3 november 2025 · artikel 35-vragen · gemeente Reusel-De Mierden

Tweede bestuursrapportage (30 dgn)

Een raadslid stelde op 3 november 2025 schriftelijke vragen aan het college van burgemeester en wethouders van Reusel-De Mierden.

Brief van het college

Deze brief is niet in losse vragen en antwoorden uit te lezen. Hieronder staat de tekst; het origineel staat via de link.

Beantwoording Raadsvragen Onderwerp:

Datum vraag:

Tweede bestuursrapportage art. 33 RvO schriftelijke vragen 3 november 2025

Gesteld door:

Registratienr.:

Samenwerking 25.22444 /Z24002791

Type vraag:

Datum antwoord:

2 december 2025

Portefeuillehouder:

de heer F.P.M. Rombouts wethouder

Vraag Vraag A: 1.2.A.1: In hoeverre is het buurtpreventienetwerk sluitend in alle kernen?

Antwoord:

Buurtpreventienetwerk is in de kernen Hulsel en Lage Mierde dekkend. In Hooge Mierde is met name het buitengebied dekkend. In de dorpskern Hooge Mierde is er minder behoefte omdat daar de buurtpreventie met buurtverenigingen opgepakt wordt. Het buurtpreventienetwerk in Reusel is nagenoeg dekkend met uitzondering van het centrum.

Vraag B: N284. Er is een probleem ontstaan in het deel van de huidige rotonde bij Faes tot en met de nieuwe aansluiting in de nabijheid van het nog te ontwikkelen gebied voor huisvesting arbeidsmigranten. Hoe is de stand van zaken in deze?

Antwoord:

Provincie Noord-Brabant heeft het concept voorlopig ontwerp hiervan gereed en hierover is tijdens de Raadsinformatiebijeenkomst van 25 november een presentatie gegeven.

Vraag C: Jeugdbescherming. Toekomstscenario kind en gezinsbescherming. In de tekst staat: “De 1 e opdracht hierin voor gemeenten is het versterken van de basis middels 4 basisbouwstenen. Hier gaan we zowel regionaal als subregionaal invulling aan geven”. Wat wordt hiermee bedoeld wordt?

Wat zijn de 4 basisbouwstenen? Hoe is de stand van zaken met betrekking tot dit scenario?

Antwoord:

Het Toekomstscenario heeft als doel huiselijk geweld effectiever terug te dringen door een betere samenwerking tussen zorgpartners, waarbij zorg- en strafrechtelijke aanpakken worden afgestemd.

Het programma Toekomstscenario Zuidoost Brabant “veilig voor elkaar”” De eerste opdracht hierin voor gemeentes was het versterken van de basis middels de vier basisbouwstenen:

1. Sterk lokaal team

2. Verbinding met volwassen problematiek: ondersteunen van domein overstijgende samenwerking

3. Vakmanschap: integraal gezins- en mensgericht werken door middel van het opbouwen van een continu lerende omgeving in de regio

4. Bestuurlijke samenwerking Het programma toekomstscenario Zuidoost Brabant “veilig voor elkaar” is op de volgende wijze hiermee aan de slag gegaan:

Regionaal worden de 4 basisbouwstenen benut ten gunste van een regionaal zo uniform mogelijke werkwijze in 5 projecten:

1. Intensiveren van de samenwerkingsrelaties

2. Sterke lokale Teams

3. Werken met het thema veiligheid bij volwassenen

4. Meldcode

5. Werkwijze veiligheidsplannen

25.22444

*25.22444*

1

Subregionaal:

De burgemeester van Bladel vertegenwoordigt bestuurlijk de 5 gemeenten (Bladel, Reusel-De Mierden, Eersel, Bergeijk en Oirschot) in de regio van 21 gemeenten.

Afvaardiging in de 5 projecten geschiedt ook namens deze 5 gemeenten. De gemeente Reusel-De Mierden neemt bijv. deel aan de projecten Sterke Lokale Teams en de Werkwijze veiligheidsplannen.

Middels frequente werkbijeenkomsten zorgen we dat we binnen deze 5 gemeenten op de hoogte blijven van ontwikkelingen in de projecten. Ook regionaal volgen we de ontwikkelingen middels georganiseerde regionale terugkoppelmomenten.

Stand van zaken:

Er wordt actief toegewerkt naar meer uniformiteit in de regio door middel van leren van elkaar en actief samenwerken met elkaar.

Er zijn nog geen uniforme werkwijzen opgeleverd, hier wordt stapsgewijs naar toegewerkt in de projecten met afgevaardigden binnen de gehele keten binnen de gehele regio.

Uiteindelijke resultaat bevat in ieder geval een integrale aanpak binnen het Lokale Team met 1 aanspreekpunt, voor inwoners die kampen met onveiligheid in afhankelijkheidsrelaties, in plaats van een serie van geschakelde zorgdiensten zonder samenhang.

Vraag D: In een werkbijeenkomst van/met de gemeenteraad hebben we vernoemen dat het middelengebruik en de verveling onder jongeren toeneemt. Hoe wordt dit verklaard?

Antwoord:

De context van de vraag kennen we niet en de vraag is niet eenvoudig te beantwoorden. Daarom hebben we gekozen voor een brede insteek en daarmee uitgebreide beantwoording.

De toename van middelengebruik (alcohol en drugs) onder jongeren hangt samen met een combinatie van factoren zoals: mentale druk en mentale gezondheid, sociale invloeden zoals groepsdruk, social media, vrienden, rolmodellen en het altijd ‘aan staan’.

Ook wordt drugsgebruik via sociale media en veranderde uitgaansculturen genormaliseerd en met name harddrugs zijn gemakkelijker verkrijgbaar dan voorheen.

Social media zorgt tevens steeds vaker voor een overdosis aan dopamine door bijv tiktok, korte reels (korte filmpjes van 90 sec.), games, pushmeldingen enzovoort. Dit leidt er dan weer toe dat jongeren een hogere en snellere behoefte hebben aan intensere prikkels (kicks). Maar zeker ook een lagere tolerantie voor verveling, meer zoekgedrag naar beloningen en impulsiever gedrag.

Het begrip verveling dekt overigens niet volledig de lading: het gaat eerder om een toenemend gebrek aan verbinding binnen gezinnen, met de leefomgeving en met betekenisvolle vormen van vrije tijd.

Vraag E: 8.1.E.1 Gebiedsvisie Wellenseind: Dit wordt een onderdeel van de GGA Kempenland-West.

Hier zouden we graag verduidelijking in willen hebben, gezien het feit dat een GGA voornamelijk over de waterhuishouding en belasting van N2000 gebieden gaat. Een Gebiedsvisie is toch meer dan een GGA?

Antwoord:

Eind 2024 hebben de verschillende overheden en de gebiedspartners het Koersdocument Gebiedsgerichte Aanpak Kempenland-West opgeleverd en ter kennisname aan de gemeenteraad aangeboden.

Dit koersdocument beschrijft de ontwikkelrichting voor het landelijk gebied, met nadruk op het behalen van natuur- en wateropgaven, het sturen op water en bodem voor ruimtelijke inrichting en het perspectief voor de landbouw. Echter moeten deze bezien worden in samenhang met andere ruimtelijke uitdagingen, zoals energievoorziening, infrastructuur en woningbouw. Het koersdocument geeft richting aan de ruimtelijke ontwikkeling in de deelgebieden van Kempenland-West, waaronder de Landgoederenzone. Het koersdocument geeft duidelijke kaders, principes en uitgangspunten wat helpt bij het maken van keuzes.

Dit koersdocument vormt samen met onder meer provinciaal beleid de basis voor de gebiedsvisie en dus ook voor het gebiedsvisie/plan van de landgoederen.

25.22444

*25.22444* 2

Vraag F: Hoe kijkt het College aan tegen de samenwerkingen met de andere Kempengemeenten op beleidsterreinen buiten de GR’ en om? We zien namelijk steeds vaker dat doelstelling is om gezamenlijk plannen te ontwerpen waar vervolgens de andere gemeenten vooraf of tussentijds afhaken/veranderen van koers (denk maar aan het grondstoffencentrum en de ontwikkelstrategie).

Antwoord:

Politieke vraag Vraag G: 1.2.B.1 inzet boa’s. Kan er een overzicht worden verstrekt waarin de inzet en prioriteit van boa’s wordt onderverdeeld in verschillende onderwerpen/taken: o.a. parkeren, afval/milieu, APV, verkeer, evenementen, openbare ruimte, overlast op straat, etc.) Antwoord:

Jaarlijks informeren we uw raad over de inzet en prioriteit middels twee raadsinformatienota’s: één over het jaarverslag VTH en één over het uitvoeringprogramma VTH. Middels de RIN van 17 december 2024 hebben we uw raad geïnformeerd over het uitvoeringsprogramma 2025. En in de RIN Jaarverslag VTH 2024 van 30 april 2025 is vervolgens een overzicht gegeven van inzet en prioriteit van de BOA’s over het jaar 2024. Binnenkort informeren we u over het uitvoeringsprogramma VTH voor 2026.

Vraag H: Wat is de stand van zaken m.b.t. onze zogenoemde ‘fietskronkel’?

Antwoord:

De conceptontwikkeling ‘Fietskronkels’ en de formulering van kwaliteitscriteria heeft plaatsgevonden zodat er doorontwikkeling van het concept per gemeente kan plaatsvinden. In maart 2026 wordt de eerste Fietskronkel geopend in pilotgemeente Bergeijk. Voor Reusel-De Mierden bleek het moeilijk locaties te vinden waar werk-met-werk mogelijk is, maar op dit moment worden de mogelijkheden op een specifieke locatie verder verkend. Gezien het beoogde perceel valt onder Natuur Netwerk Brabant (NNB), zijn we in afwachting van de bereidheid tot medewerking van de provincie.

Vraag I: Welke acties zijn er de afgelopen twee jaar ondernomen om het bedrijventerrein Lange Voren te transformeren naar woningbouw? Hoe is de gemeente bijvoorbeeld omgegaan met kansen die zich hebben voorgedaan van bedrijven die zijn gestopt of waarvan panden te koop hebben gestaan?

Antwoord:

Ten aanzien van de schaalsprong bezien we continue welke locaties kansrijk zijn voor transformatie.

Dit vindt ook nog zijn plek in de nog vast te stellen omgevingsvisie, (begroting 2026). De concrete beantwoording van deze vraag bevat een vertrouwelijke component die niet past bij het openbare karakter van dit stuk. Indien u toch beantwoording wenst, kunnen we dit op een separate wijze in vertrouwelijkheid organiseren.

Vraag J: Op 1 januari 2026 treedt de Wet integrale suïcidepreventie in werking.…

Bekijk de brief: 25.22444 Beantwoording raadsvraag Samenwerking inzake Tweede bestuursrapportage (30 dgn)

Bron: raadsinformatie van de gemeente Reusel-De Mierden (Open Raadsinformatie). De vragen en antwoorden zijn automatisch uit de brief gelezen; het origineel is leidend.

Meer vragen aan het college van Reusel-De Mierden

Alle artikel 35-vragen in Reusel-De Mierden