20251202 7 Raadsbrief beantwoording vragen lid Koppel
Een raadslid stelde op 18 november 2025 schriftelijke vragen aan het college van burgemeester en wethouders van Noordwijkerhout (7 vragen).
In het kort
7 vragen en wat het college antwoordt
- Kan het college bevestigen dat de gemeenteraad met de aangenomen motie heeft bepaald dat het onderzoek alle redelijke locaties moest omvatten, en dat het niet aan… → Het college bevestigt dat er een onafhankelijk, deskundig en transparant onderzoek, een second opinion, is uitgevoerd naar alle, redelijke, eerder onderzochte locaties voor het te…
- Kan het college aangeven op basis van welk raads- of collegebesluit de afstand van 500 meter is meegenomen als uitsluitingscriterium in de second opinion, aangezien deze… → In de aangenomen motie “Onafhankelijk onderzoek doen naar een geschikte locatie voor het onderstation in Noordwijk” is geen uitsluitingscriterium in de opdracht opgenomen.
- Kan het college bevestigen dat de Intergemeentelijke Structuurvisie Greenport sinds de inwerkingtreding van de Omgevingswet geen juridisch bindend raadsdocument meer is… → Door de inwerkingtreding van de Omgevingswet is de Intergemeentelijke Structuurvisie Greenport Duin- en Bollenstreek (ISG) van rechtswege een onverplicht programma geworden zoals bedoeld in…
- Hoe verhoudt het hanteren van de 500 meter en het uitsluiten van buitengebiedlocaties op basis van de ISG zich tot de raadsopdracht om alle redelijke locaties opnieuw te… → De buitengebied locaties zijn niet direct uitgesloten door de 500 meter grens.
- Is het college van mening dat de second opinion volledig in overeenstemming is met de raadsopdracht, nu twee van de drie onderzochte locaties zijn uitgesloten op basis… → Het college bevestigt dat de second opinion volledig in overeenstemming is met de raadsopdracht.
- Heeft het college vooraf of tijdens het onderzoek aanwijzingen, kaders of uitgangspunten meegegeven aan Witteveen en Bos die invloed hadden op de breedte van het… → De aangenomen motie is één op één door het college met Holland Rijnland gedeeld die vervolgens een offerte heeft opgevraagd bij Witteveen+Bos.
- Kan het college toelichten hoe het de rol van de gemeenteraad ziet bij de vervolgstappen, gezien de uitgangspunten die in de second opinion zijn gebruikt? → Het college heeft een positieve grondhouding aangenomen met daaraan gekoppeld een aantal voorwaarden over de inpasbaarheid op de locatie Freesialaan.
Overgenomen uit de brief van het college; hieronder staan de volledige vragen en antwoorden.
Aanleiding
Aan de leden van de gemeenteraad
Voorstraat 42 2201 HW Noordwijk Postbus 298 2200 AG Noordwijk
Noordwijk, 9 december 2025
Uw kenmerk Uw brief van Zaaknummer Verzenddatum Onderwerp Bijlage(n)
: : : 1131016 : 9 december 2025 : Schriftelijke vragen lid Koppel (Helder) over onderstation Liander :-
T +31 (0)71 36 60 000 [email protected] www.noordwijk.nl
KvK nummer 73538469 BTW NL8257.92.150.B01 IBAN NL34BNGH0285044621 BIC BNGHNL2G
Geachte leden van de gemeenteraad, Op 18 november 2025 ontvingen wij van fractie Helder lid de heer Koppel de volgende schriftelijke vragen ingevolge artikel 32 Reglement van Orde. In deze brief worden de vragen beantwoord.
Aanleiding Op 24 april 2025 heeft de gemeenteraad unaniem de motie van raadslid Uphoff aangenomen. In deze motie is het college opgedragen om een onafhankelijk onderzoek te laten uitvoeren naar alle redelijke locaties voor een nieuw onderstation in Noordwijk. De uitwerking van deze opdracht is vastgelegd in de raadsbrief van 4 juni 2025. Op 23 september 2025 heeft het college het rapport van Witteveen en Bos over de second opinion aan de raad aangeboden. Dit rapport vormt de basis voor een belangrijk besluit van de gemeenteraad over de volgende stap in het proces: de keuze voor een mogelijke locatie van het nieuwe onderstation. In het rapport van Witteveen en Bos zijn keuzes gemaakt over het zoekgebied en de manier waarop locaties zijn beoordeeld, terwijl deze keuzes niet eerder door de raad zijn vastgesteld. Omdat de raad opdrachtgever is van het onderzoek en op basis hiervan een zorgvuldig besluit moet kunnen nemen, stelt HELDER de volgende vragen.
Annotatie W+B: “Bij de vraagstelling en -beantwoording van lid Helder viel het me op dat er gesproken wordt over ‘uitsluiten’ van locaties en vastgestelde ‘uitgangspunten’. Dit hebben we niet gedaan in de second opinion. We hebben deze locaties meegenomen en beschreven wat redenen zijn om deze te laten afvallen in het onderzoek. Ze zijn daarmee wel onderzocht, maar in een eerste onderzoeksstap (trechteringsstap) is geconcludeerd dat deze locaties niet passen bij de primaire doelstellingen.”
Vragen ingevolge artikel 32 Reglement van Orde Vraag:
Vragen en antwoorden
Vraag 1
Kan het college bevestigen dat de gemeenteraad met de aangenomen motie heeft bepaald dat het onderzoek alle redelijke locaties moest omvatten, en dat het niet aan Liander of andere partijen is om te bepalen welke locaties wel of niet binnen deze opdracht vallen?
Antwoord van het college
Het college bevestigt dat er een onafhankelijk, deskundig en transparant onderzoek, een second opinion, is uitgevoerd naar alle, redelijke, eerder onderzochte locaties voor het te realiseren Onderstation. En daarbij de Gemeenteraad over de voortgang proactief te informeren.
Vraag:
Vraag 2
Kan het college aangeven op basis van welk raads- of collegebesluit de afstand van 500 meter is meegenomen als uitsluitingscriterium in de second opinion, aangezien deze grens niet door de raad is vastgesteld en geen onderdeel uitmaakt van de raadsopdracht??
Antwoord van het college
In de aangenomen motie “Onafhankelijk onderzoek doen naar een geschikte locatie voor het onderstation in Noordwijk” is geen uitsluitingscriterium in de opdracht opgenomen. Wel heeft er een toetsing door Witteveen+Bos plaatsgevonden van de door Liander gehanteerde afstandsbeperking van een straal van 500 meter tot het huidige elektriciteitsstation aan de Losplaatsweg; is dit technisch noodzakelijk of vooral financieel gedreven?
Vraag:
Vraag 3
Kan het college bevestigen dat de Intergemeentelijke Structuurvisie Greenport sinds de inwerkingtreding van de Omgevingswet geen juridisch bindend raadsdocument meer is, maar de status heeft van een programma van het college? Kan het college toelichten waarom deze ISG desondanks als uitsluitingscriterium is gebruikt in de second opinion?
Antwoord van het college
Door de inwerkingtreding van de Omgevingswet is de Intergemeentelijke Structuurvisie Greenport Duin- en Bollenstreek (ISG) van rechtswege een onverplicht programma geworden zoals bedoeld in art. 3.5 van de Omgevingswet. De gemeenteraad heeft in haar Omgevingsvisie 1.0 verwezen naar de ISG als kompas voor ontwikkelingen in het landelijk gebied. Zodoende is de raad nog altijd gebonden aan de ISG.
Vraag:
Vraag 4
Hoe verhoudt het hanteren van de 500 meter en het uitsluiten van buitengebiedlocaties op basis van de ISG zich tot de raadsopdracht om alle redelijke locaties opnieuw te onderzoeken?
Antwoord van het college
De buitengebied locaties zijn niet direct uitgesloten door de 500 meter grens. Er zijn buitengebied locaties die ook binnen de 500 meter grens vallen. Deze zijn op basis van o.a. de ISG afgevallen.
Vraag:
Vraag 5
Is het college van mening dat de second opinion volledig in overeenstemming is met de raadsopdracht, nu twee van de drie onderzochte locaties zijn uitgesloten op basis van criteria die niet door de raad zijn vastgesteld? Kan het college uitleggen op grond waarvan het deze second opinion toch als ‘volledig’ beschouwt?
Antwoord van het college
Het college bevestigt dat de second opinion volledig in overeenstemming is met de raadsopdracht.
Hoogstwaarschijnlijk bedoelt u de criteria; ‘500 meter’ en ‘ISG’. Voor de 500 meter grens zijn wij afhankelijk van Liander die deze grens hanteert. Zoals toegelicht bij het antwoord op vraag 3 heeft de gemeenteraad zich aan de ISG gebonden door ernaar te verwijzen in de Omgevingsvisie 1.0. De criteria die hieruit voorkomen zijn dus weldegelijk door de raad vastgesteld.
Pagina 2 van 3
Vraag:
Vraag 6
Heeft het college vooraf of tijdens het onderzoek aanwijzingen, kaders of uitgangspunten meegegeven aan Witteveen en Bos die invloed hadden op de breedte van het locatieonderzoek? Zo ja, welke instructies zijn dat geweest en op basis van welk raads-of collegebesluit zijn deze aan het onderzoeksbureau verstrekt?
Antwoord van het college
De aangenomen motie is één op één door het college met Holland Rijnland gedeeld die vervolgens een offerte heeft opgevraagd bij Witteveen+Bos. Holland Rijnland heeft deze ambtelijke gedeeld waarop het college heeft ingestemd met de aanpak en de kosten. Het college heeft geen aanpassingen laten verrichten in de offerte die is aangeboden.
Vraag:
Vraag 7
Kan het college toelichten hoe het de rol van de gemeenteraad ziet bij de vervolgstappen, gezien de uitgangspunten die in de second opinion zijn gebruikt?
Antwoord van het college
Het college heeft een positieve grondhouding aangenomen met daaraan gekoppeld een aantal voorwaarden over de inpasbaarheid op de locatie Freesialaan. Het is aan de gemeenteraad zelf om, indien gewenst, ook een grondhouding met de daaraan gekoppeld een aantal voorwaarden aan te nemen. Mocht de gemeenteraad af willen wijken van de locatie Freesialaan dan verzoekt het college aan de raad om duidelijk aan te geven welke locatie haar geschikter lijkt. Daarbij hoort het college graag welke ruimtelijke aspecten de raad als meest belangrijk ervaart en welke eventuele verbonden (financiële) consequenties aanvaard als neveneffect.
Bekijk de brief: 20251202 7 Raadsbrief beantwoording vragen lid Koppel
Bron: raadsinformatie van de gemeente Noordwijkerhout (Open Raadsinformatie). De vragen en antwoorden zijn automatisch uit de brief gelezen; het origineel is leidend.