het niveau van de specialisatie van betreffende zorgaanbieders. Indien zorgaanbieders dit om onderbouwde redenen niet konden (aanleveren) is intensief gekeken naar hoe de vakinhoudelijke expertise en kwaliteit op andere wijze kon worden onderbouwd.
2. “Het HerstelHuis is in 2023 geopend en is een mooi voorbeeld van preventie, passende ondersteuning en kunnen participeren naar vermogen, daar waar nodig met hulp uit het eigen netwerk. De gasten van het HerstelHuis wonen allen zelfstandig. De ondersteuning vindt plaats in een lichte vorm. Dit is voor deze groep mensen prettiger en zwaardere zorg wordt hiermee voorkomen. Er zijn daarmee verschillende vormen van regionale alternatieven ontwikkeld op deze ambitie, in sommige gevallen ambulant. De uitwerking is vaak afhankelijk van andere ontwikkelingen en invloeden van andere (bovenregionale) factoren, waardoor de ambities nog niet allemaal zijn behaald”. Welke ambities zijn nog niet behaald? (pagina 13 evaluatie) Antwoord: De ambities “Een zo kort mogelijk verblijf in de opvang” (ambitie 1) en “aandacht voor betaalbare woningen” (ambitie 2) zijn nog niet gehaald. Er is inzet op maar door de woningcrisis stokt de uitstroom en lopen de uitstroomperiode en de wachttijden voor uitstroom naar een contingentwoning op. Daarmee is het voor ons (GR JW én gemeenten) niet mogelijk volledig de afspraken te halen met betrekking tot de HBD-regeling (huisvesting bijzondere doelroepen) en de daarmee gepaard gaande contingentwoningen hetgeen fluctueert per jaar. Daarnaast is op ambitie “het zorglandschap ontwikkelen-andere partijen” (p.21) in 3 van de 5 gemeenten beschut wonen gerealiseerd, 2 zijn hier nog mee bezig. Ook is er vanaf 2025 een nieuw product Gewoon Thuis Intensief bijgekomen als vervanging voor intramuraal beschermd wonen en hebben we een succesvolle pilot Wonen Eerst afgerond. Voor verdere voortgang is voldoende lokale inzet op preventie en sociale inclusie en verbinding tussen maatwerkvoorzieningen en algemene (lokale) voorzieningen nodig.
3. Hoe wordt op dit moment de informatie over wachtlijsten en wachttijden vanuit zorgaanbieders geactualiseerd en ontsloten binnen ‘Startpunt’? (pagina 14 evaluatie) Antwoord: Zorgaanbiederen manen wij periodiek aan, dit up to date te houden. Steekproefsgewijs checkt de contractmanager of dit ook gebeurt, en handhaaft hierop.
4
4. Waar ontstaat de meeste onduidelijkheid over mandaat of verantwoordelijkheid richting zorgaanbieders? (pagina 18 en 19 van de evaluatie);
Antwoord: dit geldt voor tariefsverhogingen en het toekennen van indexaties, die in theorie binnen het mandaat van de GR JW liggen maar in de praktijk op de lokale begroting terug te zien zijn. Een ander voorbeeld is dat gemeenten gemachtigd zijn zelf uitzonderingen op raamcontracten (URC’s) af te sluiten met zorgaanbieders voor individuele casussen. In deze gevallen heeft de GR JW minder zicht op de kwaliteit van zorg die door een zorgaanbieder wordt geleverd.
5. “Op sommige domeinen blijkt dat de samenwerking op proces beperkt is. In die gevallen spelen andere belangen mee, zowel op gemeentelijk gebied als vanuit domeinen waar we geen zeggenschap over hebben, bijvoorbeeld zorgverzekeraars, wonen of onderwijs”, Wat bedoelt u concreet hiermee? (p.18 evaluatie aanbevelingen);
Antwoord: Wij verwijzen hier naar invloeden vanuit andere wetten, zoals de onderwijswet, de zorgverzekeringswet, enzovoorts. Dit zijn allemaal wetten waarop wij proberen aan te sluiten, maar waarbij het perspectief op het probleem en oplossing soms van elkaar afwijken, of de financiering tekortschiet vanuit het rijk waardoor goede samenwerking bemoeilijkt wordt. Tevens betreft het soms opgaves die gedeeltelijk bij andere regionale gremia (zoals andere gemeenschappelijke regelingen) zijn belegd. Denk hierbij aan de MDA++ aanpak, of de Woon-zorg visie.
5
Bijlage 3
Beantwoording raadsvragen CDA Gouda
Blz. 1. Startnotitie Inleiding spreekt over een evaluatie van de regiovisie “Samen scherper aan de wind”. De stukken: “De koers evalueren” , “Inkoopplan Jeugd en Wmo 2025” erbij gehaald
1. Het stuk geeft geen informatie over de bureaucratie wel/niet verminderd is, zoals stond in het Inkoopplan. Kunnen we hier nog duidelijkheid over krijgen?
Antwoord: Als GR JW hebben wij in de inkoop het percentage overhead bij zorgaanbieders binnen het tarief gemaximeerd (gebaseerd op landelijke benchmarks). Ook verminderen wij de administratieve afwijkingen voor zorgaanbieders door wij een uniformer pakket aan producten op te leveren voor de inkoop. Daarbij hebben wij volgens het inkoopplan gewerkt en de landelijke richtlijnen gevolgd.
Daarnaast is er ook een overzichtelijk protocol opgesteld voor uitzondering raamcontracten, waarmee (rechtmatig) maatwerk geleverd kan worden indien noodzakelijk.
2. In het inkoopbeleid is genoemd ook rekening te houden met de ervaringen van de zorgverleners in het verleden zoals, het zich houden aan gemaakte afspraken en de kwaliteit van de geleverde zorg. Hoeveel zorgaanbieders zijn betrokken geweest bij de aanbesteding en wel/niet geselecteerd? Kunnen we hier nog wat duidelijkheid over krijgen?
Antwoord: In de open house zijn er 248 aanbieders gegund en 71 niet gegund.
3. De inkoop is slechts het begin, het geheel moet vooral gaan werken, zodat de inwoner/jeugdige de zorg krijgt die passend is en betaalbaar blijft. Wat is hiervan uitgekomen in de evaluatie?
Antwoord: De nieuwe contracten zijn ingegaan vlak voordat de evaluatie is uitgevoerd. Daarom kunnen we hier nog geen conclusies over trekken.
4. Hoe staat het met de Zorgcowboys en aanbieders met hoge winstpercentages?
Antwoord: Er ligt wettelijk geen verbod op hoge winsten. Hoge winsten zijn echter wel een signaal voor ons dat er mogelijk zaken niet voldoen aan de gestelde kwaliteitseisen. De tarieven zijn immers gebaseerd op landelijke benchmarks. Wij monitoren op hoge winsten. Bij een signaal zoals hierboven beschreven onderzoeken wij de mogelijkheden om hierop via ons toezicht te handhaven.
5. Lukt de werkwijze ‘1 Gezin/huishouden, 1 Plan, 1 Regisseur’ (1G1P1R) opgenomen in de contracten Jeugd worden gecontinueerd in de inkoop 2025.Wat zijn de ervaringen?
Antwoord: De 1G1p1R methode is een samenwerking tussen zorgaanbieders, de lokale toegang en eventuele andere ketenpartners. Voor de meest complexe casuïstiek binnen jeugd hebben we dit binnen het contract beter mogelijk gemaakt door vormen van intensieve casusregie betaalbaar te stellen. De werking hiervan wordt continu gemonitord.
6
Bron: raadsinformatie van de gemeente Krimpenerwaard (Open Raadsinformatie). De vragen en antwoorden zijn automatisch uit de brief gelezen; het origineel is leidend.