21 juli 2025 · artikel 35-vragen · gemeente Noordwijkerhout

20250826 5 Beantwoording schriftelijke vragen PUUR def2

Een raadslid stelde op 21 juli 2025 schriftelijke vragen aan het college van burgemeester en wethouders van Noordwijkerhout.

Brief van het college

Deze brief is niet in losse vragen en antwoorden uit te lezen. Hieronder staat de tekst; het origineel staat via de link.

Aan de leden van de gemeenteraad

Noordwijk, 19 augustus 2025

Voorstraat 42 2201 HW Noordwijk Postbus 298 2200 AG Noordwijk T +31 (0)71 36 60 000

Uw kenmerk Uw brief van

: 530 : 18 juli 2025

Zaaknummer Verzenddatum

: n.v.t. : 20 augustus 2025

Onderwerp Witstand

: Beantwoording schriftelijke vragen lid Steenvoorden over

Bijlage(n)

: geen

[email protected] www.noordwijk.nl

KvK nummer 73538469 BTW NL8257.92.150.B01 IBAN NL34BNGH0285044621 BIC BNGHNL2G

Geachte leden van de gemeenteraad, Op 21 juli 2025 ontvingen wij van PUUR de volgende schriftelijke vragen ingevolge artikel 32 Reglement van Orde. In deze brief worden de vragen beantwoord.

Aanleiding Vragen ingevolge artikel 32 Reglement van Orde Vraag 1: Overleg en afstemming met Rijnland:

Is er door Rijnland voorafgaand aan de vergunningverlening voor Witsand overleg gevoerd met de gemeente Noordwijk, zoals de strandnota en het beleid rond kustbescherming en ruimtelijke ordening voorschrijven? Zo ja, wat was de uitkomst van dat overleg? Zo nee, waarom niet, en vindt het college dat dit een correcte gang van zaken is?

Antwoord:

Nee, het college is niet gekend voorafgaand aan het besluit van Rijnland . Wettelijk gezien is vanuit de Omgevingswet ook niet voorgeschreven dat het Hoogheemraadschap de gemeente (het college of de gemeenteraad) om advies vraagt voor een omgevingsvergunning zoals die door het Hoogheemraadschap in casu is verleend. Ook de beleidsstukken waar de vraagsteller naar verwijst schrijven dit niet voor. Echter, gezien de goede samenwerking met het Hoogheemraadschap en frequente overlegstructuur, verbaast het college zich erover dat we op deze wijze zijn verrast en informatie hierover niet vooraf met elkaar is gewisseld.

Er wordt overleg met Rijnland ingepland en dit zal ook op bestuurlijk niveau besproken worden. Doel zal zijn om te onderzoeken hoe een dergelijke gang van zaken in de toekomst kan worden voorkomen, omdat dit direct raakt aan het gemeentelijk beleid en visie op/over het strand.

Vraag 2: Toetsen aan gemeentelijk beleid en strandnota:

Heeft het college vooraf een standpunt ingenomen over de aanvraag voor een permanent paviljoen op de locatie Zeereep 103 (Witsand)? Sluit deze aanvraag aan bij de lokale beleidskaders vastgelegd in de Strandnota en het bestemmingsplan, waarin duidelijk is bepaald dat er maximaal acht permanente paviljoens zijn toegestaan en de locatie Witsand daar niet onder valt?

Antwoord:

Nee, want het college heeft geen aanvraag omgevingsvergunning ontvangen van Witsand, de publicatie van 17 juli 2025 gaat over een aanvraag welke is ingediend bij het Hoogheemraadschap van Rijnland.

Voor zover bekend bij het college ziet de aanvraag bij Rijnland alleen op wateraspecten, niet op een omgevingsplan activiteit voor bouwen of gebruiken. Dus niet over de gemeentelijke beleidskaders (zoals strandnota en of bestemmingsplan). Een eventuele aanvraag hiervoor zal op de eigen merites beoordeeld worden.

Vraag 3: Betrokkenheid van strandcoördinator/strandmeester:

Is de strandmeester (coördinator beheer en veiligheid op het strand ) betrokken geweest bij de beoordeling van de vergunningaanvraag van Witsand of heeft deze hierover geadviseerd in het reguliere overleg met het college en de vertegenwoordigers van de paviljoenhouders?

Antwoord:

Zoals aangegeven bij antwoord 1 is het college (en/of betrokken ambtenaren bij stranddossiers) niet gekend in de aanvraag.

Vraag 4: Overleg met paviljoenhouder/aanvrager:

Is er tussen de gemeente Noordwijk en de eigenaar/aanvrager van Witsand voorafgaand aan, of na de vergunningsaanvraag, inhoudelijk overleg gevoerd over deze aanvraag? Zo ja, welke afspraken zijn er toen gemaakt en welke communicatie heeft er plaatsgevonden ? Zo nee, waarom is dit niet gebeurd, gezien het belang van zorgvuldig proces en handhaving van het bestaande beleid?

Antwoord:

Zoals aangegeven is het college (en/of betrokken ambtenaren bij stranddossiers) niet gekend in de aanvraag. Er heeft dan ook geen inhoudelijk overleg plaatsgevonden tussen de eigenaar/aanvrager van Witsand en de gemeente voorafgaand aan, of na de vergunningsaanvraag.

Pagina 2 van 5

Vraag 5: Juridische positie en bevoegdheden:

Hoe duidt het college de wettelijke en planologische verhouding tussen een vergunning van het hoogheemraadschap voor wateractiviteiten en de gemeentelijke bevoegdheid tot het al dan niet toestaan van permanente paviljoens binnen de eigen regelgeving en het bestemmingsplan? Herkent het college het risico op precedentwerking door de afgifte van deze vergunning?

Antwoord:

Het college herkent een potentiële precedentwerking voor het Hoogheemraadschap. Evenwel is een watervergunning nog geen gemeentelijke toestemming voor het bouwen en gebruiken van een bouwwerk. De juridische verhouding is in deze zo dat het gaat om twee, los van elkaar, door twee verschillende bestuursorganen, verleende omgevingsvergunning voor andere activiteiten. Het college is het bevoegd gezag (primair) voor het verlenen van een omgevingsvergunning voor het bouwen en/of gebruiken van een bouwwerk. Een reeds verleende watervergunning van het Hoogheemraadschap maakt dit niet anders.

Het kan er wel toe leiden dat, omdat het Hoogheemraadschap al toestemming voor wateractiviteiten heeft gegeven, dit als een van de argumenten gebruikt kan gaan worden bij een aanvraag bij de gemeente voor een omgevingsvergunning. Dit element zullen we meenemen in het bestuurlijk overleg met het Hoogheemraadschap.

Voor de beoordeling van een aanvraag omgevingsvergunning voor het bouwen en gebruiken van een jaarrond strandpaviljoen zal het college onverminderd toetsen aan gemeentelijk beleid (de strandnota en het (tijdelijk deel) omgevingsplan c.q. bestemmingsplan) regionaal en provinciaal beleid. Indien nodig zal er advies opgevraagd worden bij overlegpartners. Het college besluit dan zelf op de aanvraag omgevingsvergunning, al dan niet in lijn met een gegeven advies van de raad (indien noodzakelijk). Een afgegeven watervergunning van het Hoogheemraadschap verandert dit niet.

In die zin is het college van mening dat er voor het gemeentelijk beleid geen precedentwerking is door de afgifte van de vergunning door het Hoogheemraadschap.

Pagina 3 van 5

Vraag 6: Handhaving en uitvoering strandnota:

Op welke wijze gaat het college de uitgangspunten uit de Strandnota (maximaal acht permanente paviljoens, geen uitbreiding buiten de vastgestelde locaties, waarborgen van rust, kwaliteit en openheid van het strand) daadwerkelijk handhaven in het licht van deze vergunningverlening? Is het college bereidt (juridische) stappen te ondernemen indien blijkt dat de watervergunning strijdig is met gemeentelijk beleid?

Antwoord:

Op het moment dat de eigenaar van Witsand zonder omgevingsvergunning voor een bouw - en/of gebruiksactiviteiten deze wel gaat uitvoeren wordt hier handhavend tegen opgetreden.

Het college is niet bereid om juridische stappen te ondernemen tegen het Hoogheemraadschap.

Omdat de waterbelangen belegd zijn bij het Hoogheemraadschap en niet bij het college. Wel wordt, zoals bij antwoord 1 aangegeven, bestuurlijk overleg gevoerd over de gang van zaken. Mede gelet op het antwoord onder 5, waarbij het college van mening is voldoende eigen middelen te hebben om de gemeentelijke belangen te waarborgen.

Vraag 7: Samenwerking met Hoogheemraadschap / bestuurlijke afspraken:

Is er in breder verband bestuurlijk overleg geweest (of voorzien) tussen de gemeente Noordwijk en het hoogheemraadschap over werkafspraken bij (vergunning)aanvragen die de gemeentelijke beleidsruimte en de kwaliteiten van het strand direct raken? Acht het college het wenselijk om dergelijke afspraken in de toekomst in protocollen te formaliseren?

Antwoord:

Zoals onder antwoord 1 reeds aangegeven wordt overleg gepland over deze gang van zaken en zal het op bestuurlijk niveau ook besproken worden. Doel zal zijn om te onderzoeken hoe een dergelijke gang van zaken in de toekomst kan worden voorkomen.

Pagina 4 van 5

Vraag 8: Reactie richting bewoners en betrokkenen:

Hoe gaat het college richting bewoners en andere belanghebbenden, gezien de grote maatschappelijke betrokkenheid én participatie bij de totstandkoming van de strandnota, verantwoorden dat er mogelijk wordt afgeweken van het vastgestelde beleid? Is het coll ege bereid een openbare bijeenkomst of (digitale) toelichting te organiseren?

Antwoord:

Zoals uit eerdere antwoorden blijkt is dit nu niet aan de orde. Bij een eventuele aanvraag omgevingsvergunning voor bouw- en/of gebruiksactiviteit is het aan de initiatiefnemer om zelf vooraf te participeren, ter beoordeling aan de gemeente.

Het proces van de evaluatie van de Strandnota wordt ambtelijk voorbereid. Daarbij wordt voor de inhoud van de nieuwe nota geparticipeerd. Onderdeel hiervan zullen ongetwijfeld openbare bijeenkomsten en/of (digitale) toelichtingen zijn.

Hoogachtend, Burgemeester en wethouders van Noordwijk {{esl:Signer1:Capture:size(200,50)}}

{{esl:Signer2:Capture:size(200,50)}}

Mw.…

Bekijk de brief: 20250826 5 Beantwoording schriftelijke vragen PUUR def2

Bron: raadsinformatie van de gemeente Noordwijkerhout (Open Raadsinformatie). De vragen en antwoorden zijn automatisch uit de brief gelezen; het origineel is leidend.

Meer vragen aan het college van Noordwijkerhout

Alle artikel 35-vragen in Noordwijkerhout