26.041 BL 4 Schriftelijke Vragen VVD
Een raadslid stelde op 3 februari 2026 schriftelijke vragen aan het college van burgemeester en wethouders van Lelystad (1 vragen).
In het kort
1 vragen en wat het college antwoordt
- In de nieuwsbrief van Afvalzorg staat het volgende: “De gemeente Lelystad heeft een bindend adviesrecht op de wijziging van het omgevingsplan. → En is de positie van de Raad van Lelystad in dit dossier inderdaad wel zo sterk als eerder door het college is gesteld?
Overgenomen uit de brief van het college; hieronder staan de volledige vragen en antwoorden.
Aanleiding
6 januari 2026 14:34
Schriftelijke Vragen Datum vraag
05-01-2026
Onderwerp
SV VVD Indiening vergunningaanvragen uitbreiding stortcapaciteit Afvalzorg Zeeasterweg
Type
Schriftelijke vragen artikel 44
Raadsleden
Jarno Volmer Jelle Hijmissen Marten Tilstra Roel Velstra
Fractie
Fractie CDA Fractie ChristenUnie Fractie Mooi Lelystad Fractie VVD
Vraag
Vragen en antwoorden
Vraag 1
In de nieuwsbrief van Afvalzorg staat het volgende: “De gemeente Lelystad heeft een bindend adviesrecht op de wijziging van het omgevingsplan. In bepaalde gevallen kan een negatief advies van de gemeente door de provincie worden overruled. Volgens landelijke regelgeving zijn stortplaatsen een noodzakelijke basisvoorziening en moeten lagere overheden zich inspannen om uitbreidingscapaciteit mogelijk te maken, tenzij dit vanwege lokale milieu-impact niet mogelijk is.” Klopt deze bewering van Afvalzorg?
Antwoord van het college
En is de positie van de Raad van Lelystad in dit dossier inderdaad wel zo sterk als eerder door het college is gesteld? In de beantwoording van de eerdere schriftelijke vragen gaf het college aan dat Gedeputeerde Staten alleen mag afwijken van het bindend advies van de Raad van
6 januari 2026 14:34
Lelystad als sprake is van een kwestie van “provinciaal belang”, en daarbij werd aangegeven dat dat in dit geval niet zo is.
7. In het nieuwsbericht van Omroep Flevoland (https://www.omroepflevoland.nl/nieuws/454467/afvalbedrijfvraagt-vergunning-aan-voor-afvalberg-van-32-5-meter-hoog-inlelystad) wordt specifiek gerefereerd aan de situatie van de twee direct naast de afvalstort gelegen boerenbedrijven. De omroep schrijft hierover: “De provincie vindt het bij een uitbreiding van de stortplaats niet wenselijk om daar voedsel te blijven produceren.
Maar Afvalzorg blijkt geen geld te hebben om de boeren uit te kopen. De gesprekken tussen Afvalzorg en de twee boerenbedrijven gaan ondertussen nog steeds door. Er is een mediator ingeschakeld om de partijen tot elkaar te laten komen, maar het is onduidelijk wat nou precies de bedoeling van de onderhandelingen nog is.” Hoe beoordeelt het college deze passage in het nieuwsbericht? Wat is de status van de onderhandelingen met beide agrarische bedrijven? En is het college nog steeds van mening dat, mocht de uitbreiding van de afvalstort onverhoopt toch doorgaan, een passende oplossing voor beide boeren nodig is in de vorm van bedrijfsverplaatsing op basis van volledige schadeloosstelling?
8. Afvalzorg heeft de maximale hoogte van de afvalberg in de ingediende aanvraag verlaagd van 35 meter (zoals eerder voorgesteld) naar 32,5 meter, naar aanleiding van het participatietraject dat door Afvalzorg zelf is georganiseerd. Over de toekomstige inrichting van het terrein staat in de nieuwsbrief: “Het gekozen terrassenmodel in de aanvraag had ook de voorkeur van de bewoners tijdens het participatietraject. Dit model bevat vlakke en getrapte delen die veel mogelijkheden bieden voor het toekomstig gebruik als natuur- en recreatiegebied. Samen met betrokkenen zoals bewoners, Flevo-Landschap en gemeente wordt het landschapsplan verder uitgewerkt. Ook wordt onderzocht of delen van de stortlocatie al eerder kunnen worden ingericht en opengesteld voor publiek.” In hoeverre zijn de beide naastgelegen agrariërs bij dit participatietraject betrokken geweest, wat is hun visie op de toekomstige inrichting van het gebied, en hoe worden zij betrokken bij de verdere uitwerking van het landschapsplan?
9. Welke scenario’s werkt het college uit voor compensatie door Afvalzorg van de gemeente Lelystad, haar inwoners en omliggende agrarische bedrijven, mocht de uitbreiding van de stortcapaciteit er onverhoopt toch komen? En welke compensatie is tot nu toe concreet al aangeboden aan bewoners en ondernemers in de directe omgeving van Afvalzorg?
10. Op welke wijze bereidt het college juridische procedures voor, mocht de uitbreiding van de stortcapaciteit er onverhoopt toch komen?
Antwoord Toelichting
Op 19 december 2025 diende Afvalzorg de vergunningaanvragen in voor de aangekondigde ophoging van de afvalstortlocatie aan de Zeeasterweg. De Omgevingsdienst Flevoland & Gooi- en Vechtstreek (OFGV) behandelt beide onderdelen van de ingediende vergunningaanvraag: de wijziging van de milieuvergunning
Pagina 2
6 januari 2026 14:34
(uitbreiding van de stortcapaciteit) en de wijziging van het omgevingsplan van de gemeente Lelystad (aanpassing maximale hoogte afvalberg van 15 naar 32,5 meter). Eerder verzekerde het college de Raad van Lelystad dat de Raad bindend adviesrecht heeft t.a.v. de aanpassing van het omgevingsplan (zie stuk nummer 25.076 - Beantwoording schriftelijke vragen VVD, CDA en CU Omgevingsvergunningen Afvalzorg). De Raad, die meermalen unaniem heeft uitgesproken tegen de voorgenomen uitbreiding te zijn, zou daarmee in positie zijn om de uitbreiding tegen te houden.
Naar aanleiding van de berichtgeving over de indiening van beide vergunningaanvragen in de nieuwsbrief van Afvalzorg en op Omroep Flevoland hebben indieners de hierboven geformuleerde schriftelijke vragen.
Afgedaan
Nee
Datum afgedaan
Pagina 3
Bekijk de brief: 26.041 BL 4 Schriftelijke Vragen VVD
Bron: raadsinformatie van de gemeente Lelystad (Open Raadsinformatie). De vragen en antwoorden zijn automatisch uit de brief gelezen; het origineel is leidend.