1 oktober 2026 · artikel 35-vragen · gemeente Molenlanden

vragen Doe mee! - uitbreiding voorzieningen begraven en herdenken overleden kinderen

Een raadslid stelde op 1 oktober 2026 schriftelijke vragen aan het college van burgemeester en wethouders van Molenlanden.

Brief van het college

Deze brief is niet in losse vragen en antwoorden uit te lezen. Hieronder staat de tekst; het origineel staat via de link.

Schriftelijke vragen aan het college (op basis van artikel 16 of artikel 55 Reglement van Orde) Datum: 11-09-2026 Zaaknummer: 1284439 Steller van de vragen: Anne Marie Mollema Politieke partij: Doe mee! Molenlanden Onderwerp: Uitbreiding voorziening graven kinderen Portefeuillehouder: Wethouder Lock Behandelend ambtenaar: Denis Burggraaf Wij realiseren ons dat de mogelijkheid om een foetus te begraven of te gedenken voor ouders en andere betrokkenen een persoonlijk en gevoelig onderwerp is. Dit vraagt om zorgvuldigheid en terughoudendheid ook wanneer het gaat om de financiële en beleidsmatige aspecten. Juist omdat het voorstel betrekking heeft op een voorziening die voor betrokkenen van grote emotionele betekenis kan zijn, vinden wij het belangrijk dat de gemaakte keuzes goed worden onderbouwd en zorgvuldig kunnen worden beoordeeld.

Tegen die achtergrond hebben wij op een aantal punten behoefte aan nadere toelichting:

Vraag 1:

Kan het college toelichten hoe het tarief van € 325,75 is bepaald en of hierbij sprake is van een gereduceerd tarief?

Indien dat het geval is, hoe verhoudt deze keuze zich dan tot het streven naar kostendekkendheid van de begraafrechten?

Antwoord 1:

Het tarief is bepaald op basis van 25% van de kosten voor het begraven van een volwassene. Voor foetusgraven worden geen grafrechten uitgegeven, waardoor ook geen grafrechten in rekening worden gebracht.

Er is hiermee naar onze mening geen sprake van een gereduceerd tarief.

Vraag 2:

In het voorstel staat daarnaast dat de aanleg- en onderhoudskosten voor de foetusvelden en gedenkmonumenten binnen de huidige beschikbare budgetten passen. Om welke budgetten gaat het hierbij?

Kan het college daarbij aangeven welk bedrag binnen deze budgetten beschikbaar is en welke financiële gevolgen de voorgestelde voorzieningen naar verwachting op langere termijn hebben?

Antwoord 2:

De aanleg van de 3 genoemde locaties in het voorstel wordt bekostigd uit de beschikbare investeringsbedragen die voortkomen uit het in 2022 door u vastgestelde ‘Uitvoeringsplan begraafplaatsen Molenlanden’. Door clustering van werkzaamheden en enkele meevallers in aanbestedingen zijn de kosten op enkele in het plan genoemde uitvoeringsmaatregelen meegevallen. Eén van de beoogde bestedingsdoelen van deze vrijgevallen budgetten is de aanleg van de 3 locaties, waarbij ook budgettair rekening wordt gehouden met uitbreidingen tot een maximum van 20 locaties (1 voorziening per kern). Het totaal gereserveerde investeringsbudget bedraagt 126 K.

Het onderhoud van de begraafplaatsen wordt uitgevoerd door het serviceteam. De uitbreiding van het onderhoud als gevolg van de aanleg van foetusvelden is marginaal en past daarmee binnen de huidig beschikbare (en t.b.v. de kostendekkendheid gecalculeerde) uren van het serviceteam.

Op korte en lange termijn zijn dus geen financiële gevolgen te verwachten.

Vraag 3:

In het voorstel wordt aangegeven dat op voorhand niet is in te schatten hoe groot de behoefte aan foetusvelden en gedenkmonumenten is. Tegelijkertijd wordt voorgesteld om op drie begraafplaatsen met deze voorzieningen te starten en deze bij ‘aantoonbare behoefte’ verder uit te breiden.

Kan het college toelichten wat onder ‘aantoonbare behoefte’ wordt verstaan? Hoeveel verzoeken of signalen zijn nodig voordat wordt besloten om de voorziening uit te breiden naar een volgende begraafplaats en welke criteria worden daarbij gehanteerd?

Wij vragen dit nadrukkelijk vanuit het oogpunt van een zorgvuldige beleidsmatige onderbouwing van het voorstel en niet om de behoefte van individuele ouders of andere betrokkenen ter discussie te stellen.

Antwoord 3:

Met ‘aantoonbare behoefte’ wordt bedoeld dat er een feitelijk ingediend verzoek ligt vanuit een kern. Dit kan een gezamenlijk georganiseerd verzoek zijn, maar ook een situatie waarbij individuele ouders aangeven hun kind in eigen kern te willen begraven op een foetusveld.

Er zijn dus wat ons betreft geen aanvullende criteria (in de vorm van een minimum aantal verzoeken o.i.d.) van toepassing.

Het voorstel is er namelijk op gericht om een ieder de mogelijkheid te bieden een kind dat wordt geboren bij een zwangerschapsduur van minder dan 24 weken (levenloos of minder dan 24 uur levend) op een foetusveld te begraven en gedenken.

Vraag 4:

In bijlage 5, de conceptverordening, worden in artikel II zowel de termen ‘vrucht’ als ‘foetus’ gebruikt. Zou het, mede met het oog op duidelijkheid en eenduidigheid, niet beter zijn om in de verordening één term consequent te hanteren?

Antwoord 4:

Dit lijkt ons niet wenselijk;

De term vrucht is de overkoepelende algemene naam voor het ongeboren leven in de baarmoeder die aansluit bij de Wet op de lijkbezorging. Deze wet is van toepassing op de menselijke vrucht die na een zwangerschap van ten minste 24 weken ter wereld is gekomen. Op het nieuwe artikel dat is toegevoegd is de Wet op de lijkbezorging niet van toepassing.

In de begripsomschrijving is de term foetus specifiek en bewust toegevoegd om het tarief voor het foetusveld duidelijk en begrijpelijk in de verordening naar voren te laten komen.

Doordat we het veld een foetusveld noemen is het duidelijker om hier in de tariefstelling bij aan te sluiten en niet te wijzigen in vrucht.

Vraag 5:

In de prijsbijsluiter bij de informatiefolder 2026, die op de website van de gemeente staat, wordt een tarief genoemd voor het verlengen van een particulier kindergraf naar onbepaalde tijd. Waarom wordt hiervoor een tarief vermeld, terwijl volgens de informatie waarover wij beschikken een particulier kindergraf standaard voor onbepaalde tijd wordt uitgegeven?

Antwoord 5:

Dit is het gevolg van de harmonisatie van de verordeningen van Giessenlanden en Molenwaard. Tot 2021 zijn de kindergraven in Giessenlanden uitgegeven voor bepaalde tijd, tegen een tarief dat aanmerkelijk lager was dan het tarief in Molenwaard. Bij de harmonisatie is het verschil tussen het tarief van Giessenlanden en het nieuwe tarief voor Molenlanden als basis aangehouden voor het omzetten van kindergraven voor bepaalde tijd naar kindergraven voor onbepaalde tijd.

Bekijk de brief: Beantwoording vragen Doe mee! - uitbreiding voorzieningen begraven en herdenken overleden kinderen

Bron: raadsinformatie van de gemeente Molenlanden (Open Raadsinformatie). De vragen en antwoorden zijn automatisch uit de brief gelezen; het origineel is leidend.

Meer vragen aan het college van Molenlanden

Alle artikel 35-vragen in Molenlanden