18 april 2023 · artikel 35-vragen · gemeente Molenlanden

vragen CDA - kleinschalige windturbines

Een raadslid stelde op 18 april 2023 schriftelijke vragen aan het college van burgemeester en wethouders van Molenlanden.

Brief van het college

Deze brief is niet in losse vragen en antwoorden uit te lezen. Hieronder staat de tekst; het origineel staat via de link.

Raadsinformatiebrief Onderwerp

:

Beantwoording technische en politieke vragen CDA –

Datum

:

30 maart 2023

Portefeuillehouder

:

Zaaknummer

Behandelend ambtenaar

: :

kleinschalige windturbines 1170089 Jan Lock

Willem van Valen

Beste meneer De Jong, Op 24 maart 2023 stelde u vragen. Via deze raadsinformatiebrief worden uw vragen beantwoord.

Toelichting:

Namens de CDA-fractie stel ik u de volgende technische en politieke vragen t.a.v. het

raadsvoorstel ‘Beleidskader kleinschalige windturbines’. Het is een mix van technische en politieke vragen geworden.

Vraag 1:

In het beleidskader wordt veel aandacht geschonken aan de landschappelijke inpasbaarheid en het plaatsingsadvies van de kleine windturbines. De plaatsing van een kleine windturbine blijft altijd maatwerk, schrijft u ergens. Aan de andere kant: u vraagt de gemeenteraad om een Algemene

verklaring van geen bedenkingen af te geven, die voor minimaal één jaar (het evaluatiemoment) van kracht zal blijven. Vraagt u hiermee een carte blanche bij de gemeenteraad aan ten aanzien

van de ruimtelijke inpassing van kleinschalige windturbines Molenlanden? Waarom heeft u er voor gekozen om niet gelijktijdig met dit raadsvoorstel een tweede herziening van de Welstandsnota Molenlanden 2019 aan de gemeenteraad voor te stellen, waarin een bijlage ‘inpassing

kleinschalige windturbines’ opgenomen wordt, teneinde de beoordelaars van de initiatieven handvatten van de gemeenteraad mee te geven als ze initiatieven moeten beoordelen?

Antwoord:

Door het beleidskader vast te stellen geeft u aan de voorkant aan waaraan vergunningaanvragen voor een kleinschalige windturbine getoetst dienen te worden, zodat de ruimtelijke inpassing

goed geborgd kan worden. Het afgeven van een algemene verklaring van geen bedenkingen geeft ons de ruimte om initiatieven die passen binnen het beleidskader kleinschalige windmolens af te doen. Dit levert de initiatiefnemers een tijdwinst op van circa 3 maanden.

We hebben er bewust voor gekozen om niet gelijktijdig met dit raadsvoorstel een tweede

herziening van de Welstandsnota Molenlanden 2019 aan de gemeenteraad voor te stellen. We willen eerst ervaring opdoen met de toepassing van het beleidskader. Na evaluatie wordt dit opgenomen in de welstandsnota/omgevingsplan.

2 Deze zomer vindt er vanwege de Omgevingswet een algehele herziening van de Welstandsnota plaats. Afhankelijk van de bevindingen kan er ook dan besloten worden om de inpassing van kleinschalige windturbines hierin te verwerken.

Landelijk zijn er ook verschillen te zien. Sommige gemeenten kiezen er voor om e.e.a. het direct op te nemen in de welstandsnota dan wel te kiezen voor een beleidskader.

Vraag 2:

In de beleidskaders wordt bij de Algemene voorwaarden 5.1.k. iets gezegd over de afstand die

minimaal tussen en windturbine en kwetsbare objecten moet staan. Er wordt niets gezegd over de afstand tussen een windturbine van maximaal 45 meter op een bedrijventerrein en: a.

Het winkelcentrum en het BRZO-bedrijf op bedrijventerrein Vlietskade in Arkel,

c.

De aanwezigheid van een tankstation met een LPG-installatie.

b.

De Betuwelijn waarover gevaarlijke stoffen vervoerd worden (Schelluinen West),

Ontstaat er voor deze objecten geen onaanvaardbaar verhoogd risico als er in de directie nabijheid een windturbine met ashoogte van 45 meter zou komen?

Antwoord:

Op voorhand kunnen we dit niet aangeven. In een concrete situatie, waarbij bekend is welke type turbine gerealiseerd zal worden en op welke locatie deze is beoogd, zal aan de hand van een

risico-analyse de wettelijk vereiste externe veiligheidstoets uitgevoerd worden. Hieruit zal blijken of er op de locatie sprake zal zijn van een onaanvaardbaar verhoogd risico.

Vraag 3:

Op bedrijventerreinen binnen stedelijk gebied mogen in het voorstel van het college windturbines met ashoogte tot 45 meter komen, maar er mogen geen woningen zijn, of objecten waar mensen permanent kunnen verblijven, dichter dan vier keer de ashoogte van de turbine. Het is nog niet

gerealiseerd, maar we moeten iets met de huisvesting van arbeidsmigranten en we neigen naar

een oplossing op een bedrijventerrein. Gaat de mogelijke komst van windturbines met 45 meter hoogte ons in de problemen brengen in onze zoektocht naar huisvesting van arbeidsmigranten omdat we dan 180 meter bij die windturbine vandaan moeten blijven?

Antwoord:

Milieugevoelige functies zijn volgens de VNG brochure ‘Bedrijven en milieuzonering’ woningen, ziekenhuizen, scholen en verblijfsrecreatie.

Migrantenhuisvesting behoort niet rechtstreeks tot deze functies. In de lijn van de Wet

geluidhinder betreft de functie ook geen geluidsgevoelig object. Hierdoor betreft het geen gevel van een gevoelig gebouw als bedoeld in artikel 2.17, lid 3 van het Activiteitenbesluit. (grenswaarde voor geluidgevoelige bestemming op bedrijventerrein).

Wel dient er aandacht te zijn voor het woon- en leefklimaat ter plaatse van een bedrijventerrein.

Een goede ruimtelijke ordening vereist dat de migranten beschermd worden tegen

onaanvaardbare geluidhinder. Indien een locatie wordt gekozen binnen de richtafstanden dan verdient het aanbeveling om een (akoestisch) onderzoek uit te voeren naar het leefklimaat ter plaatse.

3

Vraag 4:

Uw college is momenteel bezig met de voorbereidingen van een procedure die moet leiden tot de bouw van woningen tussen het dorp Giessenburg en het bedrijventerrein ten zuiden van

Giessenburg. Als na aanvaarding van dit raadsvoorstel de ondernemers op dit bedrijventerrein het

ruimtelijk kader krijgen om een windturbine van 45 meter te bouwen, en daar meteen van gebruik willen maken: loopt u dan het risico dat deze turbine uw woningbouwplannen zullen gaan verhinderen?

Antwoord:

Een windturbine mag geen belemmering vormen voor geplande woningbouw in een dorpskern

waarvoor een procedure is doorlopen of in voorbereiding is. Met uw vraag wijst u terecht op een dilemma waar we in de nabije toekomst in toenemende mate tegenaan gaan lopen: de

energietransitie én het streven om opwek en gebruik dicht bij elkaar te houden doet, net als de

druk op de woningbouw een beroep op de beperkte ruimte. Dat daagt ons in de omgevingsvisie uit om de ruimtelijke puzzel zo te leggen dat energietransitie, woningbouw, bedrijvigheid en de de inrichting en gebruik van het landelijk gebied elkaar versterken in plaats van beconcurreren.

Wij verwachten u hiermee voldoende te hebben geïnformeerd.

Met vriendelijke groet, Burgemeester en wethouders van Molenlanden, De secretaris,

De burgemeester,

Leon Anink

Theo Segers

CC: de leden van de gemeenteraad Molenlanden

Bekijk de brief: Beantwoording vragen CDA - kleinschalige windturbines

Bron: raadsinformatie van de gemeente Molenlanden (Open Raadsinformatie). De vragen en antwoorden zijn automatisch uit de brief gelezen; het origineel is leidend.

Meer vragen aan het college van Molenlanden

Alle artikel 35-vragen in Molenlanden