13 november 2025 · artikel 35-vragen · gemeente Molenlanden

vragen Doe mee! - Beleidsregel kleinschalige grondgebonden zonnevelden woningen en bedrijven

Een raadslid stelde op 13 november 2025 schriftelijke vragen aan het college van burgemeester en wethouders van Molenlanden.

Brief van het college

Deze brief is niet in losse vragen en antwoorden uit te lezen. Hieronder staat de tekst; het origineel staat via de link.

Schriftelijke vragen aan het college (op basis van artikel 16 of artikel 55 Reglement van Orde) Datum: 02-11-2025 Zaaknummer: 1257336 Steller van de vragen: Mario de Lijster en Anne Marie Mollema Politieke partij: Doe mee! Molenlanden Onderwerp: Beleidsregel kleinschalige grondgebonden zonnevelden bij woningen en bedrijven

Portefeuillehouder: Jan Lock & Arco Bikker Behandelend ambtenaar: Anneloes Nout Toelichting: zie vragen.

Vraag 1: In delen van de gemeente is er op zonnige dagen netcongestie door levering van zonnestroom. Daarnaast zijn er regelmatig negatieve prijzen en vragen

energieleveranciers een vergoeding om terug leveren aan het net te ontmoedigen. Nog

(veel) meer zonnestroom lijkt bij voorbaat door regels en economische realiteit dan ook ontmoedigd te worden. Welke doelgroep heeft u bij dit beleid voor ogen?

Antwoord 1: Dit beleid biedt een oplossing voor huishoudens en bedrijven die geen of onvoldoende zonnepanelen op hun daken of gronden kunnen plaatsen vanwege

beperkingen. Dit beleid draagt bij aan de verduurzaming van woningen en bedrijfspanden en geeft daarmee meer mogelijkheden dan voorheen. De doelgroep bestaat dus uit inwoners die een verduurzamingswens hebben voor eigen energieopwek, los van

eventuele economische motieven. Die mogelijkheid willen we als gemeente bieden.

We zijn ons bewust van netcongestie. Het beleid van de gemeente is om die reden dan ook gericht op stroom gebruiken daar waar het opgewekt wordt. Daarvoor zijn

zonnepanelen noodzakelijk doch niet voldoende. Het vraagt ook om investering in

bijvoorbeeld opslag. Dat werkt dan juist congestieverzachtend. Of die investering gedaan wordt of niet is uiteraard aan de inwoner zelf.

Vraag 2: Het lijkt erop dat iedereen met voldoende tuin/terrein en geen geschikt dak een zonneveld mag? Maar wat is dan voldoende ruimte?

Antwoord 2: Het beleid gaat uit van maatwerk en maakt zonnevelden mogelijk als er om

esthetische, technische of rendementsredenen geen ruimte meer is om een zonneveld aan te leggen op eigen ruimte.

Vraag 3: Er wordt beschreven (Bijlage 1, voorwaarden omgevingsvergunning, punt 1) dat ook aangrenzende percelen gevoed kunnen worden. Op welke (technisch en

organisatorische) wijze en binnen welke wettelijke kaders voorziet u dit voor zowel woningen als bedrijven?

Antwoord 3: Dit beleid voorziet in de ruimtelijke kant van het aanleggen van een

kleinschalig zonneveld. Hierbij stellen wij geen aanvullende voorwaarden voor het gebruik danwel afname van de stroom. Dit is aan initiatiefnemers zelf om te organiseren.

Vraag 4: Bij nagenoeg elke vorm van opwekking van elektrische energie in Nederland zijn de netbeheerders en energiemaatschappijen betrokken. In deze beleidsregel komen deze partijen in het geheel niet voor. In hoeverre zijn deze partijen bij de totstandkoming betrokken en wat is hun visie/standpunt op dit voorstel?

Antwoord 4: Zij zijn niet betrokken geweest bij het opmaken van dit beleid. Omdat het particuliere afname op kleinschalige zonnevelden (tot max. 250m2) betreft zijn

energiemaatschappijen en netbeheerders buiten beeld. In aansluiting op ons antwoord op

vraag 1: uiteraard zijn wij wél in gesprek met netbeheerders om lokaal gebruik van opwek mogelijk te maken.

Vraag 5: In het raadsvoorstel (punt 1.3.) is te lezen dat 1 zonneveld van 250 m2 met 150 zonnepanelen geschikt is voor 2 woningen of voor 1 bedrijf.

Welke berekening is hierbij toegepast?

Antwoord 5: Er is geen specifieke berekening toegepast.

De 250m2 is de maximale maat. Deze ruimte hebben we opgenomen i.v.m. het mogelijk maken voor de aanleg van een systeem t.b.v. een bedrijf.

Zoals beschreven in onderstaande zin uit de beleidsregel bieden we voldoende ruimte aan de gemiddelde energiebehoefte van een of twee huishoudens, en kleinschalige bedrijvigheid afhankelijk van het verbruik.

Het uiteindelijke verbruik hangt heel erg sterk van de behoefte per afnemer. Hiervoor is

geen specifieke berekeningsmethode. Dit hangt dus sterk af van verbruik per huishouden door bijv. wel of geen aanwezigheid van elektrische voertuigen etc.

Passage uit beleidsregel: Bij een oppervlakte van 250 m² kunnen ongeveer 150 zonnepanelen worden geplaatst. Dit aantal voldoet ruimschoots aan de

gemiddelde energiebehoefte van een of twee huishoudens, en kleinschalige bedrijvigheid afhankelijk van het verbruik. De keuze voor 250 m² biedt daarmee een passende oplossing voor kleinschalige energieproductie zonder dat dit onterecht veel ruimte in beslag neemt.

Vraag 6: U stelt voor om kleinschalige zonnevelden toe te staan als het niet mogelijk is om zonnepanelen op een dak te plaatsen. U noemt: ongeschikte dakrichting, zon-

oriëntatie, aantasting van beeldkwaliteit en karakteristiek, schaduwvorming, vorm van het dak of een rieten kap. In dit geval is het mogelijk te onderzoeken of zonnepanelen te

plaatsen. Hoe ziet zo’n onderzoek eruit? Wanneer acht u een dak geschikt of ongeschikt?

Kunt u meer toelichting geven op de toetsingscriteria?

Antwoord 6: Bij een aanvraag zullen we vragen om een onderbouwing waarom niet. Dit is in alle gevallen maatwerk en niet te vatten in toetsingscriteria.

Waarom een dak of tuin niet geschikt is hangt af van verschillende factoren.

Voorbeelden hiervan kunnen zijn o.a.: -

Rieten daken en monumentale panden zijn niet geschikt voor het plaatsen zonnepanelen.

-

De bouwvorm van een woning kan ongeschikt zijn.

De dakconstructie zelf kan ongeschikt zijn.

Bekijk de brief: Beantwoording vragen Doe mee! - Beleidsregel kleinschalige grondgebonden zonnevelden woningen en bedrijven

Bron: raadsinformatie van de gemeente Molenlanden (Open Raadsinformatie). De vragen en antwoorden zijn automatisch uit de brief gelezen; het origineel is leidend.

Meer vragen aan het college van Molenlanden

Alle artikel 35-vragen in Molenlanden