23 april 2026 · artikel 35-vragen · gemeente Oude IJsselstreek

vragen n a v commissievergadering 16-04-2026.pdf

Een raadslid stelde op 23 april 2026 schriftelijke vragen aan het college van burgemeester en wethouders van Oude IJsselstreek.

Brief van het college

Deze brief is niet in losse vragen en antwoorden uit te lezen. Hieronder staat de tekst; het origineel staat via de link.

Op 16 april 2026 heeft de raad vragen gesteld betreffende de vast te stellen omgevingsplannen voor de locatie Hiddingdijk nabij nr. 12 in Varsseveld en de Kroezedijk t.o. nr 5 in Sinderen.

In deze brief willen wij u informeren over de beantwoording van deze vragen.

Locatie Hiddingdijk ong. nabij 12, Varsseveld:

Vragen vanuit de raad: 1.

Kan er alsnog een participatierapport worden verlangt en wat zijn de juridische consequenties en gevolgen dan voor het plan. 2.

Kwaliteit van het Caudatis, opsteller van de waterhuishoudkundige analyse wordt in twijfel gesteld. . Wordt hemelwater niet afgewenteld op de omgeving? 3.

Dat er gesproken wordt over een duiker in het rapport, leidt tot vragen.

Ad 1 Participatie Juridisch Je kan juridisch gezien nog aan participatie doen. Het college bereidt een plan voor en is verantwoordelijk voor de onderbouwing hiervan. De gemeenteraad kan het plan aanhouden of terugsturen naar het college als ze vinden dat de onderbouwing van het omgevingsplan onvoldoende is (bijv. wegens de motiveringsplicht van art. 10.2 lid 2 Omgevingsbesluit of het zorgvuldigheidsbeginsel).

De raad moet bestuursrechtelijk het verzoek/de opdracht tot nieuwe participatie of de motivering van de gedane participatie wel aan het college richten.

Aanvullende toelichting:

• Motiveringsplicht (art. 10.2 lid 2 Omgevingsbesluit): houdt in dat onderbouwd moet worden hoe is geparticipeerd en op welke wijze invulling is gegeven aan gemeentelijk participatiebeleid.

• Zorgvuldigheidsbeginsel: houdt in dat ze onvoldoende informatie hebben om een zorgvuldig besluit te nemen, omdat er bijv. met de participatie onvoldoende informatie is opgehaald.

De raad kan niet de ontwikkelaar rechtstreeks dwingen om (opnieuw) participatie te doen. Wat de raad wel kan doen:

• Informeel: het college vragen om de uitgevoerde participatie beter te motiveren OF aanvullend participatie te organiseren / laten organiseren Zo’n verzoek is niet formeel bindend, maar politiek wel zwaarwegend. Colleges gaan hier meestal in mee als duidelijk is dat het plan anders strandt.

• Formeel: het college opdragen (via motie/raadsbesluit) de uitgevoerde participatie beter te motiveren OF om aanvullend participatie te organiseren / laten organiseren.

In de Omgevingswet is bepaald dat participatie vorm vrij is. Hoe summier ook is aan deze voorwaarde voldaan en zoals eerder aangegeven verdient dit absoluut niet de schoonheidsprijs.

Naar aanleiding van het terinzage leggen van het ontwerp Tam-omgevingsplan zijn zienswijzen ingediend. De ingediende zienswijzen zijn verwerkt in de zienswijzennota en voor zien van beantwoording. De ingediende zienswijzen hebben niet tot een inhoudelijke wijziging van het plan gediend.

Naar aanleiding van de raadsvergadering hebben wij op 21 april 2026 een verslag en brief ontvangen van de adviseur van de initiatiefnemer. Het verslag en de brief zijn als bijlage toegevoegd.

Hieruit blijkt dat er door de initiatiefnemer wel aan participatie is gedaan. De brief is kort voor het terinzage gaan van het plan rond gestuurd aan de buurt.

Door dit plan niet vast te stellen, zal er sprake zijn van vertraging. Het opnieuw laten uitvoeren van participatie zal niet leiden tot een ander plan.

Ad 2 Water In het rapport van Caudatis, (Urban watermanagement, climate adaption and civil projectmanagement) is naar aanleiding van de ingediende zienswijze een waterhuishoudkundige analyse opgesteld.

Het hemelwater wordt op eigen perceel opgevangen en niet afgewenteld op de omgeving. Zoals uit het rapport blijkt wordt het terrein 60 cm opgehoogd en daarbinnen wordt het hemelwater opgevangen, zoals uit het rapport blijkt.

Dit rapport is door de waterdeskundige van de gemeente akkoord bevonden. Het gestelde dat er sprake is van broddelwerk is dan ook niet juist.

Ad 3 Duiker Ter hoogte van de Oostelijke Randweg is een watergang te zien die via een duiker onder de Oostelijke randweg doorloopt. De watergangen aan de zuidzijde van de Hiddinkdijk hebben geen directe verbinding van deze leggerwatergang. Afvoer vanuit de planlocatie naar de leggerwatergang vindt dus niet direct plaats.

Dit is het enige wat over de duiker wordt vermeld. Het hemelwater wordt op eigen perceel opgevangen en bij de bouwaanvraag wordt aangetoond hoe het vuilwater wordt afgevoerd.

Locatie Kroezedijk t.o. 5 Sinderen

Vragen vanuit de raad: 1.

Op basis van het Uitnodigingskader wonen buitengebied moet 8.000 m2 landschappelijk worden ingepast. In het rapport staat dat 6.500 m2 landschappelijk wordt ingepast. Hoe zit dat?

Ad 1 Aangezien maximale inhoud onder 500 m3 blijft, moeten 80 punten worden ingezet (hoofdstuk 4.4, blz. 11) van het uitnodigingskader wonen buitengebied. Het betreft echter een bestaand gebouw en daarom mag gerekend worden met 75% van het totaal (hoofdstuk 4.5 blz. 14). Dit resulteert in 60 punten.

Omdat het een nieuw erf betreft (hoofdstuk 4.3, blz. 12) dient per 25m3 te ontwikkelen woongebouw 25 m2 aan landschapselementen worden aangelegd. De woninginhoud mag niet meer bedragen dan 500m3. Hiervoor moet dus 500 m2 aan landschappelijke inrichting plaatsvinden.

In totaal moet dus 6.500 m2 aan landschappelijke inrichting worden gerealiseerd. Hieraan wordt voldaan.

met vriendelijke groet, Eibert Dokter Strategisch Adviseur Ruimtelijke Ordening

Bij vragen: bel: 06 1395 0955

Bekijk de brief: Beantwoording vragen n a v commissievergadering 16-04-2026.pdf

Bron: raadsinformatie van de gemeente Oude IJsselstreek (Open Raadsinformatie). De vragen en antwoorden zijn automatisch uit de brief gelezen; het origineel is leidend.

Meer vragen aan het college van Oude IJsselstreek

Alle artikel 35-vragen in Oude IJsselstreek