20260224 6 Raadsbrief beantwoording vragen Zeestraat 52A
Een raadslid stelde op 2 juli 2021 schriftelijke vragen aan het college van burgemeester en wethouders van Noordwijkerhout.
Brief van het college
Deze brief is niet in losse vragen en antwoorden uit te lezen. Hieronder staat de tekst; het origineel staat via de link.
Aan de leden van de gemeenteraad
Noordwijk, 10 februari 2026
Voorstraat 42 2201 HW Noordwijk Postbus 298 2200 AG Noordwijk T +31 (0)71 36 60 000
Uw kenmerk Uw brief van Zaaknummer Verzenddatum Onderwerp Zeestraat 52A Bijlage(n)
: : 29 januari 2026 : 1165160 : 24 februari 2026 : Schriftelijke vragen over besluitvormingstraject van de
[email protected] www.noordwijk.nl
KvK nummer 73538469 BTW NL8257.92.150.B01
:
IBAN NL34BNGH0285044621 BIC BNGHNL2G
Geachte leden van de gemeenteraad, Op 29 januari 2026 ontvingen wij van VVD de volgende schriftelijke vragen ingevolge artikel 32 Reglement van Orde. In deze brief worden de vragen beantwoord.
Aanleiding Op 2 juli 2021 is door de bewoners van Zeestraat 52a een eerste handhavingsverzoek ingediend tegen de illegale exploitatie van de opvang van kinderen met autisme, ADHD en gerelateerde ontwikkelingsstoornissen aan de Zeestraat 54 te Noordwijkerhout. Vervolgens is door het college op 10 februari 2022 een waarschuwingsbrief verstuurd aan de eigenaresse van de opvang. Op 12 september 2023 werd duidelijk dat het college geen medewerking zou verlenen aan legalisatie van de opvang en op 6 november 2023 is (na een tweede handhavingsverzoek van de bewoners van Zeestraat 52a) eindelijk een voornemen tot last onder dwangsom verstuurd.
Op 28 maart 2024 is het college 180 graden gedraaid: het college wilde toch meewerken aan medewerking aan legalisatie van de opvang. Door de eigenaresse is op 24 augustus 2024 een omgevingsvergunning aangevraagd. Op deze omgevingsvergunning is tot op heden geen besluit genomen.
De bewoners van Zeestraat 52a ervaren veel overlast van de opvang maar zij staan met lege handen. Als gevolg van concreet zicht op legalisatie kan de opvang open blijven, zonder overlastbeperkende voorschriften. De bewoners van Zeestraat 52a kunnen ook nog geen andere rechtsmaatregelen treffen, nu de behandeling van de aanvraag omgevingsvergunning al 1,5 jaar loopt en er nog steeds geen besluit is genomen.
Vragen ingevolge artikel 32 Reglement van Orde Vraag 1 Wat lag aan het besluit ten grondslag voor het college om toch medewerking te willen verlenen aan vergunningverlening voor de opvang?
Antwoord Het college heeft op 26 maart 2024 onder voorwaarden een positieve grondhouding aangenomen ten aanzien van het legaliseren van de logeeropvang en de bewoning van de twee bedrijfswoningen op dit adres door middel van een Buitenplanse Omgevingsplanactiviteit (BOPA).
Bij het uitspreken van de positieve grondhouding heeft de monumentale status van de boerderij een belangrijke rol gespeeld. Herbestemming (mogelijk als logeeropvang) is een logisch gevolg van de monumentale status.
Vraag 2 In hoeverre zijn de belangen van de bewoners van Zeestraat 52a hierbij meegewogen die direct naast de opvang wonen en daar veel overlast van ervaren wat ook tot fysieke klachten heeft geleid?
Antwoord Voorafgaand aan het innemen van een positieve grondhouding heeft het college een zorgvuldige en integrale belangenafweging gemaakt, op basis van de informatie die beschikbaar is en verwacht mag worden in de fase van een principeverzoek. Daarbij zijn voorwaarden geformuleerd die recht doen aan de belangen van de bewoners van Zeestraat 52A.
Vraag 3 Welke omstandigheden hebben ertoe geleid dat er tot op heden nog steeds geen besluit op de aanvraag voor de omgevingsvergunning is genomen en wat is de huidige stand van zaken?
Antwoord De behandeling van de aanvraag is complex en vergt aanvullende onderzoeken en afstemming. Op dit moment wordt de aanvraag inhoudelijk verder beoordeeld. Er is nog geen definitief besluit genomen.
Vraag 4 In hoeverre en op welke manier wordt er rekening gehouden met de belangen van de bewoners van Zeestraat 52a in de vertraging van vergunningverlening, gelet op het feit dat zij op het moment al 1,5 jaar buiten spel staan doordat er enerzijds niet gehandhaafd wordt (als gevolg van concreet zicht op legalisatie) en doordat er anderzijds nog geen besluit ligt?
Antwoord Het college is zich bewust van de positie van de bewoners van Zeestraat 52A. Hun belangen worden betrokken bij zowel de voortgang van de vergunningprocedure als bij de afweging omtrent handhaving, binnen de juridische mogelijkheden die gelden bij concreet zicht op legalisatie.
Pagina 2 van 6
Vraag 5 In de aanvraag voor de omgevingsvergunning wordt ook verzocht om de drie agrarische woningen op het perceel van de Zeestraat 54 te vergunnen als burgerwoningen. Waarom zouden burgerwoningen hier (mede gelet op de richtafstand uit de VNGbrochure van minimaal 30 meter tussen een kinderopvang en woningen) kunnen worden toegestaan en wat is het verschil met de woning op Zeestraat 52a die ‘slechts’ als plattelandswoning kon worden bestemd wegens de omliggende agrarische bedrijvigheid?
Antwoord De beoordeling van de aangevraagde burgerwoningen vindt plaats op basis van het omgevingsplan, relevante beleidskaders en een integrale belangenafweging. Of en onder welke voorwaarden burgerwoningen hier kunnen worden toegestaan, maakt onderdeel uit van de lopende beoordeling en staat op dit moment nog niet vast.
Vraag 6 In het voornemen tot legalisatie van de opvang worden voorschriften genoemd die aan de omgevingsvergunning zullen worden verbonden. In hoeverre is het college voornemens om ook daadwerkelijk ambtshalve op deze voorschriften te gaan handhaven of zal het aan de bewoners van Zeestraat 52a zijn om een handhavingsverzoek in te dienen (met het risico dat daar jarenlang niets mee wordt gedaan)?
Antwoord Indien een omgevingsvergunning wordt verleend, zal het college toezien op naleving van de daaraan verbonden voorschriften.
Vraag 7 Is het college van mening dat de voorschriften die aan de omgevingsvergunning zullen worden verbonden eenduidig te interpreteren en daardoor handhaafbaar zijn en waarom?
Antwoord Het college streeft ernaar voorschriften zodanig te formuleren dat deze duidelijk, objectief toetsbaar en handhaafbaar zijn. Dit wordt nadrukkelijk betrokken bij de besluitvorming over de vergunning.
Pagina 3 van 6
Vraag 8 De eigenaresse van de opvang heeft aangegeven het perceel incl. de opvang te willen verkopen zodra deze gelegaliseerd is. Is het college zich ervan bewust dat er een gigantische waardevermeerdering plaatsvindt als de omgevingsvergunning wordt verleend (ten koste van omliggende percelen/woningen zoals die van de bewoners van Zeestraat 52a die juist flink in waarde zullen dalen) en is het college voornemens op een mogelijke verkoop te anticiperen door de omgevingsvergunning bijvoorbeeld persoonsgebonden te maken?
Antwoord Het college is zich ervan bewust dat vergunningverlening financiële effecten kan hebben. Bij de beoordeling van de aanvraag wordt echter primair getoetst aan het geldende ruimtelijke en juridisch kader.
De Omgevingswet biedt het bevoegd gezag de mogelijkheid om een omgevingsvergunning persoonsgebonden te verlenen indien de persoon van de vergunninghouder van belang is voor de toepassing van de regels over het verlenen of weigeren van de vergunning. Of daarvan in dit geval sprake is, maakt onderdeel uit van de lopende beoordeling en is op dit moment nog niet vastgesteld.
Vraag 9 Er staan op het moment nog 2 paarden naar men zegt voor therapeutisch gebruik voor de kinderen. Dit zijn echter dezelfde paarden die eerder in het pension stonden en van particulieren waren. Wordt hierop toegezien door het college?
Antwoord Het college ziet toe op naleving van de regels van het omgevingsplan en vergunningvoorschriften. Indien signalen aanleiding geven tot toezicht of handhaving, wordt daarop gehandeld binnen de gebruikelijke kaders.
Vraag 10 Is het college zich bewust van de gevolgen voor de gebruiksmogelijkheden van de omliggende percelen van de bewoners van Zeestraat 52a, in die zin dat agrarische activiteiten worden beperkt/geblokkeerd wegens spuitdrift (een afstand van minimaal 50 meter wordt doorgaans niet onredelijk geacht)?
Antwoord De mogelijke gevolgen voor de gebruiksmogelijkheden van omliggende percelen worden betrokken bij de ruimtelijke beoordeling van de aanvraag, waaronder aspecten als milieuzonering en agrarische bedrijfsvoering.
Vraag 11 Betrekt het college in de belangenafweging dat het niet om een ‘normale’ kinderopvang gaat maar om een opvang van autistische kinderen, kinderen met ADHD of kinderen met een ontwikkelstoornis en dat deze opvang daarom tot meer overlast leidt dan een opvang voor kinderen zonder autisme, ADHD of een ontwikkelstoornis?
Pagina 4 van 6
Antwoord Bij de belangenafweging wordt gekeken naar de aard en omvang van de activiteit en de ruimtelijke effecten daarvan.
Pagina 5 van 6
Vraag 12 Een deel van het perceel van de Zeestraat 54B moet volgens het omgevingsplan worden gebruikt als agrarische bollengrond. Het legaliseren van de opvang staat hier haaks op en is bovendien in strijd met de Intergemeentelijke Structuurvisie Greenport Duin- en Bollenstreek.…
Bekijk de brief: 20260224 6 Raadsbrief beantwoording vragen Zeestraat 52A
Bron: raadsinformatie van de gemeente Noordwijkerhout (Open Raadsinformatie). De vragen en antwoorden zijn automatisch uit de brief gelezen; het origineel is leidend.