vragen CDA - Reparatieplan geluidzone industrieterrein Lekdijk
Een raadslid stelde op 28 januari 2025 schriftelijke vragen aan het college van burgemeester en wethouders van Molenlanden.
Brief van het college
Deze brief is niet in losse vragen en antwoorden uit te lezen. Hieronder staat de tekst; het origineel staat via de link.
Schriftelijke vragen aan het college (op basis van artikel 16 of artikel 55 Reglement van Orde) Datum
15-01-2025
Zaaknummer: 1220459 Steller van de vragen:
Wout de Jong
Politieke partij:
CDA
Onderwerp:
Bestemmingsplan Reparatieplan geluidzone industrieterrein
Portefeuillehouder: :
Arco Bikker
Lekdijk
Behandelend ambtenaar: Rens Verberkt Toelichting:
In de commissievergadering van 14 januari 2025 heeft de CDA-fractie bij de behandeling
van het raadsvoorstel Bestemmingsplan Reparatieplan geluidzone industrieterrein Lekdijk met de wethouder afgesproken dat de vragen die de fractie heeft, schriftelijk zouden worden ingediend. Aan die afspraak wordt hiermee voldaan.
In aanloop tot de vaststelling van dit bestemmingsplan is één zienswijze ingediend. Onder de stukken bevindt zich de Nota zienswijzen (bijlage 3), waarin bovenaan pagina 4 iets
gezegd wordt over het traject dat door de gemeente doorlopen moet worden. Dit stukje tekst is de directe aanleiding voor onze vragen geweest.
Laten we aannemen dat het bestemmingsplan op 28 januari 2025 door de gemeenteraad wordt vastgesteld, en laten we ons verplaatsen in een bedrijf dat in Nieuw-Lekkerland in het plangebied gevestigd is, en dat op 29 januari 2025 de aanvraag indient voor een omgevingsvergunning, waarbij geluid een issue is. Wat gaat er dan gebeuren?
Vraag 1 Het bedrijf dient de aanvraag voor een omgevingsvergunning in waarbij geluid een issue is. Moet dat bedrijf aan de aanvraag de resultaten van een akoestisch onderzoek toevoegen?
Antwoord 1
Ja, als een bedrijf zich op een gezoneerd industrieterrein wil vestigen of haar activiteiten wil wijzigen vragen wij vrijwel altijd een akoestisch rapport. In zeldzame gevallen,
bijvoorbeeld als het alleen om een kantoorfunctie gaat, kunnen we volstaan met enkel de beschrijving van de akoestische gegevens. OZHZ, die het zonebeheer namens de
gemeente uitvoert, voegt de informatie uit het rekenmodel dat aangeleverd wordt bij het akoestisch rapport, toe aan het zonemodel.
Vraag 2 Als dat zo is: het opstellen van een akoestisch onderzoek is een zeer specialistische klus, waarvoor een extern onderzoeksbureau moet worden ingehuurd. Dat bureau moet
beoordelen of de aanvraag aan de criteria van het bestemmingsplan voldoet. Neemt het bureau als eerste actie na de aanvaarding van de opdracht contact op met het bevoegd
gezag, om te weten te komen wat de maximale hoeveelheid geluid is die de aanvrager in decibel per vierkante meter etmaalwaarde mag produceren?
Antwoord 2
De akoestisch adviseur neemt contact op met het bevoegd gezag voor een knip uit het zonemodel. Dit is een rekenmodel dat onder andere de gegevens over de omgeving,
bodemgebieden, hoogtelijnen, gebouwen, toetspunten en de geluidbronnen van het eigen bedrijf bevat. Vaak wordt er dan ook informatie gegeven over de beschikbare
geluidruimte op de toetspunten. Wanneer er een geluidruimteverdeling in het
bestemmingsplan is opgenomen en decibels per vierkante meter zijn vastgelegd, kunnen
die gegevens ook worden verstrekt. Deze zijn ook terug te vinden op “regels op de kaart” (vroeger ruimtelijkeplannen). Voor industrieterrein Lekdijk is geen geluidruimteverdeling opgenomen in het bestemmingsplan. Er zijn dus geen decibels per vierkante meter vastgelegd. We toetsen een aanvraag nog aan de Wet Geluidhinder.
Vraag 3 Nu gaan we naar pagina 4 van de Nota zienswijzen.
A. In de eerste zin lezen we dat de gemeente een nieuwe geluidruimteverdeling moet maken, wat complex is en door de invoering van de Omgevingswet niet eenvoudiger geworden is.
B. In de tweede zin lezen we dat de wijziging van het bestemminsplan (het voorliggende raadsbesluit) nodig is om überhaupt tot een wijziging van de geluidruimteverdeling te kunnen komen.
C. Uit de derde zin leiden we af dat bij die nieuwe geluidruimteverdeling het geluid zodanig verdeeld moet worden dat er geen bedrijf minder geluidsruimte toebedeeld zal krijgen dan wat dat bedrijf op basis van de in het verleden verleende vergunningen zou mogen produceren.
D. Uit de vierde zin trekken we de conclusie dat dit ingewikkelde proces uiterlijk in 2032 moet zijn afgerond.
E. Op pagina 5 schrijft u dat de inhoud van dit bestemmingsplan geen effect heeft op de al vergunde en nog beschikbare geluidruimte op het industrieterrein.
Kunnen wij hieruit afleiden dat voor het bedrijf, dat op 29 januari 2025 een
omgevingsvergunning aanvraagt, wél extra geluidsruimte beschikbaar is, maar dat de
hoeveelheid geluidsruimte die toebedeeld wordt aan het bedrijf nog niet bekend is, zodat aan het akoestisch onderzoeksbureau géén concreet getal gegeven wordt dat als uitgangspunt gehanteerd mag worden in de akoestische berekening / toetsing?
Antwoord 3
Dat klopt. Het zonebeheer is dynamisch. Tussen het moment van aanvragen van de
beschikbare geluidruimte en de uiteindelijke aanvraag van de vergunning, kunnen er
wijzigingen zijn geweest die gevolgen hebben voor de beschikbare geluidruimte. Daarom kan vooraf geen concreet getal worden gegeven. Er kan meestal wel een indicatie worden gegeven hoeveel ruimte er nog beschikbaar is. Het bedrijf vraagt de geluidruimte aan die ze nodig hebben voor de bedrijfsvoering. Op het moment dat de aanvraag binnen komt, toetst de zonebeheerder of die ruimte past binnen de Wet Geluidhinder. Hiermee wordt
ook voorkomen dat een bedrijf geluidruimte aanvraagt die het helemaal niet nodig heeft voor de bedrijfsvoering, maar er wel voor zorgt dat andere gevestigde bedrijven in uitbreiding worden beperkt of dat nieuwvestiging niet meer mogelijk is.
Vraag 4 Kan ten gevolge van dit raadsbesluit het risico ontstaan dat het bedrijf voor uitbreiding en ontwikkeling op slot komt te zitten zolang de gemeente de nieuwe geluidruimteverdeling niet gereed heeft?
Antwoord 4
Een industrieterrein komt “op slot” te zitten op het moment dat de geluidbelasting op de
zonegrens hoger is dan 50 dB(A), of op een geluidgevoelige bestemming binnen de zone (bv een woning) hoger is dan de vastgestelde hogere waarde. Dit volgt uit de Wet
Geluidhinder en heeft niets met een geluidruimteverdeling te maken. Industrieterrein
Lekdijk zit onder het vigerende bestemmingsplan feitelijk op slot, omdat de geluidzone niet goed is vastgelegd. Het voorliggende plan moet dit repareren.
Een geluidruimteverdeling geeft een extra toetsingskader, namelijk of de ontwikkeling ook past binnen het omgevingsplan/bestemmingsplan. Deze toetsing staat buiten de
toetsing aan de wet Geluidhinder. Ook zonder geluidruimteverdeling kan een bedrijf een uitbreiding of ontwikkeling aanvragen.
Vraag 5a
Indien de situatie zich zou voordoen dat het oude zonemodel (van voor 2014) nog op het bedrijf van toepassing is zolang de nieuwe geluidsruimteverdeling niet klaar is: loont het voor dat bedrijf dan de moeite om met een revisievergunning extra geluidruimte te
claimen, die alvast in de pocket van het bedrijf zit voordat de gemeente met de definitieve geluidsruimteverdeling de beschikbare ruimte over het bedrijventerrein verdeelt?
Antwoord 5a
Het bedrijf kan de geluidruimte aanvragen die het nodig heeft voor de bedrijfsvoering. De
aanvraag wordt getoetst aan de Wet Geluidhinder. Wanneer de aangevraagde geluidruimte beschikbaar is, wordt er vergund. Bij de aanvraag mag er rekening worden gehouden met
ontwikkelingen in de nabije toekomst. Extra geluidruimte claimen kan niet. De vergunning bevat de activiteiten die het bedrijf heeft aangevraagd. Wanneer er binnen een redelijke
termijn niet gewerkt wordt volgens de vergunning, kan deze ingetrokken worden. Dit is een taak voor handhaving.
Vraag 5b.
Als deze slimheid onder de bedrijven post zou vatten: hoeveel sturing heb je dan nog als gemeente als je met de verdeling de tijd tot 2032 neemt?
Antwoord 5b
Voor 2032 moeten de gezoneerde industrieterreinen omgezet worden naar
industrieterreinen met GPP's (geluidproductieplafonds). Dit is iets anders dan een
geluidruimteverdeelplan. Een geluidruimteverdeelplan is optioneel en geeft een extra toetsingskader vanuit het omgevingsplan.
OZHZ raadt ook aan om niet tot 2032 te wachten met het omzetten naar een
industrieterrein met GPP's. Dit bestemmingsplan is een reparatieplan en is een eerste noodzakelijke stap om uiteindelijk om te kunnen gaan zetten naar GPP's.
Bekijk de brief: Beantwoording vragen CDA - Reparatieplan geluidzone industrieterrein Lekdijk
Bron: raadsinformatie van de gemeente Molenlanden (Open Raadsinformatie). De vragen en antwoorden zijn automatisch uit de brief gelezen; het origineel is leidend.