de Programmabegroting 2026 definitief 17102025
Een raadslid stelde op 4 november 2025 schriftelijke vragen aan het college van burgemeester en wethouders van Rheden (1 vragen).
In het kort
1 vragen en wat het college antwoordt
- Overgang per 1 januari 2026 naar nieuwe afvalinzamelingspartner Circulus. → Over afvalstoffenheffing en reinigingsrechten wordt aan de inwoner geen BTW in rekening gebracht.
Overgenomen uit de brief van het college; hieronder staan de volledige vragen en antwoorden.
Aanleiding
Vragen over de Programmabegroting 2026 Leeswijzer: Dit document geeft overzicht van de schriftelijke vragen en antwoorden bij de Programmabegroting 2026.
Vragen fractie Volkspartij Politiek Rheden Nr.
Verwijzing
Vraag
Antwoord
1.
P24 – Gezonde keuzes zijn …etc
7. We stellen in 2024 een nieuwe sportaccommodatievisie op welke we begin 2025 vaststellen.
Dit was een prestatie voor 2025 die per abuis is meegenomen in de begroting 2026.
Waarom staat dit in de begroting? 2.
P25 – Vergroten kans jeugdigen….
We ontwikkelen een laagdrempelige groepstraining voor kinderen tussen de 12 en 18 jaar met sociale/emotionele vraagstukken waarbij ze ondersteuning nodig hebben.
Kunt u dit toelichten? Wie, wat, hoe, waar…?
Met de BOOST training zetten we in op het vroegtijdig ondersteunen van jongeren die dreigen vast te lopen. Door in een veilige groepssetting met leeftijdsgenoten in gesprek te gaan, oefeningen te doen en door henzelf bedachte activiteiten uit te voeren, krijgen zij de kans om te delen wat hen bezighoudt én te ontdekken wat hun wensen en talenten zijn.
Het gaat om 8 tot 10 bijeenkomsten voor jongeren en een tot drie bijeenkomsten voor ouders.
De trainingen worden gegeven door team Jeugdwerk van Incluzio Rheden in samenwerking met lokale jeugdhulppartijen.
3.
P26 – als gemeente garanderen we…
In 2026 vindt 45% van de inwoners de voorzieningen om elkaar te ontmoeten in de gemeente voldoende.
Hoe komt u aan het percentage 45%? Waarop is dat gebaseerd?
1
Eind 2024 heeft de nulmeting op deze vraag plaatsgevonden via Rheden Spreekt, deze kwam uit op 42%. Gezien de huidige ontwikkelingen verwachten we dit percentage met een kleine stijging vast te houden voor 2026.
Nr.
Verwijzing
Vraag
Antwoord
4.
P28 – Gespecialiseerde hulp is beschikbaar ….
Welke portefeuillehouder is verantwoordelijk voor Jeugdhulp? Nu staat aangegeven dat dit Paul Hofman is.
Dit onderwerp in de begroting – gespecialiseerde hulp... - betreft Wmo en jeugdhulp. In de software kan maar een persoon aangewezen worden als verantwoordelijke. Wethouder Ronald ter Hoeven is in de praktijk verantwoordelijk portefeuillehouder voor jeugdhulp.
5.
P30/31 – BestaanszekerheidTabel wat mag het kosten
Waarom ontbreken de baten in de tabel? Hoe kunnen wij dan controleren of er (on)voldoende baten tegenover de lasten staan?
Zie het antwoord op de vraag met gelijke strekking, vraag 33.
6.
P30/31 – BestaanszekerheidTabel wat mag het kosten…
Vragen en antwoorden
Vraag 1
Overgang per 1 januari 2026 naar nieuwe afvalinzamelingspartner Circulus. Dit brengt extra kosten met zich mee. 18. P73 - Afvalstoffenheffing Wordt over de afvalstoffenheffing en reinigingsrechten allebei 21% BTW geheven en komt dit voor de inwoners nog bovenop nog bovenop de genoemde 25%?
Antwoord van het college
Over afvalstoffenheffing en reinigingsrechten wordt aan de inwoner geen BTW in rekening gebracht.
Waar wordt de grote sprong van 5.990 (B 2025) naar 9.977 (B 2026) (en saldo van -5.726 naar 9.247) door veroorzaakt?
We verwijzen naar de beantwoording van vraag 11 (van fractie VPR).
Mogen wij ervan uitgaan dat die panden in de jaarrekening van 2025 worden verantwoord en ook terugkomen (in de lijst) in de begroting 2027?
Dat is wel de inzet. Zoals in de begroting ook opgenomen is het op orde brengen van de basis ook bij Vastgoed een doelstelling.
Vragen fractie VVD Fractie 19.
Blz. 51, bovenaan in de tabel, B 2024 – 2027 resp 6.766, 5.990, 9.977 en 6.827.
20.
Blz. 88, lijst van gebouwen in eigendom van de gemeente.
Geconstateerd dat de in erfpacht uitgegeven gebouwen (voorbeeld Paperclip Velp, Parkhuis De Steeg) niet in de lijst staan en niet in de jaarrekening 6
Nr.
Verwijzing
Vraag
Antwoord
worden verantwoord, terwijl er wel ambtelijke capaciteit aan wordt besteed en ze een waarde vertegenwoordigen. 21.
Op pagina 8 van de Programmabegroting staat dat het veiligheidsgevoel in de gemeente stabiel blijft.
Kan het college aangeven of deze ontwikkeling ook zichtbaar is in verschillende doelgroepen, bijvoorbeeld naar leeftijd en geslacht?
Nee, deze data zijn niet beschikbaar.
22.
Op pagina 23 worden opnieuw besparingsmogelijkheden genoemd, waaronder de samenwerkingsmogelijkheden voor Sport in Rheden
Deze stonden ook al in de Programmabegroting 2025. Is dit onderzoek inmiddels uitgevoerd, wat zijn de resultaten en hoe zorgt het college ervoor dat hier snel vervolgacties op worden gezet?
Dat klopt. Een deel van de maatregelen zijn inmiddels ook doorgevoerd en een deel loopt nog. Het onderzoek voor samenwerkingsmogelijkheden zijn wij in 2025 gestart met Sportbedrijf Arnhem. We hebben 3 scenario's onderzocht:
1. Ad-hoc samenwerking
2. Samenwerkingsovereenkomst met resultaatafspraken
3. Volledige fusie Wij willen vanaf 1 januari 2026 aan de slag met scenario 2 (samenwerkingsovereenkomst). Ondertussen doen we ook nog verder onderzoek naar scenario 3 (vergt meer tijd).
In Q4 2025 informeren wij de Raad uitgebreider over de uitkomsten.
23.
Op pagina 57 lezen wij dat de keuze is gemaakt om terug te gaan naar één dienstverleningslocatie voor inwoners en andere locaties te sluiten, waarbij vervangende vervoersmogelijkheden worden geboden.
Bij eerdere behandeling van dit onderwerp is aangegeven dat er een onderzoek naar de consequenties van dit voornemen zou gaan plaats vinden. Is onderzoek uit gevoerd en wat zijn de kosten van deze vervoersmogelijkheden, en zijn deze kosten volledig opgenomen in de Programmabegroting?
Deze kosten zijn niet meegenomen in de Programmabegroting. Het college komt, bij de later dit jaar te behandelen dienstverleningsvisie, terug op het onderzoek. De te verwachten kosten schat zij in als niet significant.
24.
Op pagina 71 is de ontwikkeling van de lokale
Is het mogelijk om deze ontwikkeling ook inzichtelijk te maken voor 2026 (uiteraard met
De lokale lastendruk is voor 2026 nog niet te berekenen. Deze berekening is mede afhankelijk van de gemiddelde OZB-lasten en deze
7
Nr.
Verwijzing
Vraag
Antwoord
lastendruk weergegeven voor 2024 en 2025.
uitzondering van de vergelijking met andere gemeenten, omdat wij begrijpen dat dit niet door het college kan worden berekend)?
zijn nu niet inzichtelijk, omdat de gemiddelde waarde van een woning in de gemeente voor 2026 nog niet bekend is. Begin Q3-2026 is deze info beschikbaar.
25.
Het college stelt twee keer €100.000 beschikbaar voor de ontwikkeling van de dorpscentra. Dit is positief, zeker gezien de zorgen die er leven.
Wat is de onderbouwing van dit budget en hoe gaat het college samen met ondernemers en pandeigenaren zorgen voor een zo effectief mogelijke inzet van dit budget?
Deze middelen zijn bedoeld om concrete, zichtbare acties te realiseren die bijdragen aan de vitaliteit, aantrekkelijkheid en toekomstbestendigheid van de dorpskernen. De inzet van het budget gebeurt in nauwe samenspraak met lokale ondernemersverenigingen en de centrummanagers. Het bedrag is een eerste aanzet, bedoeld om het gesprek en de samenwerking om te zetten in zichtbare resultaten die bijdragen aan levendige, aantrekkelijke dorpsharten.
26.
Op meerdere plaatsen in de begroting worden de resultaten van berap 1 gebruikt en op andere plaatsen berap 2.
Wat zijn de effecten op de begroting na verwerking van de resultaten van berap 2?
Bij de programma’s zijn in de tabellen ‘Wat mag het kosten’ in de kolom B2025 de ramingen van 2025 inclusief de 1e berap 2025 vermeld. In de ramingen voor 2026 zijn de structurele effecten van 1e en 2e berap 2025 verwerkt.
27.
Pagina 12 staat toevoeging budget Hoofdstraat toevoeging van €50K.
Wat is het totale budget wat ter beschikking staat voor de aanpassingen van de hoofdstraat in Velp?
Er is nu per jaarschijf 50k beschikbaar.
28.
Pagina 13 het schrappen bijdrage algemene reserve wordt onderbouwd door verhogen weerstandsrisico.
Dit wordt vooral veroorzaakt door het naar beneden brengen van de risico reserve.
Wat is de onderbouwing dan de risico reserve van €9.9 M 2025 naar beneden wordt bijgesteld naar €9M voor 2026 en welk risico lopen we hierbij? Het niet doen van een dotatie in de algemene reserve leidt ertoe dat jaar resultaat 2026 en 2027 positief zijn. Is dat wenselijk?
De verlaging van 850k heeft vooral betrekking op verlaging risico m.b.t. algemene uitkering. Dit risico is met 500k verlaagd omdat we in de begroting al rekening houden met afbouw van de suppletieuitkering. Daarnaast is het risico m.b.t. meerkosten als gevolg van inflatie en CAO-ontwikkelingen van 300k volledig geschrapt; we hebben de raming salariskosten rekening gehouden met de nieuwe CAO en daarnaast is er een ruime stelpost voor prijsstijgingen opgenomen (van 600k naar 2.100K). Het schrappen van de dotatie aan de algemene reserve (AR) in de jaren 2026 en 2027 achten wij gezien de omvang van de AR en ontwikkeling risicoprofiel verantwoord.
8
Nr.
Vraag
Antwoord
29. Pagina 66 toelichting.
Financiële mutaties t.o.v.
Kadernota 2026.
Onder welk taakveld worden de baten op beheer overige gebouwen gronden in vorige P&C documenten verantwoord?
Deze zijn steeds verantwoord op taakveld 0.3 ‘Beheer overige gebouwen en gronden’. In eerdere documenten werden deze verantwoord onder programma 2 Leefomgeving. Deze staan nu op programma 3 bestuur en organisatie.
30.
Pagina 49 tabel . Uitgangspunt bij afval, riolering en ook milieu is dat deze kostendekkend zijn. In tabel zien we voor alle drie de taakvelden dat de baten (aanmerkelijk) hoger zijn dan de lasten
Wat is de reden dat voor taakveld 7.2 , 7.3 de baten hoger zijn dan de lasten en voor taakveld 7.4 de lasten hoger zijn dan de baten?
De tabel op pag. 49 vermeldt sec de lasten en baten van de taakvelden 7.2 en 7.3. In de berekening van de 100% kostendekkendheid worden naast de lasten van taakvelden 7.2 en 7.3 ook, zoals gebruikelijk, overige lasten meegenomen, zoals (compensabele) BTW en kwijtschelding. In de paragraaf lokale heffingen op pag. 72 en 73 staan de totaal te dekken kosten voor respectievelijk afval en riool vermeld.
Pagina 30 tabel.
Wat is de onderbouwing hiervan gezien de informatie uit de RIB van september 2025?
31.
Verwijzing
Bij taakveld 6.751 zien we een grote toename in de lasten.
Taakveld 7.4 milieubeheer bestaat hoofdzakelijk uit energietransitie en omgevingsdienst ODRA. De energietransitie kent opbrengsten SPUK, de ODDRA is een wettelijke taak en opbrengsten zijn nihil.
We gaan over tot het toepassen van de nieuwe IV3-indeling. Voorheen werkten we met twee taakvelden (6.72 Maatwerkvoorzieningen 18en 6.82 Geëscaleerde hulp 18-).
In de nieuwe indeling werken we met meer taakvelden dan voorheen, namelijk 6.22, 6.751 t/m 6.763, 6.792, 6.821, 6.822 en 6.92. Bij het verdelen van de begrootte lasten over deze nieuwe taakvelden is een inschatting gemaakt. We verwachten in het komende jaar te komen tot een meer realistische verdeling van bedragen over deze taakvelden.
Waar nodig passen we dit aan in de 1e Berap en bij de kadernota van 2027.
Bij het opstellen van de RIB Jeugd is ervoor gekozen om te vergelijken met de uitgangspunten van de kadernota 2026. Daarin was het effect van het doorvoeren van het nieuwe rekeningschema nog niet verwerkt. De correctie die plaats moet vinden (in de 1e Berap en de 9
Nr.
Verwijzing
Vraag
Antwoord kadernota 2027) wordt nader omschreven bij het antwoord op vraag 6.
32.
Pagina 30 tabel Taakveld 6.1 staat een bedrag genoemd voor 2026 van €4,083M. Op pagina 62 staat voor dit taakveld een bedrag van €14,062M.
33.
Pagina 30 tabel baten
Hoe verhouden deze twee getallen zich en wat is de onderbouwing van de genoemde bedragen?
De begroting in Rheden wordt opgebouwd aan de hand van programma’s. Binnen die programma’s worden baten en lasten weergegeven met de vermelding van het desbetreffende taakveld.
Op pagina 30 staan de baten en lasten die betrekking hebben op taakveld 6.1 voor zover die worden uitgevoerd binnen programma Samenleving. Op pagina 62 staan de baten en lasten die ook betrekking hebben op taakveld 6.1, maar die worden uitgevoerd binnen programma Bedrijfsvoering. Alle baten en lasten die genoemd worden op pagina 62 hebben betrekking op het programma Nieuwkomers.
Zijn er daadwerkelijk geen baten?
Bij de meeste taakvelden is er geen sprake van specifieke baten (zoals, inkomsten van inwoners, specifieke uitkeringen of subsidies). Deze lasten worden gedekt uit de algemene middelen (grotendeels uitkering gemeentefonds). Deze algemene middelen worden collectief opgenomen en niet per taakveld verdeeld.
Wat is de onderbouwing van deze verlaging en wat gaan we daarvoor (niet) doen?
Dit wordt vooral verklaard door de begroting van de maatschappelijke opgave Nieuwkomers die op taakveld 6.1 voor één jaar wordt opgenomen.
Is het mogelijk een overzicht te gegeven van de bedoelde ombuigingen en dat als bijlage toe te voegen aan de programma begroting zodat bij de monitoring dit overzicht kan worden gebruikt.
De monitor ombuigingen zoals we die dit jaar zijn gebruiken blijft ook in 2026 in gebruik.
Een groot aantal taakvelden blijken geen baten te hebben.
34.
Pagina 68 tabel.
Voor het jaar 2027 worden de lasten van programma 3 verlaagd met bijna €13M.
35.
Pagina 78.
Punt 1 ombuigingen
10
Nr.
Verwijzing
Vraag
Antwoord
36.
Pagina 80
Op pagina 80 wordt de algemene reserve neergezet op €21.391.568. Op pagina 93 staat de algemene reserve op €21.604.000. Op pagina 146 staat algemene reserve inclusief risico reserve genoemd op €21.604.000. Wat is nu het juiste getal en is het correct om de risico reserve als separaat deel op te nemen binnen de algemene reserve waardoor het saldo wordt vergroot?
Op pag. 80 is het begrote saldo van de algemene reserve (incl. risicoreserve) per 1-1-2026 weergeven en op pag. 93 het begrote saldo per 31-12-2026.
Vraag Bij de behandeling van de kadernota heeft de raad een motie aangenomen waarmee zij het college opdraagt "expliciet aandacht te besteden aan de rol en positie van jonge en toekomstige generaties binnen elk van deze vliegwielen" in de begroting. Dit zijn wij niet terug. Hoe heeft het college hier aandacht aan gegeven per vliegwiel?
Op een aantal plaatsen wordt verwezen naar het succes van de integrale wijkaanpak Stenfert (1) wat zijn feitelijk deze behaalde resultaten, voor wie ? (2) hoe definieert u Rheden-west? (3) welke resultaten zijn in 2025 en 2026 herhaalbaar in Rheden west met welk beoogd resultaat? (4) Wat is planning voor het starten van de wijkgerichte aanpak in Rheden West en Velp Zuid?
Antwoord De rol en positie van jonge en toekomstige generaties is uitgangspunt binnen de vliegwielen. Het klopt dat dit niet specifiek benoemd wordt in elk van de vliegwielen omdat het als uitgangspunt geldt.
Algemene reserve.
De risicoreserve hevelen we over naar de algemene reserve en kan als één totale algemene reserve worden beschouwd.
GroenLinks en PvdA 37.
Verwijzing Inleiding
38.
6 & 26 ea
11
(1) De werkwijze die in Stenfert wordt uitgevoerd, is fundamenteel anders dan veel organisaties gewend zijn. Het vraagt om:
- Vertrouwen geven aan professionals
- Durven loslaten van standaardprocedures
- Ruimte bieden voor maatwerk En bovenal: een interne verandering in denken en aansturing
Deze veranderingen zijn geen “pilot”, maar iets dat structureel in de organisatie wordt ontwikkeld en geborgd. Alleen zo ontstaat echte beweging. Dit is een weerbarstig proces – zeker binnen een gemeente
– maar het is noodzakelijk. Een reflex is vaak om te toetsen of bewoners “iets merken” van de integrale wijkaanpak. Maar juist daar moeten we ons niet op verkijken. Na twee jaar is er aan de buitenkant misschien weinig zichtbaar – en dat is logisch. Vertrouwen en verandering kosten tijd. De echte beweging vindt ook plaats achter de schermen, in de cultuur en structuren van organisaties. We houden koers en daarvoor moeten we vooral kritisch blijven kijken naar onze eigen manier van werken. Niet richten op ‘bewonerstevredenheid’ als meetlat, maar op de mate waarin organisaties echt anders durven samenwerken. Open, lerend, en gericht op lange termijn. Dieren is daarmee de proeftuin voor participatie en gebiedsgericht werken.
Niet als blauwdruk, maar als leerproces.
MEETBAAR Participatie Voor de inwoner tellen de tastbare resultaten. Binnen de Dorpendeal Dieren Stenfert zijn er met, van en door de inwoners de volgende resultaten behaald:
• Website Samenstenfert.nl voor informatie en platformfunctie.
• Vaste ontmoetingsplek Sterrenbos.
• Versterking professionele aanjager die aansluit bij de energie van de inwoners en hen ondersteunt bij het opzetten van de activiteiten. (website Samenstenfert.nl overzicht activiteiten).
• Zorgverbinder die expliciet 5 uur verbonden is aan de wijk Stenfert.
• Inzet ontmoetingswagen voor breed bereik inwoners.
12
•
•
Particulier groen; tuintjes: agenda werkgroep Energiek Stenfert.
Betrokken bij traject Ruimtelijke ontwikkelvisie voor de wijk Stenfert.
Gebiedsgericht en domeinoverstijgend
•
•
•
•
•
13
De Integrale Wijkaanpak heeft een plek gekregen in het Participatiebeleid. Hiermee is een eerste aanzet gegeven om gemeentebreed ruimte te maken voor structurele, gebiedsgerichte samenwerking. De instrumenten van de Omgevingswet, zoals gebiedsgerichte omgevingsprogramma's bieden de mogelijkheid om hier in brede zin voor onze gemeente invulling aan te geven.
Deelname gemeente Rheden aan programma Buurtsaam van Platform 31. De IWA-visie van Rheden op het inwonersperspectief is opgenomen in de Handreiking naar een sociaal-ruimtelijke agenda voor de leefomgeving in de wijk, link Handreiking naar een sociaal-ruimtelijke agenda voor de leefomgeving in de wijk.pdf (blz 14).
Het opstellen van het PVA voor de wijk Stenfert, op basis van de ruimtelijke ontwikkelvisie met voortzetting van het principe dat de ruimtelijke opgaves aansluit op de sociale opgaves. En in eerste plaats op het inwonersperspectief.
Bij de uitvoering van het PVA staat dit principe ook voorop.
Dit betekent gebiedsgericht werken met samenwerkende partijen zoals Vivare, en vanuit deze opgave zetten we het domeinoverstijgend werken voort.
Toegewezen subsidieaanvraag ZonMw ad € 20.000,00 voor de subsidieronde Wijkscan gezonde leefomgeving; bewegen en ontmoeten voor ouderen. Deze is tot stand gekomen door een samenwerking met de projecten Hupkes-terrein en de doorontwikkeling van het winkelcentrumgebied Calluna. De titel van de subsidieaanvraag luidde dan ook Samenwerken aan Beweging en Ontmoeting – Integrale Wijkaanpak Rheden.
De resultaten zijn behaald door telkens het inwonersperspectief centraal te stellen, zoals ook verwoord in de handreiking van Platform
31. Naast de merkbare concrete resultaten die kwantitatief zijn gerealiseerd, levert het elkaar treffen en ontmoeten ook een kwalitatief resultaat op. Als inwoners met formele organisaties de processen die nodig zijn voor bovengenoemde resultaten een aantal malen transparant doorlopen dan komt er vertrouwen. Zowel bij de inwoner als de georganiseerde informele partijen, maar ook de formeel betrokken partijen.
Voorbeeld: Een dorpendeal die het resultaat versnelt, waardoor de ontmoetingsplek binnen handbereik komt, er hierdoor andersoortige activiteiten worden georganiseerd (voor jongere en ouderen). Alles aansluitend op de visie, in eigenaarschap van de inwoner en op de agenda van de fijne wijk. Vanuit hier gaan we met alle betrokkenen verder met de lerende weg. De lessen die we tot nu toe hebben geleerd worden gedeeld met andere wijken, zoals Rheden West. (2) Er is nog geen strakke definitie van Rheden-west in het
kader van de Integrale Wijkaanpak.
(3) Inzetten van de werkwijze in Rheden zodat meer inwoners profiteren van een samenhangende, gebiedsgerichte en gemeenschapsgerichte aanpak.
39.
13
Aanpassing 18 Bijstelling budget inclusieagenda:
Waarom wordt dit budget bijgesteld? Wat gaan we niet meer doen?
14
(4) Voor Rheden West is de planning om te starten met de voorbereidingen begin 2026. Voor Velp Zuid is de start nog niet bepaald.
Het huidige budget voor kansengelijkheid en inclusie is bedoeld om in de komende jaren een impuls te geven aan activiteiten en initiatieven op het gebied van inclusie, diversiteit en kansengelijkheid. Vanuit dit budget kunnen deze initiatieven worden gefinancierd om verdere ontwikkeling te stimuleren. Voor de jaren 2028 en 2029 is geen apart budget opgenomen, omdat de verwachting is dat kansengelijkheid en inclusie dan structureel zijn ingebed binnen de reguliere programma’s
en teams. De kosten worden vanaf dat moment binnen de bestaande middelen van deze teams opgevangen, waardoor aanvullende financiering niet langer nodig is. 40.
16
Het werken naar sterke integrale teams: Wordt daarmee bedoeld dat de gemeente vanuit integrale teams gaat werken?
Worden daarmee worden niet de eerder genoemde sociale teams bedoeld?
41.
17 e.v
Inzet van het NIO (Netwerk Informele Organisaties) bij het voortzetten van het werk om ombuigingen te realiseren, roept vragen op. 1 Wat is precies de opdracht aan NIO? 2 Op welke manier gaat een vrijwilligersorganisatie als NIO deze (?) opdracht uitvoeren? 3 Hoe is de relatie tussen NIO en de professionele organisaties als MEE, Humanitas, Rode Kruis ev geregeld? 4 Hoe verloopt afstemming?
15
Met “werken naar sterke, integrale teams” wordt bedoeld dat wij toewerken naar een verdere versterking van de gemeentelijke uitvoering binnen het sociaal domein, waarbij integraal werken tussen de domeinen Jeugd en Wmo centraal staat. Dit gebeurt stapsgewijs, onder meer via een pilot waarin beide teams nauwer samenwerken.
De uiteindelijke vormgeving van deze integrale teams is nog in ontwikkeling. Het gaat hier dus niet om een terugkeer naar de eerder gehanteerde sociale teams (2015–2020), maar om een doorontwikkeling naar toekomstbestendige, samenhangende ondersteuning dicht bij de inwoner.
1. Het NIO zet zich in om de samenwerking en verbinding tussen vrijwilligersorganisaties, stichtingen, sportverenigingen en inwonersinitiatieven verder vorm te geven. Dit initiatief van NIO komt voort uit de bijeenkomsten over de bezuinigingsplannen van de gemeente eerder dit jaar. Er is veel bereidheid is tot samenwerking en ondersteuning bij alle partijen, veel organisaties kennen elkaar op dorpsniveau nog niet. Het NIO heeft de handschoen opgepakt om helder te krijgen wat de organisaties met en voor elkaar kunnen beteken en hoe men dit met elkaar inricht.
2. Het vrijwilligersplatform NIO start binnenkort met een reeks dorpsgerichte netwerkavonden om vrijwilligersorganisaties, stichtingen, sportverenigingen en bewonersinitiatieven lokaal aan elkaar te verbinden. Ook gaat het NIO met organisaties in gesprek om samen te bouwen aan een sterke sociale basis in de gemeente Rheden. Het NIO krijgt daarbij inzicht wat voor organisaties van belang is om (kwetsbare) inwoners mee te laten doen. Het NIO is een vrijwilligersplatform en -netwerk dat zich inzet op de verbinding tussen vrijwilligers(organisaties) zodat zij elkaar weten te vinden in het werkveld. Het NIO is ook een belangenbehartiger voor vrijwilligers en gaat met de signalen aan de slag.
42.
23
Stopzetten van subsidies voor preventie gezondheid. Wat houdt dit precies in? Welke subsidies worden er stopgezet?
43.
23
Mogelijkheden om ombuigingen op gebied van sport te realiseren is het verhogen van entree/ contributie prijzen. Bij de risico's wordt terecht gemeld dat dan veel mensen gaan stoppen met sport. Welke nieuwe samenwerkingsvormen tussen sportverenigingen kunnen dat risico verminderen? En op welke manier wordt hier de gehandicaptensport (Antilope, Rhedense Rollers, De G- voetbalteams, Phys-ieke en meer) in meegenomen? Dus op welke manier wordt van deze verenigingen samenwerking gevraagd?
44.
24
Hier staat: "We continueren de vangnetregeling Sociale medische indicatie (SMI) voor de kinderen en hun gezinnen die dit nodig hebben in 2026. Ook de peutersubsidies zetten we voort in 2026." 16
3. Het NIO gaat met hen het gesprek en de samenwerking aan.
4. De gemeente en het NIO hebben periodiek afstemming met elkaar.
Wij hadden tot 2025 een budget (45k) voor preventieve gezondheidsprogramma's. Voorbeelden zijn programma's voor hulp bij overgewicht en leefstijl (Gezond Onderweg) of initiatieven voor gezonde voeding (op scholen, in kantines etc.). Met de komst van nieuwe landelijke gelden (Gezond & Actief Leven Akkoord en Integraal Zorg Akkoord) hebben we deze programma's kunnen continueren en uitbreiden (meer budget). Er zijn geen subsidies stopgezet.
Noot vooraf: de verhoging van tarieven bij sportaccommodaties is door het college in 2025 doorgevoerd (bij de jaarlijkse vaststelling van tarieven). De zwembadtickets zijn per 1 jan 2025 verhoogd. De tarieven voor seizoensverhuur (velden, zalen) per 1 augustus 2025 (gemiddeld 10% verhoging). Gebruikers zijn hierover geïnformeerd.
Wij hebben naar aanleiding hiervan geen signalen ontvangen dat mensen stoppen met sporten.
We stimuleren onderlinge samenwerking tussen verenigingen. We organiseren werkgroepen/overleggen per sportaccommodatie (park of hal). Mogelijkheden waar we samen met verenigingen aan werken zijn:
- Toekomstplannen voor sportaccommodaties (gezamenlijke huisvesting)
- Rol voor verenigingen in het exploiteren van de horeca in de binnensport (extra inkomsten voor verenigingen)
- Gezamenlijke inkoop en/of aanvraag van subsidies.
- Beleefbaar maken van de IJssel door gesprekken met ondernemers over initiatieven.
1. Wij hebben de bezuiniging inhoudelijk heroverwogen en zijn van mening dat zowel de SMI als de peutersubsidies een waardevol instrument zijn. Deze wijziging is nog niet financieel uitgewerkt in de meerjarenbegroting.
45.
25-26
46.
26
47.
29
48.
36
1. Betekent dit dat de bezuinigingen hierop in 2026 niet meer in de boeken staan? En hoe zit dat voor de jaren na 2026?
2. Hoe is verder uitvoering gegeven aan het amendement (Onderzoek met (ervarings)deskundigen en terugkoppeling over de pilot van Incluzio)?
Bij de uitwerking van de ontmoetingsmogelijkheden staan grote risico's genoemd. Hoe verhoudt zich dat tot de beoogde resultaten? Welke beheersmaatregelen worden genomen?
Verwezen wordt naar de nota dorpshuizen.
Volgens de toezegging gedaan tijdens de behandeling van de kadernota zou bij de begroting de Notitie Dorpshuizen worden gevoegd. Klopt het dat deze nog niet is aangeboden? Wanneer volgt deze wel i.v.m. begrotingsbehandeling?
Klopt het dat er vanaf 2027 minder uitgaven geraamd zijn vanwege de inperking van de reikwijdte van de jeugdzorg? Zo ja, verwacht het college dat er minder zorg voor de jeugd nodig zal zijn in die jaren? En om welke zorg gaat dit?
2. U ontvangt deze maand (voor de begrotingsraad) een raadsinformatiebrief over de uitwerking van het amendement en informatie over de pilot SMI.
Levensloopgeschiktheid van woning komt op meerdere plekken terug. Hoe wordt deze term exact gedefinieerd en wanneer is het wel of niet van toepassing?
Een levensloopgeschikte woning is een zelfstandige woning is die zowel intern als extern toegankelijk is. Dit houdt in dat je de woning kan bereiken zonder trap te lopen (extern toegankelijk) en dat de woonkamer, keuken, badkamer, toilet en minimaal 1 slaapkamer zonder trappen te bereiken zijn (intern toegankelijk). De woning moet goed bewoonbaar zijn bij gebruik van een rollator. Regionaal werken we aan een eenduidige definitie, deze zal in 2026 worden vastgesteld.
17
De verwachtingen voor de resultaten houden rekening met de genoemde risico's. De rol die het Netwerk Informele Ondersteuning (NIO, zie ook vraag 41) opgepakt heeft nav de bezuinigingsvoorstellen is een beheersmaatregel.
U wordt via een raadsinformatiebrief geinformeerd, conform afspraak.
De verwachting is dat de wettelijke inperking van de reikwijdte van de jeugdhulpplicht op zijn vroegst in 2028 in werking treedt. Dat hebben we ook budgettair verwerkt in de begroting (n.a.v. RIB september 2025) vanaf 2028. We zien ruimte om binnen de wettelijke kaders te werken aan verdere vermindering van het jeugdhulpgebruik begeleiding en behandeling. Daarnaast gaan we inzetten op het terugdringen van de groei van jeugdhulp met verblijf.
In de Woonvisie 2023 is vastgelegd dat in de nieuwbouw en bij transformatie van gebouwen alle appartementen levensloopgeschikt moeten zijn en 30% van de totale nieuwbouw levensloopgeschikt. Bij woningsplitsen worden er geen eisen gesteld aan levensloopgeschiktheid. 49.
36/37
50.
diverse
51.
37 en 38
Op pagina 36 en 37 wordt ingegaan op beheer van de openbare ruimte. Deze bevindt zich in grote delen van de gemeente op een laag niveau (een bewuste keus van raad en college vanwege financiën). De fysieke staat en het beheer van de openbare ruimte legt ook druk op sociale relaties in de wijk. Uit gesprekken met wijkverenigingen krijgen wij terug dat door belabberd onderhouden/beheerd openbare ruimte, er ook sociale spanning ontstaat. Denk aan afval dat 1 iemand achterlaat, en anderen bijplaatsen. Spreek dan iemand daarop aan en: boem. Wanneer een wijk in ogen van mensen verrommelt, rommelen er ook een aantal inwoners mee. Andere bewoners sluiten zich hierbij aan, of zetten zich hiertegen af door mensen aan te spreken. Dit legt een druk op sociale binding en relaties. Hoe kijkt het college naar deze relatie, en hoe ziet het college hierin haar rol?
Biodiversiteit: in het biodiversiteitsplan is ook een puntensysteem voorzien voor (nieuw)bouw projecten is deze al ontwikkeld? zo nee, wanneer wordt dit gerealiseerd?
De bebouwde omgeving is in 2040 aardgasvrij.
De doelstellingen zijn erg wisselend in concreetheid. Wat betekent: "we zetten in op vermindering op het energieverbruik voor woningen (doorlopend)"? Wat gaan we doen om dit ook echt te bereiken? 18
Het is bekend dat als de openbare ruimte kwalitatief minder onderhouden/beheerd wordt dit effect heeft op het gedrag van mensen. Met de door de Raad beschikbare middelen wordt de openbare ruimte zo goed mogelijk beheerd/ingericht.
U haalt terecht het punt van de bijplaatsingen van afval aan en het effect daarvan op de leegomgeving. Dit heeft minder te maken met het lage onderhoudsniveau, maar meer op houding en gedrag van groepen inwoners. De gemeente streeft ernaar om al het (zwerf)afval dat op straat ligt zo snel als mogelijk weg te halen
Dit is nog niet opgestart i.v.m. beperkte capaciteit. Het streven is wel om dit in 2026 op te starten.
Het betekent dat we aan de ene kant inzetten op bespaargedrag van inwoners en bedrijven middels energiecoaches, loketten en (communicatie) campagnes. Denk bijvoorbeeld ook aan het duurzaamheidsfestival. EN anderzijds op isoleren middels buurklusbedrijven, isolatiesubsidies, leningen en (communicatie)campagnes.
Welke maatregelen worden genomen om bedrijven aardgasvrij te krijgen?
Bedrijven krijgen ondersteuning via een aantal specifieke communicatiekanalen en via het Regionaal Expertiseteam Energie.
In de uitwerking van de wijkuitvoeringsplannen werken inwoners en bedrijven en de gemeente samen om een wijk of gebied aardgasvrij te maken
52.
38 en 39
“Inwoners en bedrijven zijn zich bewust van en dragen bij aan de klimaatopgave": Welke doelen uit het burgerberaad wordt nog aan gewerkt na 2025?
53.
38
54.
40
55.
41/42
“300 huurders met een inkomen tot 130% WML worden geholpen met isolatie door een buurtklusbedrijf.” Vraag: Welke aanvullende maatregelen neemt de gemeente om te voorkomen dat inwoners met een laag inkomen buiten de boot vallen bij de energietransitie, met name bij het aardgasvrij maken van woningen?
Onder vernieuwing Omgevingsbeleid wordt ingegaan op risico's (drie stuks). Ik wil het college vragen deze risico's concreter te beschrijven, omdat op deze wijze voor de raad niet navolgbaar is waarom dit een risico is, en hoe groot dit risico dan is.
Onder 'betaalbare, levensloopgeschikte en circulaire woningen' wordt aangegeven dat meer levensloopgeschikte woningen nodig zijn. 2000 woningen t/m 2030. Dat terwijl we het streven hebben tot 2030 1675 woningen toe te voegen aan de woningvoorraad van Rheden, met een minimum doel van 810. Het zal gaan 19
Aan de doelen van het burgerberaad (co2 neutraal in 2040) wordt nog volop ingezet. Een aantal maatregelen zijn echter komen te vervallen door de bezuiniging. Denk daarbij aan gratis energie coaching voor alle inwoners. Daarbij zijn er alleen nog middelen voor energie coaching voor lagere inkomens tot eind 2026. Ook de subsidies voor initiatieven is komen te vervallen. In principe ook de bekostiging voor het festival. Voor het laatste zijn voorlopig middelen gevonden vanuit een andere subsidie Tot eind 2026 zijn er nog middelen om huurders met een lager inkomen te ondersteunen met een buurtklusbedrijf, energie coaching, vervanging witgoed. Daarna is er nog geen zicht op (rijks)middelen voor inwoners met een laag inkomen. Er zijn dus op dit moment geen aanvullende maatregelen voor deze groep. Wel werken we (voorstel volgt) aan een Rhedense Energie en Diensten Organisatie (REDO) die alle inwoners kan ondersteunen en dus ook diegene met een laag inkomen.
Dit is scherp gezien. De risico's zijn niet meer actueel. Dit had aangepast moeten worden. Momenteel bestaat er alleen het risico dat de structurele budgetten om te werken conform de nieuwe wet niet toereikend zijn. Op dit moment is nog niet duidelijk hoe groot dit risico is omdat we nog volop bezig zijn met de implementatie van de nieuwe wet en de structurele kosten nog niet volledig in beeld zijn.
In de Woonvisie 2023 hebben we vastgelegd dat 100% van de appartementen in de nieuwbouw levensloopgeschikt moet worden.
Van alle nieuwbouwwoningen moet minimaal 30% levensloopgeschikt worden. Bij 810 woningen zouden dus minimaal 243 woningen levensloopgeschikt moeten worden. Maar in ons nieuwbouwprogramma zitten veel appartementen, dus er zullen meer dan 243 levensloopgeschikte woningen gerealiseerd worden.
56.
41/42
57.
43
om een combinatie van nieuwbouw, maar ook verandering van de bestaande woningvoorraad (splitsen/verbouwen). Toch voelt de verhouding scheef. Hoe verhouden deze resultaten zich tot elkaar? Wat is het minumum doel voor de levensloopgeschikte woningen, als we het minimum doel van 810 halen?
Bij risico's wordt genoemd dat stapelen van beleid een risico is om betaalbaare woningen mogelijk te maken. Vraag: welk voorstel heeft het college om de stapel ambities te verlagen en daarmee ontwikkeling woningbouw te vergemakkelijken? Welke ambities zouden dan verlaagd/geschrapt kunnen worden, en waarom? Hier gaat ons inziens de raad uiteindelijk over, maar laten we hierover het gesprek voeren op basis van een voorstel, in plaats van een terugkerende constatering dat stapeling van ambities lastig is.
Wat is de feitelijke stand ten aanzien toeristische initiatieven, wat is gerealiseerd en wat staat feitelijk in de planning voor 2026, tegen welke afweging kosten/baten/doelgroep?
20
Om de opgave voor levensloopgeschikte woningen te realiseren zou ongeveer 40% van de nieuwbouw levensloopgeschikt moeten worden. De overige 60% moet dan in de bestaande woningvoorraad gerealiseerd worden.
Wij hebben geen voorstel om de ambities te verlagen. Het feit dat wij het risico benoemen zegt niet dat wij onze ambities willen verlagen, maar geeft slechts aan dat u als raad zich bewust moet zijn dat deze gestapelde ambities een risico voor ons woningbouwprogramma vormen in het tempo waarin we dit realiseren.[
2025: stand van zaken
•
Er is een toolkit voor de gastheren en -vrouwen gemaakt die zij kunnen gebruiken bij een bevestiging van en boeking. (doelgroep: verblijfsgasten)
• Met TVAN ronden we in Q4 van 2025 de afspraken af voor bestemmingsmanagement, promotie en marketing.
• Registratieplicht voor alle particuliere verhuurders van vakantieaccommodaties is ingesteld.
• Eind 2025 zijn er belevingskijkers toegevoegd in de gemeente die zorgen voor info over (historische) locaties en deel uitmaken van een themaroute. (doelgroep: daggasten)
• Steunpunten voor toeristische informatie zijn in bijna alle dorpen van de gemeente opgezet. (doelgroep: dag- en verblijfsgasten).
Verder uren geïnvesteerd in netwerken VeluweAlliantie, Groene Metropoolregio Arnhem Nijmegen, toeristisch platform
2026
•
Creëren van themaroute Kunst in de openbare ruimte (dag- en verblijfsgasten)
• Promotie van themaroute Gelders Arcadië op basis van de belevingsobjecten en -kijkers
• Verbeteren digitale omgeving van TVAN en lokaal
• Opstellen beleid verblijfsrecreatie
• Gastheerschap bevorderen.
Verder uren investeren in netwerken VeluweAlliantie, Groene Metropoolregio Arnhem Nijmegen, toeristisch platform ten gunste van de gemeente Rheden.
Dit alles met een klein budget en verminderde capaciteit.
Baten zijn altijd indirect en niet meetbaar. 58.
43
Economische ontwikkeling, waarom wordt het aantal werkzame personen afhankelijk gemaakt van omvang locatie? Op welke type bedrijvigheid wordt aangestuurd?
59.
43
Hoe breed moeten wij de 'marketing en promotie van de Veluwezoom' hierin zien, gezien de doelstellingen van het Masterplan Veluwezoom (meer spreiden recreanten/toeristen, ook naar dorpen en richting IJssel)?
60.
44
“De aansluiting bij Circulus geeft meer mogelijkheden om het scheidingspercentage te verbeteren.” Vraag: Welke concrete maatregelen worden genomen om huishoudens met beperkte 21
Wanneer er geen ruimte is voor nieuwe bedrijven of voor uitbreiding van bestaande bedrijven, komen er minder nieuwe banen bij. Ook kan het zijn dat bedrijven die willen groeien, naar andere gemeenten verhuizen waar wél ruimte is. Gemeente Rheden stuurt vooral op bedrijven die de ambitie hebben om duurzaam/ circulair te ondernemen. .
Het Masterplan Veluwezoom richt zich op het gebied in het Nationaal Park Veluwezoom om daar de recreatiedruk te verminderen.
De actieve promotie en marketing is er juist op gericht ander aanbod in de gemeente voor het voetlicht te brengen. Daar worden afspraken met TVAN over gemaakt. De ondernemers binnen het toeristisch platform hebben ‘beleefdeVeluwezoom’ opgericht om de daggasten, dat kunnen ook verblijfsgasten zijn, te informeren over het ruimere aanbod.
De overgang naar Circulus is als ‘as is’. Aan de dienstverlening verandert nu niets.
Circulus rapporteert in haar jaarverslag over haar sociale impact.
Concrete maatregelen worden samen met Circulus bepaald na de eerste bevindingen van de dienstverlening in onze gemeente.
61.
44
62.
45
63.
51
64.
51
65.
55
middelen te ondersteunen bij afvalscheiding, en hoe wordt de sociale impact van de overgang naar Circulus BV gemonitord?
Scheidingspercentage: Welke extra maatregelen worden er met de nieuwe dienstverlener genomen om het scheidingspercentage omhoog te halen? “Het budget voor Biodiversiteit, Erfgoed en Landschap is teruggebracht tot €150.000.” Vraag: Hoe waarborgt de gemeente dat participatieve projecten zoals vrijwilligersgroepen en beschermde werkplekken doorgang vinden, ondanks de forse bezuinigingen op biodiversiteit en erfgoed?
In de tabel van de kosten worden op onderdeel 2.1 verkeer en vervoer over de jaren lasten tussen de 6.000k en 7.000k weergegeven, met een grote uitschieter naar 9.977k in 2026. Klopt dit? En zo ja, kunt u verklaren waarom dit bedrag zo veel hoger is en waar het aan besteed gaat worden?
In de bouwsteen mobiliteit ligt de nadruk op voetgangers, fietsers, openbaar vervoer en deelsystemen (STOMP). Hoe komt het dat in de begroting hier geen aandacht voor is en de focus op particuliere auto’s ligt?
Er is geen bestuurlijke doelstelling geformuleerd op diversiteit en inclusie. Ook mist de paragraaf. In eerdere begrotingen waren deze er wel, bij de kadernota is hier ook niets op aangepast. 22
De overgang naar Circulus is als ‘as is’. Er worden in deze fase geen extra maatregelen genomen om het scheidingspercentage omhoog te halen.
We kijken bij de besteding van het budget, naast biodiversiteit, erfgoed en landschap, ook duidelijk naar andere, maatschappelijke doelstellingen.
Participatieve projecten en beschermde werkplekken vinden we daarom heel belangrijk en proberen we zoveel mogelijk te ondersteunen maar het staat onder druk.
Met dit budget moeten we ook keuzes maken. Daarom kunnen we geen garanties geven, alles hangt af van het totaal aan initiatieven en projecten.
We verwijzen naar de beantwoording van vraag 11 (van fractie VPR).
De begroting focust juist op andere vervoersmiddelen dan de auto. Er worden middelen ingezet om duurzamere vormen van mobiliteit te stimuleren. Daarnaast treffen we met de middelen ook verkeersmaatregelen zoals verkeersdrempels, om de verkeersveiligheid te verbeteren en om ook de omgeving aantrekkelijker te maken om te lopen en te fietsen.
Het college heeft doelstellingen op het gebied van kansengelijkheid, inclusie en diversiteit. De uitgangspunten hiervoor zijn vastgelegd in de Lokale Inclusieagenda. Er is bewust gekozen om geen aparte doelstellingen op te nemen, maar inclusie, diversiteit en
Heeft het college nog doelstellingen m.b.t. diversiteit en inclusie?
Zo ja, hoe luiden deze doelstellingen?
kansengelijkheid integraal te verweven in alle werkzaamheden, projecten en initiatieven. Het opnemen van afzonderlijke doelstellingen zou geen recht doen aan de brede en geïntegreerde manier waarop wij aan deze thema’s werken.
De Lokale Inclusieagenda blijft leidend. Waar nodig wordt de voortgang op de daarin opgenomen uitgangspunten gemonitord en geëvalueerd, zodat inzichtelijk blijft welke resultaten worden behaald en waar eventuele versterking gewenst is.
66.
57
67.
65
“Voorstel is op basis van de door de Raad gevraagde scenario-analyse terug te gaan naar één locatie (2025) (Kosten:10.000).
Voorzover ons bekend is dit besluit nog niet genomen door de Raad maar volgt dit na de bespreking van de dienstverleningsvisie. 1: Wat is de tijdlijn met betrekking tot behandeling van de dienstverleningsvisie en daaropvolgende besluitvorming over het inrichten van 1 of meerdere loketten? 2: Heeft u erin voorzien bij de analyse van opties rekening te houden met een scenario waarbij inwoners op een vast moment in de week in hun wijk of dorp terecht kunnen bij een fysiek informatiepunt waar zij vragen kunnen stellen aan/over de gemeente (niet zijnde afgifte formele documenten)? 3: Heeft u in de programmabegroting ruimte gereserveerd voor een dergelijke variant naast de variant die expliciet is benoemd op pagina 57?
Onderhoud gebouwen gaat naar slecht/zeer slecht. Wat heeft dit voor effect en op welke termijn? Wat betekent het voor het onderhoud aan het nieuwe gemeentehuis? 23
Het college legt binnenkort de dienstverleningsvisie aan de raad voor.
Daarin komt het college ook met een voorstel voor ‘dienstverlening nabij’, zonder dat het onevenredig veel kosten met zich meebrengt.
Uiteindelijk is het aan de raad om hier keuzes in te maken. Vooralsnog gaat het college uit van haar scenario voor de toekomst, verwoord in een raadsvoorstel later dit jaar.
Het effect is dat de staat van het onderhoud van onze gebouwen achteruitgaat en het risico op klachten en onveilige situaties voor de gebruikers van ons maatschappelijk vastgoed toeneemt.
68.
73
In het hoofdstuk zien wij dat het inflatiepercentage wordt berekend voor de toeristenbelasting en dergelijke, maar in de tabel op pagina 73 zien wij dat voor 2025 en 2026 dezelfde bedragen zijn inbegroot, hoe zit dat?
In de tabel op pag. 71 zijn inderdaad de ramingen voor opbrengsten toeristen- en forensenbelasting ongewijzigd t.o.v. 2025. Voorstel is om de tarieven te laten stijgen met 2,7% in 2026. Gezien de verwachte geringe meeropbrengst zijn de ramingen vooralsnog gelijk geraamd aan 2025. In 2026 zal bij de bestuursrapportage worden beoordeeld in hoeverre de inkomsten kunnen worden opgehoogd.
69.
42
Er zijn uitdagingen, want pas als er sociale huurwoningen in overige wijken bij zijn gekomen, is er ruimte om in minder veerkrachtige wijken het aanbod sociale huurwoningen af te laten nemen. De eerste 75 sociale huurwoningen in IJssel District zijn gepland, dus daar kunnen we in 2026 prestatieafspraken over maken met Vivare. In Stenfert maken we ook plannen voor een betere woningmix en uitruil, maar realisatie hiervan kost nog tijd.
70
Gelrepas
Betere woningmix in minder veerkrachtige wijken (2026). Een afname van ca. 100 sociale huurwoningen in minder veerkrachtige wijken gekoppeld aan een toename van ca. 100 nieuwe sociale huurwoningen in overige wijken in de periode 2020 t/m 2026."(pagina 42). Vraag: dit resultaat (100 sociale huurwoningen in de ene wijk laten afnemen, en de andere laten toenemen) gaat over de periode van 2020 tot en met 2026. Wat is hier nu de tussenstand?
Ligt dit op schema, of lopen we tegen uitdagingen/moeilijkheden aan? Welke uitdagingen/moeilijkheden zijn dit dan?
De Gelrepas is een pas voor mensen met een laag inkomen in onze gemeente. De pas kan een waardevol middel zijn voor deze inwoners om mee te doen aan allerlei activiteiten en vormt een integraal onderdeel van het minimabeleid.
Wij zien de waarde van de Gelrepas en willen graag waarborgen dat dit zo blijft.
In de begroting wordt de Gelrepas alleen genoemd in het kader van ‘optimaal gebruik inkomensregelingen (p.20-21). Bij dit doel wordt het volgende beoogde resultaat genoemd: ‘65% van de rechthebbende kinderen en volwassenen is in het bezit van een Gelrepas (2026)’. Naar aanleiding hiervan hebben wij de volgende vragen:
24
GelrePas voor kinderen In 2024 hebben 813 kinderen een GelrePas ontvangen.
In totaal zijn er ca. 1.078 kinderen in huishoudens met een inkomen tot 120%. Voor kinderen is de GelrePas beschikbaar tot 150%, dan gaat het om 1.550 kinderen. We weten dat we in de huishoudens boven de 120% maar een zeer beperkt aantal kinderen (ca. 40) bereiken.
Uitgaande van de volledige doelgroep kinderen tot 150% ligt het bereik op 52%. Uitgaande van de doelgroep tot 120% ligt het bereik op 75%.
GelrePas voor volwassenen In 2024 hebben 2.071 volwassenen een GelrePas ontvangen. In totaal zijn er ca. 3.000 volwassenen in huishoudens met een inkomen tot 120%. Dit is zo’n 69%.
Wat is het percentage rechthebbende kinderen en volwassenen dat op dit moment in het bezit is van een Gelrepas?
71
Het beoogde resultaat van 65% oogt laag. Wat maakt dat de ambitie niet hoger ligt dan 65%?
Klopt het dat het doel van 65% geldt voor het jaar 2026 en wat gebeurt er als deze behaald is.
We zetten ons doorlopend in om het bereik van de GelrePas te vergroten. Het bereik van de GelrePas is stabiel (met een dip in de coronajaren). We blijven ons inzetten op een groter bereik, ook als we het doel voor volwassenen en kinderen hebben behaald.
72
Wordt er onderzocht wat de mogelijke redenen kunnen zijn voor het feit dat er een substantieel deel rechthebbenden geen gebruik maakt van de pas?
73
Wordt er ook gekeken naar het vergroten van de waarde van de Gelrepas door middel van het verbreden van het aanbod?
In 2021 is er lokaal een 0-meting uitgevoerd rondom de minimaregelingen onder zowel gebruikers van diverse regelingen als onder niet-gebruikers. De raad is met een raadsbrief meegenomen in de resultaten.
Een deel van de inwoners maakt geen gebruik omdat zij niet bekend zijn met de regeling. Inwoners die wel bekend zijn met de regeling maar geen gebruik maken hebben daar diverse redenen voor, zoals het niet aansluiten van de pas bij hun behoeften. Daar wordt doorlopend aan gewerkt door het aanbod uit te breiden.
Voor meer informatie verwijzen we u naar de raadsinformatiebrief.
Samen met de regio werken we doorlopend aan het verbreden van het aanbod van de GelrePas. Onder andere ook naar aanleiding van signalen van inwoners over behoefte.
74
Er zijn in onze gemeente relatief weinig voorzieningen die met de Gelrepas helemaal gratis zijn. Zijn er opties voor de raad om dit aanbod uit te breiden?
Inwoners beschikken met de GelrePas over een bepaald tegoed.
Inwoners kunnen dat tegoed bij divers aanbod uitgeven. Binnen de gemeente Rheden zijn er 128 plekken of verenigingen waar het tegoed uitgegeven kan worden. Daarnaast kan het tegoed ook besteed worden bij het aanbod in bijvoorbeeld Arnhem.
Een deel van de aangesloten aanbieders biedt daarnaast ook korting aan voor inwoners met een GelrePas of biedt alleen korting aan waarna het restant met eigen middelen moet worden betaald.
We werken met de regio doorlopend aan het uitbreiden van aanbod.
Wanneer wij ons aanbod willen uitbreiden gaat de aanbieder van de GelrePas namens de regio in gesprek met de lokale aanbieder die wij
25
op de GelrePas willen aansluiten. Het uitbreiden van het aanbod is een uitvoeringstaak.
26
Bekijk de brief: Beantwoording vragen over de Programmabegroting 2026 definitief 17102025
Bron: raadsinformatie van de gemeente Rheden (Open Raadsinformatie). De vragen en antwoorden zijn automatisch uit de brief gelezen; het origineel is leidend.