vragen Ontwikkeling Westrand Nieuw-Lekkerland en exploitatie sporthallen
Een raadslid stelde op 19 januari 2026 schriftelijke vragen aan het college van burgemeester en wethouders van Molenlanden (1 vragen).
In het kort
1 vragen en wat het college antwoordt
- Wat betekent dit voor de voortgang in gesprekken met sportverenigingen m.b.t. mogelijke zelfstandige exploitatie van (delen van) De Klipper door de verenigingen zelf? → 1) De uitkomst van de scan van Sporthal de Klipper zal meegenomen worden in de verdere verkenning van de herontwikkeling van de westrand van Nieuw-Lekkerland.
Overgenomen uit de brief van het college; hieronder staan de volledige vragen en antwoorden.
Aanleiding
Schriftelijke vragen aan het college (op basis van artikel 16 of artikel 55 Reglement van Orde)
Datum: 19 januari 2026 Zaaknummer: 1266707 Steller van de vragen: Harry Stam Politieke partij: ChristenUnie Molenlanden Onderwerp: Ontwikkeling Westrand Nieuw-Lekkerland en exploitatie sporthallen Portefeuillehouder: Bram Visser Behandelend ambtenaar: Wilton Christiaanse, Gerold den Haan Toelichting:
Vorig jaar september stelden wij vragen in het kader van het IHP waar in het
voorbereidende traject ook sporthal De Klipper in Nieuw-Lekkerland aan een quick-scan is onderworpen om de technische staat daarvan vast te stellen. Voor de volledigheid hierbij de relevante vragen en de antwoorden van het college daarop: -----------begin citaat uit RIB van september 2024-------------
Vragen en antwoorden
Vraag 1
Wat betekent dit voor de voortgang in gesprekken met sportverenigingen m.b.t. mogelijke zelfstandige exploitatie van (delen van) De Klipper door de verenigingen zelf?
Antwoord van het college
1) De uitkomst van de scan van Sporthal de Klipper zal meegenomen worden in de verdere verkenning van de herontwikkeling van de westrand van Nieuw-Lekkerland. Wat het effect van deze uitkomst is op de mogelijke scenario’s en de voortgang behorend bij die scenario’s is nog niet bekend. U wordt hier als raad informerend en besluitvormend in meegenomen.
2) De uitkomst van deze scan heeft hier geen invloed op. Zelfstandige exploitatie van (delen van) Sporthal de Klipper door sportverenigingen is niet aan de orde. Dit in lijn met
het in 2021 vastgestelde accommodatiebeleid en het raadsbesluit van 19 maart 2024 over het beheer van de binnensportaccommodaties. ------ einde citaat uit RIB van september 2024------------------
Inmiddels zijn we bijna anderhalf jaar verder en zijn we naar onze mening niet
informerend meegenomen in het proces van voorbereidingen op herontwikkeling westrand Nieuw-Lekkerland.
Daarnaast bereikte in de afgelopen tijd onze fractie meerdere signalen uit
sportverenigingen over vermeende capaciteitsproblemen bij de exploitant (ETG) en
sfeerverlagingen in zowel sporthal De Reiger in Groot-Ammers als in sporthal De Klipper
in Nieuw-Lekkerland. Die signalen zijn ten opzichte van de inzet van ETG niet mals. Zowel VC WIK uit Groot-Ammers als Basketbalvereniging Klipperstars uit Nieuw-Lekkerland
geven dezelfde signalen over onderpresteren zowel kwalitatief als kwantitatief, daarnaast
zorgt ongezelligheid en onderpresteren in m.n. De Reiger en De Klipper ook voor mijding van sporters om de horeca te gebruiken (mede door prijsstelling) en groeit de ergernis
onder hun leden. Dat kan natuurlijk niet de bedoeling zijn en zeker niet als ETG in haar eigen doelstellingen wil zorgen voor draagkracht voor hun sociaal-maatschappelijke doelstellingen.
Naar aanleiding van de antwoorden vorig jaar op onze vragen en deze signalen uit de samenleving hebben wij de volgende vragen:
Vraag 1:
Wat is de stand van zaken in de verdere verkenning van de herontwikkeling van de
westrand van Nieuw-Lekkerland? Welke vorderingen zijn gemaakt sinds 2024, wat staat er op de planning voor het komend jaar en welke belangrijkste uitdagingen ervaart u in de te nemen stappen bij de voorbereiding van de herontwikkeling van de westrand in NieuwLekkerland? Kortom, kunt u ons een goed overzicht van de stand van zaken geven, de
wensen die het college heeft hierbij qua planning en voortgang en wat ervoor nodig is om deze ideeën verder te brengen? Kunt u daarbij ook ingaan op het vervolg zoals dat in de
brief die u in december 2024 aan div. instanties in Nieuw-Lekkerland West heeft gestuurd is beoogd? En kunt u daarbij ook aangeven waarom instanties vanaf december 2024 niets meer vernomen hebben daarover?
Antwoord 1:
Begin 2021 is door gemeente Molenlanden het accommodatiebeleid vastgesteld, waarin de realisatie van een sportzone in Nieuw-Lekkerland West is genoemd als een mogelijke ontwikkeling. Vanaf 2021 tot nu is veel gesproken en soms onderzocht en zijn ontwikkelingen per casus opgepakt. Zo zijn maatregelen getroffen op het terrein van IJsclub de Molenhoek, zijn padelbanen aangelegd bij NLTC en is het beheer van sporthal de Klipper en Zwembad Schoonenburg in andere handen gekomen in lijn met het vigerende accommodatiebeleid. Zwembad Schoonenburg is opgeknapt en de accommodatie ziet er goed uit, vooral door de inzet van vele vrijwilligers. Voor sporthal
de Klipper is vastgesteld dat het einde van de technische levensduur nog niet is bereikt. Er zijn ‘esthetische’’ aanpassingen in voorbereiding om deze sporthal een meer up-to-date uitstraling te geven.
Er liggen meer kansen en uitdagingen in en rond het terrein van Nieuw-Lekkerland West.
Daarom heeft het college in 2024 opdracht gegeven een visie op te stellen waarin de verschillende opgaven bij elkaar komen. De centrale vraag hierbij is: kunnen organisaties op het gebied van onder andere bewegen, cultuur, onderwijs, sport, welzijn en zorg elkaar vinden om tot onderlinge samenwerking te komen en lukt het om activiteiten te ontwikkelen en organiseren voor diverse doelgroepen?
Er is tweemaal een brede oproep gedaan aan verenigingen, instanties, sportclubs etc. om hun interesse kenbaar te maken bij de gemeente Molenlanden om betrokken te worden bij deze mogelijke ontwikkeling. Hier is helaas niet op gereageerd. Dat is essentieel om een stap vooruit te komen. Tot een visie zoals gezegd in de brief van december 2024 is het helaas dus nog niet gekomen.
Vraag 2:
In het vastgoed- en accommodatiebeleid is als uitgangspunt genomen om de exploitatie bij 1 partij onder te brengen en dat is voor de genoemde sporthallen de Til Groep (ETG).
a) Als wij het goed hebben begrepen wordt het contract met ETG elk jaar (tot 2030) verlengd bij het vaststellen van de gemeentebegroting omdat daarin een begrotingssubsidie voor ETG is opgenomen (na aanvraag en goedkeuring). Dit betekent dat het college elk jaar opnieuw dient te besluiten om deze vorm van financiering voor ETG en de verplichting die ETG aangaat voor te zetten. Klopt dit en is dit de afgelopen jaren ook gebeurd? Is er geëvalueerd bijvoorbeeld en zo ja wat waren daarvan de uitkomsten? Worden en ook de klachten vanuit de sportverenigingen meegenomen en welke rol speelt de gemeente in de situatie dat verenigingen bovengenoemde klachten van deze aard hebben over ETG? Of is de gemeente wellicht niet in kennis gesteld vanuit de sportverenigingen en/of vanuit ETG dat deze zaken spelen in beide sporthallen en is de gemeente op de hoogte of dit ook in andere door ETG geëxploiteerde gemeentelijke accommodaties speelt?
b) Betekent dit dat eventuele andere partijen dan ETG die een deel voor hun rekening willen nemen en ook als stichting ten doel hebben om het maatschappelijk belang te dienen maar niet het volledige areaal kunnen bedienen, ook een subsidieaanvraag zouden kunnen indienen, of is de uitspraak over het in 1 hand houden leidend daarin en is alleen ETG daarin de partij waar de gemeente deze exploitatie gunt omdat het huurcontract met hen is afgesloten t/m 2030?
c) Vindt het college deze vorm van contractverlening (combinatie huurcontract en begrotingssubsidie) juridisch en maatschappelijk verdedigbaar ten opzichte van andere partijen die mogelijk interesse zouden hebben in de exploitatie van de 5
sporthallen in onze gemeente? Zo ja, waarom en zo niet welke ideeën heeft u om hierin verandering aan te brengen?
d) Wat zouden redenen kunnen zijn om het (nu of in de toekomst) juist wél mogelijk te maken om in partnerschap met welwillende (sport)verenigingen de exploitatie vorm te geven zodat o.a. capaciteitsproblemen gezamenlijk kunnen worden opgepakt en een stuk ‘eigenaarschap’ en saamhorigheid vanuit de verenigingen kan worden toegevoegd aan de exploitatie? Dus binnen het huidige uitgangspunt van het beheer onderbrengen bij 1 partij zoals dat is vastgelegd in het vastgoeden accommodatiebeleid en raadsbesluit van september 2024 toen het contract met ETG op deze wijze is gestart? M.a.w. vanuit het ‘ja, mits’ gedachtegoed en de Molenlandse Manier van werken?
e) Vraag 2d. gaat over het algemeen maar vraag 2e. is specifiek gevraagd voor sporthal De Klipper waar basketbalvereniging Klipperstars al jarenlang diverse keren de eerst bij de gemeente de helpende hand heeft toegestoken en later ook richting ETG jarenlang diverse keren heeft aangegeven om de exploitatie van De Klipper te verzorgen? Bent u het met ons eens dat zo’n initiatief uit de samenleving zeer waardevol is en een verrijking van de mogelijkheden biedt? Zo nee, kunt u toelichten waarom deze uitgestoken hand keer op keer door zowel ETG als de gemeente niet wordt aangepakt? Zo ja, wat gaat u doen om deze mogelijkheden op korte termijn concreet te verkennen met betrokkenen?
Antwoord 2:
A. Dit klopt niet. Er is sprake van een samenwerking vastgelegd in een huur- en exploitatieovereenkomst die van 1 juli 2024 t/m 31 december 2030 loopt. Het college hoeft hierover niet jaarlijks opnieuw te besluiten. Omdat er geen sprake is van een jaarlijkse begrotingssubsidie wordt er niet op een vast moment jaarlijks geëvalueerd. Er vindt wel periodiek bestuurlijk overleg plaats tussen gemeente en ETG.
Als er klachten zijn van verenigingen over ETG, wordt hierover door de gemeente het gesprek gevoerd met ETG om na te gaan hoe de klachten opgelost kunnen worden. Vanuit de (sport)verenigingen hebben wij één klacht ontvangen over de schoonmaak in de gymzaal in Ottoland, welke inmiddels na afstemming met ETG is verbeterd. Verder zijn bij de gemeente geen klachten gemeld.
B.De uitspraak over het in één hand is leidend daarin en ETG is daarin de partij waar de gemeente een huur- en exploitatieovereenkomst heeft afgesloten.
C.Deze vraag is niet van toepassing, want er is geen vigerende huurovereenkomst met begrotingssubsidie (zie antwoord 2a).
D.Een reden zou kunnen zijn dat de dienstverlening en/of de kwaliteit van het beheer van ETG onvoldoende is. De samenwerking tussen gemeente en ETG eindigt per 31 december 2030. Daarna kunnen eventueel andere samenwerkingen worden aangegaan.
E.Het is bekend dat basketbalvereniging Klipperstars aan de bel heeft getrokken nadat de samenwerking van de gemeente met ETG voor deze accommodaties is gestart.
Het idee van de basketbalvereniging was om de kantine van sporthal de Klipper te gaan exploiteren en zij gaven aan hiervoor een plan te hebben ingediend bij de gemeente.
Hierop heeft de gemeente gereageerd (meerdere keren) dat zij dit plan niet kennen en de basketbalvereniging uitgenodigd dit plan opnieuw in te dienen. Dat heeft de basketbalverenging niet gedaan, waardoor het niet tot verdere gesprekken hierover is gekomen.
Desgevraagd heeft ETG laten weten met enige regelmaat overleg te voeren met de besturen van de gebruikers van zowel De Klipper als De Reiger. Van de wanklanken welke worden geuit in de vragen van de CU was in het laatste overleg met de gebruikers van De Klipper, gehouden op 15 oktober 2025, nog geen sprake.
Vraag 3:
In 2026 vindt een evaluatie plaats van het vastgoed- en accommodatiebeleid, e.e.a. zoals dat in de RIB van 18 maart 2024 is vermeld. Dit, omdat het beleid dan 5 jaar heeft
gefunctioneerd. Kunt u ons aangeven wanneer die evaluatie aan de gemeenteraad wordt voorgelegd? En betekent dit ook dat de (vorm van) contractverlening voor de exploitatie van de sporthallen, de gunning daarvan en het betrekken van sportverenigingen bij de
exploitatie als ook het huidige functioneren van de ETG nadrukkelijk onderdelen van die evaluatie zijn en wordt de toezegging van vorig jaar om voor de tennisverenigingen als buitensport een gelijk speelveld te creëren ook daarin meegenomen?
Antwoord vraag 3:
De planning is om de evaluatie en actualisatie van het accommodatiebeleid in december 2026 wordt voorgelegd aan de gemeenteraad (3 december in de commissie en 15 december besluitvormend). Dit betekent niet dat de (vorm van) contractverlening voor de exploitatie van de sporthallen, de gunning daarvan en het betrekken van sportverenigingen bij de exploitatie als ook het huidige functioneren van de ETG nadrukkelijk onderdelen van die evaluatie zijn.
De toezegging van vorig jaar om voor de tennisverengingen als buitensport een gelijk speelveld te creëren, wordt in de evaluatie en actualisatie van het accommodatiebeleid meegenomen.
Bron: raadsinformatie van de gemeente Molenlanden (Open Raadsinformatie). De vragen en antwoorden zijn automatisch uit de brief gelezen; het origineel is leidend.