138-2025 Beantwoording raadsvragen PvdA-Veiligheid-risicoverantwoording schouwburgfunctie EKP-gebouw.pdf
Een raadslid stelde op 25 september 2025 schriftelijke vragen aan het college van burgemeester en wethouders van Roosendaal (1 vragen).
In het kort
1 vragen en wat het college antwoordt
- Is voor de tijdelijke schouwburgfunctie van het EKP-gebouw (met een zaalcapaciteit van ca. 800 personen) een gebruiksvergunning vereist op grond van het Besluit… → Status vergunning of melding 1.
Overgenomen uit de brief van het college; hieronder staan de volledige vragen en antwoorden.
Aanleiding
Gemeente
Roosendaal
De fractie heeft de volgende vragen:
Geachte voorzitter, Via raadsmededeling 60-2025 —Actief informeren over financiële afwijking krediet EKP-gebouw is de gemeenteraad geinformeerd over de stand van zaken rondom de transformatie van het EKP-gebouw tot tijdelijke huisvesting van de schouwburg. Daarbij is de nadruk gelegd op de financiële aspecten.
Inmiddels is duidelijk dat de tijdelijke functie betrekking heeft op een theaterzaal met een capaciteit van circa 800 bezoekers. Daarmee wijkt deze publieksfunctie fors af van de scenario's en uitgangspunten in het bestemmingsplan Spoor C, en in het bijzonder van de risicoanalyse die daaraan ten grondslag ligt.
In de risicoanalyse bij dat bestemmingsplan — de Kwantitatieve Risicoanalyse Spoor C, versie 1.6 (Koninklijke Sanders BV) — is voor het EKP-gebouw gerekend met een dagbezetting van 166 personen en een nachtbezetting van 60 personen. Deze analyse is gepubliceerd via de officiële ruimtelijke plannen:
QRA Spoor C, versie 1.6 (tb10): https://www.ruimteli*keplannen.nl/documents/NL.IMRO.1674.2166SPOORC0301/b NL.IMRO.1674.2166SPOORC-0301 tb10.pdf
Uit deze analyse blijkt:
•
x
Het groepsrisico bedroeg in de uitgangssituatie 2,67 de oriënterende waarde;
Dit risico zou dalen naar 2,40 door het vertrek van de Kellebeekschool;
De huidige tijdelijke publieksfunctie met 800 bezoekers is hierin niet verdisconteerd;
Het EKP-gebouw ligt direct tegen de PR 10 -6 - contour aan;
Uitbreiding richting het spoor is niet toegestaan; Het gebouw ligt daarnaast direct naast een risicovol spoortraject. Algemeen bekend is het verhoogde perron van posttreinen als gelijkwaardige maatregel opgenomen tegen plasbrand Hoewel het gebouw zich niet binnen een plasbrandzone bevindt, wel binnen een plasbrandattentiezone ,is dit in de risicoanalyse niet expliciet afgebakend.ln de QRA wordt plasbrandattentiezone niet genoemd . x
•
•
•
•
•
Deze gegevens geven aanleiding tot de volgende vragen:
Gebruiksvergunning
Vragen en antwoorden
Vraag 1
Is voor de tijdelijke schouwburgfunctie van het EKP-gebouw (met een zaalcapaciteit van ca. 800 personen) een gebruiksvergunning vereist op grond van het Besluit bouwwerken leefomgeving (Bbl)?
Antwoord van het college
Status vergunning of melding
1. Is er inmiddels een gebruiksvergunning verleend of een melding gedaan? Zo ja, wanneer, onder welke voorwaarden en met welke betrokkenheid van de veiligheidsregio?
Actualisatie risicoanalyse (QRA)
1. Is er, gezien de afwijkende functie en bezetting t.o.v. het bestemmingsplan Spoor C, een nieuwe of geactualiseerde QRA uitgevoerd voor het EKP-gebouw? Zo nee, waarom niet?
Effect op groepsrisico 1.
Wat is de verwachte impact van de tijdelijke schouwburgfunctie op het groepsrisico ter plaatse, dat eerder reeds 2,67 X de oriënterende waarde bedroeg?
Verantwoording art. 5.11 Bkl 1.
Heeft het college op grond van artikel 5.11 van het Besluit kwaliteit leefomgeving (Bkl) een beleidsmatige afweging gemaakt van het groepsrisico en de toelaatbaarheid ervan, mede gelet op de verhoogde bezetting?
Buitenplanse afwijking en motivering
1. Is de tijdelijke schouwburgfunctie mogelijk gemaakt via een buitenplanse omgevingsplanactiviteit (BOPA)? Zo ja, is daarin gemotiveerd hoe met het groepsrisico, de plasbrandzone en zelfredzaamheid is omgegaan?
Gelijkwaardige maatregel plasbrand (verhoogd perron)
1. Acht het college de aanwezigheid van het verhoogde postperron nog steeds voldoende als gelijkwaardige maatregel ten aanzien van brandoverslag en stralingsbelasting? Is dit recent geëvalueerd?
Zelfredzaamheid, bereikbaarheid en hulpverlening
1. Op welke wijze is rekening gehouden met de zelfredzaamheid van 800 bezoekers in een gebouw op korte afstand van het spoor bij een calamiteit? Zijn er specifieke maatregelen getroffen op het gebied van vluchtroutes, brandcompartimentering of communicatie?
Informatievoorziening raad Waarom is de gemeenteraad in raadsmededeling 60-2025 uitsluitend geinformeerd over financiële aspecten, en niet over de veiligheidsaspecten en vergunningstoestand die samenhangen met deze tijdelijke publieksfunctie?
Bijlage: Technische en juridische toelichting A. Brandveiligheid en gebruiksvergunning Volgens het Besluit bouwwerken leefomgeving (Bb]) is een gebruiksvergunning vereist voor publieksfuncties met meer dan 150 personen. In dit geval is sprake van circa 800 gelijktijdige bezoekers.
Het gebouw ligt daarnaast direct naast een risicovol spoortraject. Algemeen bekend is het verhoogde perron van posttreinen als gelijkwaardige maatregel opgenomen tegen plasbrand Hoewel het gebouw zich niet binnen een plasbrandzone bevindt, wel binnen een plasbrandattentiezone ,is dit in de risicoanalyse niet expliciet afgebakend.ln de QRA wordt plasbrandattentiezone niet genoemd .
Bij functiewijziging naar een publieksfunctie met lage zelfredzaamheid, zoals een schouwburg, moet een risico-afweging worden gemaakt, ook al betreft het een bestaand gebouw.
B. BOPA en juridische toetsing Bij afwijking van het omgevingsplan via een BOPA in een risicogebied geldt een verzwaarde motiveringsplicht. Volgens artikel 5.11 Bkl moet het college expliciet afwegen of het verhoogde groepsrisico aanvaardbaar is, mede gezien hulpverlening, zelfredzaamheid en bereikbaarheid.
Jurisprudentie (o.a. ABRvS 2023:212 en 2021:2902) bevestigt dat afwijkingen zonder actuele risicoverantwoording of zonder betrokkenheid van de veiligheidsregio juridisch kwetsbaar zijn. Een correcte toepassing van de motiveringsplicht is dus essentieel.
C. QRA en groepsrisico De QRA Spoor C (versie 1.6) rekent met een beperkte bezetting van het EKP-gebouw. Het groepsrisico in de uitgangssituatie bedroeg 2,67 X de oriënterende waarde. Na vertrek van de Kellebeekschool zou dit dalen naar 2,40 X.
x.
De tijdelijke schouwburgfunctie met 800 gelijktijdige bezoekers verhoogt het groepsrisico substantieel, vermoedelijk tot boven de oorspronkelijke 2,67 Bij een overschrijding van de oriënterende waarde is het bevoegd gezag beleidsmatig verplicht om dit expliciet te verantwoorden, inclusief de eventuele inzet van mitigerende maatregelen.
Namens de fractie(s) van PvdA, Paul Klaver
Wij beantwoorden de vraag als volgt:
Gebruiksvergunning Is voor de tijdelijke schouwburgfunctie van het EKP-gebouw (met een zaalcapaciteit van ca. 800 personen) een gebruiksvergunning vereist op grond van het Besluit bouwwerken leefomgeving (Bbl)?
Het Besluit bouwwerken leefomgeving (Bbl) schrijft voor dat voor het tijdelijke theater in het EKPgebouw een gebruiksmelding in het kader van brandveiligheid bij de gemeente moet worden ingediend.
Status vergunning of melding Is er inmiddels een gebruiksvergunning verleend of een melding gedaan? Zo ja, wanneer, onder welke voorwaarden en met welke betrokkenheid van de veiligheidsregio?
Ja, de vereiste melding is door Schouwburg De Kring op 2 juli 2025 gedaan en dit is gelet op de opening van het tijdelijke theater per 12 september 2025 tijdig gebeurd. De gemeente heeft de Veiligheidsregio gevraagd om advies over de gebruiksmelding. Er is volgens de Veiligheidsregio voldaan aan de meldingsplicht van artikel 6.7 Bbl. Vervolgens heeft de gemeente Schouwburg De Kring een instemmingsbrief in reactie op de melding verzonden. Een kopie van deze brief is naar de brandweer MWB gegaan. In deze instemmingsbrief is verder opgenomen dat de feitelijke controle van het bouwwerk nog niet heeft plaatsgevonden, omdat het bouwwerk ten tijde van de melding nog niet gereed was; dat de in de melding vermelde wijze van gebruik van het bouwwerk in relatie tot de beoogde gebruiksfunctie voldoende brandveilig is; en dat in het vervolg het bouwwerk periodiek op brandveiligheid zal worden gecontroleerd. Inmiddels heeft de brandweer het tijdelijke theater bezocht en vindt er verdere afstemming plaats (zoals gebruikelijk).
Actualisatie risicoanalyse (QRA) Is er, gezien de afwijkende functie en bezetting t.o.v. het bestemmingsplan Spoor C, een nieuwe of geactualiseerde QRA uitgevoerd voor het EKP-gebouw? Zo nee, waarom niet?
Bij de totstandkoming van het (ontwerp)bestemmingsplan Spoor C zijn voor de beoogde, nieuwe gebruiksbestemmingen in het EKP-gebouw onderzoeken naar onder meer externe veiligheid verricht.
In aanvulling daarop zijn voor de komst van het tijdelijke theater in het EKP-gebouw met de daarbij behorende aantal bezoekers op bepaalde piekmomenten eveneens door de Veiligheidsregio en DGMR specifieke onderzoeken naar externe veiligheid verricht.
Effect op groepsrisico
x
Wat is de verwachte impact van de tijdelijke schouwburgfunctie op het groepsrisico ter plaatse, dat eerder reeds 2,67 de oriënterende waarde bedroeg?
Het gaat inderdaad om een tijdelijke schouwburgfunctie in het EKP-gebouw voor de duur van 18 maanden. Volgens de huidige bestemmingsplansituatie — vóór ingebruikname van het tijdelijke theater — is het groepsrisico 2,67 keer de oriëntatiewaarde. Met realisatie van het tijdelijke theater, en uitgaande van de daarbij behorende zaalcapaciteit, is het groepsrisico 2 - 3 keer de oriëntatiewaarde.
Het tijdelijke theater leidt tot een tijdelijke clustering van een groot aantal personen dicht bij het spoor, maar het gaat vergeleken met de woonfuncties en kantoren om een relatief korte verblijftijd.
Daarmee is een groepsrisico in dezelfde orde van grootte te verwachten. Hoewel het groepsrisico in dezelfde orde van grootte blijft, zijn uiteraard wel maatregelen getroffen om de veiligheid van de bezoekers van het tijdelijke theater verder te vergroten. Dit betreffen zowel bouwkundige maatregelen aan het gebouw als maatregelen die de BHV-organisatie van het theater betreffen.
Verantwoording art. 5.11 Bkl Heeft het college op grond van artikel 5.11 van het Besluit kwaliteit leefomgeving (Bkl) een beleidsmatige afweging gemaakt van het groepsrisico en de toelaatbaarheid ervan, mede gelet op de verhoogde bezetting?
Artikel 5.11 Besluit kwaliteit leefomgeving bepaalt dat in een omgevingsplan rekening wordt gehouden met een standaardwaarde voor het plaatsgebonden risico van een activiteit van 1 op de 1.000.000 per jaar voor beperkt kwetsbare gebouwen en beperkt kwetsbare locaties. Het college heeft samen met uw Raad alles afwegende besloten tot verbouwing van Theater De Kring en het tijdelijk huisvesten van dit theater in het EKP-gebouw. Dit is gebeurd op 21 november 2024. In dat traject bestond reeds afstemming (vooroverleg) met de Veiligheidsregio over de betekenis voor de externe veiligheid van een tijdelijk theater in het EKP-gebouw. Die afstemming is vervolgens in het opvolgende traject van meldingsplicht en vergunningentraject verder voortgezet uitmondend in de hiervoor al genoemde onderzoeken van de Veiligheidsregio en DGMR.
Buitenplanse afwijking en motivering Is de tijdelijke schouwburgfunctie mogelijk gemaakt via een buitenplanse omgevingsplanactiviteit (BOPA)? Zo ja, is daarin gemotiveerd hoe met het groepsrisico, de plasbrandzone en zelfredzaamheid is omgegaan?
Nee, de tijdelijke schouwburgfunctie is niet mogelijk gemaakt via een buitenplanse omgevingsplanactiviteit (BOPA). Dat instrument is niet nodig, omdat de tijdelijke afwijking van de toepasselijke gebruiksbestemming binnen het geldende bestemmingsplan kan worden geregeld.
Daarvoor is recent vergunning verleend. Aan deze vergunning liggen analyses van de Veiligheidsregio en DGMR ten grondslag waaraan waar nodig opvolging in de vergunningvoorschriften is gegeven.
Gelijkwaardige maatregel plasbrand (verhoogd perron) Acht het college de aanwezigheid van het verhoogde postperron nog steeds voldoende als gelijkwaardige maatregel ten aanzien van brandoverslag en stralingsbelasting? Is dit recent geëvalueerd?
In de beoordeling van onder andere het aspect externe veiligheid is gekeken naar de maatregelen om het EKP tijdelijk veilig en verantwoord als theater te gebruiken, ook met het oog op de risico's behorende bij een brandaandachtsgebied. Er zijn verschillende aandachtspunten genoemd die verwerkt zijn in de plannen. De Veiligheidsregio heeft ingestemd met de genomen maatregelen.
Zelfredzaamheid, bereikbaarheid en hulpverlening Op welke wijze is rekening gehouden met de zelfredzaamheid van 800 bezoekers in een gebouw op korte afstand van het spoor bij een calamiteit? Zijn er specifieke maatregelen getroffen op het gebied van vluchtroutes, brandcompartimentering of communicatie?
In afstemming met de Veiligheidsregio en ook DGMR zijn verschillende maatregelen genomen om de bezoekers van het tijdelijke theater bij brand of bij calamiteiten op het spoor veilig het EKP te verlaten. Zo zijn bestaande vluchtroutes daarvoor aangepast, is er brandcompartimentering toegepast, geldt er een ontruimingsplan wat met de omstandigheden in en rondom het EIKIP-gebouw rekening houdt, wordt er zorggedragen voor bewustwording met betrekking tot vluchtmogelijkheden bij calamiteiten en wordt zorggedragen voor voldoende getrainde en geoefende BHV'ers. Om van dit laatste een concreet voorbeeld te noemen: tijdens de voorstellingen zijn diverse medewerkers van het theater in de zaal aanwezig die bij een calamiteit direct kunnen handelen en ervoor moeten zorgen dat bezoekers conform het ontruimingsplan het EKP-gebouw tijdig kunnen verlaten.
Informatievoorziening raad Waarom is de gemeenteraad in raadsmededeling 60-2025 uitsluitend geïnformeerd over financiële aspecten, en niet over de veiligheidsaspecten en vergunningstoestand die samenhangen met deze tijdelijke publieksfunctie?
De bevoegdheid tot vergunningverlening komt toe aan het college. In dat traject is gewaarborgd dat veiligheidsaspecten onderdeel van de besluitvorming zijn.
Wij vertrouwen erop U hiermede voldoende te hebben geinformeerd.
Bron: raadsinformatie van de gemeente Roosendaal (Open Raadsinformatie). De vragen en antwoorden zijn automatisch uit de brief gelezen; het origineel is leidend.