2 oktober 2025 · artikel 35-vragen · gemeente Roosendaal

148-2025 Beantwoording raadsvragen PvdA - Inzet middelen NPR.pdf

Een raadslid stelde op 2 oktober 2025 schriftelijke vragen aan het college van burgemeester en wethouders van Roosendaal (5 vragen).

In het kort

5 vragen en wat het college antwoordt

  • 1. → In hoeverre zijn deze SMART geformuleerd (Specifiek, Meetbaar, Acceptabel, Realistisch en Tijdgebonden), vergelijkbaar met bijvoorbeeld het NPRZ in Rotterdam? 1.2.
  • 1. → 2.2.
  • 1. → Wordt voorzien in jaarlijkse voortgangsrapportages, zoals binnen het NPRZ of programma Heerlen-Noord? 3.2.
  • 1. → Zo ja, door wie, op welk moment en met welke evaluatiekaders? 4.2.
  • 1. → 5.2.

Overgenomen uit de brief van het college; hieronder staan de volledige vragen en antwoorden.

Aanleiding

Gemeente

Roosendaal

De fractie heeft de volgende vragen:

Geachte voorzitter,

Wij willen als PvdA-fractie bijdragen aan een sterk, rechtvaardig en transparant Nationaal Programma Roosendaal. Daarbij hoort een duidelijke maatschappelijke koers, controleerbare inzet van middelen en actieve betrokkenheid van de gemeenteraad. We rekenen op een zorgvuldige beantwoording van onderstaande vragen.

1.

Doelstellingen en sturing

Vragen en antwoorden

Vraag 1

1. Welke concrete maatschappelijke doelstellingen zijn geformuleerd binnen het Nationaal Programma Roosendaal?

Antwoord van het college

In hoeverre zijn deze SMART geformuleerd (Specifiek, Meetbaar, Acceptabel, Realistisch en Tijdgebonden), vergelijkbaar met bijvoorbeeld het NPRZ in Rotterdam? 1.2. Op welke wijze wordt de voortgang systematisch gemonitord? Worden hierbij prestatieindicatoren en outcome-metingen gehanteerd, en is dit per wijk inzichtelijk gemaakt, zoals via een publiek dashboard?

Middeleninzet

Vraag 2

1. Kan het college een overzicht geven van de percentuele verdeling van het totale programmabudget over de volgende categorieën: Externe inhuur Communicatie en participatie Directe wijkinzet (zoals sociaal werk, onderwijs, fysieke leefomgeving, jeugd, veiligheid)?

Antwoord van het college

2.2. Hoe borgt het college dat de middelen daadwerkelijk terechtkomen bij de bewoners en in de wijken, en niet onevenredig naar externen of overhead gaan? 2.3. Wat is het beoogde effect van de functie "communicatieaanjager" binnen het programma, en hoe wordt voorkomen dat dit een papieren of vooral extern georiënteerde functie wordt zonder lokale impact?

2.4. Welke concrete uitvoeringsactiviteiten voor bewoners zijn er tot heden in de NPR-wijken gerealiseerd? 2.5. Aan welk aantal unieke bewoners is daadwerkelijk participatie toe te schrijven in deze activiteiten? (Dus exclusief dubbeltellingen van bewoners die aan meerdere activiteiten hebben deelgenomen.)

3.

Rol van de gemeenteraad

Vraag 3

1. Op welke concrete momenten wordt de gemeenteraad betrokken bij de voortgang en bijsturing van het programma?

Antwoord van het college

Wordt voorzien in jaarlijkse voortgangsrapportages, zoals binnen het NPRZ of programma Heerlen-Noord? 3.2. Is de gemeenteraad betrokken (geweest) bij de opzet van de communicatiestrategie, inclusief de invulling van de functie communicatieaanjager? Zo nee, waarom niet?

4.

Evaluatie en verantwoording

Vraag 4

1. Is voorzien in een onafhankelijke evaluatie van het programma?

Antwoord van het college

Zo ja, door wie, op welk moment en met welke evaluatiekaders? 4.2. Op welke wijze wordt de effectiviteit van communicatie- en participatie-inspanningen gemeten?

Wordt gestuurd op bereik, participatiegraad en/of gedragsverandering?

5.

Lerende aanpak

Vraag 5

1. Heeft het college kennisgenomen van de werkwijze van andere steden, zoals Rotterdam (NPRZ) of Heerlen-Noord, met betrekking tot doelformulering, raadbetrokkenheid en transparantie?

Antwoord van het college

5.2. Welke concrete lessen of werkzame elementen uit deze programma's worden in Roosendaal toegepast? Kunt u aangeven waarom bepaalde best practices (nog) niet zijn overgenomen?

Namens de fractie(s) van PvdA, Paul Klaver en Bernadette Zijp

Wij beantwoorden de vraag als volgt: 1.

Doelstellingen en sturing

1.1. Welke concrete maatschappelijke doelstellingen zijn geformuleerd binnen het Nationaal Programma Roosendaal? In hoeverre zijn deze SMART geformuleerd (Specifiek, Meetbaar, Acceptabel, Realistisch en Tijdgebonden), vergelijkbaar met bijvoorbeeld het NPRZ in Rotterdam? 1.2. Op welke wijze wordt de voortgang systematisch gemonitord? Worden hierbij prestatieindicatoren en outcome-metingen gehanteerd, en is dit per wijk inzichtelijk gemaakt, zoals via een publiek dashboard? 1.1. In het ambitiedocument 2023 en het uitvoeringsplan 2024-2026 zijn de maatschappelijke doelstellingen geformuleerd. Daarnaast wordt door het NPR nu gewerkt aan de subsidieaanvraag SPUK Kansrijke wijk 2026-2028 waarin de doelen en activiteiten voor die periode worden beschreven. Deze subsidieaanvraag wordt uiterlijk 17 oktober ingediend en gepubliceerd. De wijze waarop doelstellingen voor de NPLV gebieden worden beschreven verschilt per gebied, mede afhankelijk van de problematiek in die gebieden en de fase waarin het programma zich bevindt. Voor Rotterdam geldt dat zij al langer geleden gestart zijn en daardoor op onderdelen ook verder in hun uitwerking. NPRZ deelt hun kennis en ervaring actief binnen het netwerk van NPLV gebieden. 1.2. Zowel door het NPR zelf als door de landelijke NPLV organisatie wordt de voortgang gemonitord.

Deze vinden zowel periodiek als tussentijds plaats. De landelijke monitor wordt jaarlijks door het ministerie van VRO gepubliceerd. De NPR voortgangsrapportage wordt eind 2025 over de periode 2023-2025 gepubliceerd.

2.

Middeleninzet

2.1. Kan het college een overzicht geven van de percentuele verdeling van het totale programmabudget over de volgende categorieën:

Externe inhuur Communicatie en participatie Directe wijkinzet (zoals sociaal werk, onderwijs, fysieke leefomgeving, jeugd, veiligheid)? 2.2. Hoe borgt het college dat de middelen daadwerkelijk terechtkomen bij de bewoners en in de wijken, en niet onevenredig naar externen of overhead gaan? 2.3. Wat is het beoogde effect van de functie "communicatieaanjager" binnen het programma, en hoe wordt voorkomen dat dit een papieren of vooral extern georiënteerde functie wordt zonder lokale impact? 2.4. Welke concrete uitvoeringsactiviteiten voor bewoners zijn er tot heden in de NPR-wijken gerealiseerd? 2.5. Aan welk aantal unieke bewoners is daadwerkelijk participatie toe te schrijven in deze activiteiten? (Dus exclusief dubbeltellingen van bewoners die aan meerdere activiteiten hebben deelgenomen.) 2.1. Binnen de ontvangen rijkssubsidies tbv het NPR wordt door het rijk een financieel kader meegegeven dat richting geeft aan de directe en indirecte besteding van de middelen. Binnen de subsidie Kansrijke wijk is 475.000 (20%) per jaar beschikbaar voor het programmabureau. De overige

middelen dienen te worden ingezet tbv activiteiten in de wijken. Binnen het Volkshuisvestingsfonds geldt een maximum van 10% organisatiekosten. 2.2. Het college is nauw betrokken bij de besluitvorming binnen de alliantie NPR. Meerdere wethouders nemen deel aan de stuurgroepen die raken aan de verantwoordelijkheid binnen hun portefeuille. De stuurgroepen sturen op de uitvoering van de geformuleerde opgaven en besluiten over de inzetten aan middelen binnen het financiële kader dat is meegegeven aan de stuurgroepen Het dagelijks bestuur, waarin wethouder Van der Star zitting heeft namens het college, stelt de begroting NPR vast en monitort de voortgang van het gehele programma. Op deze wijze komen de stuurgroepen en het dagelijks bestuur tot een evenwichtige en verantwoorde inzet van de middelen 2.3. De communicatiestrategie met de communicatieaanjager als belangrijke trekker hiervan hebben als beoogd effect dat alliantiepartners op verbonden wijze de gezamenlijke ambitie uitdragen en uitvoeren. Daarnaast wordt beoogd dat inwoners vertrouwen in de toekomst krijgen en zich veilig voelen in ons Roosendaal. 2.4. Het N PR heeft in april van dit jaar de bijeenkomst "van woord naar werkelijkheid" georganiseerd waarop onder meer bestuurders en raadsleden zijn meegenomen in de concrete uitvoeringsactiviteiten en het effect daarvan. Dit betrof slechts een deel van de activiteiten die uitgevoerd worden. Het gaat onder meer om: Voorschoolse educatie, naschoolse activiteiten, de doorleesexpres, het opzetten van het programma "teken voor je toekomst' waarbij jonge scholieren een baangarantie aan hun opleiding kunnen koppelen, een programma waarmee vrouwen door intensieve begeleiding aan duurzame inkomensmogelijkheden worden geholpen. 2.5. Deze vraag wordt beantwoord in de voortgangsrapportage die eind 2025 wordt opgesteld.

3.

Rol van de gemeenteraad

3.1. Op welke concrete momenten wordt de gemeenteraad betrokken bij de voortgang en bijsturing van het programma? Wordt voorzien in jaarlijkse voortgangsrapportages, zoals binnen het NPRZ of programma Heerlen-Noord? 3.2. Is de gemeenteraad betrokken (geweest) bij de opzet van de communicatiestrategie, inclusief de invulling van de functie communicatieaanjager? Zo nee, waarom niet? 3.1. Zie antwoord 1.2 en 2.4 3.2. Nee, de gemeenteraad is niet betrokken (geweest) bij de opzet van de communicatiestrategie en de invulling van de functie van de communicatieaanjager. Het opstellen van en besluiten over de communicatiestrategie is een verantwoordelijkheid van de alliantie NPR. Deze alliantie is een gelijkwaardige samenwerking van maatschappelijke partijen binnen Roosendaal, die allen vanuit hun eigen opdracht en opgaven werken aan gezamenlijke ambities. De gemeente is een van deze partners en wordt in het dagelijks bestuur vertegenwoordigd door wethouder Van der Star. Het collegeprogramma en het reguliere gemeentelijk beleid is voor het college uitgangspunt voor de inbreng in de alliantie.

Het opstellen van het functieprofiel van de communicatieaanjager is een verantwoordelijkheid van de programmadirecteur NPR.

4.

Evaluatie en verantwoording

4.1. Is voorzien in een onafhankelijke evaluatie van het programma? Zo ja, door wie, op welk moment en met welke evaluatiekaders? 4.2. Op welke wijze wordt de effectiviteit van communicatie- en participatie-inspanningen gemeten? Wordt gestuurd op bereik, participatiegraad en/of gedragsverandering?

4.1. Zoals benoemd bij antwoord 1.2 zal aan het eind van 2025 een eerste verantwoordingsrapportage worden opgeleverd. Deze zal worden vastgesteld door het dagelijks bestuur van de alliantie en heeft als doel om betrokken alliantiepartners, bewoners en andere stakeholders te informeren over de resultaten en ontwikkelingen binnen het Nationaal Programma Roosendaal. De gemeenteraad zal deze rapportage via een raadsmededeling ontvangen. 4.2. De voortgangsrapportages zijn mede bedoeld voor het meten van de effectiviteit van de communicatie- en participatie inspanningen. De doelstelling van het NPR is onder meer gedragsverandering. Om gedragsverandering te stimuleren is een groot bereik van de regelingen van belang maar gaat het om de participatie van de inwoners die bereikt worden. Daarom wordt bij de monitoring veelal gemeten in participatie. Zo wordt bij de Voorschoolse Educatie gemeten hoeveel kinderen deelnemen.

5.

Lerende aanpak

5.1. Heeft het college kennisgenomen van de werkwijze van andere steden, zoals Rotterdam (NPRZ) of Heerlen-Noord, met betrekking tot doelformulering, raadbetrokkenheid en transparantie? 5.2. Welke concrete lessen of werkzame elementen uit deze programma's worden in Roosendaal toegepast? Kunt u aangeven waarom bepaalde best practices (nog) niet zijn overgenomen? 5.1. Ja, het college heeft daar kennis van genomen. Onder meer door een bezoek vanuit het programmabureau NPR aan NPRZ afgelopen voorjaar en aan Heerlen-Noord op 30 oktober. Aan deze werkbezoeken neemt het Dagelijks Bestuur met daarin de burgemeester als voorzitter en wethouder Van der Star als coordinerend wethouder deel. Via het overleg tussen de 19 NPLVburgemeesters vindt minimaal 2 maal per jaar kennisuitwisseling plaats tussen de verschillende gebieden en de rijksoverheid. Daarnaast is er binnen Brabant contact tussen de NPLV gebieden, met eveneens het doel om van elkaar te leren. 5.2. Het NPR past niet alleen uit Rotterdam en Heerlen-Noord best practices toe maar kijkt daarbij naar alle gebieden. Met het Roosendaalse "teken voor je toekomst" maakt het NPR dankbaar gebruik van de kennis en ervaring die in het NPRZ is opgedaan en loopt Roosendaal inmiddels voor op veel andere deelnemers aan het NPLV-programma. In Tilburg is de aanpak van ondermijnende criminaliteit door jarenlange inzet verder dan in Roosendaal. Op dit punt maakt Roosendaal inmiddels grote vorderingen. In Leeuwarden weet de gemeente op succesvolle wijze inwoners via wijkbedrijven te betrekken bij het beheer en onderhoud van de openbare ruimte. Heerlen-Noord is een voorbeeld in veel opzichten. Noemenswaardig zijn hun aanpakken op het gebied van monitoring en bewonersbetrokken heid.

Zo zijn er veel voorbeelden te noemen waarbij het NPR inspireert, kennis deelt met haar partners en stimuleert dat haar partners deze voorbeelden ook toepassen in hun dagelijkse praktijk of beleid.

Wij vertrouwen erop U hiermede voldoende te hebben geinformeerd.

Bekijk de brief: 148-2025 Beantwoording raadsvragen PvdA - Inzet middelen NPR.pdf

Bron: raadsinformatie van de gemeente Roosendaal (Open Raadsinformatie). De vragen en antwoorden zijn automatisch uit de brief gelezen; het origineel is leidend.

Meer vragen aan het college van Roosendaal

Alle artikel 35-vragen in Roosendaal