16 december 2025 · artikel 35-vragen · gemeente Molenlanden

vragen SGP - Verhoging kwaliteit schoolgebouwen

Een raadslid stelde op 16 december 2025 schriftelijke vragen aan het college van burgemeester en wethouders van Molenlanden.

Brief van het college

Deze brief is niet in losse vragen en antwoorden uit te lezen. Hieronder staat de tekst; het origineel staat via de link.

Schriftelijke vragen aan het college (op basis van artikel 16 of artikel 55 Reglement van Orde) Datum: 24 nov. 2025

Zaaknummer: 1243521 Steller van de vragen: Christiaan de Ruijter Politieke partij: SGP Onderwerp: Raadsvoorstel verhoging kwaliteit schoolgebouwen Portefeuillehouder: Harmen Akkerman Behandelend ambtenaar: Wilton Christiaanse en Anne Duine Toelichting: Bij het doornemen van het raadsvoorstel incl. de bijlages komen vragen op die we graag beantwoord zien voor de commissievergadering van 4 dec.

Vraag 1: Pagina 1 onderaan geeft aan dat de oorspronkelijke kostenindicatie onvoldoende is. Vragen:

- hoe was dat in het verleden? Voldeden de normbedragen wel/ niet en waarom?

- ervaringen in Roosendaal en ’s Hertogenbosch worden genoemd. Hoe zijn de ervaringen en/of verkenningen bij gemeentes in de regio met bijv. een vergelijkbare grondslag en funderingswijze?

Antwoord 1: Deze discrepantie is er helaas al jaren. Zie onderstaande grafiek over de

periode tot 2018, op basis van data vanuit het Bureau Documentatie Bouwadviezen (BDB).

In de periode na 2018 is dit deels hersteld, maar onvoldoende.

Vanuit de regio is Rotterdam een goed voorbeeld. Zie onderstaande tekst in het IHP (blz 105). “De normbedragen zijn standaardbedragen, die voldoende zouden moeten zijn om een project volgens wettelijke eisen (Bouwbesluit) uit te voeren. In de praktijk is er al jaren een groot verschil tussen de normbedragen en de daadwerkelijke realisatiekosten. In Rotterdam zijn de normbedragen verhoogd om een extra kwaliteit in het binnenklimaat te kunnen realiseren.” … “De jaarlijkse indexeringen van de VNG lopen achter op deze ontwikkelingen, waardoor het verschil tussen de normbedragen en praktijk is opgelopen tot ongeveer 20%.” De achterblijvende indexering en onvoldoende aansluiting op daadwerkelijke kosten voor het realiseren van een duurzaam en toekomstbestendig gebouw, beperkt de mogelijkheid om projecten uit te voeren volgens de gewenste kwaliteitsstandaard. Dit verklaart waarom gemeenten eigen normen hanteren. Dichter bij huis, in Hardinxveld-Giessendam, wordt een hogere norm van afgerond 113% gehanteerd (IHP Hardinxveld-Giessendam, 2025, paragraaf 8.3, p. 23).

Vraag 2: Bij de terminologie wordt zowel BENG als ENG genoemd. Graag een nadere

toelichting hoe de verhoudingen liggen tussen BBL (wettelijke basis Besluit Bouwwerken

Leefomgeving), BENG en ENG in bijv. investeringslasten en lagere jaarkosten voor energie.

Antwoord 2: BENG is onderdeel van het BBL. Het verschil tussen BENG en ENG is dat het

gebouw gebonden energie over een jaar gezien volledig wordt gecompenseerd door opwekking van het gebouw. Bij BENG is er nog een deel wat niet wordt gecompenseerd.

De impact op de investeringslasten is weergegeven in de tabel in bijlage 1 van het raadsvoorstel (ca. 131 tot 107 euro per m2). Er is naast een toename in investeringskosten ook (op basis van ervaringen en berekeningen van HEVO) een toename in onderhoudskosten (er worden meer installaties toegepast). ‘Kosten gemeente’ refereert

ook aan deze tabel. De meerkosten voor ENG worden dus ook door de gemeente betaald in de 8,5% procent Vraag 3:

Is ENG haalbaar zonder zonnepanelen of wel zonder de genoemde risico’s voor teruglevering?

Antwoord 3: ENG is niet volledig haalbaar zonder zonnepanelen. Het is wel van belang dat

in projecten wordt gestart met het zo energiezuinig mogelijk maken van het pand voordat de oplossing wordt gezocht in zonnepanelen. In projecten zelf zal nader onderzocht moeten worden hoe invulling wordt gegeven aan deze eis en hoe wordt omgegaan met zonnepanelen in het licht van de salderingsregeling. Een voorbeeld is dat nu in projecten wordt gekeken naar de opslag van energie.

Vraag 4: Pagina 4 van het voorstel beschrijft bij kanttekening 1.1 bij duurzaamheid:

energieneutraal, flexibel, gezond (frisse school) en deels circulair, klimaatadaptief en natuurinclusief.

Hoe worden de laatste 3 genoemde punten ingevuld?

Antwoord 4: er is rekening gehouden met een opslag voor groen beton, een wadi en

nestelvoorzieningen en ecologische beplanting.

Vraag 5: Betreft Bijlage 2. Deze tabel vraag wat nadere uitleg.

Bijv.:

- wat is BMR?

- wat wordt bedoeld met BMR zonder 350 m2 startbedrag

- is startbedrag verordening de eerdergenoemde VNG-norm?

- waarom bij 200 leerlingen afwijkende % opslag bij norm en HEVO Antwoord 5: RMB staat voor ruimtebehoefte, dit is een genormeerde berekening. Op basis

van deze genormeerde berekening kun je volgens de verordening ook de VNG normbekostiging berekenen. Daarbij is rekening gehouden met een startbedrag voor een vaste voet van 350m2. Het startbedrag en het bedrag per m2 vormen samen de totale VNG norm. Er is een afwijking bij 200 leerlingen omdat HEVO niet rekent met een startbedrag maar simpelweg met één bedrag per m2. HEVO geeft aan dat dit te maken heeft met dat HEVO voor een school van 200 leerlingen ook nog rekent met een éénlaags schoolgebouw, en pas vanaf 300 leerlingen met tweelaags. Dit werkt kostenverhogend.

Vraag 6: Betreft Bijlage 2. Wat biedt Kwaliteitskader Ruimte OK meer dan de HEVO uitgangspunten met ENG, Frisse school etc.?

Antwoord 6: Deze norm gaat op veel aspecten verder. Op zowel Frisse Scholen

onderdelen (bijvoorbeeld ruimtevolume) alsmede op ruimtelijk functionele aspecten

(bijvoorbeeld meer speling tussen bruto en netto m2’s) zijn er kostenverhogende kwaliteitseisen. HEVO heeft in het kwaliteitsadvies een optimum beoogd te formuleren tussen prijs en kwaliteit.

Bekijk de brief: Beantwoording vragen SGP - Verhoging kwaliteit schoolgebouwen

Bron: raadsinformatie van de gemeente Molenlanden (Open Raadsinformatie). De vragen en antwoorden zijn automatisch uit de brief gelezen; het origineel is leidend.

Meer vragen aan het college van Molenlanden

Alle artikel 35-vragen in Molenlanden