Schriftelijke vragen (ex art. 39 RvO) betreffende effecten klimaatverandering op corporatiewoningen
Een raadslid stelde op 3 februari 2026 schriftelijke vragen aan het college van burgemeester en wethouders van Nijmegen (1 vragen).
In het kort
1 vragen en wat het college antwoordt
- Is het college bekend met het onderzoek van de Dutch Green Building Control? → Ja, wij zijn hiermee bekend.
Overgenomen uit de brief van het college; hieronder staan de volledige vragen en antwoorden.
Aanleiding
Postadres Gemeente Nijmegen
Aan de fractie van SP t.a.v. de heer Y. Wieken
Postbus 9105 6500 HG Nijmegen Bezoekadres Korte Nieuwstraat 6 6511 PP Nijmegen T 14 024 nijmegen.nl
Datum Onderwerp
Contactgegevens nijmegen.nl/contact
3 februari 2026 Beantwoording vragen fractie SP ex art. 39 RvO inzake effecten klimaatverandering voor corporatiewoningen
Ons kenmerk D252891224
Geachte heer Wieken, Op 21 november jl. hebben wij uw vragen ontvangen inzake de effecten van klimaatverandering op corporatiewoningen. U stelt uw vragen naar aanleiding van een onderzoek van Dutch Green Building Council, dat aantoont dat effecten van klimaatverandering groter zouden zijn voor corporatiewoningen dan voor gemiddelde woningen. U vraagt of dit ook van toepassing is op de situatie in Nijmegen.
Hierbij ontvangt u de antwoorden op uw vragen.
Vragen en antwoorden
Vraag 1
Is het college bekend met het onderzoek van de Dutch Green Building Control?
Antwoord van het college
Ja, wij zijn hiermee bekend. De Dutch Green Building Council heeft een Framework Climate Adaptive Buildings ontwikkeld. Dit is een methode om klimaatrisico's te identificeren. Deze methode komt redelijk overeen met de aanpak van het landelijke Deltaprogramma Ruimtelijke Adaptatie. Vanuit dit programma volgt de aanbeveling om vanuit stresstesten een strategie en een uitvoeringsagenda te ontwikkelen. Deze lijn is in Nijmegen gevolgd: in het kader van de Klimaatadaptatiestrategie ‘Samen voorbereid op het weer van de toekomst’ (vastgesteld door het college op 31 oktober 2023) heeft het college klimaatstresstesten uitgevoerd naar de effecten van de klimaatverandering op de stad. Hierbij is geen onderscheid gemaakt naar woningeigendom. De klimaatadaptatiestrategie kent een uitvoeringsagenda, met een actielijn om samen te werken met woningcorporaties. 2.
Wat is de situatie in Nijmegen wat betreft de (on)evenredige effecten van klimaatverandering op sociale huurwoningen ten opzichte van het gemiddelde voor alle woningen? Indien deze informatie niet voorhanden is, is het college bereid hier onderzoek naar te doen? Zo nee, waarom niet?
In het algemeen geldt dat in steden meer huurwoningen zijn dan in kleinere kernen. In steden zijn tevens de effecten van klimaatverandering (hitte en water- overlast) groter.
In onze klimaatadaptatiestrategie heeft het college 10 prioritaire gebieden aangewezen, het college benadert het nemen van klimaatadaptieve maatregelen dus gebiedsgericht.
Gemeente Nijmegen
Pagina 1 van 5
De prioritaire gebieden betreffen onder andere de meer versteende wijken. Wij zetten hier extra in op wat nodig is, om hitte tegen te gaan, om wateroverlast te voorkomen etc. Wij richten ons op de openbare ruimte. Zo zetten wij ons hier in voor vergroening om zo meer schaduw te realiseren. Wij verwijzen u verder naar de klimaatadaptatiestrategie. In bijlage 1 staan de prioritaire gebieden aangegeven vanuit deze strategie, met daaronder een kaart waarop het corporatiebezit is aangegeven.
Naar aanleiding van de Contourennota (24 april 2024) is de motie “Stevig inzetten voor een klimaatbestendig Nijmegen” aangenomen. Op 7 januari 2025 heeft het college u in dit kader geïnformeerd over de benodigde maatregelen in de prioritaire gebieden.
In de Omgevingsvisie Nijmegen ‘De Nabije Stad 2050’ (10 september 2025) zijn de ambities en doelen verwerkt. In het verlengde hiervan is op 16 december 2025 het Programma Water- en Riolering door het college vastgesteld, waarin klimaatadaptieve maatregelen zijn opgenomen. Als verdere uitwerking stellen we in 2026 een aanvullend Omgevingsprogramma Stadsvergroening op. Deze zal er onder andere op gericht zijn om de meest versteende (prioritaire) gebieden te vergroenen.
Tot slot zijn we met de HAN zijn in gesprek om een onderzoek te starten naar sociaaleconomische posities van mensen in de klimaattransitie. We zijn van plan het programma Klimaat Inclusief En Sociaal (KIES!) te starten dat kijkt naar de mate van geïsoleerdheid van woningen, toegang tot groene ruimte en gezondheidsproblemen door hittestress.
Kortom, het college heeft veelal al onderzoek verricht, en zet nu vooral in op actie. 3.
Deelt het college de analyse van de SP en DGBC dat er sprake is van sociale ongelijkheid tussen huurders en woningeigenaren wat betreft de formele en financiële mogelijkheden om hun woning te verduurzamen? Zo nee, waarom niet?
Wij erkennen dat de uitgangspositie van huurders en woningeigenaren verschillend zijn.
Het college erkent dat dit risico bestaat. Juist daarom zetten we in beleid en uitvoering extra in op het verkleinen van dit risico. Wij zetten ons in om de verschillen te verkleinen en we besteden in onze aanpak extra aandacht aan mensen met lage inkomens. Met woningcorporaties maken we prestatieafspraken over de verduurzaming van sociale huurwoningen in Nijmegen, in aanvulling op de landelijke prestatieafspraken.
Het college biedt voor zowel huurders als woningeigenaren middelen om hen passend te ondersteunen. Zo gaan we vanaf 2026 in het kader van de lokale aanpak isolatie extra ondersteuning bieden aan woningeigenaren met goedkope koopwoningen en lage inkomens door hen te ontzorgen en door hogere subsidie te verlenen, afgestemd op de persoonlijke situatie. Alle inwoners kunnen ondersteuning krijgen via de coaches en fixers om zelf energie te besparen met kleine isolatiemaatregelen. Daarnaast zijn landelijk middelen beschikbaar voor verduurzaming van zowel koopwoningen als sociale huurwoningen.
Inzet corporaties (in samenwerking met gemeente) Woningcorporaties voeren actief beleid ten aanzien van de verduurzaming van woningen; 95% van de corporatiewoningen heeft inmiddels energielabel A, B of C.
Bij de ontwikkeling van het warmtenet in Dukenburg is betaalbaarheid een essentieel uitgangspunt.
Gemeente Nijmegen
Pagina 2 van 5
-
-
-
Bij klimaatadaptieve maatregelen (zoals afkoppelen van regenpijpen en aanbrengen van zonwering) speelt mee dat huurders altijd in overleg moeten treden met de corporatie om maatregelen te treffen van de verhuurder.
Voor de versteende tuinen zetten we publiciteitscampagnes in als ‘Operatie Steenbreek’ en de actie ‘Pijpenkappuh’. (Het college heeft ook subsidieregelingen voor woningeigenaren, gericht op het afkoppelen van regenpijpen en de aanleg van groene gevels en groene daken).
Om woningcorporaties te stimuleren om (extra) klimaatadaptieve maatregelen te nemen, hebben we hiervoor in het Programma Water en Riolering voor de periode vanaf 2027 subsidiebudget opgenomen.
4.
Deelt het college het standpunt van de SP dat deze ongelijkheid in mogelijkheden om de woning te verduurzamen, in combinatie met steeds hogere energiekosten, leidt tot energiearmoede en een grotere tweedeling in de samenleving? Zo nee, waarom niet?
Het college handelt vanuit het principe van de rechtvaardige stad. 'De Rechtvaardige Stad' is een leidend principe in de Nijmeegse Omgevingsvisie (10 september 2025). Het college voert de motie 'Vizier op een ruimtelijk rechtvaardig Nijmegen' uit (24 april 2024).
Met de ambitie “We willen ongelijk investeren voor gelijke kansen” (Omgevingsvisie) erkennen wij dat de hogere energiekosten (kunnen) leiden tot vergroting van armoede.
Daarom ondernemen we diverse acties om energiearmoede te beperken.
Zo is, naast de inzet die bij vraag 3 is benoemd, samen met de woningcorporaties een convenant opgesteld ter bestrijding van energiearmoede. Driekwart van de inwoners met risico op energiearmoede, huurt een woning bij een woningcorporatie. Op basis dit convenant kunnen de corporaties vanaf 2026 extra ondersteuning bieden aan hun huurders met een laag inkomen, bijvoorbeeld door het aanbrengen van kleine energieverlagende maatregelen in hun woningen of complexen.
Ook bieden we ondersteuning bij het verlagen van de energierekening, bijvoorbeeld door het verstrekken van energiezuinig witgoed. Daarnaast bestaat er in sommige gevallen de mogelijkheid om bijzondere bijstand aan te vragen voor maandelijkse energiekosten.
Daarnaast compenseert het college – naar aanleiding van het amendement 'Zet huurders met blokverwarming niet voor het blok' – de eindafrekening energiekosten 2024 voor corporatiehuurders in blokverwarming. Hierbij geldt een drempelbedrag van €150,-. Dit amendement heeft het college ook de opdracht gegeven met betrokken corporaties te werken aan een strategie ter preventie van hoge naheffingen bij blokverwarming.
Tot slot is energiearmoede een belangrijk onderdeel van de landelijke aanpak Armoede en Schulden. Zo opent naar verwachting in het najaar van 2026 opnieuw het Tijdelijk Noodfonds energie met een veel hoger budget dan in 2025.
Gemeente Nijmegen
Pagina 3 van 5
5.
Is het college bereid om de aanbevelingen van het DGBC over te nemen? Zo nee, waarom niet? Zo ja, welke maatregelen is het college van plan te nemen om de aanbevelingen uit te kunnen voeren.
Bijna alle aanbevelingen zijn onderdeel van het aanpak van het college. Hieronder een nadere specificatie per aanbeveling.
Aanbeveling 1: Voorkom koelte-ongelijkheid en inefficiënte maatregelen We hebben meerjarige prestatieafspraken met de wooncorporaties gemaakt over klimaatadaptatie en de energietransitie. Hieronder vallen ook het wegnemen van obstakels voor het nemen van klimaatadaptieve maatregelen (waaronder hittemaatregelen). Dit is vooral van belang in de prioritaire gebieden.
Aanbeveling 2: Informeer huurders over de verschillende verantwoordelijkheden van verhuurder, huurder en verzekeraar We hebben meerjarige prestatie afspraken met de wooncorporaties gemaakt. De corporaties zullen huurders informeren.
Aanbeveling 3: Informeer huurders in gebieden met een hoge blootstelling over de mogelijke gevolgen en verzekeringsopties We verkennen in regionaal verband of en hoe we kunnen communiceren over klimaatrisico's en mogelijke schade. Hierbij maken we geen onderscheid tussen huurders en wooneigenaren.
Aanbeveling 4: Wees alert op grotere blootstelling van buitendijks gelegen woningen Ja, wij zijn hier alert op: in de door uw raad vastgestelde omgevingsvisie is water- en bodemsturend werken opgenomen als leidend principe.
Aanbeveling 5: Breid het fonds voor funderingsherstel uit voor woningcorporaties Dit is een landelijk fonds, het college heeft hier geen rol.
Aanbeveling 6: Analyseer de kwetsbaarheid op woningniveau Het college heeft klimaatstress-testen uitgevoerd in 2022 op het gebied van hitte en wateroverlast. Voor wateroverlast is dit stadsbreed op woningniveau uitgezocht.
Ten aanzien van de kwetsbaarheid voor hitte heeft het college de gevoelstemperatuur per wijk uitgevoerd. Dit geeft geen beeld van de hittebestendigheid per woning. Het college vindt dat hier een rol voor de woningcorporaties is weggelegd om dit inzichtelijk te maken.
Aanbeveling 7: Breid het onderzoek uit naar alle corporatiewoningen in Nederland Dit is een landelijke taak.
Aanbeveling 8: Wees transparant over klimaateffecten en mogelijke risico’s In het kader van hitte hebben we een lokaal hitteplan. Dit plan treedt in werking als het nationaal hitteplan wordt geactiveerd. Tijdens deze periode wordt in samenwerking met de GGD richting kwetsbare inwoners en instanties gecommuniceerd over de risico's van
Gemeente Nijmegen
Pagina 4 van 5
hitte. Ook geven we dan een handelingsperspectief om hitte in de woning te voorkomen.
De corporaties ontvangen deze communicatie ook.
Aanbeveling 9: Zet in op efficiënte en groene adaptatiemaatregelen Dit is onze inzet. Zie beantwoording vraag 2.
Aanbeveling 10: Werk samen binnen en buiten de corporatiesector De corporaties zijn verenigd in het Platform Nijmeegse Woningcorporaties (PNW). Daar werkt het college mee samen.
Bron: raadsinformatie van de gemeente Nijmegen (Open Raadsinformatie). De vragen en antwoorden zijn automatisch uit de brief gelezen; het origineel is leidend.