20260317 2 Raadsbrief beantwoording vragen Overlast ratten
Een raadslid stelde op 18 februari 2026 schriftelijke vragen aan het college van burgemeester en wethouders van Noordwijkerhout.
Brief van het college
Deze brief is niet in losse vragen en antwoorden uit te lezen. Hieronder staat de tekst; het origineel staat via de link.
Aan de leden van de gemeenteraad
Voorstraat 42 2201 HW Noordwijk Postbus 298 2200 AG Noordwijk
Noordwijk, 3 maart 2026 T +31 (0)71 36 60 000
Uw brief van Zaaknummer Verzenddatum Onderwerp Bijlage(n)
: 18-02-2026 : 1166956 :: schriftelijke vragen - Overlast ratten :-
[email protected] www.noordwijk.nl
KvK nummer 73538469 BTW NL8257.92.150.B01 IBAN NL34BNGH0285044621 BIC BNGHNL2G
Geachte leden van de gemeenteraad, Op 18 februari 2026 ontvingen wij van Fractie CDA de volgende schriftelijke vragen ingevolge artikel 32 Reglement van Orde. In deze brief worden de vragen beantwoord.
Aanleiding In diverse buitengebieden binnen de gemeente is sprake van ernstige en toenemende rattenoverlast.
De overlast breidt zich inmiddels uit richting woonwijken, wat leidt tot zorgen over gezondheid, veiligheid en schade aan eigendommen.
Van belang om te weten is dat agrariërs in deze buitengebieden reeds uitgebreide preventieve maatregelen treffen om rattenoverlast te voorkomen. Zo wordt onder andere: -
Voer opgeslagen in afgesloten, knaagdierbestendige silo’s en containers Gemorst voer dagelijks opgeruimd Erven schoon en vrij van afval gehouden Mest tijdig afgevoerd of afgedekt opgeslagen Voerplaatsen voor vee zoveel mogelijk afgeschermd Periodiek professionele ongediertebestrijding ingezet Actief gecontroleerd op holen, looproutes en schuilplaatsen
Ondanks deze inspanningen blijft de rattenpopulatie groeien en zich verplaatsen richting woongebieden. Dit wijst erop dat aanvullende maatregelen noodzakelijk zijn, mogelijk ook in de openbare ruimte.
Vragen ingevolge artikel 32 Reglement van Orde Vraag 1:
Is de gemeente bekend met de aanhoudende rattenoverlast in de buitengebieden?
Antwoord 1:
Het college heeft geen signalen of meldingen ontvangen van aanhoudende rattenoverlast in de buitengebieden. Ratten horen van nature bij onze leefomgeving. Het voorkomen van plagen vraagt om zorgvuldig omgaan met voedselresten, geen afvalzakken op straat zetten en het dichten van schuilplaatsen.
Vraag 2:
Erkent de gemeente dat agrariërs reeds vergaande preventieve maatregelen treffen?
Antwoord 2:
Het college waardeert het dat agrariërs preventieve maatregelen treffen. Ratten worden immers aangetrokken door voedselbronnen waaronder diervoer, voedselresten, compost, fruitbomen, moestuinen en afval. De vergaande getroffen maatregelen voor het bestrijden van ratten op particulier terrein is passend bij de verantwoordelijkheid van de eigenaren.
Vraag 3:
Welke aanvullende acties acht de gemeente noodzakelijk buiten de agrarische erven?
Antwoord 3:
In de openbare ruimte richten wij ons primair op het voorkomen van overlast. Het college ziet op dit moment geen noodzaak voor aanvullende maatregelen buiten de agrarische erven.
Vraag 4:
Wordt er extra ingezet op bestrijding in de openbare ruimte, zoals bij watergangen, bermen en infrastructuur?
Antwoord 4:
Nee, het college zet zich niet in op extra bestrijding maar richt zich in de openbare ruimte vooral op preventie.
Vraag 5:
Is er overleg met het waterschap over rattenproblematiek langs sloten en waterlopen?
Antwoord 5:
Bij rattenproblematiek is het van belang onderscheid te maken tussen drie verschillende soorten. De bruine rat, de beverrat en de muskusrat. De bruine rat komt met name voor in stedelijk gebied en rondom bebouwing. Voor de beheersing in de openbare ruimte is de gemeente verantwoordelijk, op particulier terrein zijn de grondeigenaren zelf verantwoordelijk.
De muskusrat en de beverrat leven in en langs watergangen en kunnen door hun graafactiviteiten schade veroorzaken aan oevers en waterkeringen.
Pagina 2 van 4
Voor deze twee soorten ligt de verantwoordelijkheid bij het waterschap (Hoogheemraadschap van Rijnland). Het Waterschap heeft een wettelijke taak om waterkeringen en oevers te beschermen en houden in dat kader de populaties van deze dieren beheersbaar. De uitvoering hiervan vindt plaats via de gezamenlijke organisatie Muskusrattenbeheer.
Op basis van de huidige meldingen is er geen aanleiding om overleg te voeren met het waterschap.
Vraag 6:
Wanneer wordt opgeschaald naar een gebiedsgerichte aanpak bij grootschalige overlast?
Antwoord 6:
Er wordt opgeschaald als de preventieve maatregelen in een gebied onvoldoende blijken te zijn en er een risico voor de volksgezondheid is.
Vraag 7:
Hoe worden bewoners van aangrenzende woonwijken actief geïnformeerd over preventie en melding mogelijkheden?
Antwoord 7:
Indien er sprake is van een risico voor de volksgezondheid kan daarvoor gericht over gecommuniceerd worden middels Gemeenteberichten, socials of huis aan huis brieven. Daar is nu alleen geen sprake van.
Vraag 8:
Wordt bij de bestrijding van ratten gewerkt volgens het principe van geïntegreerde plaagdierbeheersing (Integrated Pest Management)? Zo ja, op welke wijze wordt gecontroleerd dat deze werkwijze daadwerkelijk wordt toegepast en nageleefd?
Antwoord 8:
Bij bestrijding van ratten wordt gewerkt via de plaagdierbeheersing Integrated Pest Management (IPM).
IPM is een duurzame methode om plaagdieren te beheersen, gericht op preventie in plaats van directe bestrijding. Het combineert wering, inspectie en monitoring om problemen structureel op te lossen, met minimale milieu‑impact. IPM is verplicht wanneer chemische middelen worden ingezet.
Chemische bestrijdingsmiddelen mogen pas worden gebruikt nadat alle IPM-stappen zijn doorlopen en gerapporteerd, en alleen door gecertificeerde bedrijven. Als het nodig is om deze bestrijdingsmiddelen toe te passen, controleren wij of het bedrijf hiervoor gecertificeerd is. Voor mechanische middelen, zoals klemmen, is de IPM methode niet van toepassing.
De NVWA controleert bedrijven op het gebruik van chemische bestrijdingsmiddelen. Bij inspecties kan zij informatie opvragen bij plaagdierbeheersbedrijven om te beoordelen of volgens de regels wordt gewerkt; deze informatie moeten zij verplicht verstrekken.
Pagina 3 van 4
Vraag 9:
Kan het college inzicht geven in de aantallen ratten die in onze gemeente in de afgelopen drie jaar zijn bestreden, uitgesplitst per jaar? Tevens vernemen wij graag of er in onze gemeente überhaupt sprake is van actieve bestrijding van ratten, en zo ja, op welke wijze hieraan invulling wordt gegeven?
Antwoord 9:
De gemeente treedt alleen actief op wanneer ratten in grote maten aanwezig zijn in de openbare ruimte en daarmee een risico voor de volksgezondheid vormen. Ook dan ligt de focus eerst op duurzame preventieve maatregelen, zoals voorlichting of het plaatsen van borden om dieren niet te voeren. De meeste meldingen die binnen komen gaan over bruine ratten die zich bevinden op particulier terrein.
Aantallen meldingen over ratten binnen Fixi: -
2024: 42 meldingen (24 De Zilk, 5 Noordwijk, 13 Noordwijkerhout) 2025: 21 meldingen (4 De Zilk, 10 Noordwijk, 7 Noordwijkerhout) 2026 t/m heden: 4 meldingen (0 De Zilk, 3 Noordwijk, 1 Noordwijkerhout)
Vraag 10:
Welke maatregelen zijn er genomen om de rattenpopulatie omlaag te brengen?
Antwoord 10:
De gemeente heeft diverse preventieve maatregelen genomen om rattenoverlast te beperken. Dit omvat het informeren van bewoners over het verminderen van voedselbronnen (via brieven, Fixi‑reacties en borden “Voorkom overlast, voer niet”), rioolinspecties en benodigde reparaties, het plaatsen van ondergrondse containers en zelfpersende afvalbakken (Mr. Fill) en het vervangen van oeverconstructies.
Actief ingrijpen gebeurt alleen bij mogelijke gezondheidsrisico’s. In 2024 zijn in De Zilk vier afvangbakken geplaatst; in ruim een jaar werd slechts één bruine rat gevangen. Dit wijst erop dat in de wijk vermoedelijk voldoende voedselbronnen aanwezig waren.
Een maatregel die mogelijk kan bijdragen aan het terugdringen van de rattenpopulatie is het instellen van een voederverbod in de openbare ruimte. Een voederverbod werkt alleen als het voeren ook op particulieren gronden niet gebeurd. Dit betekent dat er geen wilde dieren zoals vogels en egels gevoerd mogen worden. Regelmatig komen er meldingen binnen over inwoners die dieren overmatig voeren, wat ook ratten kan aantrekken. Omdat er momenteel geen voederverbod geldt, kan hierop nog niet worden gehandhaafd. De bovengenoemde maatregel is op dit moment niet proportioneel in relatie tot de huidige situatie.
Hoogachtend, Burgemeester en wethouders van Noordwijk {{esl:Signer1:Capture:size(200,50)}}
{{esl:Signer2:Capture:size(200,50)}}
Mw. E.M. Overzier secretaris
mr. B.B. Schneiders waarnemend burgemeester
Pagina 4 van 4
Bekijk de brief: 20260317 2 Raadsbrief beantwoording vragen Overlast ratten
Bron: raadsinformatie van de gemeente Noordwijkerhout (Open Raadsinformatie). De vragen en antwoorden zijn automatisch uit de brief gelezen; het origineel is leidend.