7 juni 2026 · artikel 35-vragen · gemeente Ooststellingwerf

de formatie en de installatie van het college

Een raadslid stelde op 7 juni 2026 schriftelijke vragen aan het college van burgemeester en wethouders van Ooststellingwerf (6 vragen).

In het kort

6 vragen en wat het college antwoordt

  • In het advies van de verkenner is opgenomen om pas na vaststelling van de kadernota 2027 (nu voorzien op 30 juni a.s.) tot installatie van het nieuwe college over te… → Antwoord fractievoorzitter PRO dhr.
  • We hebben van de formateurs een uiteenzetting mogen ontvangen op het eerste gedeelte van hun opdracht, namelijk het coalitieakkoord. → De informateur mw.
  • Een zorgvuldig bestuur vereist een zorgvuldige start. → De concept portefeuilleverdeling is gepubliceerd bij de raadsvergadering van 11 juni.
  • Op basis van de portefeuille-inhoud kan een zorgvuldige integriteitsafweging worden gemaakt van degene die de betreffende wethouderspost gaat bekleden. → Bij de portefeuilleverdeling is rekening gehouden met de achtergrond van de betreffende collegeleden.
  • Kan de burgemeester aan geven wat hij – als hoeder van de integriteit in onze gemeente – heeft getoetst? → Heeft hij bij de individuele portefeuilleverdeling gekeken naar mogelijke integriteitsrisico’s en te nemen beheersmaatregelen?
  • Op welke wijze gaat het nieuwe college de te nemen beheersmaatregelen nakomen en naleven? → Op welke wijze wordt de gemeenteraad hierover geïnformeerd?

Overgenomen uit de brief van het college; hieronder staan de volledige vragen en antwoorden.

Aanleiding

Mededeling aan de raad Van Datum B&W Onderwerp Portefeuillehouder Domein

: : : : :

Burgemeester 9 juni 2026 beantwoording vragen D66 over de formatie en de installatie van het college J. Werkman Bestuur

Kennis te nemen van De beantwoording van de vragen van D66.

Inleiding Op 11 juni vindt de raadsvergadering plaats waarin de benoeming van de wethouders zal plaatsvinden.

Artikel 35 van de gemeentewet regelt de benoeming, schorsing en ontslag van wethouders. De benoeming gebeurt op voordracht van de raad. D66 heeft vragen gesteld over de formatie en de installatie van het college. Deze mededeling is gericht op beantwoording van deze vragen.

Kernboodschap

Vragen en antwoorden

Vraag 1

In het advies van de verkenner is opgenomen om pas na vaststelling van de kadernota 2027 (nu voorzien op 30 juni a.s.) tot installatie van het nieuwe college over te gaan. Met dit advies is niets gedaan?

Antwoord van het college

Antwoord fractievoorzitter PRO dhr. R. Berends In het advies van de verkenner was inderdaad aangegeven dat het nieuwe college na de behandeling van de Kadernota geïnstalleerd zou kunnen worden. Dit advies was gebaseerd op de input van de verschillende partijen en is in eerste instantie ook ons uitgangspunt geweest. Tijdens de onderhandelingen bleek echter, dat dit verliep in een goede, constructieve sfeer. Dat resulteerde er in, dat we eerder op het punt waren dat we constateerden dat ons proces was afgerond. Daarom is er toen voor gekozen, om niet nog langer te wachten maar het nieuwe college te installeren, zodat het nieuwe college ook aan de slag kan en kan beginnen met het inwerken vóór het zomerreces. De informatie die we kregen, was dat de Kaderbrief beleidsarm was. Hierin zagen we dus geen beletsel om deze al door een nieuw college te laten behandelen. Langer wachten had kortom geen meerwaarde gehad, maar had wel het proces vertraagd. Daarom is ervoor gekozen dit deel van het advies niet op te volgen, hoewel dit wel ons uitgangspunt was.

Vraag 2

We hebben van de formateurs een uiteenzetting mogen ontvangen op het eerste gedeelte van hun opdracht, namelijk het coalitieakkoord. Van het tweede gedeelte van de opdracht, rapporteren over de formatie, de samenstelling van het college en de verdeling van de portefeuilles missen wij het verslag. Wat is de status van deze uitwerking en wanneer gaan wij die schriftelijk ontvangen?

Antwoord van het college

De informateur mw. H. Janssen heeft aangegeven dat zij een toelichting geeft op het proces tijdens de raadsvergadering van 11 juni a.s. Daar is ook nog gelegenheid tot het stellen van vragen.

Vraag 3

Een zorgvuldig bestuur vereist een zorgvuldige start. Daarbij verzoeken wij u om conform art. 35 gemeentewet zorgvuldig en nauwkeurig uit te werken wat elke portefeuille gaat behelzen. Welke beleidsgebieden zijn aan de portefeuille toegewezen?

Antwoord van het college

De concept portefeuilleverdeling is gepubliceerd bij de raadsvergadering van 11 juni.

Deze wordt definitief vastgesteld in de collegevergadering van 16 juni 2026.

Vraag 4

Op basis van de portefeuille-inhoud kan een zorgvuldige integriteitsafweging worden gemaakt van degene die de betreffende wethouderspost gaat bekleden. Op welke wijze is persoonlijke invulling gegeven aan de portefeuilleverdeling?

Antwoord van het college

Bij de portefeuilleverdeling is rekening gehouden met de achtergrond van de betreffende collegeleden. Ook is rekening gehouden met de integriteitsanalyse die is opgesteld. Op een aantal

punten heb ik als burgemeester een verdergaand advies gegeven met betrekking tot de kandidaat wethouders en dit meegegeven aan de commissie geloofsbrieven.

Een essentieel onderdeel van het proces richting de benoeming van nieuwe wethouders is de uitvoering van de risicoanalyse integriteitstoets. Alle beoogde wethouders hebben deze toets doorlopen. Daarnaast heb ik met iedere kandidaat afzonderlijk een gesprek gevoerd over de uitkomsten hiervan. Dit heb ik gedaan vanuit mijn wettelijke taak en ambtsopdracht inzake integriteitsbevordering (artikel 170, tweede lid, Gemeentewet), alsmede vanuit de overtuiging dat een integer bestuur, boven elke twijfel verheven, van groot belang is. Op basis van de uitkomsten van de rapportages acht ik alle kandidaten benoembaar.

Kunt u bevestigen dat de individuele portefeuillehouders voldoen aan alle wettelijke vereisten gerelateerd aan de beoogde portefeuille, en daar ook op zijn getoetst? Op welke wijze wordt de gemeenteraad hier in meegenomen?

De wettelijke eisen voor een wethouder in Nederland zijn in de Gemeentewet (Artikel 36 en Artikel

10) vastgelegd. De kernvoorwaarden zijn:

• Ingezetenschap: Een wethouder moet inwoner (ingezetene) zijn van de betreffende gemeente.

De gemeenteraad kan hier echter ontheffing voor verlenen, initieel voor een jaar.

• Leeftijd: De wethouder moet minimaal achttien jaar oud zijn.

• Geen uitsluiting: De persoon mag niet zijn uitgesloten van het kiesrecht.

• Functiebeperkingen: Dezelfde persoon kan niet in meer dan één gemeente tegelijk wethouder zijn. Daarnaast is het ambt van wethouder onverenigbaar met het lidmaatschap van dezelfde gemeenteraad, het burgemeesterschap of een ambtenarenfunctie in diezelfde gemeente.

Vraag 5

Kan de burgemeester aan geven wat hij – als hoeder van de integriteit in onze gemeente – heeft getoetst?

Antwoord van het college

Heeft hij bij de individuele portefeuilleverdeling gekeken naar mogelijke integriteitsrisico’s en te nemen beheersmaatregelen?

Ja, daar is naar gekeken en dat is ook doorgevoerd in de verdeling van de portefeuilles. De conclusies uit de risicoanalyse integriteitstoets zijn gedeeld met de commissie geloofsbrieven.

Tevens zijn de geïdentificeerde beheersmaatregelen en aandachtspunten benoemd. Deze beheersmaatregelen en aandachtspunten worden vastgelegd en structureel geborgd binnen de organisatie.

Vraag 6

Op welke wijze gaat het nieuwe college de te nemen beheersmaatregelen nakomen en naleven?

Antwoord van het college

Op welke wijze wordt de gemeenteraad hierover geïnformeerd?

Zoals bij 6 aangegeven worden deze beheersmaatregelen geborgd binnen de organisatie. De commissie geloofsbrieven is hierover geïnformeerd.

Vervolg n.v.t.

Bijlagen -

Bekijk de brief: Mededeling aan de Raad - Beantwoording vragen D66 over de formatie en de installatie van het college

Bron: raadsinformatie van de gemeente Ooststellingwerf (Open Raadsinformatie). De vragen en antwoorden zijn automatisch uit de brief gelezen; het origineel is leidend.

Meer vragen aan het college van Ooststellingwerf

Alle artikel 35-vragen in Ooststellingwerf