20 juni 2024 · artikel 35-vragen · gemeente Papendrecht

D01. 20240516 RIB 2e beantwoording vragen D66-fractie.pdf

Een raadslid stelde op 20 juni 2024 schriftelijke vragen aan het college van burgemeester en wethouders van Papendrecht.

Brief van het college

Deze brief is niet in losse vragen en antwoorden uit te lezen. Hieronder staat de tekst; het origineel staat via de link.

Aan de gemeenteraad De T datum behandeld door ons kenmerk doorkiesnummer onderwerp

16 mei 2024 M. van 't Verlaat 2023-0178445 6358 Nadere beantwoording vragen D66-fractie informatieverstrekking Omgevingswet

Geachte heer/ mevrouw, Door de D66-fractie is tijdens de oordeelsvormende vergadering van 15 februari jl. aangegeven dat de vraag over de informatieverstrekking rondom omgevingsvergunningen anders door het college is opgevat waardoor de vraag niet is beantwoord. Met behulp van de nadere uitleg die door de fractie van D66 is gegeven, poogt het college opnieuw antwoord te geven op de gestelde vraag.

Zoals het college de vraag nu begrijpt, is de D66-fractie van oordeel dat er sprake is van ongelijkheid van informatievoorziening omtrent omgevingsvergunningen vanwege bijvoorbeeld een nevenfunctie van een raadslid. D66 wil graag weten van het college of zij dit kan voorkomen.

Het college is van mening dat zij dit niet kan voorkomen. Immers feitelijk kan er sprake zijn van verschillende momenten waarbij een raadslid eerder informatie heeft of kan hebben over een omgevingsvergunningsaanvraag/ gewenste ontwikkeling dan de rest van de gemeenteraad. Wij geven u een aantal voorbeelden wanneer hiervan sprake zal zijn:

1. Initiatiefnemer van een aanvraag omgevingsvergunning is zelf raadslid bij de gemeente Papendrecht;

2. Een initiatiefnemer benadert uit zichzelf een raadslid als gevolg van zijn/ haar nevenfunctie bij een vereniging of stichting vanwege zijn/ haar expertise om zo bijvoorbeeld mogelijke bezwaren voor te zijn;

3. Een initiatiefnemer benadert vanwege het participatietraject voor de gewenste ontwikkeling diverse belanghebbenden en een raadslid is eigenaar/ bewoner van een omliggend pand dan wel de initiatiefnemer merkt een vereniging of stichting aan als belanghebbende waarvan een raadslid lid is;

4. Een initiatiefnemer benadert uit zichzelf een politieke partij of raadslid om als pleitbezorger voor zijn/ haar initiatief zorg te dragen bij de raad.

In al deze bovenstaande gevallen kan een raadslid dus eerder op de hoogte van een initiatief zijn dan de volledige gemeenteraad en is er dus sprake van ongelijkheid van informatievoorziening. Om ongelijkheid van informatiedeling vanuit het college zoveel als mogelijk te voorkomen zijn met de gemeenteraad de volgende afspraken gemaakt:

a. Wordt een initiatief ingediend bij de intake- of omgevingstafel dan wordt de uitslag van beide tafels met de gemeenteraad gedeeld.

b. Past een initiatief niet in het (tijdelijke) omgevingsplan en is er sprake van bindend adviesrecht dan wordt de aanvraag omgevingsvergunning direct na binnenkomst doorgezonden aan de raad zodat de gemeenteraad op de hoogte is van het initiatief.

Buiten de twee hierboven genoemde punten kan het college een mogelijk verschil in informatiepositie niet voorkomen. Daarnaast is het vanuit juridisch oogpunt nog belangrijk om te melden dat initiatiefnemer zelf verantwoordelijk is voor het participatieproces. Het college heeft niet de mogelijkheid om een aanvraag omgevingsvergunning te weigeren als gevolg van het door initiatiefnemer gehouden participatieproces. Het college is ook niet op de hoogte welke personen hebben deelgenomen aan het participatieproces (en dus of hier een raadslid bij betrokken was) en kunnen dit ook juridisch niet afdwingen.

Wellicht ten overvloede informeren wij u over het feit dat de regels omtrent belangenverstrengeling bij raadslidmaatschap zijn aangescherpt door de Wet bevorderen integriteit en functioneren decentraal bestuur. Als een raadslid een persoonlijk belang heeft bij een bepaalde kwestie moet hij/ zij voortaan niet alleen afzien van meestemmen maar ook van meedoen aan de beraadslaging over de kwestie.

Wij hopen uw vraag hiermee voldoende te hebben beantwoord.

Hoogachtend, Burgemeester en wethouders van Papendrecht, de locosecretaris, de locoburgemeester,

P. Naeije

A.M.J.M. Janssen

Bekijk de brief: D01. 20240516 RIB 2e beantwoording vragen D66-fractie.pdf

Bron: raadsinformatie van de gemeente Papendrecht (Open Raadsinformatie). De vragen en antwoorden zijn automatisch uit de brief gelezen; het origineel is leidend.

Meer vragen aan het college van Papendrecht

Alle artikel 35-vragen in Papendrecht