schriftelijke vragen Burgerbelangen Mentale gezondheid preventie en laagdrempelige initiatieven in de openbare ruimte
Een raadslid stelde op 21 mei 2026 schriftelijke vragen aan het college van burgemeester en wethouders van Rheden (7 vragen).
In het kort
7 vragen en wat het college antwoordt
- Vraag: Op welke wijze besteedt de gemeente Rheden momenteel aandacht aan mentale gezondheid, psychisch welzijn en preventie binnen het sociaal domein? → Binnen het sociaal domein werkt de gemeente Rheden vanuit de visie van het Koersdocument Sociaal Domein, waarin stevig wordt ingezet op preventie, laagdrempelige ondersteuning en…
- Vraag: Welke rol spelen welzijnsorganisaties, jongerenwerk, scholen, sportverenigingen en andere maatschappelijke partners momenteel bij het signaleren en bespreekbaar… → Deze organisaties en maatschappelijke partners spelen een zeer belangrijke rol.
- Vraag: Is het college bekend met de nieuwe Wet integrale suïcidepreventie en heeft het college al zicht op wat deze wet in de praktijk voor gemeenten, en specifiek voor… → Het college is bekend met de nieuwe Wet integrale suïcidepreventie en onderzoekt momenteel wat deze wet concreet betekent voor de lokale praktijk.
- Vraag: Wordt er binnen de gemeente al nagedacht over mogelijke vervolgstappen of beleidsmatige invulling naar aanleiding van deze wet? → Ja.
- Vraag: Is het college bekend met initiatieven in andere gemeenten waarbij via laagdrempelige voorzieningen in de openbare ruimte aandacht wordt gevraagd voor mentale… → Ja, het college is bekend met dergelijke initiatieven.
- Vraag: Is het college met Burgerbelangen Rheden eens dat laagdrempelige initiatieven in de openbare ruimte, zoals een bankje of bordje dat uitnodigt tot gesprek en… → Het college merkt op dat in de gestelde vragen mentale gezondheid vooral wordt benaderd vanuit suïcide en suïcidepreventie.
- Vraag: Zou het college bereid zijn om samen met maatschappelijke organisaties, welzijnspartners en eventueel 113 Zelfmoordpreventie te verkennen of een kleinschalig… → Deze verkenning zal worden geplaatst in het kader van de regionale werkagenda en de ontwikkeling van een dekkend netwerk van laagdrempelige voorzieningen.
Overgenomen uit de brief van het college; hieronder staan de volledige vragen en antwoorden.
Vragen en antwoorden
Vraag 1
Vraag: Op welke wijze besteedt de gemeente Rheden momenteel aandacht aan mentale gezondheid, psychisch welzijn en preventie binnen het sociaal domein?
Antwoord van het college
Binnen het sociaal domein werkt de gemeente Rheden vanuit de visie van het Koersdocument Sociaal Domein, waarin stevig wordt ingezet op preventie, laagdrempelige ondersteuning en collectieve activiteiten in de buurt. Daarbij ligt de focus op het versterken van samenredzaamheid, ontmoeting en sociale netwerken, zodat inwoners elkaar kunnen ondersteunen en (psychische) problemen vroegtijdig worden gesignaleerd. Vanuit sport, bewegen en gezonde voeding wordt hier eveneens een belangrijke bijdrage aan geleverd. Deze thema’s bevorderen niet alleen de fysieke gezondheid, maar dragen ook bij aan mentale gezondheid, welzijn, sociale verbondenheid en het voorkomen van fysieke en mentale uitdagingen, zowel nu als op latere leeftijd. De gemeente Rheden heeft op 21 mei de samenwerkingsovereenkomst van Mentaal Gezond Centraal Gelderland ondertekend. De gemeente regionaal samen aan de uitwerking van de gemeentelijke werkagenda in het kader van het Aanvullend Zorg- en Welzijnsakkoord (AZWA, onderdelen D5 en D6). In deze werkagenda worden de inzet op mentale gezondheid en preventie verder geconcretiseerd, met als doel dat inwoners eerder, dichter bij huis en op een herkenbare manier toegang hebben tot passende ondersteuning. Hierbij wordt onder andere ingezet op het versterken van de sociale basis, het realiseren van laagdrempelige inlooppunten en het verder ontwikkelen van sociaal verwijzen en preventieve programma’s gericht op mentale veerkracht. Vaststelling van deze werkagenda staat gepland voor oktober 2026.
Vraag 2
Vraag: Welke rol spelen welzijnsorganisaties, jongerenwerk, scholen, sportverenigingen en andere maatschappelijke partners momenteel bij het signaleren en bespreekbaar maken van mentale problematiek?
Antwoord van het college
Deze organisaties en maatschappelijke partners spelen een zeer belangrijke rol. Dit zijn voorliggende voorzieningen en plekken in de samenleving waar inwoners dagelijks komen en waar vaak als eerste signalen van (mentale/psychische) problematiek zichtbaar worden. Denk hierbij aan veranderingen in gedrag, terugtrekking, stress, eenzaamheid of somberheid. Welzijnsorganisaties, jongerenwerkers, scholen, sportverenigingen en andere maatschappelijke partners staan dicht bij inwoners en hebben daardoor een belangrijke signalerende functie. Juist omdat hier vaak nog geen gespecialiseerde hulpverlening betrokken is, kunnen signalen in een vroeg stadium worden herkend en bespreekbaar gemaakt worden. Door het voeren van gesprekken, het bieden van een vertrouwde omgeving en het doorverwijzen naar passende ondersteuning dragen deze organisaties bij aan preventie en het voorkomen van zwaardere problematiek. Daarnaast spelen zij een belangrijke rol in het versterken van sociale verbinding, ontmoeting en deelname aan de samenleving, wat eveneens een positieve bijdrage levert aan mentale gezondheid en welzijn. In regionaal verband wordt deze rol verder versterkt via wijkgerichte netwerken waarin sociaal domein, eerstelijnszorg, ggz en welzijn samenwerken. Binnen deze netwerken ontstaan ook fysieke en digitale plekken – zoals inlooppunten en herstelinitiatieven – waar inwoners en professionals elkaar laagdrempelig kunnen ontmoeten en waar signalen sneller worden opgepakt en doorgeleid naar passende ondersteuning. Daarnaast wordt gewerkt aan een gezamenlijke infrastructuur voor doorverwijzing, waaronder sociaal verwijzen.
Vraag 3
Vraag: Is het college bekend met de nieuwe Wet integrale suïcidepreventie en heeft het college al zicht op wat deze wet in de praktijk voor gemeenten, en specifiek voor de gemeente Rheden, zal betekenen?
Antwoord van het college
Het college is bekend met de nieuwe Wet integrale suïcidepreventie en onderzoekt momenteel wat deze wet concreet betekent voor de lokale praktijk. Hierbij wordt nadrukkelijk de verbinding gelegd met de regionale ontwikkelingen rondom mentale gezondheidsnetwerken en laagdrempelige steunpunten, zodat de uitvoering van deze wet aansluit op reeds bestaande en in ontwikkeling zijnde structuren voor signalering, preventie en toeleiding.
Vraag 4
Vraag: Wordt er binnen de gemeente al nagedacht over mogelijke vervolgstappen of beleidsmatige invulling naar aanleiding van deze wet?
Antwoord van het college
Ja. Zo wordt er onder andere, samen met buurtgemeenten en het VGGM, onderzocht hoe concreet invulling gegeven kan worden aan deze wet en op welke onderdelen regionale samenwerking wenselijk en mogelijk is. Daarbij wordt er gekeken naar gezamenlijke preventieve aanpakken, kennisdeling, signalering, bewustwording en de aansluiting op bestaande netwerken en initiatieven rondom mentale gezondheid en suïcidepreventie. Deze vervolgstappen worden onder andere uitgewerkt via de regionale werkagenda AZWA, waarin gemeenten gezamenlijk afspraken maken over een dekkend preventief aanbod en de inrichting van een regionale preventie-infrastructuur. Daarbij wordt ook gewerkt aan concrete instrumenten zoals verkennende gesprekken, sociaal verwijzen en programma’s gericht op het versterken van mentale veerkracht, met specifieke aandacht voor jongeren en kwetsbare groepen.
Vraag 5
Vraag: Is het college bekend met initiatieven in andere gemeenten waarbij via laagdrempelige voorzieningen in de openbare ruimte aandacht wordt gevraagd voor mentale gezondheid en het bespreekbaar maken van moeilijke gedachten, bijvoorbeeld via bankjes, ontmoetingsplekken of bordjes met verwijzingen naar hulpinstanties zoals 113 Zelfmoordpreventie?
Antwoord van het college
Ja, het college is bekend met dergelijke initiatieven.
Vraag 6
Vraag: Is het college met Burgerbelangen Rheden eens dat laagdrempelige initiatieven in de openbare ruimte, zoals een bankje of bordje dat uitnodigt tot gesprek en verwijst naar hulp, kunnen bijdragen aan het lokaal bespreekbaar maken van mentale gezondheid en daarmee passen binnen de gedachte achter de nieuwe Wet integrale suïcidepreventie?
Antwoord van het college
Het college merkt op dat in de gestelde vragen mentale gezondheid vooral wordt benaderd vanuit suïcide en suïcidepreventie. Hoewel dit een belangrijk onderdeel is, is mentale gezondheid een veel breder begrip. Het voorkomen van deze problemen en het versterken van mentale veerkracht vraagt om een brede preventieve aanpak. Het college ziet daarom dergelijke initiatieven bij voorkeur als aanvullend onderdeel van een bredere sociale en preventieve infrastructuur. In regionaal verband wordt ingezet op het realiseren van laagdrempelige ontmoetingsplekken en inlooppunten in wijken en dorpen, waar inwoners niet alleen bewustwording vinden, maar ook direct toegang hebben tot ondersteuning en gesprek. Initiatieven in de openbare ruimte kunnen hieraan bijdragen, mits zij verbonden zijn met deze bestaande netwerken en voorzieningen.
Vraag 7
Vraag: Zou het college bereid zijn om samen met maatschappelijke organisaties, welzijnspartners en eventueel 113 Zelfmoordpreventie te verkennen of een kleinschalig initiatief binnen de gemeente Rheden mogelijk en wenselijk zou kunnen zijn, bijvoorbeeld op enkele ontmoetingsplekken of in grotere dorpskernen?
Antwoord van het college
Deze verkenning zal worden geplaatst in het kader van de regionale werkagenda en de ontwikkeling van een dekkend netwerk van laagdrempelige voorzieningen. Daarbij wordt nadrukkelijk gekeken naar de samenhang met bestaande en te realiseren inlooppunten, ontmoetingsplekken en mentale gezondheidsnetwerken, zodat eventuele initiatieven in de openbare ruimte effectief aansluiten op de bredere infrastructuur. Het college zal dit betrekken bij de verdere uitwerking van de werkagenda die in oktober 2026 ter besluitvorming voorligt.
Bron: raadsinformatie van de gemeente Rheden (Open Raadsinformatie). De vragen en antwoorden zijn automatisch uit de brief gelezen; het origineel is leidend.